Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Ludo

Ludo = ik speel

Ik speel met Ludo

Door Sander

Emunt

Emunt = (zij) kopen

Je koopt iets met een munt

Door Emilie

Posse

Posse = kunnen

Als het kan, is het possible

Door Charlie

Coniunctivus in de hoofdzin vertalen

WATVIM

Wens = Moge(n), ik hoop dat …
Aansporing = Laat hij/Laten we …
Twijfel = Moeten wij … (meestal 1e persoon)
Verbod = Laat … niet …
Irrealis = als …, zou(den) …
Mogelijkheid = Hij zou kunnen …

Ik hoop dat dit helpt/Moge dit helpen = Utinam hoc iuvet

Door Max

Caput

Caput = hoofd

Mijn hoofd is kapot

Door Niels

magnus

Denk aan een magnum, een groot ijsje.
Magnus is dus groot/luid!

Door Timo

voorzetsels met de ablativus

pro, cum, sine, ab, ex, de, die gaan met de ablativus mee!

Door Marloes

Ambulare

Ambulare = wandelen

Vroeger werd de brancard van de AMBULANCE al WANDELEND gedragen

Door Isa

sedere, zitten

sedere doe je op je derrière.

Door myrthe

Promittere

Promittere = beloven

Denk aan to promise

Door Gama

Puto

Puto = denken

Denk je dat Pluto een planeet is?

Door Anoniem

Lac

Lac = melk

In melk zit lactose

Door Sam

uitgangen vrouwelijk

IndigO tas met een X

IO, TAS, X

Door myrthe

Cupere

verlangen, graag willen

cupido

Door Diethe

Cupido

Cupido = begeren

Cupido wil dat mensen elkaar begeren!

Door Anoniem

appropiquare, naderen

het woord is zo lang, hij nadert langzaam.

Door myrthe

Vires

Vires = krachten

Een virus maakt je minder krachtig

Door Anoniem

Puer

Puer = jongen

Dit kun je onthouden door puber

Door Anoniem

Het verschil tussen Nominativus en Accusativus

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan de zin
Als de SON schijnt, eten we OLA ijsjes

S ubject
O nderwerp
N ominativus

O bject
L ijdend Voorwerp
A ccusativus

Door Maud

Tandum

Tandum = eindelijk

Eindelijk zijn mijn tanden er uit

Door nathalie

Convenit

Convenit = het past

Confetti past bij Carnaval

Door Alice

Nescire

Nescire = niet weten

Wanneer je Nescafé voor het eerst ziet, weet je niet wat erin zit

Door Saskia

Vestis

Vestis = kledingstuk

Een vest is een kledingstuk

Door Ellefien

addere

addere = toevoegen

addere lijkt op het engelse woord “add”, dat toevoegen betekent.

Door Boaz

Cogitare

Cogitare = nadenken

Bij het gitaar spelen moet je nadenken. 

Door Arenda

Stare

Stare = staan

Sta niet zo te staren

Door Selina

Bellum

Bellum = oorlog

Er is geen tijd om te bellen in de oorlog

Door Jootje

cogere

Als je koken niet leuk vind moet je iemand dwingen om voor je te koken. Dus is cogere dwingen.

Door Timo

Het verschil tussen Adesse en Abesse

Abesse = afwezig zijn

Adesse = aanwezig zijn 

Absent betekent afwezig. Zo kun je het verschil onthouden.

Door Baukje

Consistere

Consistere = blijven staan

Wil jij constant blijven staan?

Door Jootje
Home
Alle items
Uploaden