Latijn Archives - Pagina 5 van 7 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Tractus

Tractus = trekken

Een tractor trekt dingen

Door Xander

Perficere

Perficere = voltooien

Als iets voltooid is, is het af

Door Jootje

Offerre

Offerre = aanbieden

Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan

Door Anneke

Circumspicere

Circumspicere = rondkijken

Circum = rondje, circumspicere is kijken in een rondje –> rondkijken

Door Jootje

Diu

Diu = lange tijd

Dit duurt een lange tijd

Door Sarah

Delectare

Delectare = zich verheugen, verblijden.

Van een delicatesse word je blij

Door bianca

facere

facere lijkt op faire in het frans
dus maken ,doen

Door neo

Het verschil tussen Adesse en Abesse

Abesse = afwezig zijn

Adesse = aanwezig zijn 

Absent betekent afwezig. Zo kun je het verschil onthouden.

Door Baukje

Necare betekenis

Necare = nek omdraaien
Echte betekenis = doden (werkwoord)

Door Thijs

Sceane

Sceane = toneel

Een toneelstuk heeft verschillende scenes

Door Floortje

vivere

vivere = leven
denk aan vive la france (= leve frankrijk)

Door Anoniem

sedere, zitten

sedere doe je op je derrière.

Door myrthe

Necare

Necare = doden, want nek (nec) er gaat er af.

Door lydia

Scire

Scire = weten

Science is wetenschap

Door Daniël

De Latijnse naamvallen

Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Niet Vechten Als Gemene Domme Apen

N ominativus
V ocativus
A ccusativus
G enitivus
D ativus
A blativus

Door Michiel

Timere

Timere = vrezen, bang zijn voor

Tim is bang voor iets

Door Sarah

Uxor

Uxor = echtgenote

Het is luxe als je een echtgenote hebt

Door Polle

claris

Claris = beroemd, helder

De hemel wordt klaar, dus helder. Beroemde mensen klagen graag

Door eva

Denuo

Denuo = opnieuw

De nieuwe mocht opnieuw de sushi betalen

Door Anoniem

Orant

Orant= smeken

Ik smeek jou om een Oreo-koekje

Door Judith

Ridere

Ridere = lachen

Ridders moeten met elkaar kunnen lachen

Door Anoniem

Coniunctivus

Om te onthouden op welke manieren je een coniunctivus praesens kunt vertalen, kun je denken aan
WAT Voor Modus

W ens
A ansporing
T wijfel
V erbod
M ogelijkheid

Door Carolien

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

Tendere

Tendere = uitstrekken

Als je op een tandem zit, moet je je benen uitstrekken

Door Fenna

Ezelsbruggetje iacere

iacere = liggen
ia zegt een ezel en een ezel ligt (soms)
in dit geval ligt dit ezelsbruggetje op deze site 😉
Hopelijk heb ik je kunnen helpen! Succes met leren!

Door Herman

Tollere

Tollere = opheffen

Een tol kun je opheffen

Door renzke

Het verschil tussen Nominativus en Accusativus

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan de zin
Als de SON schijnt, eten we OLA ijsjes

S ubject
O nderwerp
N ominativus

O bject
L ijdend Voorwerp
A ccusativus

Door Maud

Nescire

Nescire = niet weten

Wanneer je Nescafé voor het eerst ziet, weet je niet wat erin zit

Door Saskia

Het verschil tussen Accusativus en Dativus

ACC = LV, DAT = MV

A lle: L euke V rienden
D oen: M ee V andaag 

Door Quiana

Stare

Stare = staan

Sta niet zo te staren

Door Selina
Home
Alle items
Uploaden