
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Alkanen
Ma En Pa Blowen Perfecte Hasj, Hou Op, Niet Doen:
Methaan, Ethaan, Propaan, Butaan, Pentaan, Hexaan, Heptaan, Octaan, Nonaan, Decaan
De vier fasen van een experiment
Deze kun je onthouden met de zin
Bekende Vlamingen willen Centrale Verwarming
B eschrijven
V erklaren
C ontroleren
V oorspellen
Volgorde steden Brabant
Hoe je de volgorde Breda, Tilburg, Eindhoven makkelijk kan onthouden:
B van Begin: Breda
T van Tussen: Tilburg
Eind van het Einde: Eindhoven
Rivieren in midden-Nederland
De drie rivieren in het midden van het land, kun je van boven naar beneden onthouden met
LuiWamMes
L ek
W aal
M aas
Some Say Money Matters
Some Say Money Matters But My Brother Said Big Boobs Matter More
Woord beginnend met S = sensorisch; woord beginnend met M = motorisch; Woord beginnend met B = Beide (Hersenzenuwen: sensorisch of motorisch).
De 12 hersenzenuwen:
n. Olfactorius – Sensorisch
n. Opticus – Sensorisch
n. Oculomotorius – Motorisch
n. Trochlearis – Motorisch
n. Trigeminus – Beide
n. Abducens – Motorisch
n. Facialis – Beide
n. Vestibulocochlearis – Sensorisch
n. Glossopharyngeus – Beide
n. Vagus – Beide
n. Accessorius – Motorisch
n. Hypoglossus – Motorisch
Oost-Europa
Enkele Oost-Europese landen kunnen onthouden worden met de zin
Slaan Om Te Slaan Heel Raar
S lovenië
O ostenrijk
T sjechië
S lowakije
H ongarije
R oemenië
Hogedrukgebied en lagedrukgebied
Om het verschil te onthouden denk aan een strand in bijvoorbeeld Spanje
🌤 Hogedrukgebied = hoog aantal toeristen
want veel zon, is weinig bewolking, is weinig neerslag
🌧 Lagedrukgebied = laag aantal toeristen
want weinig zon, is veel bewolking, is veel neerslag
Er zijn weinig mensen om het strand bij slecht weer.
Daarbij kun je denken aan het rijmpje
“Hoog is droog en laag is vaag”
Hoog drukgebied is droog weer, laag drukgebied is regen
zwobbels!
de koppelwerkwoorden:
– Zijn
– Worden
O
– Blijven
– Blijken
E
– Lijken
– Schijnen
Niet-metalen
Ar= Aria
Br= Bracht
Cl= Claartje
F= Feeste
P= Per
He= Helikopter
I= In
C= Carnavalsstijl
Ne= Netjes
Si= Sintelijk
N= Naar
H= Huis
O= Ongelooflijk
S= Schattig
Aria bracht claartje per helikopter in carnavalsstijl netjes sintelijk naar huis ongelooflijk schattig!
De onderdelen van een bloemplant
Om deze te onthouden, kun je denken aan KeKroMeSt
Ke lkbladeren
Kro onbladeren
Me eeldraden
St amper
Tijd en plaats achterin de zin
Om de volgorde te onthouden van de plaats en de tijd achterin een zin, kun je denken aan het alfabet. De P komt voor de T, dus komt plaats ook voor tijd
Achterin een zin komt plaats VOOR tijd. p voor t
Het verschil tussen stalagmieten en stalagtieten
Om het verschil tussen stalagtieten en stalagmieten te onthouden, kun je denken aan
Tieten hangen, mieten staan
Metriek stelsel
Krijgt Hij Dan Maar Drie Cakejes Mee?
K=Kilometer
H=Hectometer
D=Decameter
M=Meter
D=Decimeter
C=Centimeter
M=Millimeter
naast meter werkt het ook voor bijvoorbeeld liters
Diode met kathode en anode
De kathode is negatief en de anode is positief.
Ezelsbruggetje is het woordje: KNAP
De fasen van een cel
De fasen die een celcyclus doorloopt, kun je onthouden met de zin
In Parijs Poepen Mensen Altijd Telefonerend
I nterfase
P rofase
P rometafase
M etafase
A nafase
T elofase
Kenmerkend Aspecten
Leer met de link naar dit YouTube filmpje alle kenmerkend aspecten door middel van een rap. Het heeft mij echt enorm geholpen bij de toets. Lekker meezingen/rappen dus!
De oorzaken van pancreatitis
Deze kun je onthouden door GET SMASH’D
G alstones
E thanol
T rauma
S teroids
M umps
A uto-immuun
S corpion-bite
H yperlipidaemia
D rugs
Offerre
Offerre = aanbieden
Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan
Hongarije – Boedapest
Om het land Hongarije met de hoofdstad Boedepest te onthouden, kun je deze zin gebruiken
Boeda heeft de Pest aan Honger
Het verschil tussen thursday en tuesday
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan R = R
ThuRsday = DondeRdag
Tuesday = Dinsdag
Present simple
De present simple komt voor bij gewoonte regelmatig en feit. Dit kun je onthouden door GiRaF en de signaal woorden kun je onthouden met SNORFEUS:
S ometimes
N ever
O ften
R egularly
E very
U sually
S eldom
Ordening dieren (organisatieniveau)
Die (domein)
Rijke (rijk)
Stinkerds (stam)
Kunnen (klasse)
Overal (orde)
Fijne (familie)
Gebakjes (geslacht)
Stoppen (soort)
GANS von BAMZE
Gegenüber – tegenover
Aus – uit
Nach – naar/na/volgens
Seit – sinds
VON – van
Bei – bij
Außer – behalve
Mit – met
Zu – naar/ bij
Entgegen – tegemoet
Huidtumoren
Om de huidtumoren te onthouden, kun je gebruiken maken van het acroniem
BLEND AN EGG
B lue rubber bleb naevus
L eiomyoom
E ndometrioom
N eurinoom
D ermatofibroom
A ngiolipoom
N eurilemmoom
E ccrien spiradenoom
G lomus tumor
G ranular cell tumor
Het verschil tussen these en those
Om het verschil tussen these en those te onthouden, kun je denken aan het alfabet
De E komt eerder in het alfabet, these = dichtbij
De O komt later in het alfabet, those = ver weg
