
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Modellen voor het verklaren van werking zenuwstelsel
Deze modellen kun je onthouden aan de hand van de zin
Red Coloured Surface Is Hot So Don’t Process Now
R eflexmodel (stimulus-response)
C haosmodel
S timulus-perceptiemodel
I ntentie-actiemodel
H ierarchisch model
S ensomotorische cirkel
D rie (3) units van Luria
P lastisch zenuwstelsel
N euronale groepentheorie
De ontwikkelingsstadia van een embryo
De volgorde van de drie ontwikkelingstadia van een embryo, gevolgd door de drie kiemlagen, zijn te onthouden aan de hand van MoBGaDEME
Mo rurla
B lastula
G astrula
E ctroderm
M esoderm
E ndoderm
12 paar hersenzenuwen
Op N. Olfactorius
Ons N. Opticus
Oude N. Occulomotorius
Tuin N. Trohlearis
Terras N. Trigeminus
At N. Abducens
Frits N. Facialis
Verse N. Vestibulo-cochlearis
Groente N Glosso-pharyngeus
Van N Vagus
Albert N Accessorius
Heijn N Hypoglossus
Astma cardiale therapie
Om te onthouden wat er moet gebeuren bij astma cardiale therapie, kun je denken aan ROLMAT
R echtop zetten
O 2 (zuurstof)
L asix
M orfine
A derlaten
T heofyline
De delen van de pharynx
De pharynx bestaat uit 3 delen (van boven naar beneden):
-De nasopharynx (bij de neusholte)
-De oropharynx (bij de mondholte dus oraal)
-De hypopharynx (hypo=laag dus dit deel ligt het laagst).
De spieren van de Rotatorenmanchet
Deze spieren kun je onthouden met SITS
S upraspinatus muscle
I nfraspinatus muscle
T eres minor muscle
S ubscapularis muscle
Kopzenuwen
Om de kopzenuwen te onthouden, kun je denken aan de zin
Op Ons Oude TuinTerras Aaide Frieda Achter Glas Vele Afgematte Ramen
O lfactorius
O pticus
O culomotorius
T rochlearis
T rigeminus
A bducens
F acialis
V estibulocochlearis (anatomische aanduiding)
G lossopharyngeus
V agus
A ccessorius
H ypoglossus
Beroerte
Om te onthouden wat de signalen zijn voor een beroerte, kun je denken aan
FAST
F ace (hangen van een zijde van het gezicht)
A rm (één kant van het lichaam zal minder goed kunnen meewerken, arm gaat niet meer goed omhoog)
S peech (iemand praat opvallend anders)
T ime (snel handelen is belangrijk omdat anders geen behandeling met atropine kan worden gestart na 3 uur)
Functies bindweefsel
De functies kun je onthouden door de zin
Stevige Trek, Bier Helpt Ook!
S teun en verbindende functie (oa organen, bot en kraakbeen)
T ransportmedium (cellen en bloed)
B eschermende functie (voorkomen van het verspreiden van micro-organismen)
H erstellende functie, na weefselschade
O pslag, chemische energie in vetcellen of Ca2+ en water in het bindweefsel.
Oorzaken secondary nephrotic syndrome
Om de oorzaken voor secondary nephrotic syndrome (nierschade door eiwittekort) te onthouden, kun je gebruik maken van het acroniem DAVID:
D iabetes mellitus
A myloidosis
V asculitis
I nfections
D rugs
Lagen van het epidermis
Voor het onthouden van de lagen van het epidermis kun je gebruik maken van de zin
Californians Like Girls in String Bikinis!
stratum
C orneum
stratum
L ucidum
stratum
G ranulosum
stratum
S pinosum
stratum
B asalis
traplopen na trauma
trap op
je loopt naar de hemel dus je zet je goede been eerst neer (niet- aangedane zijde)
trap af
je loopt naar de hel dus je zet je slechte been eerst neer (aangedane zijde)
Hersenvliezen
Om de hersenvliezen van binnen naar buiten te onthouden, kun je denken aan PAD
P ia mater
A rachnoidea mater
D ura mater
Embryologie van de gehoorbeentjes
ACH MIS HAS
A rticulare = M alleus = H amer
Q(c)uadratum = I ncus = A ambeeld
H yomandibulare = S tapes = S tijgbeugel
basisprincipes verzorging
BH VEE ICE
beleving
hygiëne
veiligheid
ergonomie
economie
inspraak
comfort
ecologie
Huidtumoren
Om de huidtumoren te onthouden, kun je gebruiken maken van het acroniem
BLEND AN EGG
B lue rubber bleb naevus
L eiomyoom
E ndometrioom
N eurinoom
D ermatofibroom
A ngiolipoom
N eurilemmoom
E ccrien spiradenoom
G lomus tumor
G ranular cell tumor
Huidlagen: buiten –> binnen
Can Good Skin Be My Defense?
C = Corneum
G = Stratum granulosum
S = Stratum spinosus
B = Stratum basale
M = Basaal membraan
D = Dermis
Risicogroepen
Om de vier risicogroepen voor o.a. de griepprik te onthouden, kun je denken aan YOPI
Y oung
O ld
P regnant
I ll
Lagen epidermis
Stratum …
Come (corneum)
Lets (lucidum)
Get (granulosum)
Sun (spinosum)
Burned (basale)
Toedieningsvormen
De verschillende toedieningsvormen kun je onthouden met SPROLTS
S ystematisch
P arentaal
R ectaal
O raal
L okaal
T ransdermaal
S ublinguaal
Kruisbanden
Om de kruisbanden te onthouden, kun je denken aan LAMP
Voorste kruisband
L ateraal naar
A nterior
Achterste kruisband
M ediaal naar
P osterior
Ventraal – Dorsaal
Ventraal = Van Voren
Dorsaal = Dan De Dikbil
(dus de buikzijde /rugzijde)
Hydrofobe vitamines
Om te onthouden welke vitamines hydrofoob zijn, kun je denken aan de zin
Hydrofobe vitamines blijven liever op de KADE
Vitamines K, A, D en E zijn niet wateroplosbaar (hydrofoob).
Hiermee houd je B en C over als wateroplosbare vitamines (hydrofiel).
De botten in de schedel
De botten vanaf de zijkant gezien kun je onthouden door NEL SPOT F
N asale
E tmoïdale
L acrimale
S phenoïdale
P ariëtale
O ccipitale
T emporale
F rontale
Lichamelijke letsels
Om lichamelijke letsels te onthouden, kun je denken aan het acroniem RUM
R adialis uitval (Dropping hand)
U lnaris uitval (Klauwhand)
M edianus uitval (Predikershand)
