
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
De ontwikkelingen van Nederland
Om de ontwikkelingen in chronologische volgorde te onthouden, kun je denken aan de zin
Er Staan Onder de Peper Meer Eieren OEV!
E einde Middeleeuwen
S taten Generaal opgericht
O ntstaan banken
P estepidemie Europa
M moord op Floris V
E inde kruistochten
O ntstaan stadsrecht en ontginningen woeste gronden
E erste Kruistocht
V erbetering landbouw Steden & Staten
Medicijnen bij hartfalen
Om de medicijnen die voorgeschreven dienen te worden bij hartfalen te onthouden, kun je denken aan
ABCD, op alfabetische volgorde
A ce remmers
B etablokkers
C ardiotonica
D iuretica
Diameter en straal
Het verschil tussen een diameter en een straal is soms lastig te onthouden. Diameter is een langer woord dan straal. In een cirkel kun je de korte en de lange lijn onderscheiden door te bedenken dat diameter de lange lijn is en dat straal de korte lijn is, omdat straal een korter woord is dan diameter.
desinere of sinere?
Desinere = ophouden
Sinere = toestaan
De kan je zien als een negatief voorzetel, desinere is dus ophouden.
Sinere is dan dus toestaan.
Dus:
Moet ik desinere?
Nee, ik sinere.
Deze zin klopt natuurlijk niet, maar mischien helpt het om ze te onderscheiden.
De lagen van de biologie
Om alle lagen van levende systemen waar de biologie zich mee bezighoudt, van hoog naar laag, te onthouden, kun je denken aan
Becpoot.com
B iosphere
E cosphere
C ommunity
P opulation
O rganism
O rgan
T issue
C ell
O rganelle
M olecule
Tekststructuren
De verschillende structuren kun je onthouden aan de hand van HOPOV
H andelingsstructuur
O nderzoeksstructuur
P robleemstructuur
O piniestructuur
V ergelijkingsstructuur
Eenheden van de gram
Om de eenheden van de gram te onthouden, kun je denken aan de zin
Tankt Kees Gewoon Mee
T on
K ilogram
G ram
M iligram
Oost-Europa
Enkele Oost-Europese landen kunnen onthouden worden met de zin
Slaan Om Te Slaan Heel Raar
S lovenië
O ostenrijk
T sjechië
S lowakije
H ongarije
R oemenië
Het verschil tussen peux en veux
Om het verschil hiertussen te onthouden, kun je denken aan
Peux = kunnen –> PK –> Paardenkracht
Veux = willen –> VW –> Volkswagen
De volgorde van netwerknamen
De volgorde waarin netwerknamen worden vertaald naar IP-adressen kun je onthouden met de zin
Cute White Babies Love Hairy Dogs
C ache
W INS
B roadcast
L Mhosts
H osts
D NS
Franse zinsopbouw
Voor het opbouwen van een franse zin, kun je dit aanhouden
Bange Ogen Gaan Langer Mee B.
B ijwoordelijke
bepaling
O nderwerp
G ezegde
L ijdend voorwerp
M eewerkend voorwerp,
B ijwoordelijke bepaling
Soorten kaarten
Om de verschillende soorten kaarten te onthouden, kun je denken aan TON
T hematische
O verzichts
N avigatie kaarten
BrINClHOF
BrINClHOF, de atomen die niet in hun eentje gaan.
– Broom
– Iodium
– Natrium
– Chloor
– Hydrogenium(waterstof)
– Oxygenium (zuurstof
– Fluor
Tijdvakken
Jan gaat met Simon op reis per bus:
J agers en boeren
G rieken en romeinen
M onniken en ridders
O ontdekkers en hervormers
R egenten en vorsyen
P ruiken en revoluties
B urgers en stoommachines
Voorzetsels met datief
Gebruik het zinnetje “Met bij nacht van tegenover huis te zijn”
Met = mit
bij = bei
nacht = nach
van = von
tegenover = gegenüber
huis (=Haus) = aus
te = zu
zijn (=sein) = seit
De OPEC-landen
Om de OPEC-landen te onthouden, kun je denken aan de zin
IQ VAN LIKVIS
I ndonesië
Q uatar
V enezuela
A lgerije
N igeria
L ibië
I rak
K oeweit
V erenigde Arabische Emiraten
I ran
S aoedi-Arabië
Het verschil tussen emigratie en immigratie
Dit kun je onthouden door te denken aan
I=I en E=E
Immigratie = In Nederland
Emigratie = Eruit
Ascenseur en escallier
Ascenseur betekent lift
Escallier betekent trap
Een ascenseur heeft een deur, een escallier heeft een tree. Een lift heeft een deur en een trap heeft een tree.
Ontwerpcyclus
Om de onderdelen van de ontwerpcyclus te onthouden, kun je gebruik maken van de zin
Anna Probeert Uw Feestjes Ruw Te Eindigen
A nalyseren/beschrijven
P rogramma van eisen opstellen
U itwerkingen bedenken
F ormuleren uitwerkingen
R ealiseren uitwerkingen
T esten
E valueren
