
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Niet-metalen
Ar= Aria
Br= Bracht
Cl= Claartje
F= Feeste
P= Per
He= Helikopter
I= In
C= Carnavalsstijl
Ne= Netjes
Si= Sintelijk
N= Naar
H= Huis
O= Ongelooflijk
S= Schattig
Aria bracht claartje per helikopter in carnavalsstijl netjes sintelijk naar huis ongelooflijk schattig!
Deze atomen komen nooit alleen
Fien CLiederde BRuine Inkt Op Haar Neus
F, Cl, Br, I, O, H, N
Triviale namen van zouten
De triviale namen van zouten, kun je onthouden met de zin
Kees Slaat Gert Knock Out
K eukenzout = natriumchloride
S oda = natriumcarbonaat
G ips = calciumsulfaat
K alksteen = calciumcarbonaat
O ngebluste kalk = calciumoxide
Alkanen
Mam En Pap Bakken Pizza Hawaii Helaas Onsmakelijk
(Methaan, Ethaan, Propaan, Butaan, Pentaan, Hexaan, Heptaan, Octaan)
Het verschil tussen additie- en substitutie
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan het Engels
To add = toevoegen
To substitute = vervangen
Additiereactie = iets toevoegen
Substitutiereactie = iets vervangen
Oxidator en reductor
Oxidator- elektronen Opnemen
Reductor- elektronen Afstaan
Oxidator en opnemen beginnen beide met de O.
2-atomige moleculen
Claartje fietst nooit in haar onderbroek, Pietje soms.
Claartje= Cl2 = Chloor.
Fietst = F2 = Fluor.
Nooit = N2 = Stikstof.
In = I2 = Jood.
Haar = H2 = Waterstof.
Onder= O2 = Zuurstof.
Broek = BR2 = Broom.
Pietje = P4 = Fosfor.
Soms = S8 = Zwavel.
BrINClHOF
BrINClHOF, de atomen die niet in hun eentje gaan.
– Broom
– Iodium
– Natrium
– Chloor
– Hydrogenium(waterstof)
– Oxygenium (zuurstof
– Fluor
Ammoniak, Ammonia, Ammonium
Ammoniak = NH3 (G)
Ammonia = NH3 (AQ) – eindigt op een A en de toestand AQ begint ook met een A.
Ammonium = NH4+ (AQ) – heeft geen 2e A en is daarom ‘bijzonder’
Oplosbaarheid in water
Hydrofoob lijkt op fobie; deze stof heeft dus angst voor water en zal niet tot slecht oplossen.
Hydrofiel lijkt op pedofiel; deze stof houdt dus van water en zal dus goed oplossen.
Het verschil tussen zuur en basisch
Bij de lakmoesproef kan je zien welke kleur staat voor zuur en welke voor basisch door te denken aan
R = R en B = B
Rood is zuuR
Blauw is Basisch
De alkanen
Met Een Paraplu Blijft Pino Heel Hoog Ook Nog Droog
Methaan
Ethaan
Propaan
Butaan
Pentaan
Hexaan
Heptaan
Octaan
Nonaan
Decaan
Redox
Om te bellen of een redox reactie verloopt doe je V(ox) – V(red). Ik vergat altijd welke je min de ander deed. Daarom het ezelsbruggetje
Fox – Fred
2 dieren die makkelijk te onthouden zijn.
Hydrofoob of hydrofiel
Hydrofiel = waterlievend
Hydrofoob = watervrezend
Je kunt dit goed onthouden als je “fiel” van hydrofiel omdraait. Je krijgt dan “lief”.
Hydrofoob is dit ongeveer ook zo maar is iets lastiger maar foob betekend angst.
Reactiesnelheid
Makkelijke afkorting voor onthouden reactiesnelheid —> CAKETV:
C oncentratie
A ard van de gas
K atalysator
E nzym
T emperatuur
V erdelingsgraad
Meest voorkomende elementen in de aardkorst
Deze kun je onthouden met de zin
Al Feestend Sinaasappels Opeten
Al uminium
Fe IJzer
Si licium
O Zuurstof
De metalen
De metalen hebben 3 G’s waar je aan moet denken
G lans
G eleiding warmte
G eleiding stroom
De niet-ontleedbare stoffen
BRam Organiseert NAchtfeesten In HEt CLubhuis
Br: Broom
O: Zuirstof
Na: Natrium
I: Jood
He: Helium
Cl: Chloor
moleculen met 2 atomen
Brenda Houdt Naakt Feesten In Ons Clubhuis
Br2, H2, N2, F2, I2, O2, Cl2
Broom,Waterstof,Stikstof,Fluor,Jood,
Zuurstof,Chloor.
BrINClHOF
Alle elementen die uit twee identieke atomen bestaan.
BrINClHOF =
Br : Broom
I : Jood
N : Stikstof
Cl : Chloor
H : Waterstof
O : Zuurstof
F : Fluor
De formules zijn: Br2 ; I2 ; N2 ; Cl2 ; H2 ; O2 ; F2 .
Het omrekenen van mollen
Om te onthouden in welke volgorde je mollen om kunt rekenen, kun je denken aan
Liever Geen Melk
L iter
G ram
M ol
Alkanen
Ma En Pa Blowen Perfecte Hasj, Hou Op, Niet Doen:
Methaan, Ethaan, Propaan, Butaan, Pentaan, Hexaan, Heptaan, Octaan, Nonaan, Decaan
verschil endotherm en exotherm
Bij het verschil tussen endotherm en exotherm onthoud ik het op de volgende manier:
exotherm > ex , van je ex wil je af dus er komt energie vrij
Als je alleen dat onthoud weet je dat je bij endotherm energie nodig hebt.
De Algemene Gaswet
Om de Algemene Gaswet te onthouden, kun je denken aan
RoeP VeNT
R = p*V / n*T
R = gasconstante
p = druk
V = volume
n = hoeveelheid gas in mol
T = absolute temperatuur
