Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Porte

Porte = deur

Een deur is ook een soort portaal

Door Stijn

Taxonomie van Bloom

Ook Boef Trekt Aan Een Cheque

Onthouden, begrijpen, toepassen, analyseren, evalueren, creëren.

Door Lennie

uitgangen vrouwelijk

IndigO tas met een X

IO, TAS, X

Door myrthe

Wanneer mag je rechts inhalen?

FRUIT

F = File
R = Rotonde
U = Uitvoegen
I = Invoegen
T = Tram

Door Sophie

De levensstadia van een koolwitje

Om de levensstadia te onthouden, kun je denken aan de zin
Evert Rijdt Plots Verkeerd

E i
R ups
P op
V linder

Door Dinja

Valde

Valde = erg, zeer

Als je valt, doet dat erg zeer

Door jessy

Owe

Owe = iemand iets verschuldigd zijn

Dit kun je onthouden door te denken aan IOU (I owe you)

Door Kelly

Craniale zenuwen

Met deze ezelsbrug weet je of de 12 craniale zenuwen motorisch, sensorisch of gemixt zijn (beide)
–> M (motorisch), S (sensorisch), B (both)

Some Say Many Money, But My Brother Says Big Boobs Matter More

Craniale zenuw 1: Sensorisch
2: Sensorisch
3: motorisch …

Door Maza

Voor de geofactoren

Loop Pas Door Water Wanneer (Het) Op Gras Regent

Lucht, Planten wereld, Dieren wereld , Water, Wind , (het)Ondergrond, Gesteente, Reliëf

Door Bridget

Rennen bij softbal

Om te onthouden wanneer je mag gaan rennen bij softbal, denk dan aan
Bal los, jij los!
Wanneer de bal los is uit de hand van de pitcher, dan mag jij ook beginnen met rennen naar het volgende honk. Je hoeft niet te wachten totdat de slagman de bal geslagen heeft. 

Door Anoniem

Huidlagen: buiten –> binnen

Can Good Skin Be My Defense?

C = Corneum
G = Stratum granulosum
S = Stratum spinosus
B = Stratum basale
M = Basaal membraan
D = Dermis

Door Sani

maaltafel 9

9×1=9
9×2=18
9×3=27
9×4=36
9×5=45
9×6=54
9×7=63
9×8=72
9×9=81
9×10=90

Dus als je goed kijkt komen er telkens bij de tientallen een bij, en bij de eenheden gaat er telkens een af.

Door Nore

Zoekmiddelen in de bosatlas

De drie zoekmiddelen in de bosatlas kun je onthouden met de zin 
Ben je Nu Zestig?

B ladwijzer
N amenregister
Z aakregister

Door B.C.

Ezelsbruggetje iacere

iacere = liggen
ia zegt een ezel en een ezel ligt (soms)
in dit geval ligt dit ezelsbruggetje op deze site 😉
Hopelijk heb ik je kunnen helpen! Succes met leren!

Door Herman

Rijbewijs

Als je niet weet wanneer een tram stop gebruik ik altijd
Een tram is bang voor dieren
Een tram stopt alleen voor zebrapaden en haaientanden

Door Lisa

Stofeigenschappen

Om de verschillende stofeigenschappen te onthouden, kun je denken aan de zin
Frits Gerard Koster Opent Een KeurSlager

F ase
G eur
K leur
O plosbaarheid
E lektrische geleidbaarheid
K ookpunt
S meltpunt

Door Kim

Delectare

Delectare = zich verheugen, verblijden.

Van een delicatesse word je blij

Door bianca

7 uitzonderingen atoomsoorten

CLaire Fietst Naar Haar Oma In Breda

Cl2 (g) – chloor
F2 (g) – fluor
N2 (g) – stikstof
H2 (g) – waterstof
O2 (g) – zuurstof
I2 (s) – jood
Br2 (l) – broom

bovenstaande 2tjes moeten in het subscript!

Door Renske

7 levens verschijnselen

Als Vader Uitgaat Wordt Vader Goed Bezopen.

Als= ademen
Vader= voeden
Uitgaat= uitscheiden
Wordt= Waarnemen
Vader= voortplanten
Goed= groeien
Bezopen= bewegen

Door Iris

Some Say Money Matters

Some Say Money Matters But My Brother Said Big Boobs Matter More

Woord beginnend met S = sensorisch; woord beginnend met M = motorisch; Woord beginnend met B = Beide (Hersenzenuwen: sensorisch of motorisch).
De 12 hersenzenuwen:

n. Olfactorius – Sensorisch
n. Opticus – Sensorisch
n. Oculomotorius – Motorisch
n. Trochlearis – Motorisch
n. Trigeminus – Beide
n. Abducens – Motorisch
n. Facialis – Beide
n. Vestibulocochlearis – Sensorisch
n. Glossopharyngeus – Beide
n. Vagus – Beide
n. Accessorius – Motorisch
n. Hypoglossus – Motorisch

Door Karen

Semper

Semper = altijd

Semper lijkt op pamper, met pampers blijf je altijd droog

Door Mireille

Het verschil tussen neus en zolen

Neus = bovenaan de landkaart
Zolen = onderaan de landkaart

Je eigen neus zit ook bovenaan en je zolen onderaan

Door Lysanne

Het verschil tussen où en ou

Oú = waar
Ou = of

Je kunt hierbij denken aan de vraag; waar is het streepje? 
Als het streepje erop staat, is het óu –> waar

Door Anoniem

Het nationale spaarsaldo

Om de formule van het nationale spaarsaldo te onthouden, kun je denken aan
SIEBOEI

(SI)+(BO)=(E-I)

S paarsaldo
I nvesteringen
B elasting
O verheidsbesteding
E xport
I mport

Door Amke

Viool- of G-sleutel

Om de noten op de balk te kunnen vinden, kun je naar de viool kijken. Deze heet ook wel de G-sleutel, en de punt in het midden rust op de balk van de G-noot. Vanaf hier kun je verder tellen.

Door Rosanne

De economische doelstellingen

De economische doelstellingen kun je onthouden met BERG AS

B etalingsbalans
E conomische groei
R echtvaardige inkomensverdeling
G ezond leefmilieu

A rbeidsmarkt
S tabiel prijsniveau

Door Ines

Qui?

Qui? = Wie?
kiwi
Je hebt qui (ki) en wie (wi).

Door Nora
Home
Alle items
Uploaden