Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Voorzetsels ablativus

Om te onthouden welke voorzetsels met de Ablativus gaan, kun je denken aan deze zin
Aan Een Sinaasappel Plakt De Citroen.

A b
E x
S ine
P ro
D e
C um

Door Iertje

Het verschil tussen ubi en ibi

Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee

U bi = W aar
I bi = D aar

Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat 
Ubi? Ibi!

Door Floor

Mulier

Mulier = vrouw

De vrouw speelt MUziek op de LIER

Door Sam

Salutare

Salutare = begroeten

Denk maar aan salut (Frans)

Door sophie

cogitare

cogitare = nadenken

als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.

Door lotte

Offerre

Offerre = aanbieden

Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan

Door Anneke

Het verschil tussen Adesse en Abesse

Abesse = afwezig zijn

Adesse = aanwezig zijn 

Absent betekent afwezig. Zo kun je het verschil onthouden.

Door Baukje

Visere

Visere = bezoeken

Visite komt op bezoek

Door Susanne

Tegere

Tegere = bedekken

De tegels bedekken de straat

Door Manon

Mox

Mox = spoedig, weldra

Als je mok omvalt moet je spoedig een doekje halen

Door Anoniem

Consistere

Consistere = blijven staan

Wil jij constant blijven staan?

Door Jootje

Priusquam

Priusquam = voordat

Jij was er al voordat de Prius aan kwam rijden

Door Anoniem

Osculum

Osculum = kus

Een os kust een koe

Door Shaimaa

Caput

Caput = hoofd

Mijn hoofd is kapot

Door Niels

Hodie

Hodie = vandaag

Vandaag trek ik mijn hoodie aan

Door Jootje

Monstrare

Monstrare = laten zien

Ik zal jullie het monster laten zien

Door Charlie

vivere

vivere = leven
denk aan vive la france (= leve frankrijk)

Door Anoniem

Dormire

Dormire = slapen

Wat doet Doornroosje? Slapen!

Door Fenna

voorzetsels met de ablativus

pro, cum, sine, ab, ex, de, die gaan met de ablativus mee!

Door Marloes

Simulare

Simulare = doen alsof

In een simulatie doe je alsof

Door Anoniem

Recipere

Recipere = ontvangen

Denk aan een receptionist

Door Meike

Dare betekent geven

Dare betekent geven.

Hierbij kan je denken aan het Engelse dare betekent durven.

Do you -dare- om het te geven?
Durf je het te geven?

Door Noah

Antea

Antea = vroeger

AN dronk vroeger tea (thee).

Door Nikky

Punire

Punire = straffen

Denk aan to punish

Door Femke

Het verschil tussen Accusativus en Dativus

ACC = LV, DAT = MV

A lle: L euke V rienden
D oen: M ee V andaag 

Door Quiana

Deinde

Deinde = vervolgens

Vervolgens deinde het schip

Door Anne

Puella

Puella = meisje

Ella is een meisjes naam

Door Anoniem

Semper

Semper = altijd

Semper lijkt op pamper, met pampers blijf je altijd droog

Door Mireille

Properare

Properare = zich haasten

Als een poetsvrouw het huis proper maakt, doet ze dat haastig

Door Anje
Home
Alle items
Uploaden