Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen Flora en Fauna

Om het onderscheid te onthouden, kun je denken aan
L = L

FLora = pLanten
Fauna = dieren

Door Marie

de klinkers

Apen zwEven Over mUren

dIkke vEtte kIppen stOppen bUssen

Door Anoniem

Imperfecto uitgangen

aba & ía….. Mamma mia!

Het is mamma mia omdat aba klinkt als ABBA en ía rijmt op Mamma mia

Door Cilia

Het verschil tussen cohesie en adhesie

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

A=A

Adhesie = aantrekkingskracht tot een Andere molecuul

Cohesie = aantrekkingskracht tot een dezelfde molecuul

Door Klaas

De adductoren in de heup

Om de adductoren in de heup, van lateraal naar mediaal, te onthouden, kun je denken aan de zin
Pietje Ligt Graag Boven Op Marietje

P ectineus
L ongus
G racilis
B revis
M agnus

Door Lien

Pensioenstelsels

Omslagstelsel = je maakt een omslag van de werkenden naar de pensioengerechtigden.
Kapitaaldekkingsstelsel = met eigen kapitaal zorg je voor je eigen pensioen.

Door Floor

Buddycheck

Om de volgorde van de buddycheck voor het duiken te onthouden, kun je denken aan
Vlugge Leeuwen Schieten Lekker Op

V est
L ood
S luitingen
L ucht
O k

Door Anoniem

Visualisatie

Om de moleculen die horen bij respectievelijk vast, vloeibaar en gas te onthouden, kun je denken aan een legoblokje, knikkers en stuiterballen

Door J.

uitgangen vrouwelijk

IndigO tas met een X

IO, TAS, X

Door myrthe

Werking transistor

De transistor heeft drie contactpunten:
Basis
Collector
Emitter

Als dit onderdeel in een schakeling zit, hoe loopt de stroom dan? Alfabet!

Stroom komt eerst bij de B van Basis.
Vervolgens gaat de stroomrichting via de C van Collector alle stroom kom uit bij de E van Emitter.

Door Mr.koekman

Lagen van de opperhuid

Deze kun je onthouden met de zin
Bas Steekt Kor Door Hoofd

B asaalcellenlaag
S tekelcellenlaag
K orrellaag
D oorschijnende laag
H oornlaag

Door Lise

Trop

Trop betekent teveel

Teveel drop

 

Door Jomayra

Het verschil tussen ei en ij

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
EI = EI en IJ= IJ

De ge-kipte EI = het EI van een kip
De ge-stipte IJ =  met 2 stipjes IJ

Door Maria

De bijwoordelijke bepalingen

De verschillende bijwoordelijke bepalingen kun je onthouden aan de hand van het woord
POTMaR

P laats
O orzaak
T ijd
Ma nier
R eden

Door Sara

Duitse postcodes

Om de volgorde van de Duitse postcodes te onthouden kun je gebruik maken van de zin
Boer Harms Hoort De Koe Flink Stampij Maken

B erlijn – 1000
H amburg – 2000
H anover – 3000
D usseldörf – 4000
Köln – 5000
F rankfurt – 6000
S tutgart – 7000
M ünchen – 8000

Door J.

Sympa

Sympa betekent aardig

Denk aan iemand sympathiek vinden.

Door David

Tamquam

Tamquam = als het ware

Mijn hamster is als het ware tam 

Door Miep

De grote steden van Duitsland

Deze kun je onthouden met de zin
Als Beren Kunnen Duikelen, Dan Eet Dave Mijn Oogbal

A ken
B onn
K eulen
D usseldorf
D uisburg
E ssen
D ortmun
M unster
O snaburk

Door Leonie

Fobos

Fobos = angst, vrees

Hier komt het woord fobie vandaan

Door Nina

Promittere

Promittere = beloven

Denk aan to promise

Door Gama

Ardere

Ardere = branden

Ardeense ham wordt gebrand

Door Bab

Toonladders met mollen

Om de toonladders met de hoeveelheid mollen te onthouden, kun je denken aan de zin
Finnen Beschouwen Eslanders Als Deskundige Geschiedenis Schrijvers

F –> 1 mol
Bes –> 2 mollen
Es –> 3 mollen
As –> 4 mollen
Des –> 5 mollen
Ges –> 6 mollen
Ces –> 7 mollen

Door Alex

Het verschil tussen où en ou

Oú = waar
Ou = of

Je kunt hierbij denken aan de vraag; waar is het streepje? 
Als het streepje erop staat, is het óu –> waar

Door Anoniem

Berg- of dalparabool

Als je blij bent (dus positief) heb je een lachende mond (zelfde vorm als dalparabool). Als je verdrietig bent (dus negatief), heb je een droevige mond (zelfde vorm als bergparabool).

Door Denise

Une glace

Une glace betekent een ijsje

IJs eet je uit een glas

Door Beau

Sterke werkwoordsvervoegingen

Engelse sterke werkwoorden worden meestal vervoegd via de Miauw-regel

IAU

Voorbeeld: To drink, drank, drunk

Door Lisanne

Leizie

LeiCie.

Bij de spoel (L) komt de stroom (I) na de spanning (E).
Bij de compensator (C) komt de stroom (I) voor de spanning (E).

Door Milan

Kwartaal

Een kwartaal is 1/4 van een jaar. Om het makkelijk te onthouden kun je aan een klok denken. Eén kwartier is één kwartaal.

Door Yvon

Rekenen maten

km hm dam m dm cm mm

Kan het dametje met de cm meten.

Door Amber

Goniometrie

Cosinus –> Cas : aanliggend / schuin
Sinus –> Sos: overstaand/ schuin
Tangens –> Toa: overstaand/aanliggend

Door andrea
Home
Alle items
Uploaden