
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
De Plié
Om te onthouden of de plié naar beneden of omhoog gaat, kun je denken aan de zin
De Plié gaat naar benée
Zuur bij water of water bij zuur?
Bij het maken van een oplossing moet je altijd goed oppassen met water en zuur. Om dit te onthouden, kun je denken aan het rijmpje
Zuur bij water en je slaat nooit een flater, water bij zuur betaal je duur
Redox
Om te bellen of een redox reactie verloopt doe je V(ox) – V(red). Ik vergat altijd welke je min de ander deed. Daarom het ezelsbruggetje
Fox – Fred
2 dieren die makkelijk te onthouden zijn.
De magen van een koe
De volgorde van de magen van een koe zijn te onthouden met PeNiBeL
P ens
N etmaag
B oekmaag
L ebmaag.
Tijd en plaats achterin de zin
Om de volgorde te onthouden van de plaats en de tijd achterin een zin, kun je denken aan het alfabet. De P komt voor de T, dus komt plaats ook voor tijd
Achterin een zin komt plaats VOOR tijd. p voor t
Perro
Perro=hond
Bij de rr van perro, als je het zegt klinkt het een beetje als grommen, en een hond gromt.
De alkanen
Met Een Paraplu Blijft Pino Heel Hoog Ook Nog Droog
Methaan
Ethaan
Propaan
Butaan
Pentaan
Hexaan
Heptaan
Octaan
Nonaan
Decaan
Objectief
Ik vergeet vaak het woord objectief de betekenis daarvan is: wie alleen op de feiten let. Als je het laatste stukje van het woord objectief omdraait (tief) dan staat er feit.
De Muzen
Om de namen van de muzen te onthouden, kun je denken aan
Een Eend Uit Peking Kookt China Met Trage Tools
E uterpe
E rato
U rania
P olyhymnia
K alliope
C lio
M elpomene
T erpsichore
T haleia
De volgorde van bytes
Deze volgorde kun je onthouden door de zin
Blauwe Koekjes Maken Gek, Truus
B ytes
K ilobytes
M egabytes
G igabytes
T erabytes
Het verschil tussen bleu en blue
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Frans –> bleu, met EU, want Frankrijk zit nog in de EU
Engels –> blue, met UE, want Engeland zit niet meer in de EU
Videre, audere en vocare
Om deze werkwoorden te onthouden, kun je denken aan
video –> ik zie een video
audio –> ik luister naar audio
voice –> ik roep met mijn stem
Videre = kijken, zien
Audere = horen, luisteren
Vocare = roepen
Congenitale infecties
De belangrijkste congenitale infecties
TORCHES
T oxoplasmose
R ubella
C MV
H IV / He patitis
S yfilis
Offerre
Offerre = aanbieden
Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan
Het verschil tussen stalagmieten en stalagtieten
Om het verschil tussen stalagtieten en stalagmieten te onthouden, kun je denken aan
Tieten hangen, mieten staan
De lever
Om te onthouden waar de lever in de bovenbuik zit, kun je denken aan
R=R
LeveR = Rechts
SCHERP OF STOMP GRADEN
Scherp= de buitenste en de scherpste strakste lijn
Stomp=de binnenste de ronde lijn.
BrINClHOF
Alle elementen die uit twee identieke atomen bestaan.
BrINClHOF =
Br : Broom
I : Jood
N : Stikstof
Cl : Chloor
H : Waterstof
O : Zuurstof
F : Fluor
De formules zijn: Br2 ; I2 ; N2 ; Cl2 ; H2 ; O2 ; F2 .
Planeten in de juiste volgorde
Mijlenver Van Aarde Mag Je Soms Urenlang Niet Plassen
– Mercurius
– Venus
– Aarde
– Mars
– Jupiter
– Saturnus
– Uranus
– Neptunus
– Pluto
De economische doelstellingen
De economische doelstellingen kun je onthouden met BERG AS
B etalingsbalans
E conomische groei
R echtvaardige inkomensverdeling
G ezond leefmilieu
A rbeidsmarkt
S tabiel prijsniveau
primair en secundair
als je het verschil wilt onthouden tussen deze twee: primair klinkt als primeir. primairbij. onthou dat en je weet het verschil. als je deze weet is de ander natuurlijk secundair
Maw kernconcept cultuur
VOUW’N =
het geheel van
Voorstellingen
Opvattingen
Uitdrukkingsvormen
Waarden
Normen
die mensen als lid van een groep of samenleving hebben verworven
De rivieren
Om te onthouden waar de rivieren de AA en de EE liggen, kun je denken aan
A=A en E=E
BrAbant = A
FriEsland = E
Spanning, Stroom en Weerstand
Om het onderscheid te onthouden tussen spanning, stroom en weerstand, kun je denken aan
USV ISA RO
U –> Spanning in Volt
I –> Stroom in Ampère
R –> Weerstand in Ohm
