Biologie Archives - Pagina 3 van 4 - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen biceps & triceps

Het verschil tussen biceps en triceps kun je onthouden door
B=B en TR=TR

Bicep = Buigspier
TRicep = TRekspier

Door Lotte

Mutualisme of commensalisme?

Bij mutualisme hebben zowel de gastheer als de gast voordeel, het voordeel is dus wederzijds. Het Engelse woord mutual betekent wederzijds, mutualisme is hiervan afgeleid.
mutual = wederzijds
mutualisme = allebei voordeel
Bij commensalisme heeft alleen de gast voordeel, de gastheer is neutraal.

Door Suus

Invloeden bij zwangerschap

Om de onthouden welke slechte invloeden bij zwangerschap een rol kunnen spelen, kun je denken aan de zin
Rex Dook Achter Mijn Zetel

R oken
D rugs
A chter
M edicijnen
Z iekten

Door Anoniem

Osmose

Osmose is een proces op basis van diffussie, waarbij een oplossing door een semi-permeabel membraan gaat en alleen vloeistof doorlaat en niet de stoffen

Dit kun je onthouden door OSMOSE zelf

O plossing
SM semi-muur

Door George

verbranding

Veel Grijze Zeehonden Eten Wekelijks Kabeljauw.

Verbranding
Glucose
Zuurstof
Energie
Water
Koolstofdioxide

Door Anoniem

De onderdelen van een bloemplant

Om deze te onthouden, kun je denken aan KeKroMeSt

Ke lkbladeren
Kro onbladeren
Me eeldraden
St amper

Door Nette

Het verschil tussen primaire en secundaire geslachtskenmerken

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan P = P en S = S

Primair –> Penis, deze heb je vanaf je geboorte 
Secundair –> Schaamhaar, dit krijg je pas in de puberteit

Door Pascalle

De magen van een koe

De volgorde van de magen van een koe zijn te onthouden met PeNiBeL

P ens
N etmaag
B oekmaag
L ebmaag.

Door Denise

Het verschil tussen de boomklever en de boomkruiper

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

L=L en R=R

De kLever = bLauw

De kRuiper = bRuin

Door H.

De onderdelen van het oog

De onderdelen van het oog kunnen onthouden worden met de zin

Bep Heeft Veel Inhoud ALS Greet Niet Veel Op Heeft

B eschermend vlies
H oornvlies
V oorste oogkamer
I ris
A chterste oogkamer
L ens(bandjes)
S traallichaam
G lasachtig lichaam
N etvlies
V aatvlies
O ogzenuw
H arde oogvlies

Door Anoniem

Het verschil tussen een kameel en een dromedaris

Om dit verschil te onthouden, kun je naar de lettergrepen kijken

Kameel (2) –> 2 bulten
Dromedaris (4) –> 1 bult

Door Merle

Het verschil tussen sytole en diastole

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan S = S en DI = DI

Sytole = Samentrekken
DIastole = DIvers, uit elkaar –> ontspannen

Door Anoniem

Botten in handen en voeten

Deze botten kun je onthouden met de zin
Van Mijn Handen Tot Mijn Voeten, Haha

V ingerkootjes
M iddenhandsbeentjes
H andwortelbeentjes
T eenkootjes
M iddenvoetsbeentjes
V oetwortelbeentjes
H ielbeen

Door Sharon

ATP-moleculen

A = atoomgroep (molecuul)
T = ter bewaring (opgeslagen)
P = power (energie)

De beschikbare gekomen energie wordt tijdelijk opgeslagen in ATP-moleculen

Door George

Het spijsverteringskanaal

Om te onthouden welke weg je voedsel moet afleggen, kun je denken aan
Mijn Slak Moet Lekker Altijd Trakteren De Blinde Doet Eng

M ondholte
S lokdarm
M aag
L ever
A lvleesklier
T waalfvingerige darm
D unne darm
B linde darm
D ikke darm
E ndeldarm

Door Judith

Voedingsstoffen

De belangrijkste voedingsstoffen kun je onthouden aan de hand van de zin
Veel Kinderen Willen Meer Vlees En Vis.

V oedingsvezels (on-officiële)
K oolhydraten

W ater 
M ineralen
V etten
E iwitten
V itamines

Door Iris

Bindingen stikstofbasen in DNA

In DNA maken heb je A, C, G en T.

Om te onthouden welke stikstofbase met welke verbonden is gebruik je:

AppelTaart (A-T)
CitroenGebak (C-G)

Door Eva

Organisatieniveaus

Altijd Moet Celon Cellen Wegen Onder Orgels, Ook Planten Leven Ergens Binnen of Buiten

A: atoom
M: molecuul
C: celorganel
C: cellen
W: weefsel
O: orgaan
O: orgaanstelsel
O: organisme
P: populatie
L: levensgemeenschap
E: ecosysteem
B: bioom
B: biosfeer

Door Evy

Categorize organism

KiPCOFGeSp

Kingdom
Phylum
Class
Order
Family
Genus
Species

Binomial system Linnaeus

Door Claudia

Het verschil tussen homo-en heterozygoot

Om het verschil tussen homozygoot en heterozygoot, kun je denken aan homo- en heteroseksueel

Homozygoot = dezelfde allelen voor één eigenschap
Heterozygoot = twee verschillende allelen voor één eigenschap

Door Marieke

Het verschil tussen Flora en Fauna

Om het onderscheid te onthouden, kun je denken aan
L = L

FLora = pLanten
Fauna = dieren

Door Marie

spijsvertering

mond=m
slokdarm=s
maag=ma
twaalfvlingerige=t
dunne darm=d
dikke darm=di
endeldarm=e
anus=a

Door Anoniem

Het verschil tussen genotype en fenotype

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

Genotype –> verandert niet, het zijn je genen
Fenotype –> verandert wel, het is je uiterlijk

Door Marijke

Cellen …

C /chocolade
W/was
O/ooit
S/super
O/ongezond

Door Katje

Osteoblasten en Osteoclasten

Osteoblasten: zorgen voor de bouw van nieuw bot.
Osteoclasten: zorgen voor het Crushen (afbreken) van bot.

Door Teun

Het centrale dogma

Het centrale dogma mechanisme:
1. Replicatie
2. TransCriptie
3. TransLatie

De C komt voor de L dus transcriptie komt voor translatie in het mechanisme.

(Daarnaast is de R ook voor de T in het alfabet)

Door Thanh

Formule fotosynthese

Om deze formule te onthouden kun je denken aan de zin
Wat Kan Linda Geweldig Zingen

W ater +
K oolstofdioxide +
L icht =
G lucose &
Z uurstof.

Door Anoniem

Indeling dierenrijk

Ergens in September Hoort Willie Wortel Gekke, Slimme Grappen.

E = eencelligen
S = sponzen
H = holtedierne
W = wormen
W = weekdieren
G = geleedpotigen
S = stekelhuidigen
G = gewervelden

Door Anna

Graan soorten

Deze kun je onthouden met de zin
Hans Gaat Truusje Roepen

H aver
G erst
T arwe
R ogge

Door Zoë
Home
Alle items
Uploaden