Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Coniunctivus

Om te onthouden op welke manieren je een coniunctivus praesens kunt vertalen, kun je denken aan
WAT Voor Modus

W ens
A ansporing
T wijfel
V erbod
M ogelijkheid

Door Carolien

Het verschil tussen At en Ad

Het verschil tussen At en Ad kun je onthouden door T/M (tot en met) als (soort van) acroniem te zien.

At = maar
Ad = naar

aT = Maar.

Door Danique

Dormire

Dormire = slapen

Wat doet Doornroosje? Slapen!

Door Fenna

Turba

Turba = menigte

De hele menigte draagt een tulband

Door Jootje

Conjunctief Praeses

Hoe je een conjunctief Praeses vertaalt, kun je onthouden aan de hand van de zin
Gisteren Was Pa Veel Te Aangeschoten

G ebod
W ens
P otentialis (mogelijkheid)
V erbod
T wijfel
A ansporing

Door Nis

obstare = in de weg staan

stare is latijn voor staan. Ob lijkt op op. Obstare kan je dus ook zien als opstaan.

Kan je opstaan? Je staat in de weg!

Door Jootje

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

rideo = lachen

doe niet zo ridiculous dan moet ik lachen!

Door Anoniem

Denuo

Denuo = opnieuw

De nieuwe mocht opnieuw de sushi betalen

Door Anoniem

ezelsbruggetje voor ablativus

pro, cum, sine, ab, ex, de
die gaan met de ablativus mee

Door Anoniem

De Latijnse uitgangen

Om de Latijnse uitgangen te onthouden, kun je denken aan
OSTMUSTISNT

-o
-s
-t
-mus
-tis
-nt

Door Thijs

Cogitare

Cogitare = nadenken

Bij het gitaar spelen moet je nadenken. 

Door Arenda

cogitare

cogitare=denken
ik denk na terwijl ik gitaar speel

Door Donutgirl🍩

Genus Latijn

Het woord genus betekent afkomst, geslacht. Denk daarbij aan genen, die bepalen je geslacht en krijg je van je afkomst.

Door ella

Caput

Caput = hoofd

Mijn hoofd is kapot

Door Niels

Statuere

Statueren = besluiten

Ik maak een besluit over dit standbeeld

Door Jootje

Voorzetsels ablativus

Om te onthouden welke voorzetsels met de Ablativus gaan, kun je denken aan deze zin
Aan Een Sinaasappel Plakt De Citroen.

A b
E x
S ine
P ro
D e
C um

Door Iertje

Nusquam

Nusquam = nergens

Noes kwam nergens

Door Valerie

vivere

vivere = leven
denk aan vive la france (= leve frankrijk)

Door Anoniem

Monstrare

Monstrare = laten zien

Ik zal jullie het monster laten zien

Door Charlie

Via

Via = weg, straat

Via die weg of die straat kom je thuis

Door Anoniem

Tectum

Tectum = dak

Een architect bouwt een huis met een dak

Door Pauwie

Het verschil tussen ubi en ibi

Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee

U bi = W aar
I bi = D aar

Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat 
Ubi? Ibi!

Door Floor

Promittere

Promittere = beloven

Denk aan to promise

Door Gama

Voorzetsels ablativus

Pro e(x) A(b) Sine in de sub cum
ezelsbrug: Proef appelsienen in de soepkom

Door Mohamed

Gaudere

Gaudere —> guard
Guard—> bewaker

Als bewaker moet je wel blij zijn met je job

Door Len

Consistere

Consistere = blijven staan

Wil jij constant blijven staan?

Door Jootje
Home
Alle items
Uploaden