Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Timere

Timere = vrezen, bang zijn voor

Tim is bang voor iets

Door Sarah

Recipere

Recipere = ontvangen

Denk aan een receptionist

Door Meike

Causa

Causa = reden/oorzaak

Causa lijkt op because en in het Engels komt daarna een reden of een oorzaak

Door Cornelia

Tegere

Tegere = bedekken

De tegels bedekken de straat

Door Manon

Het verschil tussen At en Ad

Het verschil tussen At en Ad kun je onthouden door T/M (tot en met) als (soort van) acroniem te zien.

At = maar
Ad = naar

aT = Maar.

Door Danique

Validus

Validus = gezond

Het tegenovergestelde van invalide zijn, gezond zijn

Door Hannelore

Bracchium = arm

Ik ben zo brac dat kan ik niet betalen

Door Anoniem

De Latijnse naamvallen

Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Niet Vechten Als Gemene Domme Apen

N ominativus
V ocativus
A ccusativus
G enitivus
D ativus
A blativus

Door Michiel

Specto (Spectare)

Specto (spectare)= Kijken naar zien.

Hierbij kan je denken aan het Engelse woord Spectate wat ook kijken naar of zien betekent.

Door Jan alleman

Dum

Dum = terwijl

Je ziet er dom uit als je kwijlt

Door Anoniem

Necare betekenis

Necare = nek omdraaien
Echte betekenis = doden (werkwoord)

Door Thijs

Tractus

Tractus = trekken

Een tractor trekt dingen

Door Xander

Poscere

Poscere = eisen

De postbodes eisen hogere loon

Door Hannelore

Sceane

Sceane = toneel

Een toneelstuk heeft verschillende scenes

Door Floortje

claris

Claris = beroemd, helder

De hemel wordt klaar, dus helder. Beroemde mensen klagen graag

Door eva

Convenit

Convenit = het past

Confetti past bij Carnaval

Door Alice

Antea

Antea = vroeger

AN dronk vroeger tea (thee).

Door Nikky

Via

Via = weg, straat

Via die weg of die straat kom je thuis

Door Anoniem

Tandum

Tandum = eindelijk

Eindelijk zijn mijn tanden er uit

Door nathalie

uitgangen -are -ire -ere

ost mus tis naar toilet
(mooi nederlands:Ost moest eens naar het toilet
1ste p.enk. -o
2de p.enk. -s
3de p.enk. -t
1ste p.mv. -mus
2de p.mv. -tis
3de p.enk. -nt(nt is bij het ezelsbruggetje ‘naar toilet’
hopelijk begrijp je het ;-)Xxx

Door sula

Dare betekent geven

Dare betekent geven.

Hierbij kan je denken aan het Engelse dare betekent durven.

Do you -dare- om het te geven?
Durf je het te geven?

Door Noah

Nonnulli

Nonnulli = enige

Non nulli –> niet nul, daarom: enige

Door Anoniem

Hodie

Hodie = vandaag

Vandaag trek ik mijn hoodie aan

Door Jootje

Ducit

Ducit = leiden, brengen.

Als je iemand naar zijn plaats brengt zeg je in het Engels “Do sit” (Ga zitten)

Door Jesse

Het verschil tussen Adesse en Abesse

Abesse = afwezig zijn

Adesse = aanwezig zijn 

Absent betekent afwezig. Zo kun je het verschil onthouden.

Door Baukje

Tacere

Tacere = zwijgen

Als je een taco in je mond hebt moet je zwijgen, want anders valt alles er uit

Door Timo

Vidēre

vidēre = zien,

vidēre lijkt op video, dus een video kijken/zien

Door Senne

Monstrare

Monstrare = laten zien

Ik zal jullie het monster laten zien

Door Charlie

Promittere

Promittere = beloven

Denk aan to promise

Door Gama
Home
Alle items
Uploaden