Biologie Archives - Pagina 2 van 4 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Pelvis

Pelvis = bot in je heup

Om te onthouden waar deze zit, kun je denken aan
Elvis de Pelvis
Elvis schudde namelijk vaak met zijn heupen

Door Caren

spijsvertering

mond=m
slokdarm=s
maag=ma
twaalfvlingerige=t
dunne darm=d
dikke darm=di
endeldarm=e
anus=a

Door Anoniem

Het verschil tussen Anaërobe en Aërobe Dissimilatie

Het verschil tussen anaërobe en aërobe dissimilatie kun je onthouden door deze zin

Ana (van Anaëroob) houdt van wijn, wijn moet gisten.  Anaëroob –> gisten.
Aëroob moet niet gisten. Aëroob –> verbranding.

Door Jilly en Renee

DNA wenteltrap

A Tegenover T (van Tegenover)

G Contra C ( van Contra)

Door Pien

De levensstadia van een koolwitje

Om de levensstadia te onthouden, kun je denken aan de zin
Evert Rijdt Plots Verkeerd

E i
R ups
P op
V linder

Door Dinja

Osteoblasten en Osteoclasten

Osteoblasten: zorgen voor de bouw van nieuw bot.
Osteoclasten: zorgen voor het Crushen (afbreken) van bot.

Door Teun

Lagen van de opperhuid

Deze kun je onthouden met de zin
Bas Steekt Kor Door Hoofd

B asaalcellenlaag
S tekelcellenlaag
K orrellaag
D oorschijnende laag
H oornlaag

Door Lise

Voedingsstoffen

De belangrijkste voedingsstoffen kun je onthouden aan de hand van de zin
Veel Kinderen Willen Meer Vlees En Vis.

V oedingsvezels (on-officiële)
K oolhydraten

W ater 
M ineralen
V etten
E iwitten
V itamines

Door Iris

Het verschil tussen primaire en secundaire geslachtskenmerken

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan P = P en S = S

Primair –> Penis, deze heb je vanaf je geboorte 
Secundair –> Schaamhaar, dit krijg je pas in de puberteit

Door Pascalle

Het verschil tussen onverzadigd en verzadigd vet

Om te onthouden welke van de twee goed of slecht zijn, kun je denken aan
O = O

Onverzadigd vet = Oké, deze verkleinen de kans op hart- en vaatziekten
Verzadigd vet = Niet oké

Door Meta

De verteringssappen in je lichaam

De verteringssappen in je lichaam kun je onthouden met het acroniem DAMAALGASP

DA rmsappen
MA agsappen
AL vleessappen
GA l
SP eeksel

Door Adam

Botten in handen en voeten

Deze botten kun je onthouden met de zin
Van Mijn Handen Tot Mijn Voeten, Haha

V ingerkootjes
M iddenhandsbeentjes
H andwortelbeentjes
T eenkootjes
M iddenvoetsbeentjes
V oetwortelbeentjes
H ielbeen

Door Sharon

Bruine Boon

De onderdelen van een bruine boon kun je onthouden met HaNaPoZa

Ha rtvormig bultje
Na vel
Po ortje
Za adhuid

Door Chiena & Elene

De onderdelen van een bloemplant

Om deze te onthouden, kun je denken aan KeKroMeSt

Ke lkbladeren
Kro onbladeren
Me eeldraden
St amper

Door Nette

De lagen van de opperhuid

Om de lagen van de opperhuid van buiten naar binnen te onthouden, kun je denken aan de zin
Hoor Daar Komt Sint Binnen

H oornlaag
D oorschijnende laag
K orrellaag
S tekellaag
B asaalcellenlaag

Door Martine

De onderdelen van een plant

De onderdelen van een plant kunnen onthouden worden met BELKO

B ladoksel

E indknop

L id

K noop

O kselknop

Door Maartje

Ordening biologie

Rijke (1) Spanjaarden (2) Krijgen (3) Op (4) Familiefeesten (5) Grote (6) Stukken (7) Rosbief (8)

1. Rijken
2. Stammen
3.Klassen
4. Orde
5. Familie
6. Geslacht
7. Soort
8. Ras

 

leerjaar 1 – biologie voor jou VWO

Door Yente

Hout- en bastvaten

De vaten en hun functie kun je onthouden met de zin
HAnS eet je BOrD leeg

H outvaten vervoeren
An organische stoffen in de 
S tijgende sapstroom

Bastvaten vervoeren
OR ganische stoffen in de
D alende sapstroom

Door Jelle

De stikstofbasen in een DNA-molecuul

AT is GeC (Ad is gek)

A denine
T hymine

G uanine
C ytosine

Door Sanne

Organen

De verschillende organen kun je onthouden met de zin
Hoe Maken De Leeuwen De Lange Neus

H art
M aag
D ikke darm
L ongen
D unne darm
L ever
N ieren

Door minke

De 7 levensverschijnselen

VUBV WAG

Voeden
Uitscheiden
Bewegen
Voortplanten
Waarnemen
Ademhalen
Groeien

Door David

Organismen

Om de organismen van groot naar klein te onthouden, kun je denken aan
O, o, o, wc

O rganisme
O rgaanstelsel
O rgaan
W eefsel
C el

Door Evie

De wervels

Deze kun je, van boven naar beneden, onthouden met de zin
HandBoeien Leiden Hoge Straf

H alswervels
B orstwervels
L endenwervels
H eiligbeen
S taartbeen

Door Rosalie

Autotroof – Heterotroof

Autotroof –> A van Anorganisch. Halen dus energie uit Anorganische stoffen en zonlicht

Heterotroof –> Hetero’s zijn verliefd op organismen van het andere geslacht. Halen dus energie uit organische stoffen (andere organismen).

Door George

Het verschil tussen Flora en Fauna

Om het onderscheid te onthouden, kun je denken aan
L = L

FLora = pLanten
Fauna = dieren

Door Marie

Het verschil tussen homo-en heterozygoot

Om het verschil tussen homozygoot en heterozygoot, kun je denken aan homo- en heteroseksueel

Homozygoot = dezelfde allelen voor één eigenschap
Heterozygoot = twee verschillende allelen voor één eigenschap

Door Marieke

De verteringsvolgorde

Deze volgorde kun je onthouden door de zin
Koolmezen Eisen Vetbollen

K oolhydraten (in de mond)
E iwitten (in de maag)
V etten (in de 12vingerige darm)

Door Jesse

Stammen in het dierenrijk

Om de 7 stammen van het dierenrijk te onthouden, kun je deze zin gebruiken

Stoere Gerrit Gaf Willem Wortel Nooit Snoep

S ponzen
G ewervelden
W eekdieren
W ormen
N eteldieren
S tekelhuidigen

Door Anoniem

Ordening dieren (organisatieniveau)

Die (domein)
Rijke (rijk)
Stinkerds (stam)
Kunnen (klasse)
Overal (orde)
Fijne (familie)
Gebakjes (geslacht)
Stoppen (soort)

Door Sterre

Functies in zenuwstelsel

Deze kun je onthouden met RO CV EU 

R eceptoren –> O ntvangen
C onductoren –> V oortgeleiden
E ffectoren –> U itvoeren

Door Miran
Home
Alle items
Uploaden