
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Lagen in de Romeinse Samenleving
Om de lagen in de Romeinse Samenleving te onthouden, kun je denken aan PSP
P lebejers
S laven
P atriciërs
Bruine Boon
De onderdelen van een bruine boon kun je onthouden met HaNaPoZa
Ha rtvormig bultje
Na vel
Po ortje
Za adhuid
Congenitale infecties
De belangrijkste congenitale infecties
TORCHES
T oxoplasmose
R ubella
C MV
H IV / He patitis
S yfilis
Stammen in het dierenrijk
Om de 7 stammen van het dierenrijk te onthouden, kun je deze zin gebruiken
Stoere Gerrit Gaf Willem Wortel Nooit Snoep
S ponzen
G ewervelden
W eekdieren
W ormen
N eteldieren
S tekelhuidigen
7 levens verschijnselen
Als Vader Uitgaat Wordt Vader Goed Bezopen.
Als= ademen
Vader= voeden
Uitgaat= uitscheiden
Wordt= Waarnemen
Vader= voortplanten
Goed= groeien
Bezopen= bewegen
De alkanen
Met Een Paraplu Blijft Pino Heel Hoog Ook Nog Droog
Methaan
Ethaan
Propaan
Butaan
Pentaan
Hexaan
Heptaan
Octaan
Nonaan
Decaan
Overijssel
Bij topografie vragen ze naar drie steden in de provincie Overijssel. Dat zijn Almelo Hengelo en Enschede om deze volgorde te onthouden moet je dit onthouden: AHE
A : Almelo
H : Hengelo
E : Enschede
Als je dit vaak herhaald onthoud je het.
Interactietheorie
De verschillende onderdelen van de interactietheorie kun je onthouden door CAT
C omplementariteit –> het ene gebied moet iets kunnen leveren waar in het andere gebied vraag naar is
A ndere mogelijkheden –> er mogen geen tussenliggende mogelijkheden zijn
T ransportbaarheid –> het moet allemaal in een redelijk tempo tegen een redelijke prijs kunnen worden vervoerd
traplopen na trauma
trap op
je loopt naar de hemel dus je zet je goede been eerst neer (niet- aangedane zijde)
trap af
je loopt naar de hel dus je zet je slechte been eerst neer (aangedane zijde)
De meren van de VS
Om de vijf grote meren van de VS te onthouden, kun je denken aan HOMES
H uron
O ntario
M ichigan
E rie
S uperior
Hogedrukgebied en lagedrukgebied
Om het verschil te onthouden denk aan een strand in bijvoorbeeld Spanje
🌤 Hogedrukgebied = hoog aantal toeristen
want veel zon, is weinig bewolking, is weinig neerslag
🌧 Lagedrukgebied = laag aantal toeristen
want weinig zon, is veel bewolking, is veel neerslag
Er zijn weinig mensen om het strand bij slecht weer.
Daarbij kun je denken aan het rijmpje
“Hoog is droog en laag is vaag”
Hoog drukgebied is droog weer, laag drukgebied is regen
Spijkenisse
Om te onthouden dat Spijkenisse aan de Lek ligt, kun je denken aan
De spijker prikt dingen lek
Oude Griekenland
De vier huidige buurlanden van Griekenland, maakten vroeger deel uit van Griekenland. Deze kun je onthouden door te denken aan BATMan
B ulgarije
A lbanië
T urkije
M acedonië
Conferre
Conferre = bijeenbrengen, vergelijken
Bij een conferentie komt iedereen BIJEEN om zijn mening met een ander te VERGELIJKEN
IJstijd in Nederland
De lijn tot waar de ijstijd in Nederland kwam, kun je onthouden door te denken aan de
HUN-lijn
H aarlem
U trecht
N ijmegen
Het verschil tussen ei en ij
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
EI = EI en IJ= IJ
De ge-kipte EI = het EI van een kip
De ge-stipte IJ = met 2 stipjes IJ
Het verschil tussen convergent en divergent
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan CON = CON en DI = DI
Convergent = samenkomen
Denk aan CONcert (bij een concert komen mensen bij elkaar)
Divergent = uit elkaar
Denk aan DIers (bij een divergerende lichtbundel gaan de stralen diverse kanten uit)
bij de notenbalk
als je noten wil leren kan dat als volgende
alle noten op de lijn zijn van onder naar boven: Alle Goeie Bands Drinken Fristi
maar voor tussen de lijnen is ook een ezelsbruggetje: FACE en dat is in het engels gezicht
Romeinse cijfers
Een gemakkelijk ezelsbruggetje om de volgorde van Romeinse cijfers te onthouden:
Ik verving Xaviers lekkere citroenen door meloenen:
I = 1
V = 5
X = 10
L = 50
C = 100
D = 500
M = 1000
Abonnement
Om de juiste spelling van het woord ‘abonnement’ te onthouden, kun je denken aan de zin
In de bus zaten twee nonnen met een abonnement
Bus = b
Nonnen = nn
“Soepkom in productie”
De meeste voorzetsels die gevolgd worden door een ablatief, zitten verscholen in “Soepkom in productie” ofwel “SubCum In ProDeExSine” ofwel “sub cum in pro de ex sine. “a” en “ab” zitten verscholen in het woord “ablatief” zelf. Je moet dan nog enkel de twee overige voorzetsel “prae” en “super” onthouden.
Functies bindweefsel
De functies kun je onthouden door de zin
Stevige Trek, Bier Helpt Ook!
S teun en verbindende functie (oa organen, bot en kraakbeen)
T ransportmedium (cellen en bloed)
B eschermende functie (voorkomen van het verspreiden van micro-organismen)
H erstellende functie, na weefselschade
O pslag, chemische energie in vetcellen of Ca2+ en water in het bindweefsel.
Tafel dekken
Wanneer je de uiteinden van je wijsvinger en duim naar elkaar toe brengt, ontstaat er bij je linkerhand een ‘b’ en bij je rechterhand een ‘d’. Zo kun je bij het tafeldekken onthouden aan welke kant van het bord het brood en aan welke kant de drank hoort te staan volgens de etiquette.
Beeldaspecten vormgeving
De beeldaspecten van vormgeving kun je onthouden aan de hand van
VLC KRO
V orm
L icht
C ompostie
K leur
R uimte
O rdening
