
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Ordening biologie
Rijke (1) Spanjaarden (2) Krijgen (3) Op (4) Familiefeesten (5) Grote (6) Stukken (7) Rosbief (8)
1. Rijken
2. Stammen
3.Klassen
4. Orde
5. Familie
6. Geslacht
7. Soort
8. Ras
leerjaar 1 – biologie voor jou VWO
Faire
fraire betekent in het nederlands maken
om het handig te onthouden is door:
Faire
Frambose jam maken
hier zie je de F van faire en van framboos
en jam dat maak je dus hierdoor weet je dat faire – maken is
Het verschil tussen onverzadigd en verzadigd vet
Om te onthouden welke van de twee goed of slecht zijn, kun je denken aan
O = O
Onverzadigd vet = Oké, deze verkleinen de kans op hart- en vaatziekten
Verzadigd vet = Niet oké
Stofeigenschappen
Om de verschillende stofeigenschappen te onthouden, kun je denken aan de zin
Frits Gerard Koster Opent Een KeurSlager
F ase
G eur
K leur
O plosbaarheid
E lektrische geleidbaarheid
K ookpunt
S meltpunt
Mollen en Kruizen voor de Cello
Kruizen:
Finnen BESchouwen EStlanders AS DESkundige GESchiedschrijvers CESar
Mollen:
Geef De Armen Een Bord FIS CIS
Huidlagen: buiten –> binnen
Can Good Skin Be My Defense?
C = Corneum
G = Stratum granulosum
S = Stratum spinosus
B = Stratum basale
M = Basaal membraan
D = Dermis
Koppelwerkwoorden
De koppelwerkwoorden kunnen onthouden worden met de zin
BoB HaD ZoVeeL WaS
B lijven
B lijken
H eten
D unken
Z ijn
V oorkomen
L ijken
W orden
S chijnen
Triviale namen van zouten
De triviale namen van zouten, kun je onthouden met de zin
Kees Slaat Gert Knock Out
K eukenzout = natriumchloride
S oda = natriumcarbonaat
G ips = calciumsulfaat
K alksteen = calciumcarbonaat
O ngebluste kalk = calciumoxide
De bijnierschors
Om de lagen van de bijnierschors, van buiten naar binnen, te onthouden, kun je denken aan GFR
G lomerulose zona
F asciculata zona
R eticularis zona
Volgorde stemhoogten
Om deze volgorde te onthouden, kun je denken aan de zin
Stop Altijd je Tenen in een Bad
S opraan
A lt
T enor
B as
Het verschil tussen loefzijde en lijzijde
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
De lijzijde –> is blij (veel zon)
De loefzijde –> is droef (veel regen)
Basis voor kaartgebruik
Om de basis voor het gebruik van kaarten te onthouden, kun je denken aan
POLS
P erspectief
O riëntatie
L egende
S chaal
Vestigingsfactoren
Om de verschillende vestigingsfactoren te onthouden, kun je denken aan WANGT
W erknemers
A fzetmarkt
N utsvoorzieningen
G rondstoffen
T ransport
Volgorde van berekeningen
Hoe Komen Wij Van Die Onvoldoendes Af?
Elke eerste letter telt voor een stap
H: haakjes
K: kwadrateren ( Machtsverheffen)
W: worteltrekken
V: vermenigvuldigen
D: delen
O: optellen
A: aftrekken
uitgangen regelmatige ww. -er
Een ESkimo Eet ONS EZeltje ENTerecht
parler
je parlE
tu parlES
il/elle parlE
nous parlONS
vous parlEZ
ils/elles parlENT
IJsland – Reykjavik
Om het land IJsland met hoofdstad Reykjavik te onthouden, kun je denken aan de zin
Rij jij of rij ik?
De zeeën bij Griekenland
Om te onthouden welke zeeën er bij Griekenland liggen, kun je denken aan TIA
T yrreense zee
I onische zee
A driatische zee
Spanning, Stroom en Weerstand
Om het onderscheid te onthouden tussen spanning, stroom en weerstand, kun je denken aan
USV ISA RO
U –> Spanning in Volt
I –> Stroom in Ampère
R –> Weerstand in Ohm
Relinquit
Relinquit = achterlaten
Het is zielig om je hondje vast te binden aan de reling en hem daar achter te laten
Kleuren in het Engels
Hanne Tintelt Tot S’morgens
H=hue
T=tint
T=tones
S=shadow
Hue is the pure kleur
Tint is hue plus wit
Tones is hue plus grijs
Shadow is hue plus zwart
Soorten reliëf
Om te onthouden wat voor soorten reliëf er zijn, kun je denken aan het woord
LaHeMiHo
La agland
He uvelland
Mi ddelgebergte
Ho oggebergte
Lagen van een berg
Om de bedekkingslagen van een berg te onthouden, kun je denken aan ERANL
E euwige sneeuw
R otsgordel
A lpeweiden
N aaldboomgordel
L oofboomgordel
Discedere
Discedere= alle kanten op gaan/uiteen
Denk aan discus werpen. De discus gaat alle kanten op
