Latijn Archives - Pagina 2 van 7 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Lucere

Lucere = licht geven

Een lucifer geeft licht

Door Laurens

De imperfectum

Om de imperfectum te onthouden, kun je denken aan de naam Ibrahim

Deze begint met de I van imperfectum en eindigt met de IM van imperfectum.
Ook staat BAM hierin, waaraan je de imperfectum vaak herkent.

Door storm

Ventus

Ventus = wind

Een ventilator zorgt voor koude wind

Door Anoniem

Tectum

Tectum = dak

Een architect bouwt een huis met een dak

Door Pauwie

De Latijnse uitgangen

Om de Latijnse uitgangen te onthouden, kun je denken aan
OSTMUSTISNT

-o
-s
-t
-mus
-tis
-nt

Door Thijs

Het verschil tussen At en Ad

Het verschil tussen At en Ad kun je onthouden door T/M (tot en met) als (soort van) acroniem te zien.

At = maar
Ad = naar

aT = Maar.

Door Danique

magnus

Denk aan een magnum, een groot ijsje.
Magnus is dus groot/luid!

Door Timo

Desiderare

Desiderare = verlangen naar 

Wie verlangt er naar school? Desi de rare

Door Anoniem

Volgorde naamvallen

Nooit geld doneren aan armen.

Klinkt misschien een beetje erg maar werkt wel.

Nominativus
Genitivus
Dativus
Accusativus
Ablativus

Door Myrthe

Tandum

Tandum = eindelijk

Eindelijk zijn mijn tanden er uit

Door nathalie

rideo = lachen

doe niet zo ridiculous dan moet ik lachen!

Door Anoniem

cogitare

cogitare = nadenken

als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.

Door lotte

Cogitare

Cogitare = nadenken

Bij het gitaar spelen moet je nadenken. 

Door Arenda

Mox

Mox = spoedig, weldra

Als je mok omvalt moet je spoedig een doekje halen

Door Anoniem

Vetus

Vetus = oud
Denk bijvoorbeeld aan een oorlogsveteraan. Dat is vaak een oud persoon.

Door Merel

Ardere

Ardere = branden

Ardeense ham wordt gebrand

Door Bab

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

Quarere

Quarere = zoeken

Alle letters staan door elkaar, je moet op zoek naar het woord

Door Fenna

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

Tacere

Tacere = zwijgen

Als je een taco in je mond hebt moet je zwijgen, want anders valt alles er uit

Door Timo

Het werkwoord Esse

Deze kun je onthouden door ze op het ritme van de Macarena op te zeggen

Sum Es Est
Summus Estis Sunt
Sum Es Est
Summus Estis Sunt
Sum Es Est
Summus Estis Sunt
Het werkwoord Esse

Door Laurine

Natio

Natio = volksstam

Denk aan natie of nationaal

Door Anoniem

appropiquare, naderen

het woord is zo lang, hij nadert langzaam.

Door myrthe

Accusatives/ nomunativus

De accusativus is ACtief dus er komt een “m” bij

Door Emma

facere

facere lijkt op faire in het frans
dus maken ,doen

Door neo

Mensa

Mensa = tafel

Een inmense tafel

Door Anoniem

Poscere

Poscere = eisen

De postbodes eisen hogere loon

Door Hannelore

Het verschil tussen videt en vocat

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan I = I en O  = O

vIdet = zIen
vOcat = rOepen

Door Lisette

Offerre

Offerre = aanbieden

Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan

Door Anneke
Home
Alle items
Uploaden