Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het hart

Het hart is een pomp, deze regelt de bloedsomloop in het lichaam.
Om te onthouden dat de linkerkant zuurstofrijk bloed door heel het lichaam pompt en de rechterkant zuurstofarm bloed door de longen pompt, kun je denken aan Li = Li

Li nks = Li chaam

Door Heleen

Het verschil tussen kwalitatief en kwantitafief

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan 
L=L en N=N

KwaLitatief –> met letters 
KwaNtitatief –> met nummers

Door Anoniem

Kijk in het woord

Denk goed na in het woord, misschien zit daar nog een ander woord in dat je kent en dan kan je er makkelijk achterkomen. Of het woord lijkt heel erg op het Nederlands.

Door Daantje

Gradenhoeken

Een klok is rond en is 360 graden.
Ieder cijfer X 30 is het aantal graden dat hiermee correspondeert.

Voorbeeld: 3X90=45 graden

Door Falko

Waarde- of welvaartsvast

Hoogte van een bedrag en de stijging:

Waardevast = denk aan de waarde van een prijs.
Welvaartsvast = denk aan de welvaart die iemand heeft door het loon.

Door Floor

Hogedrukgebied en lagedrukgebied

Om het verschil te onthouden denk aan een strand in bijvoorbeeld Spanje

🌤 Hogedrukgebied = hoog aantal toeristen
want veel zon, is weinig bewolking, is weinig neerslag

🌧 Lagedrukgebied = laag aantal toeristen
want weinig zon, is veel bewolking, is veel neerslag

Er zijn weinig mensen om het strand bij slecht weer.

Daarbij kun je denken aan het rijmpje
“Hoog is droog en laag is vaag”

Hoog drukgebied is droog weer, laag drukgebied is regen

Door Quinty

Mutualisme of commensalisme?

Bij mutualisme hebben zowel de gastheer als de gast voordeel, het voordeel is dus wederzijds. Het Engelse woord mutual betekent wederzijds, mutualisme is hiervan afgeleid.
mutual = wederzijds
mutualisme = allebei voordeel
Bij commensalisme heeft alleen de gast voordeel, de gastheer is neutraal.

Door Suus

De bijwoordelijke bepalingen

De verschillende bijwoordelijke bepalingen kun je onthouden aan de hand van het woord
POTMaR

P laats
O orzaak
T ijd
Ma nier
R eden

Door Sara

Een grote beer die fietst op de lijnen

Een Grote Beer Die Fietst

E-en
G-rote
B-eer
D-ie
F-ietst

Let op! het is op de lijnen en het is vanaf onder

Door Hugo

Gaudere

Gaudere —> guard
Guard—> bewaker

Als bewaker moet je wel blij zijn met je job

Door Len

De Zuidpool en de Noordpool

Om te onthouden waar de pinguins en de ijsberen leven, kun je denken aan
U = U en R = R

zUidpool = pingUins
nooRdpool = ijsbeeR

Door Janneke

Ventraal – Dorsaal

Ventraal = Van Voren
Dorsaal = Dan De Dikbil

(dus de buikzijde /rugzijde)

Door Ditte

Landen van de Sovjet-Unie

Om de landen van de Sovjet-Unie te onthouden, kun je denken aan het acroniem
WEG KRAK LOTTO MAL

W it-Rusland
E stland
K irgizië
R usland
A rmenië
K azachstan
L itouwen
O ezbekistan
T adzjikistan
T urmenistan
O ekraïne
M oldavië
A zerbeidzjan
L etland

Door Laura

Wiskundige verbanden

Om de verschillende wiskundige verbanden te onthouden, kun je denken aan WELKOM

W ortelverbanden
E xponentiële verbanden
L ineaire verbanden
K wadratische verbanden
O mgekeerd evenredige verbanden
M achtsverbanden

Door Joyce

delen door 0

delen door 0 is flauwekul

Door Astrid

Mississippi

Om de spelling van het woord ‘Mississippi’ te onthouden, kun je het op zijn Engels spellen
Fonetisch ziet dat er zo uit: Em AI Esses Ai Esses Ai Pipi Ai

Door Annemarie

Ammoniak, Ammonia, Ammonium

Ammoniak = NH3 (G)
Ammonia = NH3 (AQ) – eindigt op een A en de toestand AQ begint ook met een A.
Ammonium = NH4+ (AQ) – heeft geen 2e A en is daarom ‘bijzonder’

Door Daphne

Canarische eilanden

Alle Canarische eilanden van west naar oost:
Hamsters plassen geel, tenzij gezonde cavia’s fluitend langslopen
Hamsters: El Hierro
Plassen: La Palma
Geel: La Gomera
Tenzij: Tenerife
Gezonde Cavia’s: Gran Canaria
Fluitend: Fuerteventura
Langslopen: Lanzarote

Door René

Avec

Avec = met

Denk aan patat avec. Een patatje met mayonaise

Door henk

LE PAS. COMP. AVEC ÊTRE

Om te weten welke werkwoorden met être worden vervoegd in de passé composé moet je “MAARTEN P.R.” onthouden.

Montre <-> descendre
Arriver <-> partir
Aller <-> (re)venir
Rentre
Tomber
Entre <-> sortir
Naître <-> mourir

P.asser
R.etourner

+ les verbes pronominaux

Door Clara

Appropriate

Appropriate = passend/gepast

Als je dit woord niet kan onthouden, denk dan aan appel – piraat (appropriate), een appel past wel in een piraat, maar een piraat niet in een appel. Passend dus.

Door Rosa

Taxonomische indeling dierenrijk

Om de ordening van het dierenrijk in te delen, kun je denken aan de zin
Als Kleine Otters Fietsen Gaan Stelen

A fdeling
K lasse
O rde
F amilie
G eslacht
S oort

Door Maria

afgeleide van een breuk

als je de afgeleide van een breuk neemt gebruik dan:

NAT-TAN
————— (gedeelddoorstreep)
N²

NAT = Noemer x Afgeleide Teller
TAN = Teller x Afgeleide Noemer
N² = Noemer²

Door Ramy

Het verschil tussen loefzijde en lijzijde

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

De lijzijde –> is blij (veel zon)
De loefzijde –> is droef (veel regen)

Door Claudia

spijsvertering

mond=m
slokdarm=s
maag=ma
twaalfvlingerige=t
dunne darm=d
dikke darm=di
endeldarm=e
anus=a

Door Anoniem

Vix

Vix = nauwelijks

Met vix heb je nauwelijks last van verkoudheid

Door Eva

Belangrijkste steden van België

ABC, in alfabetische volgorde.
Op de kaart van boven naar beneden;
Antwerpen
Brussel
Charleroi

Door Melene
Home
Alle items
Uploaden