Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het spijsverteringskanaal

Om te onthouden welke weg je voedsel moet afleggen, kun je denken aan
Mijn Slak Moet Lekker Altijd Trakteren De Blinde Doet Eng

M ondholte
S lokdarm
M aag
L ever
A lvleesklier
T waalfvingerige darm
D unne darm
B linde darm
D ikke darm
E ndeldarm

Door Judith

Regeringsvormen

De verschillende regeringsvormen kun je onthouden aan de hand van DADA

D emocratie
A bsolutisme
D ictatuur
A ristocratie

Door Madelaine

Containerpolitiek

Zie het communisme als een container. de container mag niet groter worden dan dat t al is

Door Sander

Het verschil tussen syntagmatisch en paradigmatisch

Dit verschil kun je onthouden door de zin
De Sint loopt horizontaal

Syntagmatisch –> de lineaire (horizontale) opeenvolging van woorden
Paradigmatisch –> de verticale opeenvolging van woorden

Door Katrijn

Guérir

Guérir = genezen

Guer lijkt op Cure en dat betekent ook genezen

Door Liselotte

Amsterdamse grachten

Om de volgorde van de grachten van Amsterdam te onthouden, kun je denken aan de zin
Prinsen Kopen Heren Schoenen

P rinsengracht
K eizersgracht
H erengracht
S ingel

Door Adriana

cogere

Als je koken niet leuk vind moet je iemand dwingen om voor je te koken. Dus is cogere dwingen.

Door Timo

Loef en lijzijde

Loef bestaat uit 4 letters –> meer letters –> meer regen.
Lij bestaat uit 4 letters –> minder letters –> minder regen.

Door Doeke

Oplosbaarheid in water

Hydrofoob lijkt op fobie; deze stof heeft dus angst voor water en zal niet tot slecht oplossen.
Hydrofiel lijkt op pedofiel; deze stof houdt dus van water en zal dus goed oplossen.

Door Nardi

Welke letters umlaut?

De umlaut in het duits kan alleen met de auto klinkers, äütö dus

Door Lientje

Domeinen van de geschiedenis

Om deze vier domeinen te onthouden, kun je denken aan PESC

P olitiek
E conomisch
S ociaal
C ultuur

Door Julie

Hydrofoob of hydrofiel

Hydrofiel = waterlievend
Hydrofoob = watervrezend

Je kunt dit goed onthouden als je “fiel” van hydrofiel omdraait. Je krijgt dan “lief”.

Hydrofoob is dit ongeveer ook zo maar is iets lastiger maar foob betekend angst.

Door Tim

Kakos

Kakos = slecht

Een slechte kaak

Door Nerissa

Arm en hand

De botten in de arm en de hand kun je onthouden door DRUP

D uim zit aan de 
R adius (spaakbeen)
U lna (ellepijp) zit vast aan de
P ink

Door Laura

Het verschil tussen AM en PM

Het verschil tussen AM en PM, kun je onthouden door ze als acroniem te beschouwen

AM –> Akelige Morgen (dus in de ochtend)
PM –> Prettige Middag (dus in de middag)

Door Iris

Prijselasticiteit

De prijselasticiteit van een product is de procentuele verandering van de gevraagde hoeveelheid / procentuele verandering prijs. 

Prijselasticiteit = ΔQ / ΔP

Dit ku nje onthouden door te denken aan een QuarterPounder

Door Nina

Stand van de benen

Om het verschil tussen genu varum en genu valgum te onthouden, kun je denken aan PHARAO

Genu Varum –> O-benen
Genu Valgum –> X-benen

Door Marrit

Theater

We hebben het over theater als er sprake is van:

SAP
Speelplek, Acteurs en Publiek

Door Sylvia

Tautologie

Om te onthouden wat een tautologie is, kun je denken aan T = T

Tautologie = Twee keer dezelfde betekenis

Door Kim

Subito

Subito = Plotseling

Subito is een kraslot. En dan win je plotseling geld

Door Sarah

Begrippen om een stuk te beschrijven

Rode Tulpen Met Hele Dikke Kelk Bladeren

Ritme, Tempo, Melodie, Harmonie, Dynamiek, Klankkleur, Bezetting.

Door Jip

Tacere

Tacere = zwijgen

Als je een taco in je mond hebt moet je zwijgen, want anders valt alles er uit

Door Timo

Das Märchen

das Märchen = het sprookje

Das Märchen lijkt op das Mädchen (het meisje).  In (bijna) elk sprookje komt wel een meisje/vrouw voor.

Door Myrthe

Prope = bijna

De propper kreeg ons bijna binnen

Door Anoniem

De Latijnse naamvallen

Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Niet Vechten Als Gemene Domme Apen

N ominativus
V ocativus
A ccusativus
G enitivus
D ativus
A blativus

Door Michiel

100×100=……

10×10+2 nullen

Door Floor

Professor

Om te onthouden hoe je professor schrijft, kun je denken aan
De professor heeft 1 fiets en 2 sokken

1 fiets = f
2 sokken = ss

Door Annoniem
Home
Alle items
Uploaden