
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
De woordvolgorde van een Engelse zin
De volgorde van een standaard Engelse zin kun je onthouden aan de hand van TOPVPT
T ijd
O nderwerp
P ersoonsvorm
V oorwerp
P laats
T ijd (Tijd kan zowel aan het begin als aan het einde van de zin).
Organische stoffen
Deze kun je onthouden met het acroniem KaPSaLoN
K oolstofverbindingen
S achariden
L ipiden
P roteïnen
N ucleïnezuren
Formule voor snelheid
Om de formule voor snelheid te onthouden, kun je denken aan snelheidsborden. Deze geven bijvoorbeeld 50 km/u aan. Hieruit kun je afleiden dat de afstand gedeeld door de tijd de snelheid berekent
v = s/t
v = snelheid
s = afstand
t = tijd
Pelvis
Pelvis = bot in je heup
Om te onthouden waar deze zit, kun je denken aan
Elvis de Pelvis
Elvis schudde namelijk vaak met zijn heupen
De wervels
Deze kun je, van boven naar beneden, onthouden met de zin
HandBoeien Leiden Hoge Straf
H alswervels
B orstwervels
L endenwervels
H eiligbeen
S taartbeen
Het verschil tussen Amerikaanse en Britse spelling
Om te onthouden of een woord volgens de Amerikaanse of de Engelse spelling geschreven is, kun je denken aan de vuistregel
Het langste woord is Brits
Airplane/aeroplane
Rumor/rumour
Argumenten
Inductie
Deductie
Autoriteit
Analogie
Voorbeeld
Statistieken
Oorzak
Gedrags
Pragmatish
Lied 3e naamval + de rest
1. Zing het deze tekst op de melodie van vader jacob:
Aus bei mit nach
aus bei mit nach
seid von zu
seid von zu
außer gegenuber
außer gegenuber
entgegen
entgegen
2.
Rechts En Snel Evacueren
Snel Rechts Snel Rechts
Maar Rechts Mag Niet
Niet Eerst Snel Eten
ik hoop dat jullie er wat aan hebben. zo heb ik het geleerd.
Grootheden
Om het verschil te onthouden tussen de grootheden van getallen; van laag naar hoog, kun je denken aan
Mijn Bil Trilt (2x)
Miljoen = 1.000.000
Miljard = 1.000.000.000
Biljoen = 1.000.000.000.000
Biljard = 1.000.000.000.000.000
Triljoen = 1.000.000.000.000.000.000
Triljard = 1.000.000.000.000.000.000.000
Motorrijbewijs
Om te onthouden welke controlepunten je aan je examinator dient op te noemen, kun je denken aan BROVAK
B anden en brandstof
R emmen
O lie
V ering en verlichting
A ccu
K etting en koeling
Bindingen stikstofbasen in DNA
In DNA maken heb je A, C, G en T.
Om te onthouden welke stikstofbase met welke verbonden is gebruik je:
AppelTaart (A-T)
CitroenGebak (C-G)
Spijkenisse
Om te onthouden dat Spijkenisse aan de Lek ligt, kun je denken aan
De spijker prikt dingen lek
Tekststructuren
De verschillende structuren kun je onthouden aan de hand van HOPOV
H andelingsstructuur
O nderzoeksstructuur
P robleemstructuur
O piniestructuur
V ergelijkingsstructuur
Indianenstammen
Om te onthouden waar de indianenstammen gevestigd zijn, kun je denken aan CANO
C alifornië
A rizona
N ew Mexico
O klahoma
Het verschil tussen biceps & triceps
Het verschil tussen biceps en triceps kun je onthouden door
B=B en TR=TR
Bicep = Buigspier
TRicep = TRekspier
La randonnée
La randonnée = trektoch
Tijdens een trektocht loop je langs een ravijn en val je over de rand, O NEE!
Wiskundesom
Om een wiskundesom goed te beantwoorden, kun je denken aan FIBA
F ormule opschrijven
I nvullen wat je weet
B erekening opschrijven
A ntwoord geven
Indeling dierenrijk
Ergens in September Hoort Willie Wortel Gekke, Slimme Grappen.
E = eencelligen
S = sponzen
H = holtedierne
W = wormen
W = weekdieren
G = geleedpotigen
S = stekelhuidigen
G = gewervelden
De volgorde van bytes
Deze volgorde kun je onthouden door de zin
Blauwe Koekjes Maken Gek, Truus
B ytes
K ilobytes
M egabytes
G igabytes
T erabytes
Landen Midden-Amerika
Om de landen in Midden-Amerika te onthouden, van Noord naar Zuid en van links naar rechts, kun je denken aan de zin
Moeder Ging Bijna Elke Hete Nacht Citroenen Plukken
M exico
G uatamala
B elize
E l Salvador
H onduras
N icaragua
C osta Rica
P anama
Het verschil tussen Flora en Fauna
Om het onderscheid te onthouden, kun je denken aan
L = L
FLora = pLanten
Fauna = dieren
ITCZ – hoge en lage luchtdruk
Hoog is droog.
In het hogedrukgebied is het droog en valt er weinig neerslag. In het lagedrukgebied valt er veel neerslag.
Tip: het ezelsbruggetje is om te onthouden. Schrijf op je toets niet: In het hogedrukgebied is het droog. Maar leg het proces uit!!
Zomer/wintertijd
Heel makkelijk te onthouden wanneer de zomer of winterijd ingaat.
Zomertijd gaat de klok naar voren, het is namelijk voorjaar. Als je daaraan denkt, dan weet je dat met de wintertijd de klok weer een uur terug moet.
