Biologie Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen sytole en diastole

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan S = S en DI = DI

Sytole = Samentrekken
DIastole = DIvers, uit elkaar –> ontspannen

Door Anoniem

Het verschil tussen Anaërobe en Aërobe Dissimilatie

Het verschil tussen anaërobe en aërobe dissimilatie kun je onthouden door deze zin

Ana (van Anaëroob) houdt van wijn, wijn moet gisten.  Anaëroob –> gisten.
Aëroob moet niet gisten. Aëroob –> verbranding.

Door Jilly en Renee

Voedingstoffen biologie

“Vader en moeder willen veel kinderen staan” voor de 6 voedingstoffen:
Vetten
Eiwitten
Mineralen
Water
Vitaminen
Koolhydraten

Door christian

De onderdelen van een plant

De onderdelen van een plant kunnen onthouden worden met BELKO

B ladoksel

E indknop

L id

K noop

O kselknop

Door Maartje

Formule fotosynthese

Om deze formule te onthouden kun je denken aan de zin
Wat Kan Linda Geweldig Zingen

W ater +
K oolstofdioxide +
L icht =
G lucose &
Z uurstof.

Door Anoniem

Nieren

Om te onthouden wat nieren allemaal uit je bloed halen, kun je denken aan de zin
Onder Andere Troep

O verbodige stoffen
A fvalstoffen/afbraakproducten
T eveel aan stoffen

Door Emmy

ATP-moleculen

A = atoomgroep (molecuul)
T = ter bewaring (opgeslagen)
P = power (energie)

De beschikbare gekomen energie wordt tijdelijk opgeslagen in ATP-moleculen

Door George

De levensstadia van een koolwitje

Om de levensstadia te onthouden, kun je denken aan de zin
Evert Rijdt Plots Verkeerd

E i
R ups
P op
V linder

Door Dinja

Bindingen stikstofbasen in DNA

In DNA maken heb je A, C, G en T.

Om te onthouden welke stikstofbase met welke verbonden is gebruik je:

AppelTaart (A-T)
CitroenGebak (C-G)

Door Eva

Organisatieniveaus

Altijd Moet Celon Cellen Wegen Onder Orgels, Ook Planten Leven Ergens Binnen of Buiten

A: atoom
M: molecuul
C: celorganel
C: cellen
W: weefsel
O: orgaan
O: orgaanstelsel
O: organisme
P: populatie
L: levensgemeenschap
E: ecosysteem
B: bioom
B: biosfeer

Door Evy

De route van ademhalen

Niet
Met
Kleine
Saaie
Luiaards
Biologie
Leren

N eusholte
M ondholte |
K eelholte

S trottenhoofd

L uchtpijp

B ronchiën

L ongblaasjes 

Door Lottie

7 levenskenmerken

Vroeger ———– Voeden
Aten ————– Ademhalen
Witte ————– Waarnemen
Uilen ————– Uitscheiden
Bijna ————– Bewegen
Geen ————– Groeien
Volkorenbrood —– Voortplanten

Door Marina

DNA wenteltrap

A Tegenover T (van Tegenover)

G Contra C ( van Contra)

Door Pien

Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor

Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt

Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter

Door Lindsay

Bruine Boon

De onderdelen van een bruine boon kun je onthouden met HaNaPoZa

Ha rtvormig bultje
Na vel
Po ortje
Za adhuid

Door Chiena & Elene

De magen van een koe

De volgorde van de magen van een koe zijn te onthouden met PeNiBeL

P ens
N etmaag
B oekmaag
L ebmaag.

Door Denise

De soorten gewrichten

Om de drie soorten gewrichten in het lichaam te onthouden, kun je denken aan
Kippen en Schapen Rapen

K ogelgewricht
S charniergewricht
R olgewricht

Door Anne

7 levens verschijnselen

Als Vader Uitgaat Wordt Vader Goed Bezopen.

Als= ademen
Vader= voeden
Uitgaat= uitscheiden
Wordt= Waarnemen
Vader= voortplanten
Goed= groeien
Bezopen= bewegen

Door Iris

Proces in histologisch lab

Pas Als U Iets Snijdt Kan Controle Plaatsvinden;
Postkamer
Administratie
Uitsnijkamer
Inbedruimte
Snijruimte
Kleurruimte
Controle
Patholoog

Door Martine

Functies in zenuwstelsel

Deze kun je onthouden met RO CV EU 

R eceptoren –> O ntvangen
C onductoren –> V oortgeleiden
E ffectoren –> U itvoeren

Door Miran

Osteoblasten en Osteoclasten

Osteoblasten: zorgen voor de bouw van nieuw bot.
Osteoclasten: zorgen voor het Crushen (afbreken) van bot.

Door Teun

Ordening dieren (organisatieniveau)

Die (domein)
Rijke (rijk)
Stinkerds (stam)
Kunnen (klasse)
Overal (orde)
Fijne (familie)
Gebakjes (geslacht)
Stoppen (soort)

Door Sterre

Het verschil tussen primaire en secundaire geslachtskenmerken

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan P = P en S = S

Primair –> Penis, deze heb je vanaf je geboorte 
Secundair –> Schaamhaar, dit krijg je pas in de puberteit

Door Pascalle

Botten in handen en voeten

Deze botten kun je onthouden met de zin
Van Mijn Handen Tot Mijn Voeten, Haha

V ingerkootjes
M iddenhandsbeentjes
H andwortelbeentjes
T eenkootjes
M iddenvoetsbeentjes
V oetwortelbeentjes
H ielbeen

Door Sharon

De onderdelen van een bloemplant

Om deze te onthouden, kun je denken aan KeKroMeSt

Ke lkbladeren
Kro onbladeren
Me eeldraden
St amper

Door Nette

Verbranding bij de mens en de kaars

Om de verbranding bij de mens te onthouden, kun je denken aan de zin
Goed, Zei Winston Koning Eergisteren

G lucose
Z uurstof
W ater
K oolstofdioxide
E nergie

Om de verbranding bij een kaars te onthouden, kun je denken aan de zin
Kopen! Zei Winston Koning Eergisteren

K aarsvet
Z uurstof
W ater
K oolstofdioxide
E nergie

Door Sanne

De verteringssappen in je lichaam

De verteringssappen in je lichaam kun je onthouden met het acroniem DAMAALGASP

DA rmsappen
MA agsappen
AL vleessappen
GA l
SP eeksel

Door Adam
Home
Alle items
Uploaden