Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Vetus

Vetus = oud
Denk bijvoorbeeld aan een oorlogsveteraan. Dat is vaak een oud persoon.

Door Merel

Ridere

Ridere = lachen

Ridders moeten met elkaar kunnen lachen

Door Anoniem

Coniunctivus in de hoofdzin vertalen

WATVIM

Wens = Moge(n), ik hoop dat …
Aansporing = Laat hij/Laten we …
Twijfel = Moeten wij … (meestal 1e persoon)
Verbod = Laat … niet …
Irrealis = als …, zou(den) …
Mogelijkheid = Hij zou kunnen …

Ik hoop dat dit helpt/Moge dit helpen = Utinam hoc iuvet

Door Max

Het verschil tussen Nominativus en Accusativus

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan de zin
Als de SON schijnt, eten we OLA ijsjes

S ubject
O nderwerp
N ominativus

O bject
L ijdend Voorwerp
A ccusativus

Door Maud

Orant

Orant= smeken

Ik smeek jou om een Oreo-koekje

Door Judith

Quarere

Quarere = zoeken

Alle letters staan door elkaar, je moet op zoek naar het woord

Door Fenna

Cogitare

Cogitare = nadenken

Bij het gitaar spelen moet je nadenken. 

Door Arenda

magnus

Denk aan een magnum, een groot ijsje.
Magnus is dus groot/luid!

Door Timo

Specto (Spectare)

Specto (spectare)= Kijken naar zien.

Hierbij kan je denken aan het Engelse woord Spectate wat ook kijken naar of zien betekent.

Door Jan alleman

Het verschil tussen At en Ad

Het verschil tussen At en Ad kun je onthouden door T/M (tot en met) als (soort van) acroniem te zien.

At = maar
Ad = naar

aT = Maar.

Door Danique

facere

facere lijkt op faire in het frans
dus maken ,doen

Door neo

Cupido

Cupido = begeren

Cupido wil dat mensen elkaar begeren!

Door Anoniem

Necare betekenis

Necare = nek omdraaien
Echte betekenis = doden (werkwoord)

Door Thijs

Nusquam

Nusquam = nergens

Noes kwam nergens

Door Valerie

Turba

Turba = menigte

De hele menigte draagt een tulband

Door Jootje

Servat

Servat = hij beschermt, bewaart, behoudt

Een servet beschermt je tegen vieze kleren

Door Eva

Gaudere

Ik ben blij als ik een stukje Gaudakaas krijg.

Gaudere = blij zijn

Door Ella

Het verschil tussen Adesse en Abesse

Abesse = afwezig zijn

Adesse = aanwezig zijn 

Absent betekent afwezig. Zo kun je het verschil onthouden.

Door Baukje

Voorzetsels ablativus

Pro e(x) A(b) Sine in de sub cum
ezelsbrug: Proef appelsienen in de soepkom

Door Mohamed

“Soepkom in productie”

De meeste voorzetsels die gevolgd worden door een ablatief, zitten verscholen in “Soepkom in productie” ofwel “SubCum In ProDeExSine” ofwel “sub cum in pro de ex sine. “a” en “ab” zitten verscholen in het woord “ablatief” zelf. Je moet dan nog enkel de twee overige voorzetsel “prae” en “super” onthouden.

Door Eleni

Solvere

Solvere = losmaken

Sol kun je omdraaien naar los

Door Anoniem

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

ripa

Als je verdrinkt (rip), kan je aanspoelen op een oever.
Ripa is dus oever!

Door Timo

Circumspicere

Circumspicere = rondkijken

Circum = rondje, circumspicere is kijken in een rondje –> rondkijken

Door Jootje

Nutrix

Nutrix = voedster

Het merk nutricia is voor baby’s

Door Sam

Sceane

Sceane = toneel

Een toneelstuk heeft verschillende scenes

Door Floortje

Tegere

Tegere = bedekken

De tegels bedekken de straat

Door Manon

Dormire

Dormire = slapen

Wat doet Doornroosje? Slapen!

Door Fenna

Clamor = geschreeuw

Door de claxon werd er geschreeuwd

Door Anoniem

Het verschil tussen Accusativus en Dativus

ACC = LV, DAT = MV

A lle: L euke V rienden
D oen: M ee V andaag 

Door Quiana
Home
Alle items
Uploaden