Biologie Archives - Pagina 3 van 4 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Graan soorten

Deze kun je onthouden met de zin
Hans Gaat Truusje Roepen

H aver
G erst
T arwe
R ogge

Door Zoë

Ordening biologie

Rijke (1) Spanjaarden (2) Krijgen (3) Op (4) Familiefeesten (5) Grote (6) Stukken (7) Rosbief (8)

1. Rijken
2. Stammen
3.Klassen
4. Orde
5. Familie
6. Geslacht
7. Soort
8. Ras

 

leerjaar 1 – biologie voor jou VWO

Door Yente

Bruine Boon

De onderdelen van een bruine boon kun je onthouden met HaNaPoZa

Ha rtvormig bultje
Na vel
Po ortje
Za adhuid

Door Chiena & Elene

ATP-moleculen

A = atoomgroep (molecuul)
T = ter bewaring (opgeslagen)
P = power (energie)

De beschikbare gekomen energie wordt tijdelijk opgeslagen in ATP-moleculen

Door George

Het centrale dogma

Het centrale dogma mechanisme:
1. Replicatie
2. TransCriptie
3. TransLatie

De C komt voor de L dus transcriptie komt voor translatie in het mechanisme.

(Daarnaast is de R ook voor de T in het alfabet)

Door Thanh

Het verschil tussen homo-en heterozygoot

Om het verschil tussen homozygoot en heterozygoot, kun je denken aan homo- en heteroseksueel

Homozygoot = dezelfde allelen voor één eigenschap
Heterozygoot = twee verschillende allelen voor één eigenschap

Door Marieke

Botten in handen en voeten

Deze botten kun je onthouden met de zin
Van Mijn Handen Tot Mijn Voeten, Haha

V ingerkootjes
M iddenhandsbeentjes
H andwortelbeentjes
T eenkootjes
M iddenvoetsbeentjes
V oetwortelbeentjes
H ielbeen

Door Sharon

De levensstadia van een koolwitje

Om de levensstadia te onthouden, kun je denken aan de zin
Evert Rijdt Plots Verkeerd

E i
R ups
P op
V linder

Door Dinja

De lagen van de biologie

Om alle lagen van levende systemen waar de biologie zich mee bezighoudt, van hoog naar laag, te onthouden, kun je denken aan
Becpoot.com

B iosphere

E cosphere
C ommunity

P opulation
O rganism
O rgan
T issue
C ell

O rganelle
M olecule

Door Selinde

Functies steunweefsels

De functies van steunweefsels kun je onthouden met BOOT VS

B escherming
O pslag
O ndersteuning
T ransport
V erbinding
S tevigheid

Door Justin

Formule fotosynthese

Om deze formule te onthouden kun je denken aan de zin
Wat Kan Linda Geweldig Zingen

W ater +
K oolstofdioxide +
L icht =
G lucose &
Z uurstof.

Door Anoniem

Osteoblasten en Osteoclasten

Osteoblasten: zorgen voor de bouw van nieuw bot.
Osteoclasten: zorgen voor het Crushen (afbreken) van bot.

Door Teun

De onderdelen van het oog

De onderdelen van het oog kunnen onthouden worden met de zin

Bep Heeft Veel Inhoud ALS Greet Niet Veel Op Heeft

B eschermend vlies
H oornvlies
V oorste oogkamer
I ris
A chterste oogkamer
L ens(bandjes)
S traallichaam
G lasachtig lichaam
N etvlies
V aatvlies
O ogzenuw
H arde oogvlies

Door Anoniem

De magen van een koe

De volgorde van de magen van een koe zijn te onthouden met PeNiBeL

P ens
N etmaag
B oekmaag
L ebmaag.

Door Denise

De inhoud van een chromosoom

Om te onthouden hoe een chromosoom is opgebouwd, kun je het vergelijken met een boek

Het boek –> de chromosoom
De bladzijdes –> het DNA
De informatie –> Het gen met het bijbehorende genotype

Door Esther

Assimiliatie en Dissimiliatie

A = A
D = D

Assimiliatie = Aanbouw –> De opbouw van organische moleculen uit kleinere moleculen

Dissimiliatie = Destructie –> De afbraak van organische moleculen tot kleinere moleculen

Door Esther

Nieren

Om te onthouden wat nieren allemaal uit je bloed halen, kun je denken aan de zin
Onder Andere Troep

O verbodige stoffen
A fvalstoffen/afbraakproducten
T eveel aan stoffen

Door Emmy

Conflictgedrag

Bij overspronggedrag, spring je wat totaal niet bij de situatie past.
Bij amBIvalent gedrag, om de beurt 1 van de 2 (BI is 2)
Bij omgericht gedrag, richt je je ineens op iets anders (agressie is duidelijk te herkennen maar gericht op iets anders)

Door Jasmijn

Cones -> Color

De regel van de staafjes en de kegeltjes (kleur) geldt ook in het Engels voor de rods and cones: Cones zijn voor Color!

Door Anoniem

Voedingsstoffen

De belangrijkste voedingsstoffen kun je onthouden aan de hand van de zin
Veel Kinderen Willen Meer Vlees En Vis.

V oedingsvezels (on-officiële)
K oolhydraten

W ater 
M ineralen
V etten
E iwitten
V itamines

Door Iris

Aantal wervels

Het aantal nekwervels van de mens zijn er net zoveel als de dagen van de week, dus zeven.
Het aantal borstwervels zijn er net zoveel als de maanden van het jaar, dus twaalf.
Het aantal lendewervels houd je over als je 12 – 7 doet, dus vijf.

Door Martijn

De niveaus van ecologie

“Ik Pak Lekker Eten” staat voor
Individu
Populatie
Levensgemeenschap
Ecosysteem

Door Jaël

Betekenis ice theorie in ehbo:

I: immobilisatie ( je mobiel zit vaak in de kontzak en kan dus geen kant meer op)
C: compressie (een compressor spuit druk en met compressie zorg je ook voor druk)
E: elevatie (in het Engels is een lift elevator dat lijkt op het woord en een lift gaat omhoog dus het lichaamsdeel moet ook omhoog.

Door Manon

Het proces van ontkiemen

Dit proces kun je onthouden met de zin
Wat Zullen We Stelen, Bas?

W ater wordt opgenomen
Z aadhuid barst open
W ortel komt naar buiten
S tengel komt naar buiten
B laadjes komen naar buiten

Door Anoniem

DNA wenteltrap

A Tegenover T (van Tegenover)

G Contra C ( van Contra)

Door Pien

De onderdelen van een bloemplant

Om deze te onthouden, kun je denken aan KeKroMeSt

Ke lkbladeren
Kro onbladeren
Me eeldraden
St amper

Door Nette

De onderdelen van een plant

De onderdelen van een plant kunnen onthouden worden met BELKO

B ladoksel

E indknop

L id

K noop

O kselknop

Door Maartje

Immunoglobulines van het lichaam

Deze kun je onthouden met GADME

IgG
IgA
IgD
IgM
IgE

Door denise

Het verschil tussen Anaërobe en Aërobe Dissimilatie

Het verschil tussen anaërobe en aërobe dissimilatie kun je onthouden door deze zin

Ana (van Anaëroob) houdt van wijn, wijn moet gisten.  Anaëroob –> gisten.
Aëroob moet niet gisten. Aëroob –> verbranding.

Door Jilly en Renee

Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor

Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt

Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter

Door Lindsay
Home
Alle items
Uploaden