Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Stare

Stare = staan

Sta niet zo te staren

Door Selina

sedere, zitten

sedere doe je op je derrière.

Door myrthe

addere

addere = toevoegen

addere lijkt op het engelse woord “add”, dat toevoegen betekent.

Door Boaz

Offerre

Offerre = aanbieden

Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan

Door Anneke

Necare betekenis

Necare = nek omdraaien
Echte betekenis = doden (werkwoord)

Door Thijs

Tandum

Tandum = eindelijk

Eindelijk zijn mijn tanden er uit

Door nathalie

Gaudere

Gaudere —> guard
Guard—> bewaker

Als bewaker moet je wel blij zijn met je job

Door Len

Docere

Docere betekent onderwijzen
Een docent onderwijst, docent lijkt op doceren!

Door

Het verschil tussen Adesse en Abesse

Abesse = afwezig zijn

Adesse = aanwezig zijn 

Absent betekent afwezig. Zo kun je het verschil onthouden.

Door Baukje

Turba

Turba = menigte

De hele menigte draagt een tulband

Door Jootje

Sceane

Sceane = toneel

Een toneelstuk heeft verschillende scenes

Door Floortje

Gerundi(v)um

GerundiVum is bijVoegelijk
Gerundium is dat niet

Door Lester

Accusatives/ nomunativus

De accusativus is ACtief dus er komt een “m” bij

Door Emma

claris

Claris = beroemd, helder

De hemel wordt klaar, dus helder. Beroemde mensen klagen graag

Door eva

Aliquis

Na de woorden si, nisi, num en ne verandert ‘aliquis’ in ‘quis’:

ne quis hic veniat = dat niet iemand (!) hier komt.

Dit kun je onthouden door de zin
Na ‘si’, ‘nisi’, ‘num’ en ‘ne’ gaat ‘ali-‘ niet met ‘quis’je mee! 

Door Didier

Reus

Reus = verdachte

De verdachte is een reus

Door Jasmijn

Ludo

Ludo = ik speel

Ik speel met Ludo

Door Sander

Volgorde naamvallen

Nooit geld doneren aan armen.

Klinkt misschien een beetje erg maar werkt wel.

Nominativus
Genitivus
Dativus
Accusativus
Ablativus

Door Myrthe

Voorzetsels ablativus

Pro, cum, sine, a(b), e(x), dé
Die gaan met de ablativus mee.

Door Naomi

uitgangen vrouwelijk

IndigO tas met een X

IO, TAS, X

Door myrthe

Tectum

Tectum = dak

Een architect bouwt een huis met een dak

Door Pauwie

Desiderare

Desiderare = verlangen naar 

Wie verlangt er naar school? Desi de rare

Door Anoniem

facere

facere lijkt op faire in het frans
dus maken ,doen

Door neo

Solvere

Solvere = losmaken

Sol kun je omdraaien naar los

Door Anoniem

desinere of sinere?

Desinere = ophouden
Sinere = toestaan

De kan je zien als een negatief voorzetel, desinere is dus ophouden.

Sinere is dan dus toestaan.

Dus:

Moet ik desinere?
Nee, ik sinere.

Deze zin klopt natuurlijk niet, maar mischien helpt het om ze te onderscheiden.

Door Jootje

Umbra

Umbra = schaduw

Een paraplu zorgt voor schaduw in de zon

Door Anoniem

vivere

vivere = leven
denk aan vive la france (= leve frankrijk)

Door Anoniem

De Latijnse uitgangen

Om de Latijnse uitgangen te onthouden, kun je denken aan
OSTMUSTISNT

-o
-s
-t
-mus
-tis
-nt

Door Thijs

Fessus

Fessus = vermoeid 

Na een feestje ben je vermoeid

Door Jolien

Seco

Seco = snijden

Om de prosecco open te krijgen moet je de fles open snijden

Door Anoniem
Home
Alle items
Uploaden