Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Clamor

Clamor = geschreeuw

Door de claxon werd er geschreeuwd

Door Anoniem

Jecopa

Jecopa = oud

Je opa is oud

Door Manon

Etiam

Etiam = ook

Koop jij ook bij Miss Et(i)am?

Door Julian

sedere, zitten

sedere doe je op je derrière.

Door myrthe

Legere

Legere = verzamelen, lezen

Ik verzamel lego-blokjes en ik lees de handleiding

Door Sander

Tegere

Tegere = bedekken

De tegels bedekken de straat

Door Manon

Puer

Puer = jongen

Dit kun je onthouden door puber

Door Anoniem

voorzetsels met de ablativus

pro, cum, sine, ab, ex, de, die gaan met de ablativus mee!

Door Marloes

vivere

vivere = leven
denk aan vive la france (= leve frankrijk)

Door Anoniem

Gaudere

Ik ben blij als ik een stukje Gaudakaas krijg.

Gaudere = blij zijn

Door Ella

Voorzetsels ablativus

Om te onthouden welke voorzetsels met de Ablativus gaan, kun je denken aan deze zin
Aan Een Sinaasappel Plakt De Citroen.

A b
E x
S ine
P ro
D e
C um

Door Iertje

Simulare

Simulare = doen alsof

In een simulatie doe je alsof

Door Anoniem

Ezelsbruggetje iacere

iacere = liggen
ia zegt een ezel en een ezel ligt (soms)
in dit geval ligt dit ezelsbruggetje op deze site 😉
Hopelijk heb ik je kunnen helpen! Succes met leren!

Door Herman

Voorzetsels in het Latijn

Proef appelsienen in de soepkom, ezelsbruggetje voor de voorzetsels van de ablativus
Pro e(x) a(b) sine in de subcum

Door Mohamed

Seco

Seco = snijden

Om de prosecco open te krijgen moet je de fles open snijden

Door Anoniem

Het werkwoord Esse

Deze kun je onthouden door ze op het ritme van de Macarena op te zeggen

Sum Es Est
Summus Estis Sunt
Sum Es Est
Summus Estis Sunt
Sum Es Est
Summus Estis Sunt
Het werkwoord Esse

Door Laurine

Conferre

Conferre = bijeenbrengen, vergelijken

Bij een conferentie komt iedereen BIJEEN om zijn mening met een ander te VERGELIJKEN

Door jan

Tractus

Tractus = trekken

Een tractor trekt dingen

Door Xander

Tendere

Tendere = uitstrekken

Als je op een tandem zit, moet je je benen uitstrekken

Door Fenna

Diu

Diu = lange tijd

Dit duurt een lange tijd

Door Sarah

Tectum

Tectum = dak

Een architect bouwt een huis met een dak

Door Pauwie

Nescire

Nescire = niet weten

Wanneer je Nescafé voor het eerst ziet, weet je niet wat erin zit

Door Saskia

Nobilis

Nobilis = adellijk, beroemd

Als je een Nobelprijs wint, ben je beroemd

Door Renée

uitgangen vrouwelijk

IndigO tas met een X

IO, TAS, X

Door myrthe

nihil = niets

Nihil is in het nederlands een ander woord voor ‘heel klein’. Je gebruikt vaak in de volgende zin:
‘Ik acht de kans nihil…’

Dus:

Ik acht de kans NIHIL dat je NIETS op de toets weet.

Door Jootje

Hodie

Hodie = vandaag

Vandaag trek ik mijn hoodie aan

Door Jootje

Scire

Scire = weten

Science is wetenschap

Door Daniël

Het verschil tussen Accusativus en Dativus

ACC = LV, DAT = MV

A lle: L euke V rienden
D oen: M ee V andaag 

Door Quiana

Cupere

verlangen, graag willen

cupido

Door Diethe
Home
Alle items
Uploaden