Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Romeinse cijfers

Een gemakkelijk ezelsbruggetje om de volgorde van Romeinse cijfers te onthouden:

Ik verving Xaviers lekkere citroenen door meloenen:

I = 1
V = 5
X = 10
L = 50
C = 100
D = 500
M = 1000

Door Thomas

Toonladders met kruizen

Om de toonladders met de hoeveelheid kruizen te onthouden, kun je denken aan de zin Geef De Armen Een Bord Fis Cis (die laatste twee staan dan voor ‘visjes’).
G 1#
D 2#
A 3#
E 4#
B 5#
Fis 6#
Cis 7#

Door Anthony

VOORZETSEL +ACC

Appelsien in de soepkom, proost!
a(b) – e(x) – sine – in – de – sub – cum – pro

Door Caitlin

Het verschil tussen debiteren en crediteren

Dit verschil kun je onthouden met de volgende zin
Bij de V&D naar de WC

In het boekhouden worden
V erliezen ge
D ebiteerd en

W insten ge
C rediteerd 

Door Marleen Peters

Het proces van ontkiemen

Dit proces kun je onthouden met de zin
Wat Zullen We Stelen, Bas?

W ater wordt opgenomen
Z aadhuid barst open
W ortel komt naar buiten
S tengel komt naar buiten
B laadjes komen naar buiten

Door Anoniem

cogitare

cogitare = nadenken

als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.

Door lotte

Spectare

Spectare = kijken

Naar een spektakel kom je kijken

Door Anoniem

Convenit

Convenit = het past

Confetti past bij Carnaval

Door Alice

De rivier Po

Om de rivier de Po te vinden op te kaart, ga je op zoek naar de Laars. Wanneer je op de Po zit, laat je je broek zakken tot aan je laars

Door Meran

Trema

Alleen op de medeklinkers van Auto kunnen een trema komen. 

Door Boo

videre audire

je moet denken aan je ziet een video, videre (zien). je hoort een audio, audire (horen).

Door Anoniem

Interactietheorie

De verschillende onderdelen van de interactietheorie kun je onthouden door CAT

C omplementariteit –> het ene gebied moet iets kunnen leveren waar in het andere gebied vraag naar is 
A ndere mogelijkheden –> er mogen geen tussenliggende mogelijkheden zijn
T ransportbaarheid –> het moet allemaal in een redelijk tempo tegen een redelijke prijs kunnen worden vervoerd

Door George

Metriek stelsel

Km ~ kijk
Hm ~ hoe
Dm ~ dat
M ~ meisje
Dm ~ die
Cm ~ cirkel
Mm ~ maakt

Kijk hoe dat meisje die cirkel maakt!

Door Paula

coördinaten?

Meiden, BH eerst voor dat je een T-shirt aandoet!
Breedte eerst
Hoogte laatste

Door hannah

Semper

Semper = altijd

Semper lijkt op pamper, met pampers blijf je altijd droog

Door Mireille

Conjunctief Praeses

Hoe je een conjunctief Praeses vertaalt, kun je onthouden aan de hand van de zin
Gisteren Was Pa Veel Te Aangeschoten

G ebod
W ens
P otentialis (mogelijkheid)
V erbod
T wijfel
A ansporing

Door Nis

De geologische afzettingen

Om de afzettingen te onthouden, kun je denken aan de zin 
Flessen Eten Geen Moorkop

F luviatiele afzetting (rivier)
E ologische afzetting (wind)
G laciale afzetting (ijs)
M aritieme afzetting (zee)

Door Sanne

De inhoud van een chromosoom

Om te onthouden hoe een chromosoom is opgebouwd, kun je het vergelijken met een boek

Het boek –> de chromosoom
De bladzijdes –> het DNA
De informatie –> Het gen met het bijbehorende genotype

Door Esther

Ambulare

Ambulare = wandelen

Als mensen tijdens het wandelen vallen, moet er een ambulance komen

Door Amee

Het verschil tussen meridiaan en parallel

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Mollige Lange en Pestende Bolle

M eridiaan is voor
L engte
P arallel is voor
B reedte

Door Ginny

Ordening dieren (organisatieniveau)

Die (domein)
Rijke (rijk)
Stinkerds (stam)
Kunnen (klasse)
Overal (orde)
Fijne (familie)
Gebakjes (geslacht)
Stoppen (soort)

Door Sterre

Zeeuwse wateren

Om de Zeeuwse wateren te onthouden, gebruik ik altijd het volgende: Hartelijk Gefeliciteerd Oud Wijf
HGOW = Haringvliet Grevelingen Oosterschelde Westerschelde (van boven naar beneden op de kaart)

Door Meester Paul

Grieks: ta kaka nl: ellende, rampen, ongeluk

Grieks: ta kaka nl: ellende, rampen, ongeluk
Ezelsbruggetje: het is echt een ellende als Je moet kakken (poepen)

Door Sterre

De economische factoren van de secundaire factor

Deze kun je onthouden met het acroniem BOWIE

B ouw
O ntginning van delfstoffen
W aterwinning
I ndustrie
E nergie opwekken

Door Paulien

Variabelen

Om het verschil tussen onafhankelijke, afhankelijke en interveniërende variabelen te onthouden, kun je denken aan O = O en IN = IN

Onafhankelijke variabele = Oorzakelijke variabele
Afhankelijke variabele = variabele die je kunt beïnvloeden
INterveniërende variabele = de variabele tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabele in

Door Nina

Voorzetsels met de dativ

Om te onthouden welke voorzetsels met de dativ gaan, kun je het volgende rijmpje op het deuntje van Vader Jacob zingen

Aus bei mi-it, aus bei mi-it

Von zeit zu, von zeit zu

Immer mit dem dativ, immer mit dem dativ

Gegen über nach, gegen über nach

Door Elise

Het verschil tussen AM en PM

Het verschil tussen AM en PM, kun je onthouden door ze als acroniem te beschouwen

AM –> Akelige Morgen (dus in de ochtend)
PM –> Prettige Middag (dus in de middag)

Door Iris
Home
Alle items
Uploaden