
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Spanning, Stroom en Weerstand
Om het onderscheid te onthouden tussen spanning, stroom en weerstand, kun je denken aan
USV ISA RO
U –> Spanning in Volt
I –> Stroom in Ampère
R –> Weerstand in Ohm
Goniometrie
Cosinus –> Cas : aanliggend / schuin
Sinus –> Sos: overstaand/ schuin
Tangens –> Toa: overstaand/aanliggend
Verwantschappen
Om de acht verschillende verwantschappen te onthouden, kun je denken aan de acht letters van schappen
Leeftijdverwantschap
Consumptieverwantschap
Merkverwantschap
Prijsverwantschap
Themaverwantschap
Kleurverwantschap
Productieverwantschap
Stijlverwantschap
De zeeën bij Griekenland
Om te onthouden welke zeeën er bij Griekenland liggen, kun je denken aan TIA
T yrreense zee
I onische zee
A driatische zee
cogitare
cogitare = nadenken
als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.
Het experiment
Om de onderdelen van een experiment te onthouden, kun je denken aan de zin
Papa Hoort Eekhoorns, Bakt Reusachtige Cupcakes
P robleemstelling
H ypothese
E xperiment
B enodigdheden
R esultaten
C onclusie
claris
Claris = beroemd, helder
De hemel wordt klaar, dus helder. Beroemde mensen klagen graag
Van elektriciteitsfabriek naar huisaansluiting
Om de route van de elektriciteitsfabriek naar de huisaansluiting te onthouden, kun je denken aan VAAGHAK
V oedingskabel
A ardleiding
A ardleidingmeter
G roepenkast met zekeringen
H uisaansluiting
A ndere kabels
K wh-meter
Formule voor prevalentie
Om de formule voor prevalentie te onthouden, kun je denken aan PID
P revalentie =
I ncidentie *
D uur
Euriskei
Euriskei = hij vindt
Het woord lijkt op eureka. Als je iets hebt gevonden roep je eureka!
volgorde naamvallen
N ooit (nominativus)
G een (genitivus)
D ertig (genitivus)
A chten (accusativus)
A chter elkaar (ablativus)
Scheidingsmethoden
De scheidingsmethoden die je voor het examen moet weten beginnen, lopen bijna gelijk met het alfabet. Alleen de G en de H worden overgeslagen.
A-adsoberen
B-bezinken
C-centrifugeren
D-destilleren
E-extraheren
F-filtreren
I-indampen
Hoofdstad van Bulgarije
Een bul van een vent met een mooi meisje. De naam van dit Meisje is Sofia, dus de hoofdstad van Bulgarije is Sofia.
cogere
Als je koken niet leuk vind moet je iemand dwingen om voor je te koken. Dus is cogere dwingen.
Kenmerkend Aspecten
Leer met de link naar dit YouTube filmpje alle kenmerkend aspecten door middel van een rap. Het heeft mij echt enorm geholpen bij de toets. Lekker meezingen/rappen dus!
Smaakpapillen
Om de verschillende smaakpapillen te onthouden, kun je denken aan ZoZoZuBi
Zo ut
Zo et
Zu ur
Bi tter
Basis voor kaartgebruik
Om de basis voor het gebruik van kaarten te onthouden, kun je denken aan
POLS
P erspectief
O riëntatie
L egende
S chaal
Driehoeken
Het snijpunt van de Middenloodlijnen in een driehoek is het middenpunt van een Omgeschreven cirkel. Het snijpunt van de Bissectrices in een driehoek is het middenpunt van een Ingeschreven cirkel.
Samen wordt dat MOBI
Het verschil tussen de omtrek en de oppervlakte
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan
OM = OM en OP = OP
Omtrek = omheen lopen
Oppervlakte = op lopen
Volgorde bijv. voornaamwoorden
De volgorde van 2 of meer bijvoegelijk naamwoorden zijn:
opinion – size – quality – age – shape – colour – origin – material – purpose
Alle eerste woorden vormen osqas comp, wat lijkt op Oscars compamy.
Indianenstammen
Om te onthouden waar de indianenstammen gevestigd zijn, kun je denken aan CANO
C alifornië
A rizona
N ew Mexico
O klahoma
Duitse Getallen
Om de Duitse getallen te onthouden, kun je denken aan dit rijmpje
Ein, Zwei, Polizei
Drei, Vier, Offisier
Fünf, Zechs, Alte Heks
Sieben, Acht, Guten Nacht
Neun, Zehn, Auf Wiedersehen!
De verschillende vormen van een meter
Deze kun je onthouden met de zin
Kan Het Dametje Met De CM Meten
K m
H m
M
D m
CM
M m
Grootheden
Om het verschil te onthouden tussen de grootheden van getallen; van laag naar hoog, kun je denken aan
Mijn Bil Trilt (2x)
Miljoen = 1.000.000
Miljard = 1.000.000.000
Biljoen = 1.000.000.000.000
Biljard = 1.000.000.000.000.000
Triljoen = 1.000.000.000.000.000.000
Triljard = 1.000.000.000.000.000.000.000
