Latijn Archives - Pagina 5 van 7 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

Voorzetsels ablativus

Pro e(x) A(b) Sine in de sub cum
ezelsbrug: Proef appelsienen in de soepkom

Door Mohamed

Ardere

Ardere = branden

Ardeense ham wordt gebrand

Door Bab

Tenere

Tenere = vasthouden

Houd je teen vast

Door Annebesse

Tangere

Tangere = aanraken, treffen

Bij de tango sta je dicht bij elkaar en raak je elkaar aan

Door Elisabeth

Legere

Legere = verzamelen, lezen

Ik verzamel lego-blokjes en ik lees de handleiding

Door Sander

Servat

Servat = hij beschermt, bewaart, behoudt

Een servet beschermt je tegen vieze kleren

Door Eva

Invitus

Invitus = tegen mijn zin in

Ik ben tegen mijn zin in uitgenodigd

Door Jootje

Lucere

Lucere = licht geven

Een lucifer geeft licht

Door Laurens

Prope = bijna

De propper kreeg ons bijna binnen

Door Anoniem

Solvere

Solvere = losmaken

Sol kun je omdraaien naar los

Door Anoniem

Salutare

Salutare = begroeten

Denk maar aan salut (Frans)

Door sophie

Het verschil tussen Accusativus en Dativus

ACC = LV, DAT = MV

A lle: L euke V rienden
D oen: M ee V andaag 

Door Quiana

Delectare

Delectare = verblijden, verheugen

Van deleten word je blij

Door Femke

De Latijnse naamvallen

Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Niet Vechten Als Gemene Domme Apen

N ominativus
V ocativus
A ccusativus
G enitivus
D ativus
A blativus

Door Michiel

Fessus

Fessus = vermoeid 

Na een feestje ben je vermoeid

Door Jolien

Postquam

Postquam = daarna

Daarna kwam de post

Door Colleen

VOORZETSEL +ACC

Appelsien in de soepkom, proost!
a(b) – e(x) – sine – in – de – sub – cum – pro

Door Caitlin

Vetus

Vetus = oud
Denk bijvoorbeeld aan een oorlogsveteraan. Dat is vaak een oud persoon.

Door Merel

Simulare

Simulare = doen alsof

In een simulatie doe je alsof

Door Anoniem

Het verschil tussen ubi en ibi

Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee

U bi = W aar
I bi = D aar

Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat 
Ubi? Ibi!

Door Floor

Antea

Antea = vroeger

AN dronk vroeger tea (thee).

Door Nikky

Uitgangen praeses

Om de uitgangen o-s-t-mus-tis-nt niet meer uit je hoofd te krijgen zoek je op youtube op latijn is stampen.

(https://www.youtube.com/watch?v=Fh_BqcXEfMs)

Door anna

Via

Via = weg, straat

Via die weg of die straat kom je thuis

Door Anoniem

Tollere

Tollere = opheffen

Een tol kun je opheffen

Door renzke

Modo

Modo = slechts

Van de dodo’s waren er slechts een paar over voordat ze uitstierven

Door Jootje

Nusquam

Nusquam = nergens

Noes kwam nergens

Door Valerie

Perficere

Perficere = voltooien

Als iets voltooid is, is het af

Door Jootje

Ambulare

Ambulare = wandelen

Vroeger werd de brancard van de AMBULANCE al WANDELEND gedragen

Door Isa

fortasse- misschien

misschien koop ik een tas, misschien niet

Door myrthe
Home
Alle items
Uploaden