
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
pi uitrekenen
may i have a large container of coffee beans
may 3
i 1
have 4
a 1
large 5
container 9
of 2
coffee 6
beans 5
3,14159265
Logaritmen en kwadraten
Welk getalletje uit een kwadraat zet je waar in het logaritme??
A^b=C
De uitkomst van het kwadraat moet altijd in de Log komen te staan.
Verder: wie zichzelf vernedert zal verhoogt worden (en andersom)
Dit betekend dat de A omhoog gaat (word het getalletje linksbovenaan de Log) en b gaat naar beneden (word de uitkomst van de Log)
Zo krijg je:
A^b=C -> ^ALog(C)=B
Ook te onthouden als:
□^♡=☆
^□Log(☆)=♡
De vlakken van een vierkant
Deze kun je onthouden met ROBijnZoekers
R ibbe
O ndervlak
B ovenlak
Z ijvlak
Wiskundige vergelijking (x,y)
Als je tussen haakjes werkt, komt eerst de x en dan de y. De x staat ook eerder in het alfabet.
Groter dan(<) en kleiner dan(>)
< heb je een grote opening en dat is groter dan > heb je een puntje dan is het kleiner dan
Cijfers van pi
De precieze cijfers van pi kan je onthouden met de zin ‘Yes I want a pizza, yesterday we wanted pizza, yes pizza!
De hoeveelheid letters per woord staan voor een getal van pi. En het verhaal gaat nog over pizza ook!
Pi is dus: 3,1415926535
Het verschil tussen de teller en de noemer
Om te onthouden waar de teller en de noemer komen in een breuk, kun je denken aan T = T
Teller = Top
