Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen verticaal en horizontaal

Om het verschil tussen verticaal en horizontaal te onthouden, kun je denken aan V = V

Verticaal = vallen, van boven naar beneden
Horizontaal = van links naar rechts

Daarbij kun je ook bedenken dat de horizontaal zo plat is als de horizon.

 

Door Martin

Salutare

Salutare = begroeten

Denk maar aan salut (Frans)

Door sophie

Formule voor Inhoud

Deze formule kun je onthouden aan de hand van de zin
Leuke BH met Inhoud

Inhoud = LxBxH.

Door E.J.E.

ADie (AltijdDie)

Als je bij Duits het meervoud gebruikt, dan is het lidwoord “die”

Door Anne

Voorzetsels met vierde naamval

Sommige voorzetsels hebben automatisch de vierde naamval bij zich. Deze voorzetsels zijn te onthouden met het ezelsbruggetje DOFEGUB (doof visje): 

D urch 
O hne 
F ür 
E ntlang 
G egen 
U m 
B is

Deze zin werkt ook:
De Feestelijke Ober Uit Griekenland Eet Bananen.


Door amber

Ridere

Ridere = lachen

Ridders moeten met elkaar kunnen lachen

Door Anoniem

Griekse filosofen

Om de chronologische volgorde van drie van de bekendste Griekse filosofen te onthouden, kun je denken aan SPA

S ocrates
P lato
A ristoteles

Door Romain

Pippo

Pippo = vallen

Pippo de clown valt de hele tijd over zijn schoenen

Door rutmer

Miles, milites

Miles, milites = soldaat. Miles, milites lijkt op militair. Een militair is een soldaat

Door jasmijn

Voorzetsels ablativus

Om te onthouden welke voorzetsels met de Ablativus gaan, kun je denken aan deze zin
Aan Een Sinaasappel Plakt De Citroen.

A b
E x
S ine
P ro
D e
C um

Door Iertje

Het verschil tussen this en that

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan I = I en A = A

ThIs = dIchtbij
ThAt = verAf

Door R.

de Dativ voorzetsels

ZAAGMENS BV

Z = zu
A = aus
A = außer
G = gegenüber
M = mit
E = entgegen
N = nach
S = seit

B = bei
V = von

Door Daniël

Soorten reliëf

Om te onthouden wat voor soorten reliëf er zijn, kun je denken aan het woord
LaHeMiHo

La agland
He uvelland
Mi ddelgebergte
Ho oggebergte

Door Eva

Taxonomische indeling

“Rijken Spelen Koning Over Fel Gele Stenen” staat voor
Rijk
Stam
Klasse
Orde
Familie
Geslacht
Soort

Door jacob

Uitgangen praeses

Om de uitgangen o-s-t-mus-tis-nt niet meer uit je hoofd te krijgen zoek je op youtube op latijn is stampen.

(https://www.youtube.com/watch?v=Fh_BqcXEfMs)

Door anna

Het verschil tussen supinatie en pronantie

Supinatie –> de beweging die je maakt als je soep van een lepel eet
Pronantie –> de beweging die je maakt als je een slok neemt, proost!

Door Annemieke

Een Frans streepje

Een streepje ( – ) = le trait d’union

Dit lijkt op traditionele ui

Door Elize

Lagen van de opperhuid

Deze kun je onthouden met de zin
Bas Steekt Kor Door Hoofd

B asaalcellenlaag
S tekelcellenlaag
K orrellaag
D oorschijnende laag
H oornlaag

Door Lise

Turba

Turba = menigte

De hele menigte draagt een tulband

Door Jootje

Couloir

Couloir betekent gang

In de gang is het koel

Door Inge

Euriskei

Euriskei = hij vindt

Het woord lijkt op eureka. Als je iets hebt gevonden roep je eureka! 

Door lisanne

Rijbewijs

Als je niet weet wanneer een tram stop gebruik ik altijd
Een tram is bang voor dieren
Een tram stopt alleen voor zebrapaden en haaientanden

Door Lisa

Priusquam

Priusquam = voordat

Jij was er al voordat de Prius aan kwam rijden

Door Anoniem

Berg- of dalparabool

Als je blij bent (dus positief) heb je een lachende mond (zelfde vorm als dalparabool). Als je verdrietig bent (dus negatief), heb je een droevige mond (zelfde vorm als bergparabool).

Door Denise

Formule voor volume

Om de formule voor volume te onthouden, kun je denken aan de zin
VOLle LENGTE BRandt HOOG

Volume = lengte x breedte x hoogte

Door Ilisa

LE PAS. COMP. AVEC ÊTRE

Om te weten welke werkwoorden met être worden vervoegd in de passé composé moet je “MAARTEN P.R.” onthouden.

Montre <-> descendre
Arriver <-> partir
Aller <-> (re)venir
Rentre
Tomber
Entre <-> sortir
Naître <-> mourir

P.asser
R.etourner

+ les verbes pronominaux

Door Clara

De geofactoren

Deze kun je onthouden met de zin
Koude Latijnse Regels Worden Bedacht Vanwege Fantasie

K limaat

L ithologie

R eliëf

W ater

B odem

V egetatie

F auna

De volgorde staat op basis van prioriteit

Door Elzemieke
Home
Alle items
Uploaden