
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Het verschil tussen mensjewieken en bolsjewieken
Om het verschil tussen de Russische sociaal-democraten te onthouden, kun je denken aan
Mensjewieken –> menselijk (humaan)
Bolsjewieken –> Staan bol van het geweld
Coniunctivus in de hoofdzin vertalen
WATVIM
Wens = Moge(n), ik hoop dat …
Aansporing = Laat hij/Laten we …
Twijfel = Moeten wij … (meestal 1e persoon)
Verbod = Laat … niet …
Irrealis = als …, zou(den) …
Mogelijkheid = Hij zou kunnen …
Ik hoop dat dit helpt/Moge dit helpen = Utinam hoc iuvet
Opkomst zon
Waar de zon opkomt, kun je onthouden met deze zin:
De zon komt Op in het Oosten en gaat Weg in het Westen
Huidlagen: buiten –> binnen
Can Good Skin Be My Defense?
C = Corneum
G = Stratum granulosum
S = Stratum spinosus
B = Stratum basale
M = Basaal membraan
D = Dermis
Toonladders met mollen
Om de toonladders met de hoeveelheid mollen te onthouden, kun je denken aan de zin
Finnen Beschouwen Eslanders Als Deskundige Geschiedenis Schrijvers
F –> 1 mol
Bes –> 2 mollen
Es –> 3 mollen
As –> 4 mollen
Des –> 5 mollen
Ges –> 6 mollen
Ces –> 7 mollen
De kruisbanden in de knie met insertie
Om de kruisbanden in de knie met hun insertie op de femurcondyl te onthouden, kun je denken aan
VLAM
V oorste
L ateraal
A chterste
M ediaal
Mollen en kruizen
De beginletters van de eerste 3 mollen zijn BEA
B es
E s
A s
De beginletters van de eerste 3 kruizen zijn FCG (groningen)
F is
C is
G is
Het verschil tussen de boomklever en de boomkruiper
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
L=L en R=R
De kLever = bLauw
De kRuiper = bRuin
Helicasa
Om te onthouden wat Helicase doet, kun je denken aan H = H
Helicase verbeekt H-bruggen in het DNA
Oekraïne – Kiev
Om het land Oekraïne met de hoofdstad Kiev te onthouden, kun je denken aan
Snoekraïne heeft kieuwen
De werkwoorden met een umlaut op de a
AFGeFFaLLen WerkWoorden Hebben STresS
A nfangen
F angen
G efallen
F allen
F ahren
L aufen
L assen
W aschen
W achsen
H alten
S chlagen
T ragen
S chlafen
Oogspieren
Om de innervatie van de oogspieren te onthouden, kun je denken aan de zin
Tot Onze Spijt Altijd Redelijk Langzaam
T rochlearis
O bliquus
S uperior
A bducens
R ectus
L ateralis
Soorten argumenten
Om de zeven verschillende soorten argumenten te onthouden, kun je denken aan de zin
Veel Fietsen En Andere Voertuigen Ergeren Mensen
V oorbeeld
F eit
E motie
A utoriteit
V ergelijking
E mpirisch
M oreel
Ezelsbruggetje voor “to nod”
Bijna iedereen weet wel wat “to nod” betekent, maar toch wilde ik dit ezelsbruggetje vertellen. Twijfel je soms nog bij de betekenis van “knikken”? Dan is hier eenhandig ezelsbruggetje!
Als je net als ik in de jaren 2000 (of iets eerder of iets later) bent geboren, ben je vast wel bekend met de kinderserie noddy. Als het je nu niks zegt, zoek het even op bij google afbeeldingen. Ik weet zeker dat je “to nod” nu nooit meer zult vergeten!
Zweden – Stockholm
Om het land Zweden met de hoofdstad Stockholm te onthouden, kun je denken aan
Van Stokhollen ga je zweten
Metriek stelsel
Krijgt Hij Dan Maar Drie Cakejes Mee?
K=Kilometer
H=Hectometer
D=Decameter
M=Meter
D=Decimeter
C=Centimeter
M=Millimeter
naast meter werkt het ook voor bijvoorbeeld liters
De oorzaken van WO II
De oorzaken van WO2 kun je onthouden met BEMIN
B ondgenootschappen
E conomische machtsstrijd
M ilitarisme
I mperialisme
N ationalisme
Naamgeving alkaan/alkeen
Tel het aantal C-Tjes in de keten
1. Mama – methaan
2. En – ethaan
3. Papa – Propaan
4. Bestellen – Butaan
5. Pizza – Propaan
6. Hawaii – Hexaan
Signaalwoorden voor een redengevend verband
Deze signaalwoorden kun je onthouden aan de hand van de zin
Op Woensdag Draag Ik Nooit Handschoenen Zonder Veters
O mdat
W ant
D aarom
I mmers
N amelijk
H ierdoor
Z odoende
V anwege
Voorzetsels Gerund
De voorzetsels van de Gerund kun je onthouden met het acroniem WAFFOTO
W ithout
A bout
F rom
F or
O n
T o
O f
moleculen met 2 atomen
Brenda Houdt Naakt Feesten In Ons Clubhuis
Br2, H2, N2, F2, I2, O2, Cl2
Broom,Waterstof,Stikstof,Fluor,Jood,
Zuurstof,Chloor.
Berg of dalparabool
Als er een – voor de x staat, is het negatief dus 🙁 berg
Als er een plus staat is het positief dus 🙂 dal
