
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Het verschil tussen een spar en een den
Om het verschil tussen sparren en dennen te onthouden, kun je denken aan S = S en D = D
Spar = Solo (1 naald)
Den = Duo (2 naalden)
Stand van de benen
Om het verschil tussen genu varum en genu valgum te onthouden, kun je denken aan PHARAO
Genu Varum –> O-benen
Genu Valgum –> X-benen
Zuur bij water of water bij zuur?
Bij het maken van een oplossing moet je altijd goed oppassen met water en zuur. Om dit te onthouden, kun je denken aan het rijmpje
Zuur bij water en je slaat nooit een flater, water bij zuur betaal je duur
Kenmerken links of rechtse partij
Kenmerken links partij
GAME
G- gelijkheid
A- actieve overheid
M- milieu
E- eerlijke verdeling
Kenmerk rechtse partij
HELP
H- hogere straffen
E- eigen verantwoordelijkheid
L- lagere belasting
P- passieve overheid
Belgische provincies
Met deze vraag kun je alle Belgische provincies onthouden: “Wanneer Antwoorden Leuke Limburgers Onder Waalse Huizen op hun Nare Lullige Vragen?”
West-Vlaanderen, Antwerpen, Luik, Luxeburg, Oost-Vlaanderen, Waals-Brabant, Henegouwen, Namen, Limburg, Vlaams-Brabant.
Muzieknoten
Op deze manier kun je onthouden dat de noten maar tot G gaan!
A t/m G en de rest doet niet mee!
Grote steden van Oostenrijk
De vijf grote steden van Oostenrijk kun je onthouden met de zin
In Salzburg Lijkt Water Grijs
I nnsbruck
S alzburg
L inz
W enen
G raz
Baltische staten en hoofdsteden
De Baltische staten zijn van boven naar beneden
EsLeLi (of: eslelie)
Es tland
Le tland
Li touwen
Zo zijn de hoofdsteden:
TaRiVi
Ta linn
Ri ga
Vi lnius
Het verschil tussen if en when
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Als als “indien” is, dan is als “if”
als = if of when?
Vervang ‘als door ‘indien’; blijft de zin daardoor onveranderd, gebruik dan ‘if’!
Kenmerkend Aspecten
Leer met de link naar dit YouTube filmpje alle kenmerkend aspecten door middel van een rap. Het heeft mij echt enorm geholpen bij de toets. Lekker meezingen/rappen dus!
Het verschil tussen ei en ij
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
EI = EI en IJ= IJ
De ge-kipte EI = het EI van een kip
De ge-stipte IJ = met 2 stipjes IJ
Das Märchen
das Märchen = het sprookje
Das Märchen lijkt op das Mädchen (het meisje). In (bijna) elk sprookje komt wel een meisje/vrouw voor.
Concurreren
Om te juiste spelling van het woord ‘concurreren’ te onthouden, kun je denken aan
Concurreren doe je niet alleen
De r is niet alleen
Zeeuwse wateren
Om de Zeeuwse wateren te onthouden, gebruik ik altijd het volgende: Hartelijk Gefeliciteerd Oud Wijf
HGOW = Haringvliet Grevelingen Oosterschelde Westerschelde (van boven naar beneden op de kaart)
België of Duitsland
België ligt onder Nederland, dus de strepen van de Belgische vlag staan verticaal 🇧🇪. Duitsland ligt naast Nederland, dus de strepen van de vlag staan horizontaal 🇩🇪.
De dammen van Nederland
De dammen en stuwdammen van Nederland, kun je onthouden met de zin
Super Veel Grietjes Vinden Het Boertje Ongelofelijk
S tormvloedklering Hollandse IJssel
V eersegatdam en zandkreekdam
G revelingendam
V olkerdakdam
H arinvlietdam
B rouwersdam
O osterschelde (stormvloedkering, oesterdam en philipsdam)
Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor
Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt
Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter
Het verschil tussen endo- of exotherm?
Het verschil tussen exo- en endotherm kun je onthouden door te denken aan
Exo –> exit, er komt energie uit
Endo –> entree, er gaat energie in
Smaakpapillen
Om de verschillende smaakpapillen te onthouden, kun je denken aan ZoZoZuBi
Zo ut
Zo et
Zu ur
Bi tter
Het verschil tussen modus en mediaan
Om het verschil tussen modus en mediaan te onthouden, kun je denken aan ‘mode’ wat terugkomt in modus. Mode behelst de kleren die op dat moment het meest worden gedragen.
Modus = Het waarnemingsgetal dat het meest voorkomt
Mediaan = het middelste waarnemingsgetal
De bijwoordelijke bepalingen
De verschillende bijwoordelijke bepalingen kun je onthouden aan de hand van het woord
POTMaR
P laats
O orzaak
T ijd
Ma nier
R eden
