
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Plombier em pompier
Plombier betekent loodgieter
Pompier betekent brandweerman
Om deze uit elkaar te houden, kun je denken aan
De brandweer pompt water op vuur –> pompier
De loodgieter werkt met buizen (plumbing) –> plombier
Duitse postcodes
Om de volgorde van de Duitse postcodes te onthouden kun je gebruik maken van de zin
Boer Harms Hoort De Koe Flink Stampij Maken
B erlijn – 1000
H amburg – 2000
H anover – 3000
D usseldörf – 4000
Köln – 5000
F rankfurt – 6000
S tutgart – 7000
M ünchen – 8000
Tangere
Tangere = aanraken, treffen
Bij de tango sta je dicht bij elkaar en raak je elkaar aan
Malle
Als je iets liever wilt zeg je vaak MAAR… ik wil liever.
Volle = willen
Maar + volle =malle
Soorten argumenten
Om de zeven verschillende soorten argumenten te onthouden, kun je denken aan de zin
Veel Fietsen En Andere Voertuigen Ergeren Mensen
V oorbeeld
F eit
E motie
A utoriteit
V ergelijking
E mpirisch
M oreel
Werkwoorden Frans
Avoir= ils, elles ont= o van avoir.
Faire= ils, elles font= f van faire
Verschillende landschapstypes
Bij Wie Gaan Belgen Lopen In Toeristische Steden
Boslandschap
Woestijnlandschap
Graslandschap
Berglandschap
Landbouwlandschap
Industrielandschap
Toeristisch landschap
Stedelijk landschap
Grootheden in de Informatica
Deze kun je onthouden aan de hand van MUggeNPlaag
M –> Milli, 10 tot de macht -3
U –> Micro, 10 tot de macht -6
N –> Nano, 10 tot de macht -9
P –> Pico, 10 tot de macht -12
Genus Latijn
Het woord genus betekent afkomst, geslacht. Denk daarbij aan genen, die bepalen je geslacht en krijg je van je afkomst.
Assimiliatie en Dissimiliatie
A = A
D = D
Assimiliatie = Aanbouw –> De opbouw van organische moleculen uit kleinere moleculen
Dissimiliatie = Destructie –> De afbraak van organische moleculen tot kleinere moleculen
Buddycheck
Om de volgorde van de buddycheck voor het duiken te onthouden, kun je denken aan
Vlugge Leeuwen Schieten Lekker Op
V est
L ood
S luitingen
L ucht
O k
Cuisine
Om te onthouden dat je cuisine met ‘ui’ schrijft, kun je denken aan
In de keuken snijdt je een ui
Pelvis
Pelvis = bot in je heup
Om te onthouden waar deze zit, kun je denken aan
Elvis de Pelvis
Elvis schudde namelijk vaak met zijn heupen
Kunststijlen na 1400
Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Rick Moet Bart Ross Noemen Soms
R enaissance
M aniërisme
B arok
R ococo
N eo-classicisme
S ymbolisme
Variabelen
Onafhankelijke variabele: Oorzakelijke variabele (beide beginnen met de O)
Afhankelijke variabele: variabele die je kan beïnvloeden.
INterveniërende variabele: zit tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabelen IN
De beginsels van kunststoffen
Deze kun je onthouden met de volgende zin
Met Een Paraplu Blijft Pino Heel Hoog Ook Nog Droog
M eth
E th
P rop
B ut
P ent
H ex
H ept
O ct
N on
D ec
Assume
Om te onthouden hoe je ‘asume’ spelt, kun je denken aan de zin
Never assume! It makes an ASS of U and ME
Argumenten
De basisregels die als grondslag kunnen liggen van gevoerde argumenten kun je onthouden met de zin
Fietsen Over Nieuwe Voetpaden Gaat Niet Goed
F eiten
O nderzoek of wetenschap
N ormen en waarden
V ermoedens
G eloof
N ut
G ezag of autoriteit
Tekstverbanden NL
C oncluderend
U itleggend
T egenstellend
T ijdsvolgorde
R edengevend
O orzaak-gevolg
S amenvattend
M iddel-doel
O psommend
V oorwaardelijk
V ergelijkend
LE PAS. COMP. AVEC ÊTRE
Om te weten welke werkwoorden met être worden vervoegd in de passé composé moet je “MAARTEN P.R.” onthouden.
Montre <-> descendre
Arriver <-> partir
Aller <-> (re)venir
Rentre
Tomber
Entre <-> sortir
Naître <-> mourir
P.asser
R.etourner
+ les verbes pronominaux
Woorden in de passé composé
Om de woorden die in de passé composé met être gaan, te onthouden, kun je gebruik maken van het acroniem DAMPERSVAT
D escendre
A ller
M onter
P artir
E ntrer
R ester
S ortir
V enir
R etourner
A rriver
