Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen many en much

Dit verschil kun je onthouden aan de hand van de zin
Many kisses and much love

Many –> kun je tellen
Much –> kun je niet tellen

Door Eefje

Fase overgangen water

Er zijn 6 fase overgangen en die leer je zo uit je hoofd!

Cor rijmt veel, ben smakt veel

Pak van alle de eerste twee letters van de woorden en je kom al verder ook staan ze in volgorde
Condenseren
Rijpen
Verdampen
Bevriezen
Smelten
Vervluchtigen

Door Noek

Punire

Punire = straffen

Denk aan to punish

Door Femke

Gaudere

Gaudere —> guard
Guard—> bewaker

Als bewaker moet je wel blij zijn met je job

Door Len

De lagen van de atmosfeer

Trage Stieren Maken Trage Eieren

T roposfeer
S tratosfeer
M esosfeer 
T hermosfeer 
E xosfeer 

Door fleur

accipere = ontvangen

Accipere lijkt op accepteren. Als je een pakketje ontvangt, moet je het eerst nog accepteren.

Wil je het pakketje accepteren? Anders kan je het niet ontvangen!

Door Jootje

Stopplaatsen van Aeneas

Om de stopplaatsen van Aeneas te onthouden, kun je denken aan de zin
Tegen De Kok Bedenken Sous-Chefs sous-chef-listen

T rakië
D elos
K reta
B uthrotum
S icilië
C arthago
S icilië
C umae
L avinium

Opmerking: hij begint uiteraard in Troje en eindigt in Latium

Door Aylli

LE PAS. COMP. AVEC ÊTRE

Om te weten welke werkwoorden met être worden vervoegd in de passé composé moet je “MAARTEN P.R.” onthouden.

Montre <-> descendre
Arriver <-> partir
Aller <-> (re)venir
Rentre
Tomber
Entre <-> sortir
Naître <-> mourir

P.asser
R.etourner

+ les verbes pronominaux

Door Clara

De provincies

De 12 provincies van Nederland kan je onthouden met de volgende zin:
Niemand Uit NederLand Geeft Grote Feesten Omdat Dat Flauwekul Zou Zijn

N oord-Holland
U trecht
N oord-Brabant
L imburg
G roningen
G elderland
F riesland
O verijssel
D renthe
F levoland
Z uid-Holland
Z eeland

Door Solange

Het verschil tussen verticaal en horizontaal

Om het verschil tussen verticaal en horizontaal te onthouden, kun je denken aan V = V

Verticaal = vallen, van boven naar beneden
Horizontaal = van links naar rechts

Daarbij kun je ook bedenken dat de horizontaal zo plat is als de horizon.

 

Door Martin

De niet-ontleedbare stoffen

BRam Organiseert NAchtfeesten In HEt CLubhuis

Br: Broom
O: Zuirstof
Na: Natrium
I: Jood
He: Helium
Cl: Chloor

Door Moos

Oorzaken van milieuproblemen

Om drie oorzaken van milieuproblemen te onthouden, kun je denken aan de UVA (ook wel; Universiteit van Amsterdam)

U itputting
V ervuiling
A antasing

Door Tessa

Piptein

Piptein = vallen

Als je valt, dan piep je

Door Mieke

Ballein

Ballein = werpen, treffen

Bij trefbal werp je een bal

Door Cynthia

La randonée

La randonée betekent de excursie, de wandeling.

Tijdens je excursie of wandeling val je over de “rand o née”

Door Annelie

Gaudere

Ik ben blij als ik een stukje Gaudakaas krijg.

Gaudere = blij zijn

Door Ella

Lijdend voorwerp

Stel de volgende vraag:
Wat kan ik (pv +wwg)? = LV

Voorbeeld:
Mijn vader wast de auto
Wat kan ik wassen? De auto = lv

De bakker weegt de koekjes af.
Wat kan ik afwegen? De koekjes = lv

Door Gretsken

de Dativ voorzetsels

ZAAGMENS BV

Z = zu
A = aus
A = außer
G = gegenüber
M = mit
E = entgegen
N = nach
S = seit

B = bei
V = von

Door Daniël

Het verschil tussen kathode en anode

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan KNAP

K athode is
N egatief
A node is
P ositief

Door Silke

Conflictgedrag

Bij overspronggedrag, spring je wat totaal niet bij de situatie past.
Bij amBIvalent gedrag, om de beurt 1 van de 2 (BI is 2)
Bij omgericht gedrag, richt je je ineens op iets anders (agressie is duidelijk te herkennen maar gericht op iets anders)

Door Jasmijn

Vulkaanuitbarsting

Om te onthouden wat er tijdens een vulkaanuitbarsting allemaal naar boven komt, kun je denken aan LAStiG

L ava
A s
S tenen
G assen

Door Manon

Ezelsbruggetje muzieknoot D

De muzieknoot D hangt te drogen, omdat de noot D onder de lijnen hangt

Door Kimberley

2*3=6

Als je bijvoorbeeld U = I * R ziet is het lastig om te bedenken wat nou de formule is voor I of juist R, bedenk dan:
6 = 2*3
dan is de stap naar
2 = 6/3 en 3 = 6/2,
en dus
I = U/R en R = U/I,
een stuk makkelijker.
Dit werkt met alle formules die je om moet schrijven!

Door David

nosotros en vosotros

Van NOSotros kan je Ons maken en ons is van wij.

Door rahma

Mensa

Mensa = tafel

Een inmense tafel

Door Anoniem

De magen van een koe

De volgorde van de magen van een koe zijn te onthouden met PeNiBeL

P ens
N etmaag
B oekmaag
L ebmaag.

Door Denise

Eenheden van de gram

Om de eenheden van de gram te onthouden, kun je denken aan de zin
Tankt Kees Gewoon Mee

T on
K ilogram
G ram
M iligram

Door mel

Het verschil tussen Amerikaanse en Britse spelling

Om te onthouden of een woord volgens de Amerikaanse of de Engelse spelling geschreven is, kun je denken aan de vuistregel 
Het langste woord is Brits

Airplane/aeroplane
Rumor/rumour

Door Timothy

Tautologie

Om te onthouden wat een tautologie is, kun je denken aan T = T

Tautologie = Twee keer dezelfde betekenis

Door Kim

covalenties

covalentie 1:
H(elp)
F(enna)
Cl(ub)
Br(ommer)
I(n)

covalentie 2:
O(f)
S(anne)

covalentie 3:
N(o)
P(roblem)

covalentie 4:
C(heese)

je moet er een verhaaltje van maken

Door Fenna
Home
Alle items
Uploaden