
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
De Plié
Om te onthouden of de plié naar beneden of omhoog gaat, kun je denken aan de zin
De Plié gaat naar benée
Het verschil tussen < en >
Om het verschil tussen < en > te onthouden, kun je denken aan dit trucje
Als je een K van het teken kan maken, dan betekent het kleiner dan.
Daarom: < betekent kleiner dan!
Het andere teken betekent groter dan, van > kan je geen K maken.
Daarom: > betekent groter dan!
Oorzaken van jeuk
De oorzaken van jeuk, zonder zichtbare huidafwijkingen, kun je onthouden door te denken aan HUIDPASTA
H odgkin
U remie
I cterus
D iabetes
P sychogeen
A nemie
S enilitas
T oxidermie
A nkylostomiasis
Variabelen
Onafhankelijke variabele: Oorzakelijke variabele (beide beginnen met de O)
Afhankelijke variabele: variabele die je kan beïnvloeden.
INterveniërende variabele: zit tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabelen IN
Het verschil tussen primaire en secundaire geslachtskenmerken
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan P = P en S = S
Primair –> Penis, deze heb je vanaf je geboorte
Secundair –> Schaamhaar, dit krijg je pas in de puberteit
Oorzaken van symptomen
Om verschillende mogelijke oorzaken voor symptomen te onthouden, kun je denken aan VINDICATEN
V asculair
I nflammatoir
N eoplasma
D egeneratief
I ntoxicatie
C ongenitaal
A utoimmuun/allergisch
T rauma
E ndocrinologisch
N utrioneel
De geleedpotigen
De geleedpotigen zijn de onthouden met het acroniem KIDS
K reeftachtigen
I nsecten
D uizendpoten
S pinachtigen
Lagen epidermis
Stratum …
Come (corneum)
Lets (lucidum)
Get (granulosum)
Sun (spinosum)
Burned (basale)
Motorrijbewijs
Om te onthouden welke controlepunten je aan je examinator dient op te noemen, kun je denken aan BROVAK
B anden en brandstof
R emmen
O lie
V ering en verlichting
A ccu
K etting en koeling
Alfabet
ABC, daar begint het mee.
In deftig zit DEFG
In hij vind je HI en J
De KLM vliegt over de zee
Een NOP zit onder een voetbalschoen
Met de Q kun je maar weinig doen
RSTU zit in verstuurd
Laatst had ik VW gehuurd
Daar reed ik mee naar XYZ
Het einde van het alfabet
traplopen na trauma
trap op
je loopt naar de hemel dus je zet je goede been eerst neer (niet- aangedane zijde)
trap af
je loopt naar de hel dus je zet je slechte been eerst neer (aangedane zijde)
Werkwoorden Frans
Avoir= ils, elles ont= o van avoir.
Faire= ils, elles font= f van faire
Alfabet
Moet je je Griekse alfabet uit je hoofd leren? Probeer het te zingen op vader Jacob.
Vader Jacob, vader jacob. Slaapt gij nog? Slaapt gij nog? Wordt dan -> alpha bèta gamma delta epsilon, epsilon. Etc.
klok tijden a.m. en p.m.
Als je wilt onthouden wat a.m en p.m is dan denk je aan het alfabet de a zit eerder dan de p in het alfabet dus is a in de ochtend want de ochtend is altijd eerder.
Reductor of oxidator?
In reductor zit het Engelse woord “reduce”=verminderen en de reductor stoot dus elektronen af
Dan neemt de oxidator de elektronen op
Goniometrie
Cosinus –> Cas : aanliggend / schuin
Sinus –> Sos: overstaand/ schuin
Tangens –> Toa: overstaand/aanliggend
Assume
Om te onthouden hoe je ‘asume’ spelt, kun je denken aan de zin
Never assume! It makes an ASS of U and ME
Craniale zenuwen
Met deze ezelsbrug weet je of de 12 craniale zenuwen motorisch, sensorisch of gemixt zijn (beide)
–> M (motorisch), S (sensorisch), B (both)
Some Say Many Money, But My Brother Says Big Boobs Matter More
Craniale zenuw 1: Sensorisch
2: Sensorisch
3: motorisch …
De buurlanden van Oostenrijk
Om de buurlanden van Oostenrijk te onthouden, kun je denken aan de zin
Daar Traint Sinterklaas Hard Studerend In Zwitserland
D uitsland
T sjechië
S interklaas
H ongarije
S lovenië
I talië
Z witserland
