Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen sytole en diastole

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan S = S en DI = DI

Sytole = Samentrekken
DIastole = DIvers, uit elkaar –> ontspannen

Door Anoniem

De lagen van de opperhuid

Om de lagen van de opperhuid van buiten naar binnen te onthouden, kun je denken aan de zin
Hoor Daar Komt Sint Binnen

H oornlaag
D oorschijnende laag
K orrellaag
S tekellaag
B asaalcellenlaag

Door Martine

Redox

Om te bellen of een redox reactie verloopt doe je V(ox) – V(red). Ik vergat altijd welke je min de ander deed. Daarom het ezelsbruggetje

Fox – Fred
2 dieren die makkelijk te onthouden zijn.

Door Sabine

Ferme

Ferme = dichtdoen, sluiten

Als je de deur dicht gooit dan doe je dat met een ferme slag

Door Zoë

ἐθέλω

ἐθέλω = willen / bereid zijn

Ik ben bereid om voor jou door iets heets te gaan.

Door Olivier

Éviter

Éviter betekent vermijden
In het Engels is: ‘invite’ uitnodigen. En als je iemand wilt vermijden ga je iemand niet uitnodigen.

Door :)

Maw kernconcept cultuur

VOUW’N =
het geheel van
Voorstellingen
Opvattingen
Uitdrukkingsvormen
Waarden
Normen
die mensen als lid van een groep of samenleving hebben verworven

Door Lieke

uitgangen ww preasens

Maak er een liedje van.
O
S
t
Mus
Tis
nt

Te
Re

Door nynke

Het verschil tussen Anaërobe en Aërobe Dissimilatie

Het verschil tussen anaërobe en aërobe dissimilatie kun je onthouden door deze zin

Ana (van Anaëroob) houdt van wijn, wijn moet gisten.  Anaëroob –> gisten.
Aëroob moet niet gisten. Aëroob –> verbranding.

Door Jilly en Renee

Plombier em pompier

Plombier betekent loodgieter
Pompier betekent brandweerman

Om deze uit elkaar te houden, kun je denken aan
De brandweer pompt water op vuur –> pompier
De loodgieter werkt met buizen (plumbing) –> plombier

 

Door Leonietje

Potamos

Potamos= rivier

Bij de rivier groeit mos

Door Anoniem

De voorzetsels bij de akkusativ

De voorzetsels bij de akkusativ zijn te onthouden met de zin
Beer Doodt Geen Oudtjes En Fietst Uren

B is
D urch 
G egen 
O hne 
E ntlang 
F ur 
U m

Door Paul

Mox

Mox = spoedig, weldra

Als je mok omvalt moet je spoedig een doekje halen

Door Anoniem

De volgorde van netwerknamen

De volgorde waarin netwerknamen worden vertaald naar IP-adressen kun je onthouden met de zin
Cute White Babies Love Hairy Dogs

C ache
W INS
B roadcast
L Mhosts 
H osts
D NS

Door Patrick

Rursus

Rursus = weer, terug

Rursus lijkt op cursus. Moet ik weer terug naar die cursus?

Door Julia

De volgorde van de ringen op de Olympische Vlag

De volgorde kan onthouden worden met de zin
Boos Zegt Rob – GEEN Goud

B lauw
Z wart
R ood

G eel
G roen

Door Sanne

Belgische vlag

Om de kleuren van de Belgische vlag te onthouden, van links naar rechts, kun je denken aan
ZWAGER

ZWA rt
GE el
R ood

Door Marie

Planeten in de juiste volgorde

Mijlenver Van Aarde Mag Je Soms Urenlang Niet Plassen

– Mercurius
– Venus
– Aarde
– Mars
– Jupiter
– Saturnus
– Uranus
– Neptunus
– Pluto

Door Marcel

cogitare

cogitare = nadenken

als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.

Door lotte

Formule voor energie

De formule kun je onthouden door te denken aan PET

p = E/T

p = Vermogen
E = Energie
T = Tijd

Door Anoniem

Binaire talstelsel

In het binaire talstel zitten maar twee cijfers. (0,1) Dit is te onthouden doordat de ‘b’ van binair de tweede letter in het alfabet is.

Door Jesse

De voorzetsels bij Der

De voorzetsels die met Der samengaan, kun je onthouden door het acroniem DJ WAMS

D ies –> deze
J ed –> iedere, menig
W elch –> welke
A ll –> alle(s), iedereen
M anch –> sommige, menig
S olch –> zulke

Door Beau

Groter dan(<) en kleiner dan(>)

< heb je een grote opening en dat is groter dan > heb je een puntje dan is het kleiner dan

Door Ryan

De eilanden

De eilanden onthoud je met het woord TV-TAS

T Texel
V Vlieland

T terschellingen
A Ameland
S Schiermonnikoog

Door Beyza

Kenmerken concurrentiekracht

Om de vijf kenmerken die bij concurrentiekracht horen te onthouden, kun je denken aan POMOT

P roductiefactoren
O ndernemersgeest
M arktorganisatie
O verheid
T oevalsfactoren

Door Erwin

Klimaat systeem van Köppen

Een geheugensteuntje bij het Klimaatsysteem van Köppen

Alleen voor A-C-D klimaat:
s- sommertrocken: droge periode valt in de Sommer.
w- wintertrocken: droge periode valt in de Winter.
f- felht: er is geen droge periode. De droge periode is Foetsie.  

Alleen voor B klimaat:
BW-klimaat: B Woestijnklimaat.
BS-klimaat: B Steppeklimaat.

Alleen bij E klimaat:
EF-klimaat: sneeuwklimaat zonder 
begroeiing. De begroeiing is Foetsie.
EH-klimaat: Hooggebergte klimaat. Zelfde als EF-klimaat, maar dan op grote Hoogte.
ET-klimaat: Toendra klimaat.

Door Bijntje

Het verschil tussen Flora en Fauna

Om het onderscheid te onthouden, kun je denken aan
L = L

FLora = pLanten
Fauna = dieren

Door Marie
Home
Alle items
Uploaden