Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Plumbum

Plumbum = Pb = Lood

Denk aan het Engelse loodgieter

Door Anne-Marie

ἐθέλω

ἐθέλω = willen / bereid zijn

Ik ben bereid om voor jou door iets heets te gaan.

Door Olivier

Present simple

De present simple komt voor bij gewoonte regelmatig en feit. Dit kun je onthouden door GiRaF en de signaal woorden kun je onthouden met SNORFEUS:

S ometimes
N ever
O ften
R egularly
E very

U sually
S eldom

Door Markus

Het verschil tussen specificiteit en sensitiviteit

Om dit verschil te onthouden kun je denken aan SPinSNuit

S pecificiteit –> I nsluiten
S ensitiviteit –> U itsluiten

Door Kim

Diverse Griekse woordjes

Dendron = boom > dendrologie 

Petra = rots > Petra (stad in Jordanië)

Proton = eerst > prototype
Aei = altijd > altijd fonetisch = ˈɑltɛit, oftewel ˈ A lt E I t

Bios = leven > biologie

Thèrion = dier > thèr lijkt op dier

Nun = nu > dat is nun zonder n

Dolos = bedorg > een doolhof is bedrog

Thronos = troon > thron is troon zonder o

Oun (spreek uit: oen) = dus > ik weet hem niet DUS ben ik een oen

Doru = lans > een lans gaat DOOR je heen

Mètèr = moeder > mètèr lijkt op moeder

Monon = alleen (maar) > Engels: monotonous = eentonig ALLEEN MAAR dingen van één soort

Pragma = gebeurtenis > een SPRAAKMAkende gebeurtenis
Pur = vuur > lijkt op vuur

Phòs = licht > genetivus = phòtos een vroeger was er bij een foto belichting nodig

Door Anoniem

Categorize organism

KiPCOFGeSp

Kingdom
Phylum
Class
Order
Family
Genus
Species

Binomial system Linnaeus

Door Claudia

Organismen

Om de organismen van groot naar klein te onthouden, kun je denken aan
O, o, o, wc

O rganisme
O rgaanstelsel
O rgaan
W eefsel
C el

Door Evie

Some of any

Bij vragen en ontkenny (ontkenningen) gebruik je geen some maar any.

Door Levi Kraaikamp

Variabelen

Om het verschil tussen onafhankelijke, afhankelijke en interveniërende variabelen te onthouden, kun je denken aan O = O en IN = IN

Onafhankelijke variabele = Oorzakelijke variabele
Afhankelijke variabele = variabele die je kunt beïnvloeden
INterveniërende variabele = de variabele tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabele in

Door Nina

Voorzetsels van Dativ

Altijd Bij Moeder Naar Sport Vereniging op Zaterdag

Aus
Bei
Mit
Nach
Seit
Von
Zu

Door Thies

Beklemtoonde lettergrepen

Is de ‘e’ een neppe ‘u’? Dan is hij stom en de belangstelling niet waard –> “stomme u’tje” krijgt nooit de klemtoon.
Is er een klinker omringd door medeklinkers, dan is hij vast populair! Een gesloten lettergreep trekt in het woord de klinker naar zich toe.

Door Mara

Tekstverbanden

Hier een ezelsbruggetje voor de Tekstverbanden. Ik hoop dat het je helpt!

cc + tt + oo = rv.
Denk aan:
Cake.
Cafe.
+
Tegenwoordige.
Tijd.
+
Oude.
Opa.
=
Rot.
Vrouw.

Door Anoniem

Een Frans streepje

Een streepje ( – ) = le trait d’union

Dit lijkt op traditionele ui

Door Elize

Caput

Caput = hoofd

Mijn hoofd is kapot

Door Niels

PANQ (bij ontkenning)

Temps composé: (de ontkenning)

PANQ=
ne Personne
ne Aucun
ne Nulle part
ne Que

Regel bij PANQ ->
onderwerp+ ne +hulpwerkwoord+voltooid deelwoord + ‘personne’

Door Anoniem

Het verschil tussen Adesse en Abesse

Abesse = afwezig zijn

Adesse = aanwezig zijn 

Absent betekent afwezig. Zo kun je het verschil onthouden.

Door Baukje

Oorzaken van milieuproblemen

Om drie oorzaken van milieuproblemen te onthouden, kun je denken aan de UVA (ook wel; Universiteit van Amsterdam)

U itputting
V ervuiling
A antasing

Door Tessa

Onderscheid economische groepen

Om het onderscheid tussen de vier groepen in de Economie te onthouden, kun je denken aan
BaBy Go

B edrijven
B uitenland
G ezinnen
O verheid

Door Anna

Mello

Mello = op het punt staan

Ik sta op het punt om een marshmallow te eten

Door Willemijn

Ezelsbruggetje muzieknoot D

De muzieknoot D hangt te drogen, omdat de noot D onder de lijnen hangt

Door Kimberley

Ordinateur

Ordinateur betekent computer

Sommige (oude) mensen vinden computers ordinair

Door Kelly

De schalen

Om de verschillende schalen op een kaart te onthouden, kun je denken aan de zin
Loop Recht Naar C Man

L okale schaal
R egionale schaal
N ationale schaal
C ontinentale schaal
M ondiale schaal

Door Anoniem

accipere = ontvangen

Accipere lijkt op accepteren. Als je een pakketje ontvangt, moet je het eerst nog accepteren.

Wil je het pakketje accepteren? Anders kan je het niet ontvangen!

Door Jootje

LE PAS. COMP. AVEC ÊTRE

Om te weten welke werkwoorden met être worden vervoegd in de passé composé moet je “MAARTEN P.R.” onthouden.

Montre <-> descendre
Arriver <-> partir
Aller <-> (re)venir
Rentre
Tomber
Entre <-> sortir
Naître <-> mourir

P.asser
R.etourner

+ les verbes pronominaux

Door Clara

Pensioenstelsels

Omslagstelsel = je maakt een omslag van de werkenden naar de pensioengerechtigden.
Kapitaaldekkingsstelsel = met eigen kapitaal zorg je voor je eigen pensioen.

Door Floor

assenstelsel

wanneer je vergeten bent of je eerst de y as of de x as moet doen ga je gewoon het alfabet af! eerst de x dan de y!

a b c d e f g h i j k l m n o p q r s t u v w x y z
zie je!

Door Anoniem

Rursus

Rursus = weer, terug

Rursus lijkt op cursus. Moet ik weer terug naar die cursus?

Door Julia
Home
Alle items
Uploaden