Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Punire

Punire = straffen

Denk aan to punish

Door Femke

Puer

Puer = jongen

Dit kun je onthouden door puber

Door Anoniem

Nutrix

Nutrix = voedster

Het merk nutricia is voor baby’s

Door Sam

obstare = in de weg staan

stare is latijn voor staan. Ob lijkt op op. Obstare kan je dus ook zien als opstaan.

Kan je opstaan? Je staat in de weg!

Door Jootje

Cupere

verlangen, graag willen

cupido

Door Diethe

Tangere

Tangere = aanraken, treffen

Bij de tango sta je dicht bij elkaar en raak je elkaar aan

Door Elisabeth

Ambulare

Ambulare = wandelen

Als mensen tijdens het wandelen vallen, moet er een ambulance komen

Door Amee

Posse

Posse = kunnen

Als het kan, is het possible

Door Charlie

Seco

Seco = snijden

Om de prosecco open te krijgen moet je de fles open snijden

Door Anoniem

Superesse

Superesse = overblijven

Zij blijft over bij de wedstrijd, omdat ze super is

Door Kim

Cogitare

Cogitare = nadenken

Bij het gitaar spelen moet je nadenken. 

Door Arenda

Offerre

Offerre = aanbieden

Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan

Door Anneke

magnus

Denk aan een magnum, een groot ijsje.
Magnus is dus groot/luid!

Door Timo

Fessus

Fessus = vermoeid 

Na een feestje ben je vermoeid

Door Jolien

Het werkwoord Esse

Deze kun je onthouden door ze op het ritme van de Macarena op te zeggen

Sum Es Est
Summus Estis Sunt
Sum Es Est
Summus Estis Sunt
Sum Es Est
Summus Estis Sunt
Het werkwoord Esse

Door Laurine

addere

addere = toevoegen

addere lijkt op het engelse woord “add”, dat toevoegen betekent.

Door Boaz

Unda

Unda = golf

Als er een golf op je afkomt, zwem je er onder

Door Fenna

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

Ducit

Ducit = leiden, brengen.

Als je iemand naar zijn plaats brengt zeg je in het Engels “Do sit” (Ga zitten)

Door Jesse

Desiderare

Desiderare = verlangen naar 

Wie verlangt er naar school? Desi de rare

Door Anoniem

Bracchium = arm

Ik ben zo brac dat kan ik niet betalen

Door Anoniem

Nonnulli

Nonnulli = enige

Non nulli –> niet nul, daarom: enige

Door Anoniem

Delectare

Delectare = verblijden, verheugen

Van deleten word je blij

Door Femke

Tamquam

Tamquam = als het ware

Mijn hamster is als het ware tam 

Door Miep

Het verschil tussen ubi en ibi

Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee

U bi = W aar
I bi = D aar

Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat 
Ubi? Ibi!

Door Floor

Timere

Timere = vrezen, bang zijn voor

Tim is bang voor iets

Door Sarah

Necare

Necare = doden, want nek (nec) er gaat er af.

Door lydia

Accusatives/ nomunativus

De accusativus is ACtief dus er komt een “m” bij

Door Emma
Home
Alle items
Uploaden