Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen supinatie en pronantie

Supinatie –> de beweging die je maakt als je soep van een lepel eet
Pronantie –> de beweging die je maakt als je een slok neemt, proost!

Door Annemieke

Vix

Vix = nauwelijks

Met vix heb je nauwelijks last van verkoudheid

Door Eva

Baltische staten en hoofdsteden

De Baltische staten zijn van boven naar beneden
EsLeLi (of: eslelie)

Es tland
Le tland
Li touwen

Zo zijn de hoofdsteden:
TaRiVi
Ta linn
Ri ga
Vi lnius

Door Wouter

Functies in zenuwstelsel

Deze kun je onthouden met RO CV EU 

R eceptoren –> O ntvangen
C onductoren –> V oortgeleiden
E ffectoren –> U itvoeren

Door Miran

Voorzetsels ablativus

Pro, cum, sine, a(b), e(x), dé
Die gaan met de ablativus mee.

Door Naomi

Mesa

Mesa = tafel
(In het Spaans)

De meeste mensen hebben een rommel tafel (ik wel)
Dus bij mesa kun je aan het Engelse woord mess denken (troep/rommel)

Door Anoniem

Coniunctivus in de hoofdzin vertalen

WATVIM

Wens = Moge(n), ik hoop dat …
Aansporing = Laat hij/Laten we …
Twijfel = Moeten wij … (meestal 1e persoon)
Verbod = Laat … niet …
Irrealis = als …, zou(den) …
Mogelijkheid = Hij zou kunnen …

Ik hoop dat dit helpt/Moge dit helpen = Utinam hoc iuvet

Door Max

Variabelen

Om het verschil tussen onafhankelijke, afhankelijke en interveniërende variabelen te onthouden, kun je denken aan O = O en IN = IN

Onafhankelijke variabele = Oorzakelijke variabele
Afhankelijke variabele = variabele die je kunt beïnvloeden
INterveniërende variabele = de variabele tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabele in

Door Nina

Duitse postcodes

Om de volgorde van de Duitse postcodes te onthouden kun je gebruik maken van de zin
Boer Harms Hoort De Koe Flink Stampij Maken

B erlijn – 1000
H amburg – 2000
H anover – 3000
D usseldörf – 4000
Köln – 5000
F rankfurt – 6000
S tutgart – 7000
M ünchen – 8000

Door J.

bijv. naamwoorden vóór zn

Als (autre)
Ben (bon)
Jou (joli)
Niet (nouveau)
Leuk (long)
Vindt (vieux)
Gaat (gros)
Het (haute)
Met (mauvais)
Ben (beau)
Gewoon (grand)
Prima (petit)

En dan de rangtelwoorden natuurlijk!

Door Julia

Het verschil tussen de omtrek en de oppervlakte

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan
OM = OM en OP = OP

Omtrek = omheen lopen
Oppervlakte = op lopen

Door Jade

Reductor of oxidator?

In reductor zit het Engelse woord “reduce”=verminderen en de reductor stoot dus elektronen af
Dan neemt de oxidator de elektronen op

Door Rianne

Valde

Valde = erg, zeer

Als je valt, doet dat erg zeer

Door jessy

Ecologische Voetafdruk

Deze kun je onthouden door de zin
Aaron Grijpt Brood Vaak Bij Eten

A kkerland
G rasland
B osland
V island
B ouwland
E nergieland

Door Siebe

IJsland – Reykjavik

Om het land IJsland met hoofdstad Reykjavik te onthouden, kun je denken aan de zin
Rij jij of rij ik?

Door Anoniem

De inhoud van een chromosoom

Om te onthouden hoe een chromosoom is opgebouwd, kun je het vergelijken met een boek

Het boek –> de chromosoom
De bladzijdes –> het DNA
De informatie –> Het gen met het bijbehorende genotype

Door Esther

Ooster- en westerschelde

Als je met je neus naar de Noordzee staat, zie je in het Oosten de Oosterschelde en in het Westen de Westerschelde

Door Pauline

LE PAS. COMP. AVEC ÊTRE

Om te weten welke werkwoorden met être worden vervoegd in de passé composé moet je “MAARTEN P.R.” onthouden.

Montre <-> descendre
Arriver <-> partir
Aller <-> (re)venir
Rentre
Tomber
Entre <-> sortir
Naître <-> mourir

P.asser
R.etourner

+ les verbes pronominaux

Door Clara

ο πολιτης, ου = burger

raar ezelsbruggetje dit, maar hij helpt wel(voor mij en hopelijk ook voor jullie)
🙂

bij dit woord (uitspraak = politès) moet ik denken aan de politiek en de burgers mogen tegenwoordig steeds meer meepraten over de politiek dus jaa dat eigenlijk

Door Amber

Alle letters van het toetsenbord

Bas wil zelf gympjes kopen van de extra cheque

Door Marita

De fasen van een cel

De fasen die een celcyclus doorloopt, kun je onthouden met de zin
In Parijs Poepen Mensen Altijd Telefonerend

I nterfase
P rofase
P rometafase
M etafase
A nafase
T elofase

Door Jaap

zwobbels!

de koppelwerkwoorden:
– Zijn
– Worden
O
– Blijven
– Blijken
E
– Lijken
– Schijnen

Door sien

Vraiment

Vraiment betekent echt

Dat is een echt fragment

Door Thom

ό φοβος

ό φοβος=angst
φοβος lijkt op het woord fobie dat betekent angst.

Door Michelle

Het verschil tussen kathode en anode

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan KNAP

K athode is
N egatief
A node is
P ositief

Door Silke

Qui?

Qui? = Wie?
kiwi
Je hebt qui (ki) en wie (wi).

Door Nora

De lagen van de Aarde

De lagen kun je onthouden door te denken aan 
Nina Plaagt Bas Stevig, Kim Rent Duizelig Hierheen 

N etlaag
P apillenlaag
B asaalcellenlaag
S tekellaag
K orrellaag
R einse barrière
D oorschijnendelaag
H oornlaag

Door Sharon
Home
Alle items
Uploaden