Latijn Archives - Pagina 2 van 7 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Tegere

Tegere = bedekken

De tegels bedekken de straat

Door Manon

Visere

Visere = bezoeken

Visite komt op bezoek

Door Susanne

Videre, audere en vocare

Om deze werkwoorden te onthouden, kun je denken aan

video –> ik zie een video
audio –> ik luister naar audio
voice –> ik roep met mijn stem

Videre = kijken, zien
Audere = horen, luisteren
Vocare = roepen

Door davey

Turba

Turba = menigte

De hele menigte draagt een tulband

Door Jootje

Servat

Servat = hij beschermt, bewaart, behoudt

Een servet beschermt je tegen vieze kleren

Door Eva

nihil = niets

Nihil is in het nederlands een ander woord voor ‘heel klein’. Je gebruikt vaak in de volgende zin:
‘Ik acht de kans nihil…’

Dus:

Ik acht de kans NIHIL dat je NIETS op de toets weet.

Door Jootje

Mensa

Mensa = tafel

Een inmense tafel

Door Anoniem

Praeter

Praeter = voorbij, behalve

Je mond voorbij praeten

Door Anoniem

Nutrix

Nutrix = voedster

Het merk nutricia is voor baby’s

Door Sam

Docere

Docere betekent onderwijzen
Een docent onderwijst, docent lijkt op doceren!

Door

Delectare

Delectare = verblijden, verheugen

Van deleten word je blij

Door Femke

Validus

Validus = gezond

Het tegenovergestelde van invalide zijn, gezond zijn

Door Hannelore

Stare

Stare = staan

Sta niet zo te staren

Door Selina

Punire

Punire = straffen

Denk aan to punish

Door Femke

Fessus

Fessus = vermoeid 

Na een feestje ben je vermoeid

Door Jolien

Conferre

Conferre = bijeenbrengen, vergelijken

Bij een conferentie komt iedereen BIJEEN om zijn mening met een ander te VERGELIJKEN

Door jan

Posse

Posse = kunnen

Als het kan, is het possible

Door Charlie

Modo

Modo = slechts

Van de dodo’s waren er slechts een paar over voordat ze uitstierven

Door Jootje

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

Cogitare

Cogitare = nadenken

Bij het gitaar spelen moet je nadenken. 

Door Arenda

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

voorzetsels met de ablativus

pro, cum, sine, ab, ex, de, die gaan met de ablativus mee!

Door Marloes

Necare betekenis

Necare = nek omdraaien
Echte betekenis = doden (werkwoord)

Door Thijs

Discedere

Discedere= alle kanten op gaan/uiteen

Denk aan discus werpen. De discus gaat alle kanten op

Door Fee

Sceane

Sceane = toneel

Een toneelstuk heeft verschillende scenes

Door Floortje

Retinēre

Retinere = tegenhouden

Als je iets retourneert, hou je het tegen

Door Hanneke

Stopplaatsen van Aeneas

Om de stopplaatsen van Aeneas te onthouden, kun je denken aan de zin
Tegen De Kok Bedenken Sous-Chefs sous-chef-listen

T rakië
D elos
K reta
B uthrotum
S icilië
C arthago
S icilië
C umae
L avinium

Opmerking: hij begint uiteraard in Troje en eindigt in Latium

Door Aylli

Bracchium = arm

Ik ben zo brac dat kan ik niet betalen

Door Anoniem

claris

Claris = beroemd, helder

De hemel wordt klaar, dus helder. Beroemde mensen klagen graag

Door eva
Home
Alle items
Uploaden