
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Ammoniak, Ammonia, Ammonium
Ammoniak = NH3 (G)
Ammonia = NH3 (AQ) – eindigt op een A en de toestand AQ begint ook met een A.
Ammonium = NH4+ (AQ) – heeft geen 2e A en is daarom ‘bijzonder’
Functie van olie in een motor
De functie van olie in een motor kun je onthouden door
KOEGRAS
K oeling
G eluidsmindering
R einiging
A fdichten
S mering
Bijvoeglijke naamwoorden
Aux Champs Elysées
De bijvoeglijke naamwoorden die vóór het zelfstandig naamwoord moeten, passen precies in de melodie van Aux Champs Elysées. Zo kun je ze onthouden:
Beau-, bon, joli
*paraparapa*
Haut, long, petit
*paraparapa*
Jeune au vieux
Grand au gros
Mauvais au nouveau
Ce sont les adjectifs avant le nom
(En dan nog de rangtelwoorden zoals première, deuxième etc.)
Het verschil tussen Anaërobe en Aërobe Dissimilatie
Het verschil tussen anaërobe en aërobe dissimilatie kun je onthouden door deze zin
Ana (van Anaëroob) houdt van wijn, wijn moet gisten. Anaëroob –> gisten.
Aëroob moet niet gisten. Aëroob –> verbranding.
Werking transistor
De transistor heeft drie contactpunten:
Basis
Collector
Emitter
Als dit onderdeel in een schakeling zit, hoe loopt de stroom dan? Alfabet!
Stroom komt eerst bij de B van Basis.
Vervolgens gaat de stroomrichting via de C van Collector alle stroom kom uit bij de E van Emitter.
De levensloop van een product
Om de levensloop van een product te onthouden, kun je denken aan de zin
Op Prachtig Texel Vindt Gijs Allerlei Rozen
O ntwerpen
P roduceren
T ransporteren
V erhandelen
G ebruiken
A fdanken
R ecyclen
Wiskundesom
Om een wiskundesom goed te beantwoorden, kun je denken aan FIBA
F ormule opschrijven
I nvullen wat je weet
B erekening opschrijven
A ntwoord geven
Continenten
Alle continenten van groot naar klein.
Alle Apen Naaien Zakdoekjes Aan Elkaar, Ongelofelijk!
A zië
A frika
N oord-Amerika
Z uid-Amerika
A ntarctica
E uropa
O ceanië
Het verschil tussen hoge en lage luchtdruk
Om te onthouden hoe de wind draait bij een hoge of lage luchtdruk, kun je denken aan
H=H
Hoge luchtdruk = Horloge, met de klok mee
Lage luchtdruk = Tegen de klok in
Gelderland – Arnhem
Gelderland, met als hoofdstad Arnhem
Omdat in de provincie Gelderland geld zit, is de hoofdstad arm
Formule voor Inhoud
Deze formule kun je onthouden aan de hand van de zin
Leuke BH met Inhoud
Inhoud = LxBxH.
Begrippen om een stuk te beschrijven
Rode Tulpen Met Hele Dikke Kelk Bladeren
Ritme, Tempo, Melodie, Harmonie, Dynamiek, Klankkleur, Bezetting.
onleesbaar = illegible
Het woord illegible… Hoe kan ik dat toch onthouden? Nou ik heb hier een ezelsbruggetje voor je:
Je probeert het Nederlandse woord illegaal te lezen, maar je leest eerder “illegiebel”. Daardoor is het onleesbaar.
De vertaling is dan ook: onleesbaar.
Het verschil tussen thursday en tuesday
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan R = R
ThuRsday = DondeRdag
Tuesday = Dinsdag
Productiefactoren en bijbehorende beloningen
ANKO = LPRHW
Dit zijn de productiefactoren en welke beloningen je krijgt.
De hond ANKO krijgt een bot met Lelijke Poedel Rent Hard Weg.
Om het goed te onthouden kun je een hond tekenen met ANKO erin en daarnaast een bot met Lelijke Poedel Rent Hard Weg er in
A rbeid
N atuur
K apitaal
O ndernemerschap
L oon
P acht
R ente
H uur
W inst
desinere of sinere?
Desinere = ophouden
Sinere = toestaan
De kan je zien als een negatief voorzetel, desinere is dus ophouden.
Sinere is dan dus toestaan.
Dus:
Moet ik desinere?
Nee, ik sinere.
Deze zin klopt natuurlijk niet, maar mischien helpt het om ze te onderscheiden.
Het verschil tussen kathode en anode
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan KNAP
K athode is
N egatief
A node is
P ositief
Hele en halve rust
Hele rust –> hangt onder de notenbalk
Halve rust –> ligt op de notenbalk
De hele rust duurt langer dan een halve rust. Omdat de hele rust langer duurt, is deze zwaarder, en daarom hangt deze onder de notenbalk. De halve rust duurt minder lang en is daarom minder zwaar en ligt daarom nog op de notenbalk.
Estland, Letland, Litouwen met hoofdsteden
Om de landen Estland, Letland, Litouwen met hun hoofdsteden Tallinn, Riga en Vilnius te kunnen onthouden.: ELeLi TaRiVi
Peu
Un peu betekent een beetje.
Een beetje is klein. Klein is een peuk en een peuk lijkt op peu.
