
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Muzieknoten
Op deze manier kun je onthouden dat de noten maar tot G gaan!
A t/m G en de rest doet niet mee!
Scheidingsmethoden
De scheidingsmethoden die je voor het examen moet weten beginnen, lopen bijna gelijk met het alfabet. Alleen de G en de H worden overgeslagen.
A-adsoberen
B-bezinken
C-centrifugeren
D-destilleren
E-extraheren
F-filtreren
I-indampen
Het verschil tussen ubi en ibi
Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee
U bi = W aar
I bi = D aar
Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat
Ubi? Ibi!
Marry and bury
Om te onthouden met hoeveel r’en de woorden ‘marry’ en ‘bury’ gespeld worden, kun je denken aan
Trouwens (marry) doe je met zijn tweeën, begraven worden doe je alleen.
Á ce soir
Á ce soir betekent tot vanavond. Dit lijkt op accesoir, als je uitgaat draag je accesoires.
Het verschil tussen geocentrisch en heliocentrisch
Om het verschil tussen geocentrisch en heliocentrisch te onthouden, kun je denken aan het Oud-Grieks
Graphos = aarde
Helios = zon
Geocentrisch wereldbeeld = de aarde is het middelpunt van het heelal
Heliocentrisch = de zon als middelpunt van het heelal
Huidtumoren
Om de huidtumoren te onthouden, kun je gebruiken maken van het acroniem
BLEND AN EGG
B lue rubber bleb naevus
L eiomyoom
E ndometrioom
N eurinoom
D ermatofibroom
A ngiolipoom
N eurilemmoom
E ccrien spiradenoom
G lomus tumor
G ranular cell tumor
km-hm-dam-m-dm-cm-mm
kan het dametje met de centimeter meten
km=kan
hm=het
dam=dametje
m=met
dm=de
cm=centimeter
mm=meten
Diameter en straal
Het verschil tussen een diameter en een straal is soms lastig te onthouden. Diameter is een langer woord dan straal. In een cirkel kun je de korte en de lange lijn onderscheiden door te bedenken dat diameter de lange lijn is en dat straal de korte lijn is, omdat straal een korter woord is dan diameter.
Diatomische elementen
Deze kun je gemakkelijk onthouden met de zin
I Have No BRight Or CLever Friends
I odine
H ydrogen
N itrogen
Br omine
O xygen
C hlorine
F luorine
De provincies
De 12 provincies van Nederland kan je onthouden met de volgende zin:
Niemand Uit NederLand Geeft Grote Feesten Omdat Dat Flauwekul Zou Zijn
N oord-Holland
U trecht
N oord-Brabant
L imburg
G roningen
G elderland
F riesland
O verijssel
D renthe
F levoland
Z uid-Holland
Z eeland
Functies steunweefsels
De functies van steunweefsels kun je onthouden met BOOT VS
B escherming
O pslag
O ndersteuning
T ransport
V erbinding
S tevigheid
Quinze, seize
Na quinze (15) komt seize (16) dat kun je onthouden door te denken aan
‘Ik ken ze,’ zei ze
Het lijdend voorwerp
Om te onthouden wat het lijdend voorwerp van een zin is, kun je denken aan de zin
Vader slaat moeder
Moeder lijdt hieronder en is het lijdend voorwerp
Een geldig doelpunt bij hockey
ABCD
A anvaller raakt de
B al in de
C irkel en dan is het een
D oelpunt
Lange ij, korte ei.
Als je een plank neerlegt op de puntjes van de lange ij dan blijft hij recht liggen, dus dan is het een sterk werkwoord en wordt het woord geschreven met een lange ij.
Want een sterk werkwoord is bijna altijd met een lange ij.
Het verschil tussen additie- en substitutie
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan het Engels
To add = toevoegen
To substitute = vervangen
Additiereactie = iets toevoegen
Substitutiereactie = iets vervangen
Genus Latijn
Het woord genus betekent afkomst, geslacht. Denk daarbij aan genen, die bepalen je geslacht en krijg je van je afkomst.
De soorten gewrichten
Om de drie soorten gewrichten in het lichaam te onthouden, kun je denken aan
Kippen en Schapen Rapen
K ogelgewricht
S charniergewricht
R olgewricht
Differentiëren
Bij het differentiëren gebruik je de productregel, die kun je onthouden door te denken aan DOOD
D ifferentiëren *
O verschrijven +
O verschrijven * Differentiëren
Logaritmen en kwadraten
Welk getalletje uit een kwadraat zet je waar in het logaritme??
A^b=C
De uitkomst van het kwadraat moet altijd in de Log komen te staan.
Verder: wie zichzelf vernedert zal verhoogt worden (en andersom)
Dit betekend dat de A omhoog gaat (word het getalletje linksbovenaan de Log) en b gaat naar beneden (word de uitkomst van de Log)
Zo krijg je:
A^b=C -> ^ALog(C)=B
Ook te onthouden als:
□^♡=☆
^□Log(☆)=♡
Relinquit
Relinquit = achterlaten
Het is zielig om je hondje vast te binden aan de reling en hem daar achter te laten
Variabelen
Onafhankelijke variabele: Oorzakelijke variabele (beide beginnen met de O)
Afhankelijke variabele: variabele die je kan beïnvloeden.
INterveniërende variabele: zit tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabelen IN
Cijfers van pi
De precieze cijfers van pi kan je onthouden met de zin ‘Yes I want a pizza, yesterday we wanted pizza, yes pizza!
De hoeveelheid letters per woord staan voor een getal van pi. En het verhaal gaat nog over pizza ook!
Pi is dus: 3,1415926535
Wiskundesom
Om een wiskundesom goed te beantwoorden, kun je denken aan FIBA
F ormule opschrijven
I nvullen wat je weet
B erekening opschrijven
A ntwoord geven
