
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Productiefactoren en bijbehorende beloningen
ANKO = LPRHW
Dit zijn de productiefactoren en welke beloningen je krijgt.
De hond ANKO krijgt een bot met Lelijke Poedel Rent Hard Weg.
Om het goed te onthouden kun je een hond tekenen met ANKO erin en daarnaast een bot met Lelijke Poedel Rent Hard Weg er in
A rbeid
N atuur
K apitaal
O ndernemerschap
L oon
P acht
R ente
H uur
W inst
Keuzevoorzetsels Duits
In Andere Achterbuurten Hebben (mensen) Uiteraard Nooit Zeeën Uien (zien) Vliegen
In = in, naar
An = aan, bij, naar
Auf = op
Hinter = achter
Unter = onder
Neben = naast
Zwischen = tussen
Über = boven, over
Vor = voor
Prijselasticiteit
De prijselasticiteit van een product is de procentuele verandering van de gevraagde hoeveelheid / procentuele verandering prijs.
Prijselasticiteit = ΔQ / ΔP
Dit ku nje onthouden door te denken aan een QuarterPounder
Das Märchen
das Märchen = het sprookje
Das Märchen lijkt op das Mädchen (het meisje). In (bijna) elk sprookje komt wel een meisje/vrouw voor.
Het verschil tussen convex en concaaf
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan het Franse ‘la cave’, wat kelder betekent. Een kelder is hol
Concaaf = hol
Convex = bol
Arm en hand
De botten in de arm en de hand kun je onthouden door DRUP
D uim zit aan de
R adius (spaakbeen)
U lna (ellepijp) zit vast aan de
P ink
Fasering projectmanagement
Initiatief, Definitie, Ontwerp, Voorbereiding, Realisatie, Nazorg.
IDOVRN
Ik Deel Onze Verse Rookworst Niet
volgorde naamvallen
N ooit (nominativus)
G een (genitivus)
D ertig (genitivus)
A chten (accusativus)
A chter elkaar (ablativus)
Hele en halve rust
Hele rust –> hangt onder de notenbalk
Halve rust –> ligt op de notenbalk
De hele rust duurt langer dan een halve rust. Omdat de hele rust langer duurt, is deze zwaarder, en daarom hangt deze onder de notenbalk. De halve rust duurt minder lang en is daarom minder zwaar en ligt daarom nog op de notenbalk.
De Beurs
Om het verschil tussen de Bull-market en de Bear-market te onthouden, kun je denken aan de zin
De stier gooit je in de lucht en de beer trekt je naar beneden
Op de beurs gaan bij een Bull-market de koersen omhoog. Bij een Bear-market gaan ze naar beneden.
Geologisch tijdperken
Petra’s Coole Oma Snoept Donkere Chocolade Pepernoten Terwijl Jan Kazige Tosti’s Kaant
P = Precambrium
C = Cambrium
O = Ordovicium
S =Siluur
D =Devoon
C = Carboon
P =Perm
T =Trias
J =Jura
K = Krijt
T = Tertiar
K = Kwartair
Hongarije – Boedapest
Om het land Hongarije met de hoofdstad Boedepest te onthouden, kun je deze zin gebruiken
Boeda heeft de Pest aan Honger
Ambulare
Ambulare = wandelen
Als mensen tijdens het wandelen vallen, moet er een ambulance komen
Eenheden van de gram
Om de eenheden van de gram te onthouden, kun je denken aan de zin
Tankt Kees Gewoon Mee
T on
K ilogram
G ram
M iligram
Ambulare
Ambulare = wandelen
Vroeger werd de brancard van de AMBULANCE al WANDELEND gedragen
Philip de Schone en Philip de Goede
Om te onthouden wie dit waren en waar ze vandaan kwamen, kun je denken aan
O = O en OE = OE
Philip de Schone kwam uit het Oostenrijke Huis
Philip de Goede kwam uit het Bourgondische Huis
Het verschil tussen xyleem en floëem
Om te onthouden hoe water wordt getransporteerd door de vaten van een plant, kun je denken aan K-klank = K en F = F-klank
Xyleem (de houtvaten) = water door deze vaten moet omhoog Klimmen
Floëem (de bastvaten) = water Vloeit door deze vaten heen
Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor
Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt
Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter
Objectief
Ik vergeet vaak het woord objectief de betekenis daarvan is: wie alleen op de feiten let. Als je het laatste stukje van het woord objectief omdraait (tief) dan staat er feit.
Warmtetransport
Voorbeelden nodig van de 3 vormen van warmtetransport? Denk aan de 3 vormen waar in een stof kan voor komen (fases)
Geleiding = door een vaste stof heen (metaal)
Stroming = vloeibare stof, zoals stromend water (douche)
Straling = gas: je ziet het niet, maar je voelt het wel.
Waarde- of welvaartsvast
Hoogte van een bedrag en de stijging:
Waardevast = denk aan de waarde van een prijs.
Welvaartsvast = denk aan de welvaart die iemand heeft door het loon.
De Cel
Om de onderdelen van een cel te onthouden, kun je denken aan de zin
Kim Circuleert Cellen Club.
K ern
C ytoplasma
C elmembraam
C hromosomen
noten aflezen
als je een de noten op de lijn wilt weten doe je
Eet-Veel-Bananen-Dom-Fruit
de eerste letter is de noot
en tussen de letters
FACE
