Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Statuere

Statueren = besluiten

Ik maak een besluit over dit standbeeld

Door Jootje

Solvere

Solvere = losmaken

Sol kun je omdraaien naar los

Door Anoniem

Saxum

Saxum = rots

Je kunt saxofoon spelen op een rots

Door Anoniem

Modo

Modo = slechts

Van de dodo’s waren er slechts een paar over voordat ze uitstierven

Door Jootje

Voorzetsels ablativus

Pro, cum, sine, a(b), e(x), dé
Die gaan met de ablativus mee.

Door Naomi

Superesse

Superesse = overblijven

Zij blijft over bij de wedstrijd, omdat ze super is

Door Kim

Dare betekent geven

Dare betekent geven.

Hierbij kan je denken aan het Engelse dare betekent durven.

Do you -dare- om het te geven?
Durf je het te geven?

Door Noah

claris

Claris = beroemd, helder

De hemel wordt klaar, dus helder. Beroemde mensen klagen graag

Door eva

De Latijnse naamvallen

Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Niet Vechten Als Gemene Domme Apen

N ominativus
V ocativus
A ccusativus
G enitivus
D ativus
A blativus

Door Michiel

Delectare

Delectare = zich verheugen, verblijden.

Van een delicatesse word je blij

Door bianca

obstare = in de weg staan

stare is latijn voor staan. Ob lijkt op op. Obstare kan je dus ook zien als opstaan.

Kan je opstaan? Je staat in de weg!

Door Jootje

Terrere

Terrere = bang maken

Terreur maakt je bang

Door Lotte

Videre, audere en vocare

Om deze werkwoorden te onthouden, kun je denken aan

video –> ik zie een video
audio –> ik luister naar audio
voice –> ik roep met mijn stem

Videre = kijken, zien
Audere = horen, luisteren
Vocare = roepen

Door davey

Bracchium = arm

Ik ben zo brac dat kan ik niet betalen

Door Anoniem

Cupere

verlangen, graag willen

cupido

Door Diethe

appropiquare, naderen

het woord is zo lang, hij nadert langzaam.

Door myrthe

Denuo

Denuo = opnieuw

De nieuwe mocht opnieuw de sushi betalen

Door Anoniem

Mox

Mox = spoedig, weldra

Als je mok omvalt moet je spoedig een doekje halen

Door Anoniem

Het verschil tussen ubi en ibi

Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee

U bi = W aar
I bi = D aar

Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat 
Ubi? Ibi!

Door Floor

Tacere

Tacere = zwijgen

Als je een taco in je mond hebt moet je zwijgen, want anders valt alles er uit

Door Timo

Ianua

Ianua = deur

Janua lijkt op Januari, Januari is de ‘deur’ van het jaar

Door yelh

Gaudere

Ik ben blij als ik een stukje Gaudakaas krijg.

Gaudere = blij zijn

Door Ella

desinere of sinere?

Desinere = ophouden
Sinere = toestaan

De kan je zien als een negatief voorzetel, desinere is dus ophouden.

Sinere is dan dus toestaan.

Dus:

Moet ik desinere?
Nee, ik sinere.

Deze zin klopt natuurlijk niet, maar mischien helpt het om ze te onderscheiden.

Door Jootje

complere = vullen

Complere lijkt op compleet

Letterlijk is COMPLERE dus compleet maken, VULLEN

Door Jootje

Circumspicere

Circumspicere = rondkijken

Circum = rondje, circumspicere is kijken in een rondje –> rondkijken

Door Jootje

Emunt

Emunt = (zij) kopen

Je koopt iets met een munt

Door Emilie

ezelsbruggetje voor ablativus

pro, cum, sine, ab, ex, de
die gaan met de ablativus mee

Door Anoniem

Umbra

Umbra = schaduw

Een paraplu zorgt voor schaduw in de zon

Door Anoniem

Nihil

de betekenis is niks
ik denk aan
A begint met een N van niks
B ik denk aan ni veel.

Door nynke

Voorzetsels ablativus

Om te onthouden welke voorzetsels met de Ablativus gaan, kun je denken aan deze zin
Aan Een Sinaasappel Plakt De Citroen.

A b
E x
S ine
P ro
D e
C um

Door Iertje
Home
Alle items
Uploaden