
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Aminozuren
De populaire ongeladen aminozuren kunnen onthouden worden met de zin
Quinten Checkt Soms Youtube Na Tennis
Q Glutamine (Gln; Q)
C ysteïne (Cys; C)
S erine (Ser; S)
Y Tyrosine (Tyr; Y)
N Asparagine (Asn; N)
T hreonine (Thr; T)
Ezelsbruggetje iacere
iacere = liggen
ia zegt een ezel en een ezel ligt (soms)
in dit geval ligt dit ezelsbruggetje op deze site 😉
Hopelijk heb ik je kunnen helpen! Succes met leren!
Van top tot teen
Wanneer je je armen spreidt, is de afstand van de linkse top van je middelvinger naar de rechtse top van middelvinger, even groot als je eigen lengte
Oorzaken voor diarree
Om de mogelijke oorzaken voor bloederige diarree te onthouden, kun je denken aan
She Cries YES
S higella
C ampylobacter
Y ersinia
E nterobacter
S almonella
Lagen van het epidermis
Voor het onthouden van de lagen van het epidermis kun je gebruik maken van de zin
Californians Like Girls in String Bikinis!
stratum
C orneum
stratum
L ucidum
stratum
G ranulosum
stratum
S pinosum
stratum
B asalis
GANS von BAMZE
Gegenüber – tegenover
Aus – uit
Nach – naar/na/volgens
Seit – sinds
VON – van
Bei – bij
Außer – behalve
Mit – met
Zu – naar/ bij
Entgegen – tegemoet
Het verschil tussen ubi en ibi
Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee
U bi = W aar
I bi = D aar
Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat
Ubi? Ibi!
Van active naar passive in het Engels
Wanneer je een actieve zin naar de passieve vorm moet omzetten, kun je dit liedje zingen op de melodie van Vader Jacob
Passive Sentence, passive sentence
Worden is to be, worden is to be
Zijn dat wordt dan have been, zijn dat wordt dan have been
Behalve last week, behalve last week
Niet-metalen
Ar= Aria
Br= Bracht
Cl= Claartje
F= Feeste
P= Per
He= Helikopter
I= In
C= Carnavalsstijl
Ne= Netjes
Si= Sintelijk
N= Naar
H= Huis
O= Ongelooflijk
S= Schattig
Aria bracht claartje per helikopter in carnavalsstijl netjes sintelijk naar huis ongelooflijk schattig!
Benzine
Om te onthouden welke moleculen er in Benzine zitten, kun je denken aan
SCHON
S zwavel
C koolstof
H waterstof
O zuurstof
N stikstof
Dove letters
De letters op het einde van een woord, die je in het Frans niet uitspreekt, zijn
STEP
De bijnierschors
Om de lagen van de bijnierschors, van buiten naar binnen, te onthouden, kun je denken aan GFR
G lomerulose zona
F asciculata zona
R eticularis zona
Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor
Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt
Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter
De Eurolanden
Om de Eurolanden te onthouden, kun je deze zin gebruiken
SMS FF BONDIGE CLIPS
S lovenië
M alta
S lowakije
F rankrijk
F inland
B elgië
O ostenrijk
N ederland
D uitsland
I erland
G riekenland
E stland
C yprus
L uxemburg
I talië
P ortugal
S panje
Het verschil tussen theta, phi en psi
Om het verschil tussen deze drie te onthouden, kun je denken aan
De psi is een drietand van Poseidoen
De phi dat is een rondje met de I erin
Degene met een liggend streepje is dan de theta
Lijdend voorwerp
Stel de volgende vraag:
Wat kan ik (pv +wwg)? = LV
Voorbeeld:
Mijn vader wast de auto
Wat kan ik wassen? De auto = lv
De bakker weegt de koekjes af.
Wat kan ik afwegen? De koekjes = lv
Het verschil tussen sytole en diastole
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan S = S en DI = DI
Sytole = Samentrekken
DIastole = DIvers, uit elkaar –> ontspannen
Meest voorkomende elementen in de aardkorst
Deze kun je onthouden met de zin
Al Feestend Sinaasappels Opeten
Al uminium
Fe IJzer
Si licium
O Zuurstof
Owe
Owe = iemand iets verschuldigd zijn
Dit kun je onthouden door te denken aan IOU (I owe you)
Hogedrukgebied en lagedrukgebied
Om het verschil te onthouden denk aan een strand in bijvoorbeeld Spanje
🌤 Hogedrukgebied = hoog aantal toeristen
want veel zon, is weinig bewolking, is weinig neerslag
🌧 Lagedrukgebied = laag aantal toeristen
want weinig zon, is veel bewolking, is veel neerslag
Er zijn weinig mensen om het strand bij slecht weer.
Daarbij kun je denken aan het rijmpje
“Hoog is droog en laag is vaag”
Hoog drukgebied is droog weer, laag drukgebied is regen
Wanneer ‘die’ als voorzetsel
Woorden die eindigen op ‘skiehut’ hebben het lidwoord ‘die’ voor het zelfstandig naamwoord:
S chaft
K eit
I on
E i
H eit
U ng
T ät
Quinze, seize
Na quinze (15) komt seize (16) dat kun je onthouden door te denken aan
‘Ik ken ze,’ zei ze
Het verschil tussen < en >
Om het verschil tussen < en > te onthouden, kun je denken aan dit trucje
Als je een K van het teken kan maken, dan betekent het kleiner dan.
Daarom: < betekent kleiner dan!
Het andere teken betekent groter dan, van > kan je geen K maken.
Daarom: > betekent groter dan!
