Latijn Archives - Pagina 5 van 7 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Vestis

Vestis = kledingstuk

Een vest is een kledingstuk

Door Ellefien

Clam

Clam = stiekem

Als je iets stiekem doet, krijg je klamme handen

Door Jootje

Tollere

Tollere = opheffen

Een tol kun je opheffen

Door renzke

accipere = ontvangen

Accipere lijkt op accepteren. Als je een pakketje ontvangt, moet je het eerst nog accepteren.

Wil je het pakketje accepteren? Anders kan je het niet ontvangen!

Door Jootje

Dormire

Dormire = slapen

Wat doet Doornroosje? Slapen!

Door Fenna

Volgorde naamvallen

Nooit geld doneren aan armen.

Klinkt misschien een beetje erg maar werkt wel.

Nominativus
Genitivus
Dativus
Accusativus
Ablativus

Door Myrthe

Nescire

Nescire = niet weten

Wanneer je Nescafé voor het eerst ziet, weet je niet wat erin zit

Door Saskia

Legere

Legere = verzamelen, lezen

Ik verzamel lego-blokjes en ik lees de handleiding

Door Sander

fortasse- misschien

misschien koop ik een tas, misschien niet

Door myrthe

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

Somnus

Somnus = slaap

Als ik slaap, denk ik aan sommen

Door Jootje

Tempestas

Tempestas = storm

Bij een hoge temperatuur ontstaat er een zomerstorm

Door Fenna

Tamquam

Tamquam = als het ware

Mijn hamster is als het ware tam 

Door Miep

Quarere

Quarere = zoeken

Alle letters staan door elkaar, je moet op zoek naar het woord

Door Fenna

Dum

Dum = terwijl

Je ziet er dom uit als je kwijlt

Door Anoniem

rideo = lachen

doe niet zo ridiculous dan moet ik lachen!

Door Anoniem

Punire

Punire = straffen

Denk aan to punish

Door Femke

Malle

Als je iets liever wilt zeg je vaak MAAR… ik wil liever.
Volle = willen

Maar + volle =malle

Door Annalou

Offerre

Offerre = aanbieden

Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan

Door Anneke

Hodie

Hodie = vandaag

Vandaag trek ik mijn hoodie aan

Door Jootje

Validus

Validus = gezond

Het tegenovergestelde van invalide zijn, gezond zijn

Door Hannelore

Ducit

Ducit = leiden, brengen.

Als je iemand naar zijn plaats brengt zeg je in het Engels “Do sit” (Ga zitten)

Door Jesse

ripa

Als je verdrinkt (rip), kan je aanspoelen op een oever.
Ripa is dus oever!

Door Timo

Stare

Stare = staan

Sta niet zo te staren

Door Selina

Post

Post betekent achter; na

De hond loopt de POSTbode ACHTER;NA

Door owen

Het verschil tussen At en Ad

Het verschil tussen At en Ad kun je onthouden door T/M (tot en met) als (soort van) acroniem te zien.

At = maar
Ad = naar

aT = Maar.

Door Danique

Scire

Scire = weten

Science is wetenschap

Door Daniël

Turba

Turba = menigte

De hele menigte draagt een tulband

Door Jootje

Voorzetsels ablativus

Om te onthouden welke voorzetsels met de Ablativus gaan, kun je denken aan deze zin
Aan Een Sinaasappel Plakt De Citroen.

A b
E x
S ine
P ro
D e
C um

Door Iertje
Home
Alle items
Uploaden