Latijn Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

magnus

Denk aan een magnum, een groot ijsje.
Magnus is dus groot/luid!

Door Timo

Orant

Orant= smeken

Ik smeek jou om een Oreo-koekje

Door Judith

Turba

Turba = menigte

De hele menigte draagt een tulband

Door Jootje

Retinēre

Retinere = tegenhouden

Als je iets retourneert, hou je het tegen

Door Hanneke

Perficere

Perficere = voltooien

Als iets voltooid is, is het af

Door Jootje

Docere

Docere betekent onderwijzen
Een docent onderwijst, docent lijkt op doceren!

Door

Convenit

Convenit = het past

Confetti past bij Carnaval

Door Alice

Tangere

Tangere = aanraken, treffen

Bij de tango sta je dicht bij elkaar en raak je elkaar aan

Door Elisabeth

Hodie

Hodie = vandaag

Vandaag trek ik mijn hoodie aan

Door Jootje

Vix

Vix = nauwelijks

Met vix heb je nauwelijks last van verkoudheid

Door Eva

Consistere

Consistere = blijven staan

Wil jij constant blijven staan?

Door Jootje

Offerre

Offerre = aanbieden

Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan

Door Anneke

Stare

Stare = staan

Sta niet zo te staren

Door Selina

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

Tractus

Tractus = trekken

Een tractor trekt dingen

Door Xander

Promittere

Promittere = beloven

Denk aan to promise

Door Gama

fortasse- misschien

misschien koop ik een tas, misschien niet

Door myrthe

Conjunctief Praeses

Hoe je een conjunctief Praeses vertaalt, kun je onthouden aan de hand van de zin
Gisteren Was Pa Veel Te Aangeschoten

G ebod
W ens
P otentialis (mogelijkheid)
V erbod
T wijfel
A ansporing

Door Nis

Miles, milites

Miles, milites = soldaat. Miles, milites lijkt op militair. Een militair is een soldaat

Door jasmijn

Clamor

Clamor = geschreeuw

Door de claxon werd er geschreeuwd

Door Anoniem

volgorde naamvallen

N ooit (nominativus)
G een (genitivus)
D ertig (genitivus)
A chten (accusativus)
A chter elkaar (ablativus)

Door yens

Nusquam

Nusquam = nergens

Noes kwam nergens

Door Valerie

Desiderare

Desiderare = verlangen naar 

Wie verlangt er naar school? Desi de rare

Door Anoniem

Gaudere

Gaudere —> guard
Guard—> bewaker

Als bewaker moet je wel blij zijn met je job

Door Len

Fessus

Fessus = vermoeid 

Na een feestje ben je vermoeid

Door Jolien

cogitare

cogitare = nadenken

als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.

Door lotte

Seco

Seco = snijden

Om de prosecco open te krijgen moet je de fles open snijden

Door Anoniem

De Latijnse uitgangen

Om de Latijnse uitgangen te onthouden, kun je denken aan
OSTMUSTISNT

-o
-s
-t
-mus
-tis
-nt

Door Thijs
Home
Alle items
Uploaden