
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
hélicoptère
Een helikopter moet eerst opstijgen é (streepje omhoog) en dan dalen è (streepje omlaag)
L’entree
L’entree betekent voorgerecht.
Als je in een restaurant bent loop je binnen in de entree het begin en voorgerecht is ook altijd begin.
Het verschil tussen een spar en een den
Om het verschil tussen sparren en dennen te onthouden, kun je denken aan S = S en D = D
Spar = Solo (1 naald)
Den = Duo (2 naalden)
De lever
Om te onthouden waar de lever in de bovenbuik zit, kun je denken aan
R=R
LeveR = Rechts
Non – Verbale communicatie
mijn Lief Gaf Mij een Gouden ring.
– Lichaamshouding
– Gebaren
– Mimiek
– Gelaatsuitdrukking
Zomer/wintertijd
Heel makkelijk te onthouden wanneer de zomer of winterijd ingaat.
Zomertijd gaat de klok naar voren, het is namelijk voorjaar. Als je daaraan denkt, dan weet je dat met de wintertijd de klok weer een uur terug moet.
Kenmerken links of rechtse partij
Kenmerken links partij
GAME
G- gelijkheid
A- actieve overheid
M- milieu
E- eerlijke verdeling
Kenmerk rechtse partij
HELP
H- hogere straffen
E- eigen verantwoordelijkheid
L- lagere belasting
P- passieve overheid
Het verschil tussen sytole en diastole
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan S = S en DI = DI
Sytole = Samentrekken
DIastole = DIvers, uit elkaar –> ontspannen
tekstverbanden
Als de OPSOMMING een TEGENSTELLING maakt zorgt dat voor een TEMPORELE VOORWAARDE, die als REDEN de DOEL van de VERGELIJKING TOELICHT, om de OORZAAK te kunnen CONCLUDEREN.
Dat lijkt mij een goede SAMENVATTING.
De verteringssappen in je lichaam
De verteringssappen in je lichaam kun je onthouden met het acroniem DAMAALGASP
DA rmsappen
MA agsappen
AL vleessappen
GA l
SP eeksel
eisti is zijn
eisti is zijn, omdat je in is en bestaan de ij-klank niet hoort, alleen in zijn en in eisti hoor je ook de ij-klank dus is het zijn
Conflictgedrag
Bij overspronggedrag, spring je wat totaal niet bij de situatie past.
Bij amBIvalent gedrag, om de beurt 1 van de 2 (BI is 2)
Bij omgericht gedrag, richt je je ineens op iets anders (agressie is duidelijk te herkennen maar gericht op iets anders)
Het verschil tussen mitose en meiose
Mitose –> normale celdeling, met als doel groei, vervanging en herstel van cellen.
Meiose –> reductiedeling, met als doel de vorming van geslachtscellen.
De geslachtscellen zijn zaad- en EIcellen.
In mEIose zit een EI, dus dat is voor de vorming van geslachtscellen.
Edelgassen
Om de edelgassen te onthouden, kun je denken aan de zin
NEe HE, ARmani en KRis zijn ook niet in de RAbobank of de XEnos
Ne on
He lium
AR gon
KR Krypton
Ra don
Xe non
Sterke werkwoordsvervoegingen
Engelse sterke werkwoorden worden meestal vervoegd via de Miauw-regel
IAU
Voorbeeld: To drink, drank, drunk
Indirecte invloed op een bedrijf
Factoren die een indirecte invloed op een bedrijf hebben, kun je onthouden aan de hand van NETSoP
N atuur
E conomie
T echniek
S ociale invloed
P olitiek
productiefactoren
de 4 productiefactoren
KANO
K: kapitaal
A: arbeid
N: natuur
O: ondernemerschap
verbranding
Veel Grijze Zeehonden Eten Wekelijks Kabeljauw.
Verbranding
Glucose
Zuurstof
Energie
Water
Koolstofdioxide
Afdalen bij scubaduiken
Om de vijf aandachtspunten bij het afdalen te onthouden, kun je denken aan TOSTI-Ka’s
T eken
O riëntatie
S norkel-automaatwissel
T ijd
I nflator
K laren
K ijken
Gevaccineerde ziektes
Om de gevaccineerde ziektes te onthouden, kun je denken aan het acroniem DKTP;BMR
D ifterie
K inkhoest
T etanus
P olio
B of
M azelen
R ode Hond
Hersenblaasjes
Om de vijf hersenblaasjes te onthouden, kun je denken aan de zin
Tel Die Messen Met Mij
T elencephalon
D iencephalon
M esencephalon
M etencephalon
M yelencephalon
Goniometrie; SOL, CAL, TOA (Bij rechthoekige driehoeken)
SOL: sin(α) = overstaande (rechthoekszijde) ÷ langste zijde
CAL: cos(α) = aanliggende (rechthoekszijde) ÷ langste zijde
TOA: tan(α) = overstaande (rechthoekszijde) ÷ aanliggende (rechthoekszijde)
SOS/CAS zijn hetzelfde als SOL/CAL, maar een schuine zijde kan soms lastig te herkennen zijn.
Basis voor kaartgebruik
Om de basis voor het gebruik van kaarten te onthouden, kun je denken aan
POLS
P erspectief
O riëntatie
L egende
S chaal
Regeringsvormen
De verschillende regeringsvormen kun je onthouden aan de hand van DADA
D emocratie
A bsolutisme
D ictatuur
A ristocratie
