Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Das Märchen

das Märchen = het sprookje

Das Märchen lijkt op das Mädchen (het meisje).  In (bijna) elk sprookje komt wel een meisje/vrouw voor.

Door Myrthe

Het verschil tussen Nominativus en Accusativus

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan de zin
Als de SON schijnt, eten we OLA ijsjes

S ubject
O nderwerp
N ominativus

O bject
L ijdend Voorwerp
A ccusativus

Door Maud

De verschillende vormen van een meter

Deze kun je onthouden met de zin 
Kan Het Dametje Met De CM Meten

K m
H m
M
D m
CM
M m

Door Esmee

Plumbum

Plumbum = Pb = Lood

Denk aan het Engelse loodgieter

Door Anne-Marie

Te allen tijde

Om te onthouden wat de spelling van deze zinsnede is, kun je denken aan de zin

Die ENE werkt te allen tijde

tE alleN tijdE

Door José

Leizie

LeiCie.

Bij de spoel (L) komt de stroom (I) na de spanning (E).
Bij de compensator (C) komt de stroom (I) voor de spanning (E).

Door Milan

Het verschil tussen varus en valgus

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan R = R en L = L

vaRus = Rond
vaLgus = distaaL –> LateraaL

Door D.

De zonen van Noach

Om de drie zonen van Noach te onthouden, kun je denken aan
Jam, Ham en Braadvet

Sem
Cham
Jafeth

Door Jaap

Volgorde van berekeningen

Hoe Komen Wij Van Die Onvoldoendes Af?

Elke eerste letter telt voor een stap
H: haakjes
K: kwadrateren ( Machtsverheffen)
W: worteltrekken
V: vermenigvuldigen
D: delen
O: optellen
A: aftrekken

Door Rianne

Tafel van 11

Bijv 11 ×54 wat je doet is je pakt het eerste getal van (54) dus 5 dan moet je de twee cijfers bij elkaar optellen (5+4)=9 en dan pak je het laatste getal dus 4 en dan plakje het aan elkaar dus
594 zie je simpel

Door Ayoub

Uiteenzetting

Om te onthouden wat een uiteenzetting is, kun je denken aan UIT = UIT

UITeenzetting = UITleg

Door Kim

He/she/it-regel

Om te onthouden welke persoonlijke voornaamwoorden een -S op het eind krijgen, kun je denken aan SHIT

S he
H e
IT

Door Pim

Oorzaken Eerste Wereldoorlog

Oorzaken eerste Wereldoorlog

IMBONAWAMI

IM = imperialisme
BO = Bondgenootschappen
NA = Nationalisme
WA = Wapenwedloop
MI = Militarisme

Door Jip

Orgaanstelsels

Deze kun je onthouden aan de hand van de zin
Vette Boeren Spelen Uiteindelijk Zomers Altijd Lekker Buiten

V erteringsstelsel
B eenderstelsel
S pierstelsel
U itscheidingsstelsel
Z enuwstelsel
A demhalingsstelsel
L ymfestelsel
B loedvatenstelsel

Door Marlijn

Vulkaanuitbarsting

Om te onthouden wat er tijdens een vulkaanuitbarsting allemaal naar boven komt, kun je denken aan LAStiG

L ava
A s
S tenen
G assen

Door Manon

Het verschil tussen syntagmatisch en paradigmatisch

Dit verschil kun je onthouden door de zin
De Sint loopt horizontaal

Syntagmatisch –> de lineaire (horizontale) opeenvolging van woorden
Paradigmatisch –> de verticale opeenvolging van woorden

Door Katrijn

rideo = lachen

doe niet zo ridiculous dan moet ik lachen!

Door Anoniem

Diode met kathode en anode

De kathode is negatief en de anode is positief.

Ezelsbruggetje is het woordje: KNAP

Door Marijke

Etelo

Etelo = ik wil

Ik wil eten

Door Lara

Rijbewijs

Als je niet weet wanneer een tram stop gebruik ik altijd
Een tram is bang voor dieren
Een tram stopt alleen voor zebrapaden en haaientanden

Door Lisa

Aantal dagen in de maand

De knokkels van je hand helpen! De hoge knokkels staan voor 31 dagen, de lage voor 30 dagen (en in februari 28 of 29). Begin links op je hand bij de hoge knokkel (Januari), en ga zo maar door.

Door Tamara

Turba

Turba = menigte

De hele menigte draagt een tulband

Door Jootje

do, re, mi, …

do
re
mi
fa
sol
la
si
De Romijnen Mogen Franse Soldaten Laten Schijnen.

Door Anoniem

Kwartaal

Een kwartaal is 1/4 van een jaar. Om het makkelijk te onthouden kun je aan een klok denken. Eén kwartier is één kwartaal.

Door Yvon

obstare = in de weg staan

stare is latijn voor staan. Ob lijkt op op. Obstare kan je dus ook zien als opstaan.

Kan je opstaan? Je staat in de weg!

Door Jootje

Het verschil tussen two en too

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan OO = OO en TW = TW

tOO = OOk
TWo = TWee

Door Mayra

Apeldoorn, Arnhem en Nijmegen

AAN, op alfabetische volgorde

Van boven naar beneden op de kaart;
A peldoorn
A rnhem
N ijmegen

Door J.
Home
Alle items
Uploaden