Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

BSA

BSA. Bonjour, Salut, Au revoir.

Door Luuk

Het verschil tussen de Tigris en de Eufraat

Om te onthouden waar de Tifris en de Eufraat liggen, kun je denken aan T = T

Tigris = ligt Noordelijk, aan de Top

Door Martine

Onmiddellijk

Het woord ‘onmiddellijk’ juist schrijven kan je doen door te denken aan “Ik ga onmiDDeLLijk slapen”. Dit doe je met twee dekens en twee lakens.

Door Katja Tans

De Nederlandse tijdperken

Om de Nederlandse tijdperken te onthouden, kun je denken aan de zin
Sam Koopt Brood In De Bakker

S teentijd
K opertijd
B ronstijd
IJ zertijd

Door Uchke

Ligamentum Hepatoduodenale

Om de drie belangrijke structuren te kunnen identificeren in het ligamentum hepatoduodenale, kun je denken aan Die Andere Vrouw

D uctus rechts
A rterie links
V ene achter

Door Imka

Toonladders met mollen

Om de toonladders met de hoeveelheid mollen te onthouden, kun je denken aan de zin
Finnen Beschouwen Eslanders Als Deskundige Geschiedenis Schrijvers

F –> 1 mol
Bes –> 2 mollen
Es –> 3 mollen
As –> 4 mollen
Des –> 5 mollen
Ges –> 6 mollen
Ces –> 7 mollen

Door Alex

Lagen van de opperhuid

Deze kun je onthouden met de zin
Bas Steekt Kor Door Hoofd

B asaalcellenlaag
S tekelcellenlaag
K orrellaag
D oorschijnende laag
H oornlaag

Door Lise

Retinēre

Retinere = tegenhouden

Als je iets retourneert, hou je het tegen

Door Hanneke

Atoomopbouw

Om te onthouden waaruit een atoom bestaat, kun je denken aan PEN

P rotonen
E lektronen
N eutronen

Door lisan

Pv zoeken

Waar beginnen we mee? Met de Pv en die komt met de TGV(Tijdproef, Getalproef, Vraagproef), ja of nee? (vraagproef met een ja/nee-vraag!!).

Door Twan

Dativ voorzetsels

Zaagmens BV

Z= zu
a= aus
a= außer
g= gegenüber
m= mit
e= entgegen
n= nach
s= seit

B= bei
V= von

Door Daniël

tekstverbanden

SCOORT U?
S amenvattend
C oncluderend
O orzaak-gevolg
O psommend
R edengevend
T egenstellend
U itleggend/voorbeeldgevend

Door Nienke

LE PAS. COMP. AVEC ÊTRE

Om te weten welke werkwoorden met être worden vervoegd in de passé composé moet je “MAARTEN P.R.” onthouden.

Montre <-> descendre
Arriver <-> partir
Aller <-> (re)venir
Rentre
Tomber
Entre <-> sortir
Naître <-> mourir

P.asser
R.etourner

+ les verbes pronominaux

Door Clara

Lakmoes papier

Als blauw lakmoes blauw blijft, is het een base. En als het verandert in rood is het een zuur. Wanneer rood lakmoes rood blijft, is het een zuur. En wanneer het verandert in blauw is het een base.
‘B’lauw lakmoes: ‘B’ase
‘R’ood lakmoes: Zuu’r’

Door Annelien

KNAP

Je kan de lading van een anode of kathode onthouden door te denken aan het woord KNAP.
Kathode = Negatief. KN
Anode = Positief. AP
Dit maakt KNAP.

Een kathode is dus negatief geladen en een anode positief.

Door Jesse

Het verschil tussen biceps & triceps

Het verschil tussen biceps en triceps kun je onthouden door
B=B en TR=TR

Bicep = Buigspier
TRicep = TRekspier

Door Lotte

Het verschil tussen de omtrek en de oppervlakte

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan
OM = OM en OP = OP

Omtrek = omheen lopen
Oppervlakte = op lopen

Door Jade

Offerre

Offerre = aanbieden

Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan

Door Anneke

Het verschil tussen naamloze en besloten vennootschappen

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

Besloten vennootschap -_> De aandelen staan op naam en zijn niet vrij verhandelbaar
Naamloos vennootschap –> De aandelen staan niet op naam, ze zijn naamloos. De aandelen zijn vrij verhandelbaar.

Door Vivianne

Compter

Compter = tellen

De computer telt de U niet mee

Door andriy

Stofeigenschappen

Om de verschillende stofeigenschappen te onthouden, kun je denken aan de zin
Frits Gerard Koster Opent Een KeurSlager

F ase
G eur
K leur
O plosbaarheid
E lektrische geleidbaarheid
K ookpunt
S meltpunt

Door Kim

Tekstverbanden

Hier een ezelsbruggetje voor de Tekstverbanden. Ik hoop dat het je helpt!

cc + tt + oo = rv.
Denk aan:
Cake.
Cafe.
+
Tegenwoordige.
Tijd.
+
Oude.
Opa.
=
Rot.
Vrouw.

Door Anoniem

nihil = niets

Nihil is in het nederlands een ander woord voor ‘heel klein’. Je gebruikt vaak in de volgende zin:
‘Ik acht de kans nihil…’

Dus:

Ik acht de kans NIHIL dat je NIETS op de toets weet.

Door Jootje

hélicoptère

Een helikopter moet eerst opstijgen é (streepje omhoog) en dan dalen è (streepje omlaag)

Door Camille

Beroerte

Om te onthouden wat de signalen zijn voor een beroerte, kun je denken aan
FAST

F ace (hangen van een zijde van het gezicht)

A rm (één kant van het lichaam zal minder goed kunnen meewerken, arm gaat niet meer goed omhoog)

S peech (iemand praat opvallend anders)

T ime (snel handelen is belangrijk omdat anders geen behandeling met atropine kan worden gestart na 3 uur)

Door Priscilla

noten aflezen

als je een de noten op de lijn wilt weten doe je

Eet-Veel-Bananen-Dom-Fruit
de eerste letter is de noot

en tussen de letters

FACE

Door Timo

Grote rivieren in Nederland

De grote rivieren van Nederland, van boven naar beneden, kunnen onthouden worden met de zin
Rare Weelderige Mannen

R ijn
W aal
M aas

Door Kim

Volgorde grootte gesteente

Om deze volgorde te onthouden, kun je gebruik maken van BRiKGeZaKt

B erg
R otsblok
K ei
G rind
Z and
K lei

Door Renate

Hindoeisme

Om de verschillende kasten van het Hindoeïsme te onthouden, kun je denken aan de zin
Bram Koopt Veel Smerige Dingen

B rahmanen
K shatriyas
V aishya
S hoendra’s
D halit

Door Floor

Toneladas

Een Ton laden

Door Rob
Home
Alle items
Uploaden