Scheikunde Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen zuur en basisch

Bij de lakmoesproef kan je zien welke kleur staat voor zuur en welke voor basisch door te denken aan 
R = R en B = B
Rood is zuuR
Blauw is Basisch

Door Hadufa

Diode met kathode en anode

De kathode is negatief en de anode is positief.

Ezelsbruggetje is het woordje: KNAP

Door Marijke

Formule molariteit

Om de formule voor molariteit te onthouden, kun je denken aan
Tinus is het gemiddelde van Moeder en Vader Mol

Molariteit –> t = m/VM

t = molariteit
m = mol opgelost
VM = volume (oplossing)

Door E.J.E.

De metalen

De metalen hebben 3 G’s waar je aan moet denken

G lans
G eleiding warmte
G eleiding stroom

Door Estevan

Atoomopbouw

Om te onthouden waaruit een atoom bestaat, kun je denken aan PEN

P rotonen
E lektronen
N eutronen

Door lisan

Elementen die bestaan uit twee dezelfde atomen

Deze elementen bestaan uit twee dezelfde atomen

Have – Waterstof (H)
No – stikstof (N)
Fear – fluor (F)
Of – zuurstof (O)
Ice – Jood (I)
Cold – Chloor (Cl)
Beer – Broom (Br)

Door Floor

De Algemene Gaswet

Om de Algemene Gaswet te onthouden, kun je denken aan
RoeP VeNT

R = p*V / n*T

R = gasconstante
p = druk
V = volume
n = hoeveelheid gas in mol
T = absolute temperatuur

Door E.J.E.

Afkorting zilver

Als je niet kan onthouden dat Ag voor zilver staat, bedenk dan dat Ag staat voor “Ander goud” oftewel zilver.

Door Tim

BrINClHOF

Alle elementen die uit twee identieke atomen bestaan.

BrINClHOF =

Br : Broom
I : Jood
N : Stikstof
Cl : Chloor
H : Waterstof
O : Zuurstof
F : Fluor

De formules zijn: Br2 ; I2 ; N2 ; Cl2 ; H2 ; O2 ; F2 .

Door Hester

Redactoren met een negatieve electrodepotentiaal

Deze kun je onthouden door te denken aan de zin
LIeve Kleine BasCAs en NAtalie MoGen ALleen op ZoN en FEestdagen NIet SnoeP(B)en

Li -3,05

K -2,92

Ba -2,90

Ca -2,87

Na -2,71

Mg -2,34

Al -1,67

Zn -0,76

Fe -0,44

Ni -0,25

Sn -0,14

Pb  0,13

Ze staan in tabel 48 van de BINAS

Door Patrick

Namen en formules van 2 atomige niet-ontleedbare stoffen

Fluor Fientje
Chloor CLiedert
Stikstof Nooit
Broom Broom
Jood In
Waterstof Haar
Zuurstof Ogen

Fientje CLiedert Nooit Broom In Haar Ogen

Door Anoniem

De niet-ontleedbare stoffen

BRam Organiseert NAchtfeesten In HEt CLubhuis

Br: Broom
O: Zuirstof
Na: Natrium
I: Jood
He: Helium
Cl: Chloor

Door Moos

Zuur bij water of water bij zuur?

Bij het maken van een oplossing moet je altijd goed oppassen met water en zuur. Om dit te onthouden, kun je denken aan het rijmpje
Zuur bij water en je slaat nooit een flater, water bij zuur betaal je duur

Door Didier

Chemische voorvoegsels

Om de chemische voorvoegsels te onthouden, kun je gebruik maken van
DTT is een PECHHOND

D i (2)
T ri (3)
T etra (4)

P enta (5)
H exa (6)
H epta (7)
O cta (8)
N ona (9)
D eca (10)

Door Laurie

covalenties

covalentie 1:
H(elp)
F(enna)
Cl(ub)
Br(ommer)
I(n)

covalentie 2:
O(f)
S(anne)

covalentie 3:
N(o)
P(roblem)

covalentie 4:
C(heese)

je moet er een verhaaltje van maken

Door Fenna

Meest voorkomende elementen in de aardkorst

Deze kun je onthouden met de zin
Al Feestend Sinaasappels Opeten

Al uminium
Fe IJzer
Si licium
O Zuurstof

Door Bernard

Hydrofoob of hydrofiel

Hydrofiel = waterlievend
Hydrofoob = watervrezend

Je kunt dit goed onthouden als je “fiel” van hydrofiel omdraait. Je krijgt dan “lief”.

Hydrofoob is dit ongeveer ook zo maar is iets lastiger maar foob betekend angst.

Door Tim

Oxidator en reductor

Oxidator- elektronen Opnemen
Reductor- elektronen Afstaan
Oxidator en opnemen beginnen beide met de O.

Door joelle

S.O.(S).

Covalenties van atoomsoorten, dit is de covalentie 2: S, O

Door Sofie

De oxidatieregels

Deze atoomsoorten leveren na volledige verbranding altijd dezelfde oxidatieproducten op.
Claire Slaat Haar Nichtje

C CO2 –> Koolstofdioxide
S SO2 –> Zwaveldioxide
H H2O –> Water
N NO2 –> Stikstofdioxide

Door Laura

Reductor en oxidator (redox)

Oxidator neemt elektron op. Denk aan oxygen (zuurstof) dat nemen wij ook op. Of denk aan het wood “redox” en zet een pijl in midden van het woord.
RED->OX
RED staat voor REDuctor
Pijl staat voor elektron doorgeven.
OX staat voor OXidator
Dus REDuctor geeft elektron aan OXidator

Door Hannah

De vier halogenen

De 4 halogenen kunnen onthouden worden met BRomFIetsCLub

BR oom
F luor
I Jood
CL Chloor

Door Charry

De verdringingsreeks van de metalen

Deze kun je onthouden met deze lange zin
Lieve Koning BaCaNa MaG ALLeen op ZoNdagen, MaandaGen en ChRistelijke FEestdagen NIets SNoepen, BePaalt Het BInnenlands CUrriculum AanGaande PlaaTselijke AUtoriteiten

L ithium
K alium
Ba rium
Ca lcium
Na trium
Mg Magnesium
All uminium
Zn zink
Mn Mangaan
Cr Chroom
Fe rrum
Ni kkel
Sn stannum
Bp (pb) Plumbum
H ydrogrenium
BI smut
Cu prum
Ag argentum
Pt Platina
Au rum

Door Siebren

Scheikundige ontleding

Hierbij kun je denken aan OPA HeNK

O xigenium (zuurstof) is
P ositief
A node

H ydrogenium (Waterstof) is
N egatief
K athode

Door Martien

Stikstof

Om te onthouden dat bij stikstof het symbool N hoort, kun je denken aan

Wanneer je stikt, roep je ‘Nee!’

Door Ellen

Lakmoes papier

Als blauw lakmoes blauw blijft, is het een base. En als het verandert in rood is het een zuur. Wanneer rood lakmoes rood blijft, is het een zuur. En wanneer het verandert in blauw is het een base.
‘B’lauw lakmoes: ‘B’ase
‘R’ood lakmoes: Zuu’r’

Door Annelien

2-atomige moleculen

Claartje fietst nooit in haar onderbroek, Pietje soms.

Claartje= Cl2 = Chloor.
Fietst = F2 = Fluor.
Nooit = N2 = Stikstof.
In = I2 = Jood.
Haar = H2 = Waterstof.
Onder= O2 = Zuurstof.
Broek = BR2 = Broom.
Pietje = P4 = Fosfor.
Soms = S8 = Zwavel.

Door Babita
Home
Alle items
Uploaden