Latijn Archives - Pagina 5 van 7 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Umbra

Umbra = schaduw

Een paraplu zorgt voor schaduw in de zon

Door Anoniem

Necare

Necare = doden, want nek (nec) er gaat er af.

Door lydia

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

Ambulare

Ambulare = wandelen

Vroeger werd de brancard van de AMBULANCE al WANDELEND gedragen

Door Isa

Vetus

Vetus = oud
Denk bijvoorbeeld aan een oorlogsveteraan. Dat is vaak een oud persoon.

Door Merel

Ianua

Ianua = deur

Janua lijkt op Januari, Januari is de ‘deur’ van het jaar

Door yelh

Mulier

Mulier = vrouw

De vrouw speelt MUziek op de LIER

Door Sam

Valde

Valde = erg, zeer

Als je valt, doet dat erg zeer

Door jessy

Tenere

Tenere = vasthouden

Houd je teen vast

Door Annebesse

Gerundi(v)um

GerundiVum is bijVoegelijk
Gerundium is dat niet

Door Lester

Videre, audere en vocare

Om deze werkwoorden te onthouden, kun je denken aan

video –> ik zie een video
audio –> ik luister naar audio
voice –> ik roep met mijn stem

Videre = kijken, zien
Audere = horen, luisteren
Vocare = roepen

Door davey

Mensa

Mensa = tafel

Een inmense tafel

Door Anoniem

De Latijnse naamvallen

Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Niet Vechten Als Gemene Domme Apen

N ominativus
V ocativus
A ccusativus
G enitivus
D ativus
A blativus

Door Michiel

Uitgangen praeses

Om de uitgangen o-s-t-mus-tis-nt niet meer uit je hoofd te krijgen zoek je op youtube op latijn is stampen.

(https://www.youtube.com/watch?v=Fh_BqcXEfMs)

Door anna

Specto (Spectare)

Specto (spectare)= Kijken naar zien.

Hierbij kan je denken aan het Engelse woord Spectate wat ook kijken naar of zien betekent.

Door Jan alleman

addere

addere = toevoegen

addere lijkt op het engelse woord “add”, dat toevoegen betekent.

Door Boaz

Cado

Cado = vallen

Ik val bijna over al je cadeau’s

Door Anoniem

vivere

vivere = leven
denk aan vive la france (= leve frankrijk)

Door Anoniem

Het verschil tussen Nominativus en Accusativus

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan de zin
Als de SON schijnt, eten we OLA ijsjes

S ubject
O nderwerp
N ominativus

O bject
L ijdend Voorwerp
A ccusativus

Door Maud

Clamor = geschreeuw

Door de claxon werd er geschreeuwd

Door Anoniem

Etiam

Etiam = ook

Koop jij ook bij Miss Et(i)am?

Door Julian

Necare betekenis

Necare = nek omdraaien
Echte betekenis = doden (werkwoord)

Door Thijs

Recipere

Recipere = ontvangen

Denk aan een receptionist

Door Meike

Deinde

Deinde = vervolgens

Vervolgens deinde het schip

Door Anne

Caput

Caput = hoofd

Mijn hoofd is kapot

Door Niels

Aliquis

Na de woorden si, nisi, num en ne verandert ‘aliquis’ in ‘quis’:

ne quis hic veniat = dat niet iemand (!) hier komt.

Dit kun je onthouden door de zin
Na ‘si’, ‘nisi’, ‘num’ en ‘ne’ gaat ‘ali-‘ niet met ‘quis’je mee! 

Door Didier

Voorzetsels ablativus

Pro e(x) A(b) Sine in de sub cum
ezelsbrug: Proef appelsienen in de soepkom

Door Mohamed

Invitus

Invitus = tegen mijn zin in

Ik ben tegen mijn zin in uitgenodigd

Door Jootje
Home
Alle items
Uploaden