
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Het verschil tussen de omtrek en de oppervlakte
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan
OM = OM en OP = OP
Omtrek = omheen lopen
Oppervlakte = op lopen
De reine intervallen
Om de reine intervallen te onthouden, kun je denken aan POKK
P rime
O ctaaf
K wart
K wint
Nederlandse synoniemen
Om deze Nederlandse synoniemen te onthouden, kun je naar delen van het woord kijken
DesoLAAT = verLAAT
DespeRAAT = RADeloos
DeVOOT = VrOOm
Blauwe en Witte Nijl
Het verschil tussen de witte en de blauwe Nijl kun je uit elkaar houden door de L in blauw
Dit is ook de L van Links
Benzine
Om te onthouden welke moleculen er in Benzine zitten, kun je denken aan
SCHON
S zwavel
C koolstof
H waterstof
O zuurstof
N stikstof
Lagen epidermis
Stratum …
Come (corneum)
Lets (lucidum)
Get (granulosum)
Sun (spinosum)
Burned (basale)
Kwintencirkel
Kruizen:
Geef Die Aap Een Bak Fis Cis
Mollen:
Friese Boeren Eten Alle Dagen Gele Citroenen
Het leren van muzieknoten
Handige geheugensteuntjes bij het leren van noten
Voor de noten met een hulplijntje –> C&A
Voor de noten tussen de lijnen –> FACE
Voor de noten op de lijnen –> Eergister Bakte Dirk Frietjes –> EBDF
Voor de noten boven de lijnen –> DonkerGroen –> DG
Het verschil tussen these en those
Om het verschil tussen these en those te onthouden, kun je denken aan het alfabet
De E komt eerder in het alfabet, these = dichtbij
De O komt later in het alfabet, those = ver weg
Status krijgen
Om te onthouden waardoor je status krijgt, kun je denken aan BOMAAW
B eroep
O pleiding
M acht
A anzien
A fkomst
W oonomgeving
hogedrukgebied
denk bij hogedrukgebied aan bosbranden bij bosbranden geen regen dus bij hogedrukgebied ook geen regen
dus onthoud hb (hogedrukgebied bosbranden)
De functies van een haven
Om deze functies te onthouden, kun je denken aan HOODTI
H andel
O versla
O pslag
D iensten
T ransport
I ndustrie
Zelfstandig naamwoorden zijn namen voor….
Gemedipladi:
GeMeDiPlaDi
Gevoelens (woede, onrust etc.)
Mensen (broer, Truus)
Dieren (paling, otter)
Planten (roos, eikenboom)
Dingen (tafel, handdoeken)
Tacere
Tacere = zwijgen
Als je een taco in je mond hebt moet je zwijgen, want anders valt alles er uit
addere
addere = toevoegen
addere lijkt op het engelse woord “add”, dat toevoegen betekent.
De zuilen
De drie verschillende bouwstijlen van de zuilen kun je onthouden met DIK
D orintch
I onisch
K orintisch
Alkanen
Ma En Pa Bouwen Perfecte Huizen (met de) HOND.
M ethaan
E thaan
P ropaan
H exaan
H eptaan
O ctaan
N onaan
D ecaan
12 paar hersenzenuwen
Op N. Olfactorius
Ons N. Opticus
Oude N. Occulomotorius
Tuin N. Trohlearis
Terras N. Trigeminus
At N. Abducens
Frits N. Facialis
Verse N. Vestibulo-cochlearis
Groente N Glosso-pharyngeus
Van N Vagus
Albert N Accessorius
Heijn N Hypoglossus
De wet van Ohm
Deze kun je onthouden aan Oom RUDI
Ohm –> R = U/I
R = weerstand
U = spanning
I = stroomsterkte
cogitare
cogitare = nadenken
als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.
spijsvertering
mond=m
slokdarm=s
maag=ma
twaalfvlingerige=t
dunne darm=d
dikke darm=di
endeldarm=e
anus=a
Containerpolitiek
Zie het communisme als een container. de container mag niet groter worden dan dat t al is
