Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Statuere

Statueren = besluiten

Ik maak een besluit over dit standbeeld

Door Jootje

Necare

Necare = doden, want nek (nec) er gaat er af.

Door lydia

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

Vestis

Vestis = kledingstuk

Een vest is een kledingstuk

Door Ellefien

Caput

Caput = hoofd

Mijn hoofd is kapot

Door Niels

Delectare

Delectare = zich verheugen, verblijden.

Van een delicatesse word je blij

Door bianca

Denuo

Denuo = opnieuw

De nieuwe mocht opnieuw de sushi betalen

Door Anoniem

Delectare

Delectare = verblijden, verheugen

Van deleten word je blij

Door Femke

Validus

Validus = gezond

Het tegenovergestelde van invalide zijn, gezond zijn

Door Hannelore

Voorzetsels ablativus

Pro, cum, sine, a(b), e(x), dé
Die gaan met de ablativus mee.

Door Naomi

Bibere

Bibere = drinken

Mijn oma bibbert als ze drinkt

Door Lilian

Tacere

Tacere = zwijgen

Als je een taco in je mond hebt moet je zwijgen, want anders valt alles er uit

Door Timo

Dormire

Dormire = slapen

Wat doet Doornroosje? Slapen!

Door Fenna

Timere

Timere = vrezen, bang zijn voor

Tim is bang voor iets

Door Sarah

Deinde

Deinde = vervolgens

Vervolgens deinde het schip

Door Anne

Via

Via = weg, straat

Via die weg of die straat kom je thuis

Door Anoniem

Misceo

Misceo = mengen

Als je de s en c verwisselt krijg je micseo -> mix(eo) -> mengen. Misceo betekent mengen

Door Kim

Conferre

Conferre = bijeenbrengen, vergelijken

Bij een conferentie komt iedereen BIJEEN om zijn mening met een ander te VERGELIJKEN

Door jan

Nobilis

Nobilis = adellijk, beroemd

Als je een Nobelprijs wint, ben je beroemd

Door Renée

complere = vullen

Complere lijkt op compleet

Letterlijk is COMPLERE dus compleet maken, VULLEN

Door Jootje

Het verschil tussen Nominativus en Accusativus

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan de zin
Als de SON schijnt, eten we OLA ijsjes

S ubject
O nderwerp
N ominativus

O bject
L ijdend Voorwerp
A ccusativus

Door Maud

Voorzetsels in het Latijn

Proef appelsienen in de soepkom, ezelsbruggetje voor de voorzetsels van de ablativus
Pro e(x) a(b) sine in de subcum

Door Mohamed

Tenere

Tenere = vasthouden

Houd je teen vast

Door Annebesse

claris

Claris = beroemd, helder

De hemel wordt klaar, dus helder. Beroemde mensen klagen graag

Door eva

Punire

Punire = straffen

Denk aan to punish

Door Femke

Lucere

Lucere = licht geven

Een lucifer geeft licht

Door Laurens

Cado

Cado = vallen

Ik val bijna over al je cadeau’s

Door Anoniem

Prope = bijna

De propper kreeg ons bijna binnen

Door Anoniem
Home
Alle items
Uploaden