Biologie Archives - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Bruine Boon

De onderdelen van een bruine boon kun je onthouden met HaNaPoZa

Ha rtvormig bultje
Na vel
Po ortje
Za adhuid

Door Chiena & Elene

Smaakpapillen

Om de verschillende smaakpapillen te onthouden, kun je denken aan ZoZoZuBi

Zo ut
Zo et
Zu ur
Bi tter

Door Anoniem

Het spijsverteringskanaal

Om te onthouden welke weg je voedsel moet afleggen, kun je denken aan
Mijn Slak Moet Lekker Altijd Trakteren De Blinde Doet Eng

M ondholte
S lokdarm
M aag
L ever
A lvleesklier
T waalfvingerige darm
D unne darm
B linde darm
D ikke darm
E ndeldarm

Door Judith

Hout- en bastvaten

De vaten en hun functie kun je onthouden met de zin
HAnS eet je BOrD leeg

H outvaten vervoeren
An organische stoffen in de 
S tijgende sapstroom

Bastvaten vervoeren
OR ganische stoffen in de
D alende sapstroom

Door Jelle

Anatomie van de handwortelbeentjes

Some Lovers Try Pies That They Can’t Handle

S caphoideum
L unatum
T riquetrum
P isiforme
T rapezium

T rapezoideum 
H amatum

C apitatum

Door Thijs

Botten in handen en voeten

Deze botten kun je onthouden met de zin
Van Mijn Handen Tot Mijn Voeten, Haha

V ingerkootjes
M iddenhandsbeentjes
H andwortelbeentjes
T eenkootjes
M iddenvoetsbeentjes
V oetwortelbeentjes
H ielbeen

Door Sharon

Indeling dierenrijk

Ergens in September Hoort Willie Wortel Gekke, Slimme Grappen.

E = eencelligen
S = sponzen
H = holtedierne
W = wormen
W = weekdieren
G = geleedpotigen
S = stekelhuidigen
G = gewervelden

Door Anna

Bindingen stikstofbasen in DNA

In DNA maken heb je A, C, G en T.

Om te onthouden welke stikstofbase met welke verbonden is gebruik je:

AppelTaart (A-T)
CitroenGebak (C-G)

Door Eva

Organisatieniveaus

Altijd Moet Celon Cellen Wegen Onder Orgels, Ook Planten Leven Ergens Binnen of Buiten

A: atoom
M: molecuul
C: celorganel
C: cellen
W: weefsel
O: orgaan
O: orgaanstelsel
O: organisme
P: populatie
L: levensgemeenschap
E: ecosysteem
B: bioom
B: biosfeer

Door Evy

De levensstadia van een koolwitje

Om de levensstadia te onthouden, kun je denken aan de zin
Evert Rijdt Plots Verkeerd

E i
R ups
P op
V linder

Door Dinja

Cellen …

C /chocolade
W/was
O/ooit
S/super
O/ongezond

Door Katje

Het experiment

Om de onderdelen van een experiment te onthouden, kun je denken aan de zin
Papa Hoort Eekhoorns, Bakt Reusachtige Cupcakes

P robleemstelling
H ypothese
E xperiment
B enodigdheden
R esultaten
C onclusie

Door Lilly

De verteringsvolgorde

Deze volgorde kun je onthouden door de zin
Koolmezen Eisen Vetbollen

K oolhydraten (in de mond)
E iwitten (in de maag)
V etten (in de 12vingerige darm)

Door Jesse

Formule voor dichtheid

De formule voor dichtheid is
ρ = m*V

ρ = Dichtheid
m = Massa
V = Volume

De volgorde kun je onthouden door te denken aan het alfabet. De M komt voor de V in het alfabet en ook in de formule

Door Iris

7 levens verschijnselen

Als Vader Uitgaat Wordt Vader Goed Bezopen.

