Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Superesse

Superesse = overblijven

Zij blijft over bij de wedstrijd, omdat ze super is

Door Kim

Convenit

Convenit = het past

Confetti past bij Carnaval

Door Alice

Dormire

Dormire = slapen

Wat doet Doornroosje? Slapen!

Door Fenna

Ambulare

Ambulare = wandelen

Vroeger werd de brancard van de AMBULANCE al WANDELEND gedragen

Door Isa

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

Puella

Puella = meisje

Ella is een meisjes naam

Door Anoniem

Properare

Properare = zich haasten

Als een poetsvrouw het huis proper maakt, doet ze dat haastig

Door Anje

VOORZETSEL +ACC

Appelsien in de soepkom, proost!
a(b) – e(x) – sine – in – de – sub – cum – pro

Door Caitlin

Statuere

Statueren = besluiten

Ik maak een besluit over dit standbeeld

Door Jootje

Modo

Modo = slechts

Van de dodo’s waren er slechts een paar over voordat ze uitstierven

Door Jootje

Simulare

Simulare = doen alsof

In een simulatie doe je alsof

Door Anoniem

Puer

Puer = jongen

Dit kun je onthouden door puber

Door Anoniem

Accusatives/ nomunativus

De accusativus is ACtief dus er komt een “m” bij

Door Emma

Deinde

Deinde = vervolgens

Vervolgens deinde het schip

Door Anne

uitgangen -are -ire -ere

ost mus tis naar toilet
(mooi nederlands:Ost moest eens naar het toilet
1ste p.enk. -o
2de p.enk. -s
3de p.enk. -t
1ste p.mv. -mus
2de p.mv. -tis
3de p.enk. -nt(nt is bij het ezelsbruggetje ‘naar toilet’
hopelijk begrijp je het ;-)Xxx

Door sula

Recipere

Recipere = ontvangen

Denk aan een receptionist

Door Meike

Coniunctivus in de hoofdzin vertalen

WATVIM

Wens = Moge(n), ik hoop dat …
Aansporing = Laat hij/Laten we …
Twijfel = Moeten wij … (meestal 1e persoon)
Verbod = Laat … niet …
Irrealis = als …, zou(den) …
Mogelijkheid = Hij zou kunnen …

Ik hoop dat dit helpt/Moge dit helpen = Utinam hoc iuvet

Door Max

Tangere

Tangere = aanraken, treffen

Bij de tango sta je dicht bij elkaar en raak je elkaar aan

Door Elisabeth

Ardere

Ardere = branden

Ardeense ham wordt gebrand

Door Bab

Dum

Dum = terwijl

Je ziet er dom uit als je kwijlt

Door Anoniem

Nusquam

Nusquam = nergens

Noes kwam nergens

Door Valerie

Jecopa

Jecopa = oud

Je opa is oud

Door Manon

Via

Via = weg, straat

Via die weg of die straat kom je thuis

Door Anoniem

Het verschil tussen Nominativus en Accusativus

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan de zin
Als de SON schijnt, eten we OLA ijsjes

S ubject
O nderwerp
N ominativus

O bject
L ijdend Voorwerp
A ccusativus

Door Maud

Timere

Timere = vrezen, bang zijn voor

Tim is bang voor iets

Door Sarah

Uitgangen

Kan je de uitgangen niet onthouden:
-O
-S
-T
-MUS
-TIS
-NT
Luister dan naar het liedje latijn is stampen 😉

Door Kim

volgorde naamvallen

N ooit (nominativus)
G een (genitivus)
D ertig (genitivus)
A chten (accusativus)
A chter elkaar (ablativus)

Door yens

Het verschil tussen At en Ad

Het verschil tussen At en Ad kun je onthouden door T/M (tot en met) als (soort van) acroniem te zien.

At = maar
Ad = naar

aT = Maar.

Door Danique

Circumspicere

Circumspicere = rondkijken

Circum = rondje, circumspicere is kijken in een rondje –> rondkijken

Door Jootje

Causa

Causa = reden/oorzaak

Causa lijkt op because en in het Engels komt daarna een reden of een oorzaak

Door Cornelia
Home
Alle items
Uploaden