Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Nobilis

Nobilis = adellijk, beroemd

Als je een Nobelprijs wint, ben je beroemd

Door Renée

Circumspicere

Circumspicere = rondkijken

Circum = rondje, circumspicere is kijken in een rondje –> rondkijken

Door Jootje

Umbra

Umbra = schaduw

Een paraplu zorgt voor schaduw in de zon

Door Anoniem

Stare

Stare = staan

Sta niet zo te staren

Door Selina

Het verschil tussen ubi en ibi

Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee

U bi = W aar
I bi = D aar

Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat 
Ubi? Ibi!

Door Floor

Tandum

Tandum = eindelijk

Eindelijk zijn mijn tanden er uit

Door nathalie

Tamquam

Tamquam = als het ware

Mijn hamster is als het ware tam 

Door Miep

Convenit

Convenit = het past

Confetti past bij Carnaval

Door Alice

Tangere

Tangere = aanraken, treffen

Bij de tango sta je dicht bij elkaar en raak je elkaar aan

Door Elisabeth

Deinde

Deinde = vervolgens

Vervolgens deinde het schip

Door Anne

magnus

Denk aan een magnum, een groot ijsje.
Magnus is dus groot/luid!

Door Timo

Gaudere

Ik ben blij als ik een stukje Gaudakaas krijg.

Gaudere = blij zijn

Door Ella

uitgangen vrouwelijk

IndigO tas met een X

IO, TAS, X

Door myrthe

Rursus

Rursus = weer, terug

Rursus lijkt op cursus. Moet ik weer terug naar die cursus?

Door Julia

Fessus

Fessus = vermoeid 

Na een feestje ben je vermoeid

Door Jolien

Nox

Nox betekent nacht
Een spreuk uit harry potter is nox, licht uit en in de nacht is het licht uit

Door Lieke

Causa

Causa = reden/oorzaak

Causa lijkt op because en in het Engels komt daarna een reden of een oorzaak

Door Cornelia

De Latijnse uitgangen

Om de Latijnse uitgangen te onthouden, kun je denken aan
OSTMUSTISNT

-o
-s
-t
-mus
-tis
-nt

Door Thijs

Punire

Punire = straffen

Denk aan to punish

Door Femke

nihil = niets

Nihil is in het nederlands een ander woord voor ‘heel klein’. Je gebruikt vaak in de volgende zin:
‘Ik acht de kans nihil…’

Dus:

Ik acht de kans NIHIL dat je NIETS op de toets weet.

Door Jootje

Desiderare

Desiderare = verlangen naar 

Wie verlangt er naar school? Desi de rare

Door Anoniem

Ablativus

De ablatieven die je moet onthouden kan je leren met de afkorting WORMT:

W ijze
O orzaak/R eden
M iddel
T ijd

Door Luca

Voorzetsels ablativus

Pro, cum, sine, a(b), e(x), dé
Die gaan met de ablativus mee.

Door Naomi

Nescire

Nescire = niet weten

Wanneer je Nescafé voor het eerst ziet, weet je niet wat erin zit

Door Saskia

Vix

Vix = nauwelijks

Met vix heb je nauwelijks last van verkoudheid

Door Eva

Denuo

Denuo = opnieuw

De nieuwe mocht opnieuw de sushi betalen

Door Anoniem

Tectum

Tectum = dak

Een architect bouwt een huis met een dak

Door Pauwie

De Latijnse naamvallen

Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Niet Vechten Als Gemene Domme Apen

N ominativus
V ocativus
A ccusativus
G enitivus
D ativus
A blativus

Door Michiel

desinere of sinere?

Desinere = ophouden
Sinere = toestaan

De kan je zien als een negatief voorzetel, desinere is dus ophouden.

Sinere is dan dus toestaan.

Dus:

Moet ik desinere?
Nee, ik sinere.

Deze zin klopt natuurlijk niet, maar mischien helpt het om ze te onderscheiden.

Door Jootje
Home
Alle items
Uploaden