Als= ademen
Vader= voeden
Uitgaat= uitscheiden
Wordt= Waarnemen
Vader= voortplanten
Goed= groeien
Bezopen= bewegen

Door Iris

Functies in zenuwstelsel

Deze kun je onthouden met RO CV EU 

R eceptoren –> O ntvangen
C onductoren –> V oortgeleiden
E ffectoren –> U itvoeren

Door Miran

Onverzadigde en verzadigde vetten

Onverzadigde vetten heeft de O van “Oké” dus dat zijn de gezonde vetten die het lichaam nodig heeft.

Verzadigde vetten heeft de V van “Fout” (ff spreektaal natuurlijk) en dat zijn de ongezonde vetten wat je lichaam niet nodig heeft.

Door Marijn

Formule fotosynthese

Om deze formule te onthouden kun je denken aan de zin
Wat Kan Linda Geweldig Zingen

W ater +
K oolstofdioxide +
L icht =
G lucose &
Z uurstof.

Door Anoniem

Het verschil tussen mitose en meiose

Mitose –> normale celdeling, met als doel groei, vervanging en herstel van cellen.
Meiose –> reductiedeling, met als doel de vorming van geslachtscellen.
De geslachtscellen zijn zaad- en EIcellen.

In mEIose zit een EI, dus dat is voor de vorming van geslachtscellen.

Door Y.

Lagen van de opperhuid

Deze kun je onthouden met de zin
Bas Steekt Kor Door Hoofd

B asaalcellenlaag
S tekelcellenlaag
K orrellaag
D oorschijnende laag
H oornlaag

Door Lise

Cones -> Color

De regel van de staafjes en de kegeltjes (kleur) geldt ook in het Engels voor de rods and cones: Cones zijn voor Color!

Door Anoniem

Het verschil tussen homo-en heterozygoot

Om het verschil tussen homozygoot en heterozygoot, kun je denken aan homo- en heteroseksueel

Homozygoot = dezelfde allelen voor één eigenschap
Heterozygoot = twee verschillende allelen voor één eigenschap

Door Marieke

De verteringssappen in je lichaam

De verteringssappen in je lichaam kun je onthouden met het acroniem DAMAALGASP

DA rmsappen
MA agsappen
AL vleessappen
GA l
SP eeksel

Door Adam

Het verschil tussen de boomklever en de boomkruiper

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

L=L en R=R

De kLever = bLauw

De kRuiper = bRuin

Door H.

Dierenstammen

Wormen, gewervelden, weekdieren, sponzen, neteldieren, geleedpotigen, stekelhuidigen

Waarom
Gaat
Willem (of een andere naam met een w)
Snel
Naar
Giesbeek (of een andere plaats met een g)
Skeeleren

Door Maud

Alle tijdvakken van de aarde

Pratende Choco Stengels Doen Charismatische Pogingen Tot Jodelen, Kruipend Tussen Kwallenpootjes

P recambrium
C ambrium
S iluur
D evoon
C arboon
P erm
T rias
J ura
K rijt
T ertair
K wartair

Door Henk

Ordening dieren (organisatieniveau)

Die (domein)
Rijke (rijk)
Stinkerds (stam)
Kunnen (klasse)
Overal (orde)
Fijne (familie)
Gebakjes (geslacht)
Stoppen (soort)

Door Sterre

Ordening biologie

Rijke (1) Spanjaarden (2) Krijgen (3) Op (4) Familiefeesten (5) Grote (6) Stukken (7) Rosbief (8)

1. Rijken
2. Stammen
3.Klassen
4. Orde
5. Familie
6. Geslacht
7. Soort
8. Ras

 

leerjaar 1 – biologie voor jou VWO

Door Yente

Mutualisme

denk aan een (Mutu) meteoor die ze samen tegen moeten houden.

of denk aan (Mutu) meter om hun band met elkaar te meten

Door Max

Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor

Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt

Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter

Door Lindsay
Home
Alle items
Uploaden