Latijn Archives - Pagina 5 van 7 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Offerre

Offerre = aanbieden

Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan

Door Anneke

Simulare

Simulare = doen alsof

In een simulatie doe je alsof

Door Anoniem

Ianua

Ianua = deur

Janua lijkt op Januari, Januari is de ‘deur’ van het jaar

Door yelh

Nihil

de betekenis is niks
ik denk aan
A begint met een N van niks
B ik denk aan ni veel.

Door nynke

Etiam

Etiam = ook

Koop jij ook bij Miss Et(i)am?

Door Julian

Invitus

Invitus = tegen mijn zin in

Ik ben tegen mijn zin in uitgenodigd

Door Jootje

Deinde

Deinde = vervolgens

Vervolgens deinde het schip

Door Anne

claris

Claris = beroemd, helder

De hemel wordt klaar, dus helder. Beroemde mensen klagen graag

Door eva

Timere

Timere = vrezen, bang zijn voor

Tim is bang voor iets

Door Sarah

Tractus

Tractus = trekken

Een tractor trekt dingen

Door Xander

Videre, audere en vocare

Om deze werkwoorden te onthouden, kun je denken aan

video –> ik zie een video
audio –> ik luister naar audio
voice –> ik roep met mijn stem

Videre = kijken, zien
Audere = horen, luisteren
Vocare = roepen

Door davey

Antea

Antea = vroeger

AN dronk vroeger tea (thee).

Door Nikky

Lac

Lac = melk

In melk zit lactose

Door Sam

Unda

Unda = golf

Als er een golf op je afkomt, zwem je er onder

Door Fenna

uitgangen vrouwelijk

IndigO tas met een X

IO, TAS, X

Door myrthe

Het verschil tussen ubi en ibi

Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee

U bi = W aar
I bi = D aar

Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat 
Ubi? Ibi!

Door Floor

VOORZETSEL +ACC

Appelsien in de soepkom, proost!
a(b) – e(x) – sine – in – de – sub – cum – pro

Door Caitlin

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

Necare

Necare = doden, want nek (nec) er gaat er af.

Door lydia

De Latijnse uitgangen

Om de Latijnse uitgangen te onthouden, kun je denken aan
OSTMUSTISNT

-o
-s
-t
-mus
-tis
-nt

Door Thijs

Delectare

Delectare = zich verheugen, verblijden.

Van een delicatesse word je blij

Door bianca

Tollere

Tollere = opheffen

Een tol kun je opheffen

Door renzke

Properare

Properare = zich haasten

Als een poetsvrouw het huis proper maakt, doet ze dat haastig

Door Anje

Rursus

Rursus = weer, terug

Rursus lijkt op cursus. Moet ik weer terug naar die cursus?

Door Julia

Vestis

Vestis = kledingstuk

Een vest is een kledingstuk

Door Ellefien

Uitgangen

Kan je de uitgangen niet onthouden:
-O
-S
-T
-MUS
-TIS
-NT
Luister dan naar het liedje latijn is stampen 😉

Door Kim

Clamor = geschreeuw

Door de claxon werd er geschreeuwd

Door Anoniem

Ardere

Ardere = branden

Ardeense ham wordt gebrand

Door Bab

Convenit

Convenit = het past

Confetti past bij Carnaval

Door Alice

Quarere

Quarere = zoeken

Alle letters staan door elkaar, je moet op zoek naar het woord

Door Fenna
Home
Alle items
Uploaden