Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Sympa

Sympa betekent aardig

Denk aan iemand sympathiek vinden.

Door David

Amsterdamse grachten

Om de volgorde van de grachten van Amsterdam te onthouden, kun je denken aan de zin
Prinsen Kopen Heren Schoenen

P rinsengracht
K eizersgracht
H erengracht
S ingel

Door Adriana

Factoren van 5 vermenigvuldigen

Om 25×25 gemakkelijk te berekenen, kun je dit trucje gebruiken.
20×30 = 600 + 5×5= 25, dus 25×25 = 625
Dit werkt bij alle factoren van 5

Bijvoorbeeld;
75×75 = 5625 –>  70×80= 5600 + 5×5=25 –> 5625

Door Anne Heleen

Het verschil tussen acheter en vendre

A=A, V=V

A cheter = A ankopen
V endre = V erkopen

Door Rein

Productiefactoren en bijbehorende beloningen

ANKO = LPRHW

Dit zijn de productiefactoren en welke beloningen je krijgt.
De hond ANKO krijgt een bot met Lelijke Poedel Rent Hard Weg.
Om het goed te onthouden kun je een hond tekenen met ANKO erin en daarnaast een bot met Lelijke Poedel Rent Hard Weg er in

A rbeid
N atuur
K apitaal
O ndernemerschap

L oon
P acht
R ente
H uur
W inst

Door Damini

Pontos

Pontos = zee

Een pont vaart over zee

Door bob

Het verschil tussen midi en minuit

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan 
D = D en N = N

MiDi = Dag
MiNuit = Nacht

Door Anoniem

Antea

Antea = vroeger

AN dronk vroeger tea (thee).

Door Nikky

De alkanen

Met Een Paraplu Blijft Pino Heel Hoog Ook Nog Droog

Methaan
Ethaan
Propaan
Butaan
Pentaan
Hexaan
Heptaan
Octaan
Nonaan
Decaan

Door Evy

Het verschil tussen stalagmieten en stalagtieten

Om het verschil tussen stalagtieten en stalagmieten te onthouden, kun je denken aan

Tieten hangen, mieten staan

Door

De botten in de schedel

De botten vanaf de zijkant gezien kun je onthouden door NEL SPOT F

N asale
E tmoïdale
L acrimale
S phenoïdale
P ariëtale
O ccipitale
T emporale
F rontale

Door Chantal

Het verschil tussen modus en mediaan

Om het verschil tussen modus en mediaan te onthouden, kun je denken aan ‘mode’ wat terugkomt in modus. Mode behelst de kleren die op dat moment het meest worden gedragen.

Modus = Het waarnemingsgetal dat het meest voorkomt
Mediaan = het middelste waarnemingsgetal

Door Onno

hogedrukgebied

denk bij hogedrukgebied aan bosbranden bij bosbranden geen regen dus bij hogedrukgebied ook geen regen
dus onthoud hb (hogedrukgebied bosbranden)

Door Jeroen

Stopplaatsen van Aeneas

Om de stopplaatsen van Aeneas te onthouden, kun je denken aan de zin
Tegen De Kok Bedenken Sous-Chefs sous-chef-listen

T rakië
D elos
K reta
B uthrotum
S icilië
C arthago
S icilië
C umae
L avinium

Opmerking: hij begint uiteraard in Troje en eindigt in Latium

Door Aylli

Demander

Demander betekent vragen

De man der vragen!

Door Anoniem

Recipere

Recipere = ontvangen

Denk aan een receptionist

Door Meike

Kleuren van de regenboog

Om de kleuren te onthouden, kun je denken aan de zin
Ridder Overwint Gevaarlijk Gevecht, Blinkend In Victorie Ridder

R ood
O ranje
G eel
G roen
B lauw
I ndigo
V iolet

Door Bob

IJsland – Reykjavik

Om het land IJsland met hoofdstad Reykjavik te onthouden, kun je denken aan de zin
Rij jij of rij ik?

Door Anoniem

Gewesten in de Republiek

Om de gewesten te onthouden die in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden zaten, kun je denken aan de zin
Helpende Zeeën Uit Griekenland Openen Graag Frieten

H olland
Z eeland
U trecht
G elre
O verijssel
G roningen
F riesland

Door Anoniem

HOODTI ( fucties Haven)

HOODTI: Handel
Overslag
Opslag
Diensten
Transport
Industrie

Door Damiaan

Oorzaken secondary nephrotic syndrome

Om de oorzaken voor secondary nephrotic syndrome (nierschade door eiwittekort) te onthouden, kun je gebruik maken van het acroniem DAVID:

D iabetes mellitus

A myloidosis

V asculitis

I nfections

D rugs

Door Victor

Statuere

Statueren = besluiten

Ik maak een besluit over dit standbeeld

Door Jootje

Place before time

De P komt voor de T in het alphabet

Place before Time

Door Gaia ☆彡

Het verschil tussen cela en ceci

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
A=A en I=I

CelA = dAt
CecI = dIt

Door Jan

substitutie of complementaire goederen

Denk bij substitutie goederen aan substitute teacher, een invallende docent, een vervangende docent. Substitutie goederen kun je met elkaar vervangen. Bij complementaire goederen moet je denken aan complete, volledig.
Complementaire goederen gebruik je samen, om ze volledig te kunnen gebruiken.

Door Bo

De eilanden

De eilanden onthoud je met het woord TV-TAS

T Texel
V Vlieland

T terschellingen
A Ameland
S Schiermonnikoog

Door Beyza

Leipo

Leipo = verlaten

Ik verlaat die leipo

Door Najib
Home
Alle items
Uploaden