
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Voorrang auto rijden
Kijk je hem op z’n bek of nek, dan blijf je op je plek. Kijk je hem op z’n oor dan rijd je door!
Nevenschikkende voegwoorden
Om de nevenschikkende voegwoorden te onthouden, kun je denken aan WANDMODE
W ant
A lsmede
N och
D och
M aar
O f
D us
E n
pull en pushfactoren
Pullfactor: de betekenis van pull is trekken. Dus je trekt mensen aan dus er komen meer mensen naar je land.
Pushfactoren: de betekenis van push is duwen. Dus je duwt mensen uit je land
Lakmoes papier
Als blauw lakmoes blauw blijft, is het een base. En als het verandert in rood is het een zuur. Wanneer rood lakmoes rood blijft, is het een zuur. En wanneer het verandert in blauw is het een base.
‘B’lauw lakmoes: ‘B’ase
‘R’ood lakmoes: Zuu’r’
Tekststructuren
De verschillende structuren kun je onthouden aan de hand van HOPOV
H andelingsstructuur
O nderzoeksstructuur
P robleemstructuur
O piniestructuur
V ergelijkingsstructuur
Nieren
Om te onthouden wat nieren allemaal uit je bloed halen, kun je denken aan de zin
Onder Andere Troep
O verbodige stoffen
A fvalstoffen/afbraakproducten
T eveel aan stoffen
Wat te doen bij een sportblessure
Om te onthouden wat je moet doen bij een sportblessure, kun je denken aan RICE
R ust
I js
C ompressie
E levatie
ημεις en υμεις
ημεις betekent wij, we
υμεις betekent jullie
‘η’ spreek je hetzelfde uit als de ‘e’ in we (2e letter)
‘Ï…’ spreek je hetzelfde uit als de ‘u’ in jullie (2e letter)
Deze atomen komen nooit alleen
Fien CLiederde BRuine Inkt Op Haar Neus
F, Cl, Br, I, O, H, N
Oost-Europa
Enkele Oost-Europese landen kunnen onthouden worden met de zin
Slaan Om Te Slaan Heel Raar
S lovenië
O ostenrijk
T sjechië
S lowakije
H ongarije
R oemenië
spijsvertering
mond=m
slokdarm=s
maag=ma
twaalfvlingerige=t
dunne darm=d
dikke darm=di
endeldarm=e
anus=a
Das Märchen
das Märchen = het sprookje
Das Märchen lijkt op das Mädchen (het meisje). In (bijna) elk sprookje komt wel een meisje/vrouw voor.
Het experiment
Om de onderdelen van een experiment te onthouden, kun je denken aan de zin
Papa Hoort Eekhoorns, Bakt Reusachtige Cupcakes
P robleemstelling
H ypothese
E xperiment
B enodigdheden
R esultaten
C onclusie
Het verschil tussen oud en jong gebergte
Hierbij kun je denken aan O = O
Oud gebergte = rOnde toppen
Jong gebergte heeft spitse toppen, net als de J
Concurreren
Om te juiste spelling van het woord ‘concurreren’ te onthouden, kun je denken aan
Concurreren doe je niet alleen
De r is niet alleen
bijv. naamwoorden vóór zn
Als (autre)
Ben (bon)
Jou (joli)
Niet (nouveau)
Leuk (long)
Vindt (vieux)
Gaat (gros)
Het (haute)
Met (mauvais)
Ben (beau)
Gewoon (grand)
Prima (petit)
En dan de rangtelwoorden natuurlijk!
De oorzaken van pancreatitis
Deze kun je onthouden door GET SMASH’D
G alstones
E thanol
T rauma
S teroids
M umps
A uto-immuun
S corpion-bite
H yperlipidaemia
D rugs
Berg- of dalparabool
Als je blij bent (dus positief) heb je een lachende mond (zelfde vorm als dalparabool). Als je verdrietig bent (dus negatief), heb je een droevige mond (zelfde vorm als bergparabool).
Redox
Om te bellen of een redox reactie verloopt doe je V(ox) – V(red). Ik vergat altijd welke je min de ander deed. Daarom het ezelsbruggetje
Fox – Fred
2 dieren die makkelijk te onthouden zijn.
