Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Postquam

Postquam = daarna

Daarna kwam de post

Door Colleen

addere

addere = toevoegen

addere lijkt op het engelse woord “add”, dat toevoegen betekent.

Door Boaz

Tenere

Tenere = vasthouden

Houd je teen vast

Door Annebesse

Somnus

Somnus = slaap

Als ik slaap, denk ik aan sommen

Door Jootje

Delectare

Delectare = zich verheugen, verblijden.

Van een delicatesse word je blij

Door bianca

obstare = in de weg staan

stare is latijn voor staan. Ob lijkt op op. Obstare kan je dus ook zien als opstaan.

Kan je opstaan? Je staat in de weg!

Door Jootje

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

videre audire

je moet denken aan je ziet een video, videre (zien). je hoort een audio, audire (horen).

Door Anoniem

Tangere

Tangere = aanraken, treffen

Bij de tango sta je dicht bij elkaar en raak je elkaar aan

Door Elisabeth

Specto (Spectare)

Specto (spectare)= Kijken naar zien.

Hierbij kan je denken aan het Engelse woord Spectate wat ook kijken naar of zien betekent.

Door Jan alleman

Het verschil tussen At en Ad

Het verschil tussen At en Ad kun je onthouden door T/M (tot en met) als (soort van) acroniem te zien.

At = maar
Ad = naar

aT = Maar.

Door Danique

Lac

Lac = melk

In melk zit lactose

Door Sam

Uxor

Uxor = echtgenote

Het is luxe als je een echtgenote hebt

Door Polle

Rursus

Rursus = weer, terug

Rursus lijkt op cursus. Moet ik weer terug naar die cursus?

Door Julia

Aliquis

Na de woorden si, nisi, num en ne verandert ‘aliquis’ in ‘quis’:

ne quis hic veniat = dat niet iemand (!) hier komt.

Dit kun je onthouden door de zin
Na ‘si’, ‘nisi’, ‘num’ en ‘ne’ gaat ‘ali-‘ niet met ‘quis’je mee! 

Door Didier

cogitare

cogitare=denken
ik denk na terwijl ik gitaar speel

Door Donutgirl🍩

nihil = niets

Nihil is in het nederlands een ander woord voor ‘heel klein’. Je gebruikt vaak in de volgende zin:
‘Ik acht de kans nihil…’

Dus:

Ik acht de kans NIHIL dat je NIETS op de toets weet.

Door Jootje

De Latijnse uitgangen

Om de Latijnse uitgangen te onthouden, kun je denken aan
OSTMUSTISNT

-o
-s
-t
-mus
-tis
-nt

Door Thijs

Uitgangen praeses

Om de uitgangen o-s-t-mus-tis-nt niet meer uit je hoofd te krijgen zoek je op youtube op latijn is stampen.

(https://www.youtube.com/watch?v=Fh_BqcXEfMs)

Door anna

Cado

Cado = vallen

Ik val bijna over al je cadeau’s

Door Anoniem

Emunt

Emunt = (zij) kopen

Je koopt iets met een munt

Door Emilie

volgorde naamvallen

N ooit (nominativus)
G een (genitivus)
D ertig (genitivus)
A chten (accusativus)
A chter elkaar (ablativus)

Door yens

Genus Latijn

Het woord genus betekent afkomst, geslacht. Denk daarbij aan genen, die bepalen je geslacht en krijg je van je afkomst.

Door ella

Tectum

Tectum = dak

Een architect bouwt een huis met een dak

Door Pauwie

Salutare

Salutare = begroeten

Denk maar aan salut (Frans)

Door sophie

Het verschil tussen Accusativus en Dativus

ACC = LV, DAT = MV

A lle: L euke V rienden
D oen: M ee V andaag 

Door Quiana

Delectare

Delectare = verblijden, verheugen

Van deleten word je blij

Door Femke

Het verschil tussen videt en vocat

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan I = I en O  = O

vIdet = zIen
vOcat = rOepen

Door Lisette

Circumspicere

Circumspicere = rondkijken

Circum = rondje, circumspicere is kijken in een rondje –> rondkijken

Door Jootje

Terrere

Terrere = bang maken

Terreur maakt je bang

Door Lotte
Home
Alle items
Uploaden