Scheikunde Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

De twee-atomige niet-ontleedbare stoffen

Om deze te onthouden kun je gebruik maken van de zin
BRam Fietst In CaLantsoog Ocver Het Naaktstrand

Br oom
F luor
I Jood
CL Chloor
O Zuurstof
H Waterstof 
N Stikstof

Door Valerie

Het verschil tussen endo- of exotherm?

Het verschil tussen exo- en endotherm kun je onthouden door te denken aan

Exo –> exit, er komt energie uit
Endo –> entree, er gaat energie in

Door Sonja

Hydrofoob of hydrofiel

Hydrofiel = waterlievend
Hydrofoob = watervrezend

Je kunt dit goed onthouden als je “fiel” van hydrofiel omdraait. Je krijgt dan “lief”.

Hydrofoob is dit ongeveer ook zo maar is iets lastiger maar foob betekend angst.

Door Tim

Lood

Pb = lood

De PABO is loodzwaar

Door Lonneke

Perodiek Systeem

In het periodieke systeem zijn de periodes de rijen (horizontaal) en de groepen de kolommen (verticaal), om dit verschil te onthouden, kun je denken aan de woorden die ze representeren. Periode is een langer woord dan groep, periodes zijn dus langer dan de groepen.

Door Lieke

Edelgassen

Om de edelgassen te onthouden, kun je denken aan de zin
NEe HE, ARmani en KRis zijn ook niet in de RAbobank of de XEnos

Ne on 
He lium
AR gon
KR Krypton

Ra don
Xe non 

Door Kim

Come Sit

Covalenties van atoomsoorten, dit is covalentie 4: C, Si

Door Sofie

Reactiesnelheid

Makkelijke afkorting voor onthouden reactiesnelheid —> CAKETV:
C oncentratie
A ard van de gas
K atalysator
E nzym
T emperatuur
V erdelingsgraad

Door Floor

De beginsels van kunststoffen

Deze kun je onthouden met de volgende zin
Met Een Paraplu Blijft Pino Heel Hoog Ook Nog Droog

M eth
E th
P rop
B ut
P ent
H ex
H ept
O ct
N on
D ec

Door Xander

BrINClHOF

BrINClHOF, de atomen die niet in hun eentje gaan.
– Broom
– Iodium
– Natrium
– Chloor
– Hydrogenium(waterstof)
– Oxygenium (zuurstof
– Fluor

Door hugo

Elementen die bestaan uit twee dezelfde atomen

Deze elementen bestaan uit twee dezelfde atomen

Have – Waterstof (H)
No – stikstof (N)
Fear – fluor (F)
Of – zuurstof (O)
Ice – Jood (I)
Cold – Chloor (Cl)
Beer – Broom (Br)

Door Floor

Stikstof

Om te onthouden dat bij stikstof het symbool N hoort, kun je denken aan

Wanneer je stikt, roep je ‘Nee!’

Door Ellen

Redox

Om te bellen of een redox reactie verloopt doe je V(ox) – V(red). Ik vergat altijd welke je min de ander deed. Daarom het ezelsbruggetje

Fox – Fred
2 dieren die makkelijk te onthouden zijn.

Door Sabine

Organische elementen

Om alle belangrijke elementen te onthouden die er in de organische elementen zitten, kun je denken aan SPONCH

S zwavel
P fosfor
O zuurstof
N stikstof
Hoofdelementen
C koolstof
H waterstof

Door Silke

Reductor of oxidator?

In reductor zit het Engelse woord “reduce”=verminderen en de reductor stoot dus elektronen af
Dan neemt de oxidator de elektronen op

Door Rianne

Redactoren met een negatieve electrodepotentiaal

Deze kun je onthouden door te denken aan de zin
LIeve Kleine BasCAs en NAtalie MoGen ALleen op ZoN en FEestdagen NIet SnoeP(B)en

Li -3,05

K -2,92

Ba -2,90

Ca -2,87

Na -2,71

Mg -2,34

Al -1,67

Zn -0,76

Fe -0,44

Ni -0,25

Sn -0,14

Pb  0,13

Ze staan in tabel 48 van de BINAS

Door Patrick

Atoomopbouw

Om te onthouden waaruit een atoom bestaat, kun je denken aan PEN

P rotonen
E lektronen
N eutronen

Door lisan

Ammoniak, Ammonia, Ammonium

Ammoniak = NH3 (G)
Ammonia = NH3 (AQ) – eindigt op een A en de toestand AQ begint ook met een A.
Ammonium = NH4+ (AQ) – heeft geen 2e A en is daarom ‘bijzonder’

Door Daphne

covalenties

covalentie 1:
H(elp)
F(enna)
Cl(ub)
Br(ommer)
I(n)

covalentie 2:
O(f)
S(anne)

covalentie 3:
N(o)
P(roblem)

covalentie 4:
C(heese)

je moet er een verhaaltje van maken

Door Fenna

Kwik

Kwik = Hg

Hg — > Heel Giftig

Door Seb

Reactiesnelheid

Om te onthouden waar de reactiesnelheid allemaal van afhangt, kun je denken aan de zin
Snelle Scholieren Concentreren zich Veel Te Kort

S oort stof
C oncentratie
V erdelingsgraad
T emperatuur
K atalysator

Door An

Zuur bij water of water bij zuur?

Bij het maken van een oplossing moet je altijd goed oppassen met water en zuur. Om dit te onthouden, kun je denken aan het rijmpje
Zuur bij water en je slaat nooit een flater, water bij zuur betaal je duur

Door Didier

Triviale namen van zouten

De triviale namen van zouten, kun je onthouden met de zin
Kees Slaat Gert Knock Out

K eukenzout = natriumchloride
S oda = natriumcarbonaat
G ips = calciumsulfaat
K alksteen = calciumcarbonaat
O ngebluste kalk = calciumoxide

Door Ion

Lakmoes papier

Als blauw lakmoes blauw blijft, is het een base. En als het verandert in rood is het een zuur. Wanneer rood lakmoes rood blijft, is het een zuur. En wanneer het verandert in blauw is het een base.
‘B’lauw lakmoes: ‘B’ase
‘R’ood lakmoes: Zuu’r’

Door Annelien

Alkanen

Mam En Pap Bakken Pizza Hawaii Helaas Onsmakelijk

(Methaan, Ethaan, Propaan, Butaan, Pentaan, Hexaan, Heptaan, Octaan)

Door Hannah

Chemische voorvoegsels

Om de chemische voorvoegsels te onthouden, kun je gebruik maken van
DTT is een PECHHOND

D i (2)
T ri (3)
T etra (4)

P enta (5)
H exa (6)
H epta (7)
O cta (8)
N ona (9)
D eca (10)

Door Laurie

S.O.(S).

Covalenties van atoomsoorten, dit is de covalentie 2: S, O

Door Sofie

Scheikundige ontleding

Hierbij kun je denken aan OPA HeNK

O xigenium (zuurstof) is
P ositief
A node

H ydrogenium (Waterstof) is
N egatief
K athode

Door Martien
Home
Alle items
Uploaden