
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Lichamelijke letsels
Om lichamelijke letsels te onthouden, kun je denken aan het acroniem RUM
R adialis uitval (Dropping hand)
U lnaris uitval (Klauwhand)
M edianus uitval (Predikershand)
Hersenvliezen
Om de hersenvliezen van binnen naar buiten te onthouden, kun je denken aan PAD
P ia mater
A rachnoidea mater
D ura mater
De delen van de pharynx
De pharynx bestaat uit 3 delen (van boven naar beneden):
-De nasopharynx (bij de neusholte)
-De oropharynx (bij de mondholte dus oraal)
-De hypopharynx (hypo=laag dus dit deel ligt het laagst).
De vier fasen van een experiment
Deze kun je onthouden met de zin
Bekende Vlamingen willen Centrale Verwarming
B eschrijven
V erklaren
C ontroleren
V oorspellen
GRUM
GRUM
G(aleazzi)R(adius)U(lna)M(onteggia)
Om aan te geven wat een Galeazzi en een Monteggia fractuur zijn.
Galeazzi = een Radius fractuur en een Ulna luxatie.
Monteggia = een Ulna fractuur en een Radius luxatie.
Toedieningsvormen
De verschillende toedieningsvormen kun je onthouden met SPROLTS
S ystematisch
P arentaal
R ectaal
O raal
L okaal
T ransdermaal
S ublinguaal
Medicijnen bij hartfalen
Om de medicijnen die voorgeschreven dienen te worden bij hartfalen te onthouden, kun je denken aan
ABCD, op alfabetische volgorde
A ce remmers
B etablokkers
C ardiotonica
D iuretica
Modellen voor het verklaren van werking zenuwstelsel
Deze modellen kun je onthouden aan de hand van de zin
Red Coloured Surface Is Hot So Don’t Process Now
R eflexmodel (stimulus-response)
C haosmodel
S timulus-perceptiemodel
I ntentie-actiemodel
H ierarchisch model
S ensomotorische cirkel
D rie (3) units van Luria
P lastisch zenuwstelsel
N euronale groepentheorie
Het verschil tussen supinatie en pronantie
Supinatie –> de beweging die je maakt als je soep van een lepel eet
Pronantie –> de beweging die je maakt als je een slok neemt, proost!
Ventraal – Dorsaal
Ventraal = Van Voren
Dorsaal = Dan De Dikbil
(dus de buikzijde /rugzijde)
Hydrofobe vitamines
Om te onthouden welke vitamines hydrofoob zijn, kun je denken aan de zin
Hydrofobe vitamines blijven liever op de KADE
Vitamines K, A, D en E zijn niet wateroplosbaar (hydrofoob).
Hiermee houd je B en C over als wateroplosbare vitamines (hydrofiel).
De malleolus medialis
Om de ligging van de pezen, de arterie en de nerva dorsaal van de malleolus medialis te onthouden, van ventraal naar dorsaal, kun je denken aan
Tom, Dick And Neville
T ibialis posterior
D igitorum Longus flexor
A tibialis tosterior
N tibialis
Oorzaken vergrote nieren
Deze kun je onthouden met SHAPE
S clederma
H IV nephropathy
A myloidosis
P olycystic kidney disease
E ndocrinopathy (diabetes)
Primaire holtes zenuwstelsel
Deze kun je onthouden aan de hand van
Personal Music Radio
P rosencephalon
M esencephalon
R hombencephalon
Hersenblaasjes
Om de vijf hersenblaasjes te onthouden, kun je denken aan de zin
Tel Die Messen Met Mij
T elencephalon
D iencephalon
M esencephalon
M etencephalon
M yelencephalon
Some Say Money Matters
Some Say Money Matters But My Brother Said Big Boobs Matter More
Woord beginnend met S = sensorisch; woord beginnend met M = motorisch; Woord beginnend met B = Beide (Hersenzenuwen: sensorisch of motorisch).
De 12 hersenzenuwen:
n. Olfactorius – Sensorisch
n. Opticus – Sensorisch
n. Oculomotorius – Motorisch
n. Trochlearis – Motorisch
n. Trigeminus – Beide
n. Abducens – Motorisch
n. Facialis – Beide
n. Vestibulocochlearis – Sensorisch
n. Glossopharyngeus – Beide
n. Vagus – Beide
n. Accessorius – Motorisch
n. Hypoglossus – Motorisch
Oorzaken secondary nephrotic syndrome
Om de oorzaken voor secondary nephrotic syndrome (nierschade door eiwittekort) te onthouden, kun je gebruik maken van het acroniem DAVID:
D iabetes mellitus
A myloidosis
V asculitis
I nfections
D rugs
Congenitale infecties
De belangrijkste congenitale infecties
TORCHES
T oxoplasmose
R ubella
C MV
H IV / He patitis
S yfilis
Arm en hand
De botten in de arm en de hand kun je onthouden door DRUP
D uim zit aan de
R adius (spaakbeen)
U lna (ellepijp) zit vast aan de
P ink
PrilSartan
Raas-remmers is een geneesmiddel groep die ingezet wordt bij een hoge bloeddruk.
Deze groep is onderverdeeld in twee groepen, de Ace-remmers en de Angiotensine-II Remmers
ACE-remmers eindigen op -pril; o.a. Enalapril, Perindopril
Angiotensine-II Remmers eindigen op -sartan; Valsartan, Candesarta
Huidlagen: buiten –> binnen
Can Good Skin Be My Defense?
C = Corneum
G = Stratum granulosum
S = Stratum spinosus
B = Stratum basale
M = Basaal membraan
D = Dermis
Het verschil tussen specificiteit en sensitiviteit
Om dit verschil te onthouden kun je denken aan SPinSNuit
S pecificiteit –> I nsluiten
S ensitiviteit –> U itsluiten
De CanMeds
Om deze te onthouden kun je denken aan SCOMBAG
S amenwerker
C ommunicator
O rganisator
M edisch expert
B eroepsbeoefenaar
A cademicus
G ezondheidsbevorderaar
Huidtumoren
Om de huidtumoren te onthouden, kun je gebruiken maken van het acroniem
BLEND AN EGG
B lue rubber bleb naevus
L eiomyoom
E ndometrioom
N eurinoom
D ermatofibroom
A ngiolipoom
N eurilemmoom
E ccrien spiradenoom
G lomus tumor
G ranular cell tumor
De carpale botten
Om de acht carpale botten te onthouden, kun je denken aan
Sam Likes To Push The Toy Car Hard
Proximaal van duim naar pink
S caphoid
L unate
T riquetrum
P isiforme
Distaal van duim naar pink
T rapezium
T rapezoid
C apitate
H amat
