
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Magisme
Magisme betekent winkel
Denk hierbij aan een magazijn, wat heeft een winkel een magazijn.
De muzieknoten – Sound of Music
Do – Doe, a deer, a female deer
Re – Raiy, a drop of golden sun
Mi – Me, a name I call myself
Fa – Far, a long, long way to run
So – Sew, a needle pulling thread
La – La, a note to follow “so”
Ti – Thea, a drink with jam and bread
That will bring us back to:
do re mi fa so la ti do
Harde en zachte klanken
De harde ‘ch’ gebruik je bij de klinkers van AUtO.
De zachte ‘ch’ gebruik je bij de klinkers van EI.
Een auto is harder dan een ei.
Het OSI-model
De officiële ezelsbrug voor het OSI-model (Reference Model for Open Systems Interconnection)
All People Seem To Need Data Processing
A pplication – Toepassing
P resentation – Presentatie
S ession – Sessie
T ranport – Transport
N etwork – Netwerk
D atalink – Datalink
P hysycal – Fysiek
Dove letters
De letters op het einde van een woord, die je in het Frans niet uitspreekt, zijn
STEP
Vaarregels (bpr)
Bij zeilen heb je vaarregels (bpr) die onthoud je zo:
Gekke Stoere Kees Moet Surfen Leren
Gekke: goed zeemanschap
stoere: stuurboord wal houden
kees: klein wijkt voor groot
moet: motor wijkt voor spier en voor zeil
surfen: stuurboord wijkt voor bakboord
leren: loef wijkt voor lij
Het verschil tussen Accusativus en Dativus
ACC = LV, DAT = MV
A lle: L euke V rienden
D oen: M ee V andaag
Tijdvakken
Jan gaat met Simon op reis per bus:
J agers en boeren
G rieken en romeinen
M onniken en ridders
O ontdekkers en hervormers
R egenten en vorsyen
P ruiken en revoluties
B urgers en stoommachines
nihil = niets
Nihil is in het nederlands een ander woord voor ‘heel klein’. Je gebruikt vaak in de volgende zin:
‘Ik acht de kans nihil…’
Dus:
Ik acht de kans NIHIL dat je NIETS op de toets weet.
De randstad
De steden van de randstad kun je onthouden met RAUD
R otterdam
A msterdam
U trecht
D en Haag
Het verschil tussen stalagmieten en stalagtieten
Om het verschil tussen stalagtieten en stalagmieten te onthouden, kun je denken aan
Tieten hangen, mieten staan
Landen Midden-Amerika
Om de landen in Midden-Amerika te onthouden, van Noord naar Zuid en van links naar rechts, kun je denken aan de zin
Moeder Ging Bijna Elke Hete Nacht Citroenen Plukken
M exico
G uatamala
B elize
E l Salvador
H onduras
N icaragua
C osta Rica
P anama
Azerbeidzjan – Bakoe
Azerbeidjan bakt een koe. Hiermee kun je onthouden dat Bakoe de hoofdstad van Azerbeidjan is!
Het verschil tussen homo-en heterozygoot
Om het verschil tussen homozygoot en heterozygoot, kun je denken aan homo- en heteroseksueel
Homozygoot = dezelfde allelen voor één eigenschap
Heterozygoot = twee verschillende allelen voor één eigenschap
cogere
Als je koken niet leuk vind moet je iemand dwingen om voor je te koken. Dus is cogere dwingen.
Prudent
Prudent = voorzichtig
Met het tandpastamerk ‘Prodent’ poets je voorzichtig je tanden
Het verschil tussen theta, phi en psi
Om het verschil tussen deze drie te onthouden, kun je denken aan
De psi is een drietand van Poseidoen
De phi dat is een rondje met de I erin
Degene met een liggend streepje is dan de theta
Tanden en bijbehorende structuren
Deze kun je onthouden aan de zin
Geurende Taart Trekt Celebrity’s Tevens Wilde Klanten Zenuwachtige Bakker
G lazuur
T andholte
T andvlees
C ement
T andbeen
W ortelbeen
K aakbeen
Z enuw
B loedvat
Domeinen van de geschiedenis
Om deze vier domeinen te onthouden, kun je denken aan PESC
P olitiek
E conomisch
S ociaal
C ultuur
Triviale namen van zouten
De triviale namen van zouten, kun je onthouden met de zin
Kees Slaat Gert Knock Out
K eukenzout = natriumchloride
S oda = natriumcarbonaat
G ips = calciumsulfaat
K alksteen = calciumcarbonaat
O ngebluste kalk = calciumoxide
Peu
Un peu betekent een beetje.
Een beetje is klein. Klein is een peuk en een peuk lijkt op peu.
Eenheden
Kale Harry Danst Met De Chinezen Mee
Kilometer
Hectameter
Decameter
Meter
Decimeter
Centimeter
Milimeter
desinere of sinere?
Desinere = ophouden
Sinere = toestaan
De kan je zien als een negatief voorzetel, desinere is dus ophouden.
Sinere is dan dus toestaan.
Dus:
Moet ik desinere?
Nee, ik sinere.
Deze zin klopt natuurlijk niet, maar mischien helpt het om ze te onderscheiden.
