
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
De zonen van Noach
Om de drie zonen van Noach te onthouden, kun je denken aan
Jam, Ham en Braadvet
Sem
Cham
Jafeth
Volgorde bijv. voornaamwoorden
De volgorde van 2 of meer bijvoegelijk naamwoorden zijn:
opinion – size – quality – age – shape – colour – origin – material – purpose
Alle eerste woorden vormen osqas comp, wat lijkt op Oscars compamy.
Helicasa
Om te onthouden wat Helicase doet, kun je denken aan H = H
Helicase verbeekt H-bruggen in het DNA
Lagen epidermis
Stratum …
Come (corneum)
Lets (lucidum)
Get (granulosum)
Sun (spinosum)
Burned (basale)
Het verschil tussen onverzadigd en verzadigd vet
Om te onthouden welke van de twee goed of slecht zijn, kun je denken aan
O = O
Onverzadigd vet = Oké, deze verkleinen de kans op hart- en vaatziekten
Verzadigd vet = Niet oké
Tanden en bijbehorende structuren
Deze kun je onthouden aan de zin
Geurende Taart Trekt Celebrity’s Tevens Wilde Klanten Zenuwachtige Bakker
G lazuur
T andholte
T andvlees
C ement
T andbeen
W ortelbeen
K aakbeen
Z enuw
B loedvat
OLIGARCHIE
OLIEGARCHIE—> een klein groepje rijke mensen die aan de macht is
door OLIE word je rijk
cogitare
cogitare = nadenken
als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.
Vraag- en aanbodlijn
De vraaglijn loopt altijd naar beneden, net als het eerste streepje van de V. Het wordt dus zo’n lijn: .
De aanbodlijn loopt juist naar boven, net als het eerste streepje van de A. De lijn ziet er dus zo uit: /.
Push- en pullfactoren
Push is in het Engels duwen dus mensen vertrekken uit dat land, denk aan mensen weg duwen. Pull is in het Engels trekken, denk aan je trekt mensen aan. Bij pullfactoren willen mensen een reden om naar dat land verhuizen.
Regeringsvormen
De verschillende regeringsvormen kun je onthouden aan de hand van DADA
D emocratie
A bsolutisme
D ictatuur
A ristocratie
Berg of dalparabool
Als er een – voor de x staat, is het negatief dus 🙁 berg
Als er een plus staat is het positief dus 🙂 dal
Het verschil tussen Flora en Fauna
Om het onderscheid te onthouden, kun je denken aan
L = L
FLora = pLanten
Fauna = dieren
De EU-landen die geen Euro gebruiken
De landen die de euro niet gebruiken kan je onthouden met ZZOND!
Z weden
Z witserland
O ost Europa (dan moet je de landen wel kennen)
N oorwegen
D enemarken
Organische elementen
Om alle belangrijke elementen te onthouden die er in de organische elementen zitten, kun je denken aan SPONCH
S zwavel
P fosfor
O zuurstof
N stikstof
Hoofdelementen
C koolstof
H waterstof
Formule voor lenzen
Om de formule voor de brandpuntsafstand te onthouden, kun je denken aan Veel Boeren FIetsen
1/n + 1/b = 1/f
Etiquette
Om te onthouden waar je bestek volgens de etiquette moet liggen, kun je denken aan
E+E=E en K=K
mEs + lEpel = rEchts
vorK = linKs
Een aap die graag bananen eet
Een aap die graag bananen eet. Iedere eerste letter is de snaar van een gitaar.
Congenitale infecties
De belangrijkste congenitale infecties
TORCHES
T oxoplasmose
R ubella
C MV
H IV / He patitis
S yfilis
Magneet
Op een magneet is het rode gedeelte de noordpool en de witte kant de zuidpool. Om dit te onthouden, kun je denken aan R=R
NooRdpool = Rood
