Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

rideo = lachen

doe niet zo ridiculous dan moet ik lachen!

Door Anoniem

Antea

Antea = vroeger

AN dronk vroeger tea (thee).

Door Nikky

Osculum

Osculum = kus

Een os kust een koe

Door Shaimaa

Vestis

Vestis = kledingstuk

Een vest is een kledingstuk

Door Ellefien

Subito

Subito = Plotseling

Subito is een kraslot. En dan win je plotseling geld

Door Sarah

“Soepkom in productie”

De meeste voorzetsels die gevolgd worden door een ablatief, zitten verscholen in “Soepkom in productie” ofwel “SubCum In ProDeExSine” ofwel “sub cum in pro de ex sine. “a” en “ab” zitten verscholen in het woord “ablatief” zelf. Je moet dan nog enkel de twee overige voorzetsel “prae” en “super” onthouden.

Door Eleni

Tempestas

Tempestas = storm

Bij een hoge temperatuur ontstaat er een zomerstorm

Door Fenna

volgorde naamvallen

N ooit (nominativus)
G een (genitivus)
D ertig (genitivus)
A chten (accusativus)
A chter elkaar (ablativus)

Door yens

obstare = in de weg staan

stare is latijn voor staan. Ob lijkt op op. Obstare kan je dus ook zien als opstaan.

Kan je opstaan? Je staat in de weg!

Door Jootje

Urbs

Urbs is vrouwelijk en betekent “de stad”.
Je kan makkelijk onthouden dat het vrouwelijk is want vrouwen shoppen graag in de stad.

Door Emma

Priusquam

Priusquam = voordat

Jij was er al voordat de Prius aan kwam rijden

Door Anoniem

cogitare

cogitare = nadenken

als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.

Door lotte

Voorzetsels ablativus

Pro, cum, sine, a(b), e(x), dé
Die gaan met de ablativus mee.

Door Naomi

Mulier

Mulier = vrouw

De vrouw speelt MUziek op de LIER

Door Sam

Genus Latijn

Het woord genus betekent afkomst, geslacht. Denk daarbij aan genen, die bepalen je geslacht en krijg je van je afkomst.

Door ella

Tendere

Tendere = uitstrekken

Als je op een tandem zit, moet je je benen uitstrekken

Door Fenna

Clamor

Clamor = geschreeuw

Door de claxon werd er geschreeuwd

Door Anoniem

desinere of sinere?

Desinere = ophouden
Sinere = toestaan

De kan je zien als een negatief voorzetel, desinere is dus ophouden.

Sinere is dan dus toestaan.

Dus:

Moet ik desinere?
Nee, ik sinere.

Deze zin klopt natuurlijk niet, maar mischien helpt het om ze te onderscheiden.

Door Jootje

Jecopa

Jecopa = oud

Je opa is oud

Door Manon

Tractus

Tractus = trekken

Een tractor trekt dingen

Door Xander

Nusquam

Nusquam = nergens

Noes kwam nergens

Door Valerie

Servat

Servat = hij beschermt, bewaart, behoudt

Een servet beschermt je tegen vieze kleren

Door Eva

Convenit

Convenit = het past

Confetti past bij Carnaval

Door Alice

Tangere

Tangere = aanraken, treffen

Bij de tango sta je dicht bij elkaar en raak je elkaar aan

Door Elisabeth

Sceane

Sceane = toneel

Een toneelstuk heeft verschillende scenes

Door Floortje

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

cogere

Als je koken niet leuk vind moet je iemand dwingen om voor je te koken. Dus is cogere dwingen.

Door Timo

De Latijnse naamvallen

Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Niet Vechten Als Gemene Domme Apen

N ominativus
V ocativus
A ccusativus
G enitivus
D ativus
A blativus

Door Michiel

Statuere

Statueren = besluiten

Ik maak een besluit over dit standbeeld

Door Jootje

Orant

Orant= smeken

Ik smeek jou om een Oreo-koekje

Door Judith
Home
Alle items
Uploaden