Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Een brief schrijven

Om te onthouden waar je aan moet denken bij het schrijven van een brief, kun je denken aan
HoLeKlaSaWIJN

Ho ofdletters?
Le estekens?
Kla korte/lange klinkers?
Sa menstellingen?
W erkwoordspelling juist?
IJ of ei? ou of au? v of f? s of z?
N of zonder -n?

Door Debora

Het verschil tussen supinatie en pronantie

Supinatie –> de beweging die je maakt als je soep van een lepel eet
Pronantie –> de beweging die je maakt als je een slok neemt, proost!

Door Annemieke

Het verschil tussen Accusativus en Dativus

ACC = LV, DAT = MV

A lle: L euke V rienden
D oen: M ee V andaag 

Door Quiana

Het proces van ontkiemen

Dit proces kun je onthouden met de zin
Wat Zullen We Stelen, Bas?

W ater wordt opgenomen
Z aadhuid barst open
W ortel komt naar buiten
S tengel komt naar buiten
B laadjes komen naar buiten

Door Anoniem

Osteoblasten en Osteoclasten

Osteoblasten: zorgen voor de bouw van nieuw bot.
Osteoclasten: zorgen voor het Crushen (afbreken) van bot.

Door Teun

Kunststijlen na 1400

Om deze te onthouden, kun je denken aan de zin
Rick Moet Bart Ross Noemen Soms 

R enaissance
M aniërisme
B arok
R ococo
N eo-classicisme
S ymbolisme

Door Martin

ATP-moleculen

A = atoomgroep (molecuul)
T = ter bewaring (opgeslagen)
P = power (energie)

De beschikbare gekomen energie wordt tijdelijk opgeslagen in ATP-moleculen

Door George

De IJstijden

Om de volgorde van de ijstijden te onthouden, kun je denken aan het acroniem WESHP

W eichselien –> Geen ijstijd
E emien –> IJstijd
S aalien –> Geen ijStijd
H olosteinien –> IJstijd
H oloceen –> Geen ijstijd
P leistoceen –> IJstijd

Door E

An of a

Neem een engels woord bvb. home, en je ondhoud de regel; alleen als er vooraan een klinker staat mag ik er een a van maken. De eerste lettter van het woord home is geen klinker dus je kan er geen a voor zetten, het wort dus gewoon a en niet an

Door Puck

Tekstverbanden NL

C oncluderend
U itleggend
T egenstellend
T ijdsvolgorde
R edengevend
O orzaak-gevolg
S amenvattend
M iddel-doel
O psommend
V oorwaardelijk
V ergelijkend

Door Niek

substitutie of complementaire goederen

Denk bij substitutie goederen aan substitute teacher, een invallende docent, een vervangende docent. Substitutie goederen kun je met elkaar vervangen. Bij complementaire goederen moet je denken aan complete, volledig.
Complementaire goederen gebruik je samen, om ze volledig te kunnen gebruiken.

Door Bo

De EU-landen die geen Euro gebruiken

De landen die de euro niet gebruiken kan je onthouden met ZZOND!

Z weden
Z witserland
O ost Europa (dan moet je de landen wel kennen)
N oorwegen
D enemarken

Door Nienke

Het verschil tussen Flora en Fauna

Om het onderscheid te onthouden, kun je denken aan
L = L

FLora = pLanten
Fauna = dieren

Door Marie

De tijdsperiodes

De verschillende tijdsperioden in de geschiedenis kun je onthouden met de zin
Piet Smits Kaatst Mini Nootjes Naar Erik

P rehistorie
S troomculturen
K lassieke oudheden
M iddeleeuwen
N ieuwe tijd
N ieuwste tijd
E igen tijd

Door chanty

Dativ

Aus bei mit nach, aus bei mit nach
Seit von zu, seit von zu
AuBer gegenüber, auBer gegenüber
Im dativ

-> op de toon van Vader Jakob

Door Jennifer

Lidwoorden

Mannelijk: Rare Sam Moet Naaien =
deR, deS, deM, deN

Onzijdig: Schone Sam Moet Slapen =
daS, deS, deM, daS

Vrouwelijk: IEmand Raakt Rachel In Eens =
dIE, deR, deR, dIE

Meervoud: IEmand Raakt Nina In Eens =
dIE, deR, deN, dIE

Door Jorno

Clam

Clam = stiekem

Als je iets stiekem doet, krijg je klamme handen

Door Jootje

Natation

(Faire de la) natation betekent zwemmen

Van zwemmen wordt je nat

Door Wouter

De metalen

De metalen hebben 3 G’s waar je aan moet denken

G lans
G eleiding warmte
G eleiding stroom

Door Estevan

Quarere

Quarere = zoeken

Alle letters staan door elkaar, je moet op zoek naar het woord

Door Fenna

nihil = niets

Nihil is in het nederlands een ander woord voor ‘heel klein’. Je gebruikt vaak in de volgende zin:
‘Ik acht de kans nihil…’

Dus:

Ik acht de kans NIHIL dat je NIETS op de toets weet.

Door Jootje

Variabelen

Onafhankelijke variabele: Oorzakelijke variabele (beide beginnen met de O)
Afhankelijke variabele: variabele die je kan beïnvloeden.
INterveniërende variabele: zit tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabelen IN

Door Nina

Regeringstaken

Deze kun je onthouden aan RUW

R echtsprekend
U itvoerend
W etgevend

Door Grietje

Objectief

Ik vergeet vaak het woord objectief de betekenis daarvan is: wie alleen op de feiten let. Als je het laatste stukje van het woord objectief omdraait (tief) dan staat er feit.

Door mia

Fobos

Fobos = angst, vrees

Hier komt het woord fobie vandaan

Door Nina

Het verschil tussen bakboord en stuurboord

Het verschil tussen bakboord en stuurboord kun je onthouden door R =R

StuuRboord = Rechts
Bakboord = Links

Door Miriam

Cupido

Cupido = begeren

Cupido wil dat mensen elkaar begeren!

Door Anoniem
Home
Alle items
Uploaden