Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Status krijgen

Om te onthouden waardoor je status krijgt, kun je denken aan BOMAAW

B eroep

O pleiding

M acht

A anzien

A fkomst

W oonomgeving

Door Babs

Bindingen stikstofbasen in DNA

In DNA maken heb je A, C, G en T.

Om te onthouden welke stikstofbase met welke verbonden is gebruik je:

AppelTaart (A-T)
CitroenGebak (C-G)

Door Eva

substitutie of complementaire goederen

Denk bij substitutie goederen aan substitute teacher, een invallende docent, een vervangende docent. Substitutie goederen kun je met elkaar vervangen. Bij complementaire goederen moet je denken aan complete, volledig.
Complementaire goederen gebruik je samen, om ze volledig te kunnen gebruiken.

Door Bo

VOORZETSEL +ACC

Appelsien in de soepkom, proost!
a(b) – e(x) – sine – in – de – sub – cum – pro

Door Caitlin

Mulier

Mulier = vrouw

De vrouw speelt MUziek op de LIER

Door Sam

Hersenstructuren

De hersenstructuren kun je onthouden met de zin
Tel Deze Messen Met Mij

T elencephalon
D yencephalon
M esencephalon
M etencephalon
M yencephalon

Door Merel

accipere = ontvangen

Accipere lijkt op accepteren. Als je een pakketje ontvangt, moet je het eerst nog accepteren.

Wil je het pakketje accepteren? Anders kan je het niet ontvangen!

Door Jootje

Harde en zachte klanken

De harde ‘ch’ gebruik je bij de klinkers van AUtO.

De zachte ‘ch’ gebruik je bij de klinkers van EI.

Een auto is harder dan een ei.

Door Jacco

Mutualisme

denk aan een (Mutu) meteoor die ze samen tegen moeten houden.

of denk aan (Mutu) meter om hun band met elkaar te meten

Door Max

addere

addere = toevoegen

addere lijkt op het engelse woord “add”, dat toevoegen betekent.

Door Boaz

Hogedrukgebied en lagedrukgebied

Om het verschil te onthouden denk aan een strand in bijvoorbeeld Spanje

🌤 Hogedrukgebied = hoog aantal toeristen
want veel zon, is weinig bewolking, is weinig neerslag

🌧 Lagedrukgebied = laag aantal toeristen
want weinig zon, is veel bewolking, is veel neerslag

Er zijn weinig mensen om het strand bij slecht weer.

Daarbij kun je denken aan het rijmpje
“Hoog is droog en laag is vaag”

Hoog drukgebied is droog weer, laag drukgebied is regen

Door Quinty

De imperfectum

Om de imperfectum te onthouden, kun je denken aan de naam Ibrahim

Deze begint met de I van imperfectum en eindigt met de IM van imperfectum.
Ook staat BAM hierin, waaraan je de imperfectum vaak herkent.

Door storm

Voorzetsels met datief

Gebruik het zinnetje “Met bij nacht van tegenover huis te zijn”

Met = mit
bij = bei
nacht = nach
van = von
tegenover = gegenüber
huis (=Haus) = aus
te = zu
zijn (=sein) = seit

Door Robbe

La randonnée

La randonnée = trektoch

Tijdens een trektocht loop je langs een ravijn en val je over de rand, O NEE!

Door Marjolein

noten aflezen

als je een de noten op de lijn wilt weten doe je

Eet-Veel-Bananen-Dom-Fruit
de eerste letter is de noot

en tussen de letters

FACE

Door Timo

Pv zoeken

Waar beginnen we mee? Met de Pv en die komt met de TGV(Tijdproef, Getalproef, Vraagproef), ja of nee? (vraagproef met een ja/nee-vraag!!).

Door Twan

Functie van olie in een motor

De functie van olie in een motor kun je onthouden door
KOEGRAS 

K oeling
G eluidsmindering
R einiging 
A fdichten
S mering

Door Jos

De wet van Ohm

Deze kun je onthouden aan Oom RUDI

Ohm –> R = U/I

R = weerstand
U = spanning
I = stroomsterkte

Door Thomas

Lijdend voorwerp

Stel de volgende vraag:
Wat kan ik (pv +wwg)? = LV

Voorbeeld:
Mijn vader wast de auto
Wat kan ik wassen? De auto = lv

De bakker weegt de koekjes af.
Wat kan ik afwegen? De koekjes = lv

Door Gretsken

Present Simple en signaalwoorden

De present simple komt voor bij gewoonte, regelmaat en feit

Dit kun je onthouden door GiRaF

De signaalwoorden kun je onthouden met
SNORFEUS

S ometimes
N ever
O ften
R egularly
E very
U sually
S eldom

Door Niala & Marjolein

LE PAS. COMP. AVEC ÊTRE

Om te weten welke werkwoorden met être worden vervoegd in de passé composé moet je “MAARTEN P.R.” onthouden.

Montre <-> descendre
Arriver <-> partir
Aller <-> (re)venir
Rentre
Tomber
Entre <-> sortir
Naître <-> mourir

P.asser
R.etourner

+ les verbes pronominaux

Door Clara

Qui?

Qui? = Wie?
kiwi
Je hebt qui (ki) en wie (wi).

Door Nora

vermogen berkenen

je onthoud de volgorde van vermogen, spanning en stroom sterkte door:
vespa sterkte

ve- VErmogen
spa- SPAnning
sterkte- stroomSTERKTE

Door Nicky

Exporteren

Je ex gaat weg, dus het wordt geporteerd uit ons land.

Door kaya

Properare

Properare = zich haasten

Als een poetsvrouw het huis proper maakt, doet ze dat haastig

Door Anje

sedere, zitten

sedere doe je op je derrière.

Door myrthe

Anatomie van de handwortelbeentjes

Some Lovers Try Pies That They Can’t Handle

S caphoideum
L unatum
T riquetrum
P isiforme
T rapezium

T rapezoideum 
H amatum

C apitatum

Door Thijs
Home
Alle items
Uploaden