
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Voorzetsels in het Latijn
Proef appelsienen in de soepkom, ezelsbruggetje voor de voorzetsels van de ablativus
Pro e(x) a(b) sine in de subcum
Owe
Owe = iemand iets verschuldigd zijn
Dit kun je onthouden door te denken aan IOU (I owe you)
De Cel
Om de onderdelen van een cel te onthouden, kun je denken aan de zin
Kim Circuleert Cellen Club.
K ern
C ytoplasma
C elmembraam
C hromosomen
Oorzaken van mobiliteit
De oorzaken van mobiliteit kan je onthouden met WIVES:
Welvaart
Individualisering
Vergrijzing
Emancipatie
Schaalvergroting
De steden van Japan
Om de steden van Japan, van boven naar beneden, te onthouden, kun je denken aan
ToYoNagOsHiNa
To kyo
Yo kohama
Nag oya
Os aka
Hi roshima
Na gasaki
Het verschil tussen meridiaan en parallel
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Mollige Lange en Pestende Bolle
M eridiaan is voor
L engte
P arallel is voor
B reedte
PrilSartan
Raas-remmers is een geneesmiddel groep die ingezet wordt bij een hoge bloeddruk.
Deze groep is onderverdeeld in twee groepen, de Ace-remmers en de Angiotensine-II Remmers
ACE-remmers eindigen op -pril; o.a. Enalapril, Perindopril
Angiotensine-II Remmers eindigen op -sartan; Valsartan, Candesarta
Lagen epidermis
Stratum …
Come (corneum)
Lets (lucidum)
Get (granulosum)
Sun (spinosum)
Burned (basale)
ARMA welke is X_t of Z_t
Nou kijk, als je hem omschrijft naar operator form, staat X_t links van de = en Z_t rechts, dus AR = X_t en MA = Z_t.
Offerre
Offerre = aanbieden
Offerre lijkt op offeren. Als je iets offert aan de goden, dan bied je het aan
Vetus
Vetus = oud
Denk bijvoorbeeld aan een oorlogsveteraan. Dat is vaak een oud persoon.
Scrijf/ tekstdoelen
Isa (informeren)
Blijft (beschouwen)
Achteraf (activeren)
Ook (overtuigen)
Achter (amuseren)
in
Utrecht (uiteenzetten)
Satelliet
Om de spelling van het woord ‘satelliet’ te onthouden, kun je denken aan
In saté zitten altijd twee stokjes
Het verschil tussen zuur en basisch
Bij de lakmoesproef kan je zien welke kleur staat voor zuur en welke voor basisch door te denken aan
R = R en B = B
Rood is zuuR
Blauw is Basisch
nihil = niets
Nihil is in het nederlands een ander woord voor ‘heel klein’. Je gebruikt vaak in de volgende zin:
‘Ik acht de kans nihil…’
Dus:
Ik acht de kans NIHIL dat je NIETS op de toets weet.
De lagen van de atmosfeer
Trage Stieren Maken Trage Eieren
T roposfeer
S tratosfeer
M esosfeer
T hermosfeer
E xosfeer
Taxonomische indeling
“Rijken Spelen Koning Over Fel Gele Stenen” staat voor
Rijk
Stam
Klasse
Orde
Familie
Geslacht
Soort
Tekststructuren
De verschillende structuren kun je onthouden aan de hand van HOPOV
H andelingsstructuur
O nderzoeksstructuur
P robleemstructuur
O piniestructuur
V ergelijkingsstructuur
De bijwoordelijke bepalingen
De verschillende bijwoordelijke bepalingen kun je onthouden aan de hand van het woord
POTMaR
P laats
O orzaak
T ijd
Ma nier
R eden
Without
Without = zonder
Om de correcte spelling en de betekenis van het woord ‘without’ te onthouden, kun je denken aan de zin
‘zonder without’.
Bijvoeglijke naamwoorden vóór het zelfstandig naamwoord
De bijvoeglijke naamwoorden die vóór het zelfstandig naamwoord moeten, passen precies in de melodie van Jingle Bells. Zo kan je ze onthouden.
Grand petit,
Beau jolie,
Jeune hoort erbij.
Vi-eux gros,
Bon noveau,
Ja dat is de rij!
Goniometrie
Cosinus –> Cas : aanliggend / schuin
Sinus –> Sos: overstaand/ schuin
Tangens –> Toa: overstaand/aanliggend
Volgorde bytes
Om de volgorde te onthouden kan je denken aan het zinnetje “Bruine Kangoeroes maken geen troep”
Bruine = byte
Kangoeroes = Kilobyte
Maken = megabyte
geen =gigabyte
troep= Terrabyte
4e naamval voorzetsels
Om de voorzetsels uit de 4e naamval te onthouden kun je zeggen:
Bier Uit Een Flesje Dood Geen Oudjes
Bis
Um
Entlang
Durch
Gegen
Ohne
