
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Lakmoes papier
Als blauw lakmoes blauw blijft, is het een base. En als het verandert in rood is het een zuur. Wanneer rood lakmoes rood blijft, is het een zuur. En wanneer het verandert in blauw is het een base.
‘B’lauw lakmoes: ‘B’ase
‘R’ood lakmoes: Zuu’r’
De eilanden
De eilanden onthoud je met het woord TV-TAS
T Texel
V Vlieland
T terschellingen
A Ameland
S Schiermonnikoog
Ezelsbruggetje muzieknoot D
De muzieknoot D hangt te drogen, omdat de noot D onder de lijnen hangt
de Dativ voorzetsels
ZAAGMENS BV
Z = zu
A = aus
A = außer
G = gegenüber
M = mit
E = entgegen
N = nach
S = seit
B = bei
V = von
Volgorde tijden geschiedenis t/m pruiken en revoluties
Jagende Griek met speer of rode peper
J= jagers en boeren
G= Grieken en Romeinen
M= monniken en ridders
S= steden en Staten
O= ontdekkers en hervormers
R= regenten en vorsten
P= pruiken en revoluties
Levensverschijnselen
De levensverschijnselen van een gewervelde kun je onthouden aan de hand van de zin
Alle Vogels Uit het Bos Worden Groot met Vis
A demhalen
V oeden
U itscheiden
B ewegen
W aarnemen
G roeien
V oortplanten
Himalaya
De Himalaya is de hoogste berg ter wereld, je kunt dus de
himmel aaien [hemel aaien]!
Formules U = volt = spanning
U = volt
(De U lijkt op de V)
U = volt = spanning
Tussen de U en de V heerst spanning.
I = stroom
Vaak wordt er een Uitroepteken geplaatst (! Lijkt op I).
Present en Past Perfect
De voorzetsels die met de Present Perfect gaan, kun je onthouden door te denken aan
FYNE JAS
F or
Y et
N ever
E ver
J ust
A lready
S ince
De voorzetsels die met de Past Simple gaan, kun je onthouden door te denken aan
LADY
L ast
A go
D atum
Y esterday
Kwartaal
Een kwartaal is 1/4 van een jaar. Om het makkelijk te onthouden kun je aan een klok denken. Eén kwartier is één kwartaal.
Het verschil tussen voilà en voici
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan A = A en I = I
Voilà = dAAR
VoicI = hIer
De volgers van Filips II
Om de volgers van Philps II tijdens de Gouden Eeuw te onthouden, kun je denken aan PARDon Farnesse
P arma
A lva
R equesens
D on jaun
Farnesse
Commissaris
Bij de commissaris zijn 2 mannen en 2 smerissen.
De 2 mannen = mm
De 2 smerrisen = ss
De drie vormen van water
De drie vormen van water kun je onthouden door GaVaVlo
GA svormig
VA st
VLO eibaar
Toa, Sos, Cas
Toa, Sos. Cas
Tangens = overstaande : aanligende
Sinus= overstaande: schuine
Cosinus= aanligende : schuine
vertaling van het Griekse woord κελευω
De drukke kinderen klooien altijd tijdens BV
κελευω klinkt een beetje als klooien
en de vertaling van κελευω is Bevelen, Verzoeken
Atoomopbouw
Om te onthouden waaruit een atoom bestaat, kun je denken aan PEN
P rotonen
E lektronen
N eutronen
De Latijnse naamvallen
Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Niet Vechten Als Gemene Domme Apen
N ominativus
V ocativus
A ccusativus
G enitivus
D ativus
A blativus
Objectief
Ik vergeet vaak het woord objectief de betekenis daarvan is: wie alleen op de feiten let. Als je het laatste stukje van het woord objectief omdraait (tief) dan staat er feit.
Elke Goede Band Drinkt Fanta
Om de volgorde van de noten te onthouden op een notenbalk gebruik je de zin ‘Elke Goede Band Drinkt Fanta’. Dit geldt dan voor de noot die afgebeeld wordt op de streep van de notenbalk.
Voorbeeld:
——————-
——————-
——————-
——————-
———•——-
Het bolletje staat op de regel en is dus de noot ‘E’.
