
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Vestigingsfactoren
Om de verschillende vestigingsfactoren te onthouden, kun je denken aan WANGT
W erknemers
A fzetmarkt
N utsvoorzieningen
G rondstoffen
T ransport
De wervels
Deze kun je, van boven naar beneden, onthouden met de zin
HandBoeien Leiden Hoge Straf
H alswervels
B orstwervels
L endenwervels
H eiligbeen
S taartbeen
De legering amalgaam
De legering amalgaam is van kwik en zilver of tin.
Amalia gaat samen met Tineke of Zilvia naar Kwik.
Amalia –> Amalgaam
Tineke –> Tin
Zilvia –> Zilver
Kwik –> Kwik
Formule voor vermogen en weerstand
De formule voor vermogen is
P = U*I –> R = U/I
Dit kun je onthouden met PUIst RUIkt
P = Vermogen
U = Spanning
I = Stroomsterkte
R = Weerstand
De Tijdvakken
De tijdvakken kun je onthouden met de zin
Je Gaat Maar Snel Op Ramen Poepen Bij Witte Tantes
J agers en Boeren
G rieken en Romeinen
M onikken en Ridders
S teden en Staten
O ntdekkers en Hervormers
R egenten en Vorsten
P ruiken en Revoluties
B urgers en Stoommachines
W ereldoorlogen
T v en Computers
Satelliet
Om de spelling van het woord ‘satelliet’ te onthouden, kun je denken aan
In saté zitten altijd twee stokjes
Het verschil tussen biceps & triceps
Het verschil tussen biceps en triceps kun je onthouden door
B=B en TR=TR
Bicep = Buigspier
TRicep = TRekspier
De volgorde van de ethanen
Met Een Poncho Blijft Peter Heel Hoog Ook Nog Droog
Methaan CH4
Ethaan C2H6
Propaan C3H8
Butaan C4H10
Pentaan C5H12
Hexaan C6H14
Heptaan C7H16
Octaan C8H18
Nonaan C9H20
Decaan C10H22
2*3=6
Als je bijvoorbeeld U = I * R ziet is het lastig om te bedenken wat nou de formule is voor I of juist R, bedenk dan:
6 = 2*3
dan is de stap naar
2 = 6/3 en 3 = 6/2,
en dus
I = U/R en R = U/I,
een stuk makkelijker.
Dit werkt met alle formules die je om moet schrijven!
Formule bedrag berekenen
Om te berekenen wat je na x jaar op je rekening hebt staan (met rente), kun je deze formule gebruiken.
Deze kun je onthouden aan de hand van BERT
B eginbedrag
E indbedrag
R ente
T ijdseenheid
E = B x (1+R/100)^t
De zeeën bij Griekenland
Om te onthouden welke zeeën er bij Griekenland liggen, kun je denken aan TIA
T yrreense zee
I onische zee
A driatische zee
Het TCP-model
De onderdelen van het TCP-model kun je onthouden met de zin
Anna Trapt Naar de Prins
A pplicatie
T ransport
N etwerk
D ata physical
Eilanden van Zeeland
De eilanden van Zeeland kun je onthouden met de zin
Geen STaat Neemt Water Zo Zerieus
G oerree Overvlakkee
S chouwe Duiveland
T holen
N oord-Beverland
W alcheren
Z uid-Beverland
Z eeuws-Vlaanderen
Politieke partijen
Om de politieke partijen, van links naar rechts, te onthouden, kun je denken aan de zin
School Geeft Prul-Paarden Door Chocola. Chocolade Van Snack Perfect
S p
G roenlinks
P vdd
P vda
D 66
C hristenunie
C da
V vd
S gp
P vv
Het verschil tussen if en when
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Als als “indien” is, dan is als “if”
als = if of when?
Vervang ‘als door ‘indien’; blijft de zin daardoor onveranderd, gebruik dan ‘if’!
Het verschil tussen voilà en voici
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan A = A en I = I
Voilà = dAAR
VoicI = hIer
Euriskei
Euriskei = hij vindt
Het woord lijkt op eureka. Als je iets hebt gevonden roep je eureka!
Ambulare
Ambulare = wandelen
Als mensen tijdens het wandelen vallen, moet er een ambulance komen
Het verschil tussen Anaërobe en Aërobe Dissimilatie
Het verschil tussen anaërobe en aërobe dissimilatie kun je onthouden door deze zin
Ana (van Anaëroob) houdt van wijn, wijn moet gisten. Anaëroob –> gisten.
Aëroob moet niet gisten. Aëroob –> verbranding.
Oorzaken secondary nephrotic syndrome
Om de oorzaken voor secondary nephrotic syndrome (nierschade door eiwittekort) te onthouden, kun je gebruik maken van het acroniem DAVID:
D iabetes mellitus
A myloidosis
V asculitis
I nfections
D rugs
Romeinse cijfers
Ik Vind Xylofoons Leuke, Coole, Dure Muziekinstrumenten.
I = 1
V = 5
X = 10
L = 50
C = 100
D = 500
M = 1000
Van Romeins cijfer vermenigvuldig je steeds om en om met 2 en met 5.
Indirecte invloed op een bedrijf
Factoren die een indirecte invloed op een bedrijf hebben, kun je onthouden aan de hand van NETSoP
N atuur
E conomie
T echniek
S ociale invloed
P olitiek
