Natuurkunde Archives - Pagina 2 van 2 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Electromagnetisch spectrum

Geen
Rode
Uien
In
Mooie
Rokken

Door Pietje

Visualisatie

Om de moleculen die horen bij respectievelijk vast, vloeibaar en gas te onthouden, kun je denken aan een legoblokje, knikkers en stuiterballen

Door J.

Formule voor energie

De formule kun je onthouden door te denken aan PET

p = E/T

p = Vermogen
E = Energie
T = Tijd

Door Anoniem

De gaswet

Om de gaswet te onthouden, kun je denken aan 
Patrick Voskamp is een NeRT (!)

p*V = n*R*T

p = Druk
V = Volume
n = aantal
R = T = temperatuur

Door Marie

Van Celsius naar Kelvin

Celcius –> Kelvin, plus 273
Kelvin –> Celsius, min 273

Van °Celsius omrekenen naar Kelvin, plus 273 (Celsius laatste twee letters us wordt plus), van Kelvin naar °Celsius min 273 (Kelvin laatste twee letters in, m er voor wordt min)!

Door Ben

Werking transistor

De transistor heeft drie contactpunten:
Basis
Collector
Emitter

Als dit onderdeel in een schakeling zit, hoe loopt de stroom dan? Alfabet!

Stroom komt eerst bij de B van Basis.
Vervolgens gaat de stroomrichting via de C van Collector alle stroom kom uit bij de E van Emitter.

Door Mr.koekman

Ontwerpcyclus

Om de onderdelen van de ontwerpcyclus te onthouden, kun je gebruik maken van de zin
Anna Probeert Uw Feestjes Ruw Te Eindigen

A nalyseren/beschrijven
P rogramma van eisen opstellen
U itwerkingen bedenken
F ormuleren uitwerkingen
R ealiseren uitwerkingen
T esten
E valueren

Door Frédèrique

Leizie

LeiCie.

Bij de spoel (L) komt de stroom (I) na de spanning (E).
Bij de compensator (C) komt de stroom (I) voor de spanning (E).

Door Milan

Het verschil tussen cohesie en adhesie

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

A=A

Adhesie = aantrekkingskracht tot een Andere molecuul

Cohesie = aantrekkingskracht tot een dezelfde molecuul

Door Klaas

2*3=6

Als je bijvoorbeeld U = I * R ziet is het lastig om te bedenken wat nou de formule is voor I of juist R, bedenk dan:
6 = 2*3
dan is de stap naar
2 = 6/3 en 3 = 6/2,
en dus
I = U/R en R = U/I,
een stuk makkelijker.
Dit werkt met alle formules die je om moet schrijven!

Door David
Home
Alle items
Uploaden