
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
De Unie van Utrecht
Om de provincies die in de Unie van Utrecht zaten, te onthouden, kun je denken aan de zin
HUGO de GROot Zat Vast
H olland
U trecht
G elderland
O verijssel
GRO ningen
V riesland (!)
Goniometrie; SOL, CAL, TOA (Bij rechthoekige driehoeken)
SOL: sin(α) = overstaande (rechthoekszijde) ÷ langste zijde
CAL: cos(α) = aanliggende (rechthoekszijde) ÷ langste zijde
TOA: tan(α) = overstaande (rechthoekszijde) ÷ aanliggende (rechthoekszijde)
SOS/CAS zijn hetzelfde als SOL/CAL, maar een schuine zijde kan soms lastig te herkennen zijn.
Een brief schrijven
Om te onthouden waar je aan moet denken bij het schrijven van een brief, kun je denken aan
HoLeKlaSaWIJN
Ho ofdletters?
Le estekens?
Kla korte/lange klinkers?
Sa menstellingen?
W erkwoordspelling juist?
IJ of ei? ou of au? v of f? s of z?
N of zonder -n?
Planeten
Om de planeten, van de zon af, te onthouden, kun je denken aan de zin
Maak Voort Aardig Meisje, Jantje Spuit U Nat
M ercurius
V enus
A arde
M ars
J upiter
S aturnus
U ranus
N eptunus
Wiskundige vergelijking (x,y)
Als je tussen haakjes werkt, komt eerst de x en dan de y. De x staat ook eerder in het alfabet.
ARMA welke is X_t of Z_t
Nou kijk, als je hem omschrijft naar operator form, staat X_t links van de = en Z_t rechts, dus AR = X_t en MA = Z_t.
Nevenschikkende voegwoorden
Om de nevenschikkende voegwoorden te onthouden, kun je denken aan WANDMODE
W ant
A lsmede
N och
D och
M aar
O f
D us
E n
Trappen van vergelijking
Als je een woord met twee of meer lettergrepen tegenkomt en het bevat een van de uitgangen van LE|ER|OW|Y|SOME dan zijn de uitgangen bij de vergelijkende en overtreffende trap gewoon -er, -est.
Voorbeelden:
-ow: yellow-yellower-yellowest
-le: simple-simpler-simplest
-er: clever-cleverer-cleverest
-some: handsome-handsomer-handsomest
-y: happy-happier-happiest (let op y wordt i)
Quinze, seize
Na quinze (15) komt seize (16) dat kun je onthouden door te denken aan
‘Ik ken ze,’ zei ze
De pest
Om te onthouden welke landen, in chronologische volgorde, getroffen werden door de Pest, kun je denken aan
FranSE DoNoR
F rankrijk
S panje
E ngeland
D uitsland
N oorwegen
R usland
Anemos
ο ανεμος = de wind
Anemos lijkt op anemoon en een anemoon “waait” in de “wind” van de zee (hij beweegt in de stroming van de zee)
Nescire
Nescire = niet weten
Wanneer je Nescafé voor het eerst ziet, weet je niet wat erin zit
trap = escallier
escallier betekent trap
via de trap kan je weg en kan je ‘ontsnappen’
ontsnappen betekent escapen in het engels
dus bij escallier moet je denken aan het escapen via de trap
Het verschil tussen xyleem en floëem
Om te onthouden hoe water wordt getransporteerd door de vaten van een plant, kun je denken aan K-klank = K en F = F-klank
Xyleem (de houtvaten) = water door deze vaten moet omhoog Klimmen
Floëem (de bastvaten) = water Vloeit door deze vaten heen
Het verschil tussen AM en PM (Latijn)
Anti Meridiem (voor de noen) –> AM –> Vóór 12 uur ’s middags
Post Meridiem (na de noen) –> PM –> Ná 12 uur ’s middags
De Nederlandse tijdperken
Om de Nederlandse tijdperken te onthouden, kun je denken aan de zin
Sam Koopt Brood In De Bakker
S teentijd
K opertijd
B ronstijd
IJ zertijd
Taxonomische indeling dierenrijk
Om de ordening van het dierenrijk in te delen, kun je denken aan de zin
Als Kleine Otters Fietsen Gaan Stelen
A fdeling
K lasse
O rde
F amilie
G eslacht
S oort
ITCZ – hoge en lage luchtdruk
Hoog is droog.
In het hogedrukgebied is het droog en valt er weinig neerslag. In het lagedrukgebied valt er veel neerslag.
Tip: het ezelsbruggetje is om te onthouden. Schrijf op je toets niet: In het hogedrukgebied is het droog. Maar leg het proces uit!!
cogere
Als je koken niet leuk vind moet je iemand dwingen om voor je te koken. Dus is cogere dwingen.
