
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Het verschil tussen endehors en endedans
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Endehors –> horse, paardrijden doe je buiten
Endedans –> dans, dansen doe je binnen
Tekstverbanden NL
C oncluderend
U itleggend
T egenstellend
T ijdsvolgorde
R edengevend
O orzaak-gevolg
S amenvattend
M iddel-doel
O psommend
V oorwaardelijk
V ergelijkend
X en Y as
Y–> is lang (verticaal)
X–> is breed (horizontaal)
zo kan je onthouden welke lijn wat is in het assenstelsel
Het centrale dogma
Het centrale dogma mechanisme:
1. Replicatie
2. TransCriptie
3. TransLatie
De C komt voor de L dus transcriptie komt voor translatie in het mechanisme.
(Daarnaast is de R ook voor de T in het alfabet)
Vulkaanuitbarsting
Om te onthouden wat er tijdens een vulkaanuitbarsting allemaal naar boven komt, kun je denken aan LAStiG
L ava
A s
S tenen
G assen
Uiteenzetting
Om te onthouden wat een uiteenzetting is, kun je denken aan UIT = UIT
UITeenzetting = UITleg
Formules U = volt = spanning
U = volt
(De U lijkt op de V)
U = volt = spanning
Tussen de U en de V heerst spanning.
I = stroom
Vaak wordt er een Uitroepteken geplaatst (! Lijkt op I).
Uitgangen praeses
Om de uitgangen o-s-t-mus-tis-nt niet meer uit je hoofd te krijgen zoek je op youtube op latijn is stampen.
(https://www.youtube.com/watch?v=Fh_BqcXEfMs)
Toa, Sos, Cas
Toa, Sos. Cas
Tangens = overstaande : aanligende
Sinus= overstaande: schuine
Cosinus= aanligende : schuine
Keerkringen
Om het verschil tussen de twee keerkringen te onthouden, kun je denken aan de zin
De kreeft zit op de steenbok
De kreeftskeerkring staat boven de evenaar, de steenbokskeerkrings staat onder de evenaar
Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor
Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt
Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter
Diatomische elementen
Om de diatomische elementen te onthouden denk aan de zin Have No Fear Of Ice Cold Beer
H(waterstof)
N(stikstof)
F(fluor)
O(zuurstof)
I(jood)
Cl(chloor)
Br(broom)
Antibiotica tijdens de zwangerschap
De antibiotica die gedurende de zwangerschap vermeden dient te worden, kun je onthouden met de zin
SAFE Moms Take Really Good Care
S ulfonamides –> kernicterus
A minoglycosides –> ototoxciteit
F luorquinolones –> cartilago schade
E rythromicin –> accute hepatische cholestase in de moeder
M etronidazole –> mutagenesis
T etracyclines –> kleurloze tanden, afname botgroei
R ibavirine –> tetratogeen
G riseofulvin –> tetratogeen
C hloramphenicol –> grijze baby
Lagen epidermis
Stratum …
Come (corneum)
Lets (lucidum)
Get (granulosum)
Sun (spinosum)
Burned (basale)
Spanning, Stroom en Weerstand
Om het onderscheid te onthouden tussen spanning, stroom en weerstand, kun je denken aan
USV ISA RO
U –> Spanning in Volt
I –> Stroom in Ampère
R –> Weerstand in Ohm
Noorwegen Zweden Finland
Niet Zo Fris
Of Stinkt Het;
Volgorde landen: Noorwegen,Zweden, Finland.
Oslo Stockholm Helsinki
De volgorde van netwerknamen
De volgorde waarin netwerknamen worden vertaald naar IP-adressen kun je onthouden met de zin
Cute White Babies Love Hairy Dogs
C ache
W INS
B roadcast
L Mhosts
H osts
D NS
Zelfstandige naamwoorden
Om te onthouden wat onder zelfstandige naamwoorden valt, kun je denken aan MeDIPlaDi
Me nsen
Di ngen
Pla atsen
Di ngen
De Geallieerden
Om de Geallieerden in WO I te onthouden, kun je denken aan FRASGRIEP
F rankrijk
R usland
A lbanië
S ervië
G riekenland
R oemenië
I talië
E ngeland
P ortugal
De belangrijkste Presidenten van de Verenigde Staten
Om de belangrijkste presidenten van de VS te onthouden, tot en met Nixon, kun je denken aan de zin
Welke Jongen Maakt Leren Jasjes? McKinley maakt Teddyberen, Wilson Honden en Cavia’s, Hoover Reist Telkens naar Europa en Johnson doet Niks
W ashington
J efferson
M onroe
L incoln
J ohnson
M cKinley
T. Roosevelt
W ilson
H arding
C oolidge
H oover
R oostevelt
T ruman
E isenhouwer
K ennedy
J ohnson
N ixon
Het verschil tussen de omtrek en de oppervlakte
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan
OM = OM en OP = OP
Omtrek = omheen lopen
Oppervlakte = op lopen
Het verschil tussen kathode en anode
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan KNAP
K athode is
N egatief
A node is
P ositief
An of a
Neem een engels woord bvb. home, en je ondhoud de regel; alleen als er vooraan een klinker staat mag ik er een a van maken. De eerste lettter van het woord home is geen klinker dus je kan er geen a voor zetten, het wort dus gewoon a en niet an
