
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor
Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt
Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter
De wervels
Deze kun je, van boven naar beneden, onthouden met de zin
HandBoeien Leiden Hoge Straf
H alswervels
B orstwervels
L endenwervels
H eiligbeen
S taartbeen
De geleedpotigen
De geleedpotigen zijn de onthouden met het acroniem KIDS
K reeftachtigen
I nsecten
D uizendpoten
S pinachtigen
Organische stoffen
Deze kun je onthouden met het acroniem KaPSaLoN
K oolstofverbindingen
S achariden
L ipiden
P roteïnen
N ucleïnezuren
indelen van groepen
je hoeft allen het zinnetje te onthouden
De Rijkste Stammen Komen Ook Fietsend
Geld Strooien
D omeinen
R ijken
S tammen
K lassen
O rden
F amilies
G eslachten
S oorten
Bruine Boon
De onderdelen van een bruine boon kun je onthouden met HaNaPoZa
Ha rtvormig bultje
Na vel
Po ortje
Za adhuid
Ordening biologie
Rijke (1) Spanjaarden (2) Krijgen (3) Op (4) Familiefeesten (5) Grote (6) Stukken (7) Rosbief (8)
1. Rijken
2. Stammen
3.Klassen
4. Orde
5. Familie
6. Geslacht
7. Soort
8. Ras
leerjaar 1 – biologie voor jou VWO
Graan soorten
Deze kun je onthouden met de zin
Hans Gaat Truusje Roepen
H aver
G erst
T arwe
R ogge
Het verschil tussen homo-en heterozygoot
Om het verschil tussen homozygoot en heterozygoot, kun je denken aan homo- en heteroseksueel
Homozygoot = dezelfde allelen voor één eigenschap
Heterozygoot = twee verschillende allelen voor één eigenschap
Het verschil tussen een spar en een den
Om het verschil tussen sparren en dennen te onthouden, kun je denken aan S = S en D = D
Spar = Solo (1 naald)
Den = Duo (2 naalden)
Botten in handen en voeten
Deze botten kun je onthouden met de zin
Van Mijn Handen Tot Mijn Voeten, Haha
V ingerkootjes
M iddenhandsbeentjes
H andwortelbeentjes
T eenkootjes
M iddenvoetsbeentjes
V oetwortelbeentjes
H ielbeen
Klasse van geleedpotigen
Geleedpotigen:
Kreeftachtigen
Insecten
Duizendpoten
Spinachtigen
============
KIDS (alle eerste Letters)
Het spijsverteringskanaal
Om te onthouden welke weg je voedsel moet afleggen, kun je denken aan
Mijn Slak Moet Lekker Altijd Trakteren De Blinde Doet Eng
M ondholte
S lokdarm
M aag
L ever
A lvleesklier
T waalfvingerige darm
D unne darm
B linde darm
D ikke darm
E ndeldarm
Mutualisme
denk aan een (Mutu) meteoor die ze samen tegen moeten houden.
of denk aan (Mutu) meter om hun band met elkaar te meten
Autotroof – Heterotroof
Autotroof –> A van Anorganisch. Halen dus energie uit Anorganische stoffen en zonlicht
Heterotroof –> Hetero’s zijn verliefd op organismen van het andere geslacht. Halen dus energie uit organische stoffen (andere organismen).
7 levenskenmerken
Vroeger ———– Voeden
Aten ————– Ademhalen
Witte ————– Waarnemen
Uilen ————– Uitscheiden
Bijna ————– Bewegen
Geen ————– Groeien
Volkorenbrood —– Voortplanten
De lagen van de biologie
Om alle lagen van levende systemen waar de biologie zich mee bezighoudt, van hoog naar laag, te onthouden, kun je denken aan
Becpoot.com
B iosphere
E cosphere
C ommunity
P opulation
O rganism
O rgan
T issue
C ell
O rganelle
M olecule
Smaakpapillen
Om de verschillende smaakpapillen te onthouden, kun je denken aan ZoZoZuBi
Zo ut
Zo et
Zu ur
Bi tter
Dierenstammen
Wormen, gewervelden, weekdieren, sponzen, neteldieren, geleedpotigen, stekelhuidigen
Waarom
Gaat
Willem (of een andere naam met een w)
Snel
Naar
Giesbeek (of een andere plaats met een g)
Skeeleren
Pelvis
Pelvis = bot in je heup
Om te onthouden waar deze zit, kun je denken aan
Elvis de Pelvis
Elvis schudde namelijk vaak met zijn heupen
Vitamines die in vet oplosbaar zijn
Deze vitamines kun je onthouden aan de hand van AFDEK
vitamines A/F/D/E/K
Orgaanstelsels
Deze kun je onthouden aan de hand van de zin
Vette Boeren Spelen Uiteindelijk Zomers Altijd Lekker Buiten
V erteringsstelsel
B eenderstelsel
S pierstelsel
U itscheidingsstelsel
Z enuwstelsel
A demhalingsstelsel
L ymfestelsel
B loedvatenstelsel
Anatomie van de handwortelbeentjes
Some Lovers Try Pies That They Can’t Handle
S caphoideum
L unatum
T riquetrum
P isiforme
T rapezium
T rapezoideum
H amatum
C apitatum
spijsvertering
mond=m
slokdarm=s
maag=ma
twaalfvlingerige=t
dunne darm=d
dikke darm=di
endeldarm=e
anus=a
Proces in histologisch lab
Pas Als U Iets Snijdt Kan Controle Plaatsvinden;
Postkamer
Administratie
Uitsnijkamer
Inbedruimte
Snijruimte
Kleurruimte
Controle
Patholoog
Assimiliatie en Dissimiliatie
A = A
D = D
Assimiliatie = Aanbouw –> De opbouw van organische moleculen uit kleinere moleculen
Dissimiliatie = Destructie –> De afbraak van organische moleculen tot kleinere moleculen
Osteoblasten en Osteoclasten
Osteoblasten: zorgen voor de bouw van nieuw bot.
Osteoclasten: zorgen voor het Crushen (afbreken) van bot.
Het hart
Het hart is een pomp, deze regelt de bloedsomloop in het lichaam.
Om te onthouden dat de linkerkant zuurstofrijk bloed door heel het lichaam pompt en de rechterkant zuurstofarm bloed door de longen pompt, kun je denken aan Li = Li
Li nks = Li chaam
Het verschil tussen de boomklever en de boomkruiper
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
L=L en R=R
De kLever = bLauw
De kRuiper = bRuin
