Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Engelse dagen van de week

Om de Engelse dagen van de week uit elkaar te houden, kun je denken aan de zin
See Me Then Without Tigers, Frogs and Snakes

S unday
M onday
T uesday
W ednesday
T hursday
F riday
S aturday

Door Rezan

Voorzetsels Gerund

De voorzetsels van de Gerund kun je onthouden met het acroniem WAFFOTO

W ithout
A bout
F rom
F or
O n
T o
O f

Door Martijn

Het metrum

De onderdelen van het metrum kun je onthouden met de zin

Jij Activeert Toch Die Andere Software

J ambe. v_

A napest. _v

T rochee. vv_

D actylus. _vv

A mfibrachus. _ _

S pondee. v_v 

Door Evy

Het verschil tussen two en too

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan OO = OO en TW = TW

tOO = OOk
TWo = TWee

Door Mayra

Het verschil tussen endo- of exotherm?

Het verschil tussen exo- en endotherm kun je onthouden door te denken aan

Exo –> exit, er komt energie uit
Endo –> entree, er gaat energie in

Door Sonja

Gebruik van eau

Bij woorden die eindigen op eau, zoals bureau, cadeau of niveau. De volgorde van de eau onthouden met Ezeltje Achter Uit.

Door Belle

Romeinse cijfers

Ik Vind Xylofoons Leuke, Coole, Dure Muziekinstrumenten.
I = 1
V = 5
X = 10
L = 50
C = 100
D = 500
M = 1000
Van Romeins cijfer vermenigvuldig je steeds om en om met 2 en met 5.

Door anoniem

ITCZ – hoge en lage luchtdruk

Hoog is droog.
In het hogedrukgebied is het droog en valt er weinig neerslag. In het lagedrukgebied valt er veel neerslag.

Tip: het ezelsbruggetje is om te onthouden. Schrijf op je toets niet: In het hogedrukgebied is het droog. Maar leg het proces uit!!

Door Annelien

ATP-moleculen

A = atoomgroep (molecuul)
T = ter bewaring (opgeslagen)
P = power (energie)

De beschikbare gekomen energie wordt tijdelijk opgeslagen in ATP-moleculen

Door George

Thursday

Thursday = donderdag

Om dit te onthouden, kun je denken aan Thor’s day –> de Dondergod –> Donderdag

Door Wietse

Toneladas

Een Ton laden

Door Rob

Rester

Rester = blijven

De rest blijft over

Door Michaël

Wet van Ohm

“UIER” (van een koe).
U = I . R
spanning is stroom maal weerstand.

Door Digi

Quinze, seize

Na quinze (15) komt seize (16) dat kun je onthouden door te denken aan

‘Ik ken ze,’ zei ze

Door Anthonia

De wet van Ohm

Deze kun je onthouden aan Oom RUDI

Ohm –> R = U/I

R = weerstand
U = spanning
I = stroomsterkte

Door Thomas

nihil = niets

Nihil is in het nederlands een ander woord voor ‘heel klein’. Je gebruikt vaak in de volgende zin:
‘Ik acht de kans nihil…’

Dus:

Ik acht de kans NIHIL dat je NIETS op de toets weet.

Door Jootje

Tattein

Tattein = plaatsen

Hij laat een tattoo plaatsen

Door Cynthia

An of a

Neem een engels woord bvb. home, en je ondhoud de regel; alleen als er vooraan een klinker staat mag ik er een a van maken. De eerste lettter van het woord home is geen klinker dus je kan er geen a voor zetten, het wort dus gewoon a en niet an

Door Puck

De delen van de pharynx

De pharynx bestaat uit 3 delen (van boven naar beneden):
-De nasopharynx (bij de neusholte)
-De oropharynx (bij de mondholte dus oraal)
-De hypopharynx (hypo=laag dus dit deel ligt het laagst).

Door Mark

covalenties

Claire Fietst Naar Haar Oma In Breda
(Cl, F, N, H, O, I, Br)

Door silke

Afdalen bij scubaduiken

Om de vijf aandachtspunten bij het afdalen te onthouden, kun je denken aan TOSTI-Ka’s

T eken
O riëntatie
S norkel-automaatwissel
T ijd
I nflator
K laren
K ijken

Door Anoniem

Tekstsoorten en tekstdoelen

Deze kun je onthouden met het acroniem DIEP

D iverterende teksten –> ontspannen of amuseren
I nformatieve teksten –> informeren
E motieve teksten –> raken
P ersuasieve teksten –> overtuigen

Door Anoniem

Voorzetsels in het Latijn

Proef appelsienen in de soepkom, ezelsbruggetje voor de voorzetsels van de ablativus
Pro e(x) a(b) sine in de subcum

Door Mohamed

Cupido

Cupido = begeren

Cupido wil dat mensen elkaar begeren!

Door Anoniem

Goniometrie; SOL, CAL, TOA (Bij rechthoekige driehoeken)

SOL: sin(α) = overstaande (rechthoekszijde) ÷ langste zijde
CAL: cos(α) = aanliggende (rechthoekszijde) ÷ langste zijde
TOA: tan(α) = overstaande (rechthoekszijde) ÷ aanliggende (rechthoekszijde)

SOS/CAS zijn hetzelfde als SOL/CAL, maar een schuine zijde kan soms lastig te herkennen zijn.

Door Rens

Het verschil tussen modus en mediaan

Om het verschil tussen modus en mediaan te onthouden, kun je denken aan ‘mode’ wat terugkomt in modus. Mode behelst de kleren die op dat moment het meest worden gedragen.

Modus = Het waarnemingsgetal dat het meest voorkomt
Mediaan = het middelste waarnemingsgetal

Door Onno

Bulgarije – Sofia

Om het land Bulgarije met de hoofdstad Sofia te onthouden

In Bulgarije wonen een “boel” meisjes en die heten allemaal Sofia.

Door Inge
Home
Alle items
Uploaden