Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Moldavië – Chisinâu

Om het land Moldavië met hoofdstad Chisinâu te onthouden, kun je denken aan MOCH

Mo ldavië
Ch isinâu

Door Theo

Voedingstoffen biologie

“Vader en moeder willen veel kinderen staan” voor de 6 voedingstoffen:
Vetten
Eiwitten
Mineralen
Water
Vitaminen
Koolhydraten

Door christian

Denuo

Denuo = opnieuw

De nieuwe mocht opnieuw de sushi betalen

Door Anoniem

Couloir

Couloir betekent gang

In de gang is het koel

Door Inge

Beroerte

Om te onthouden wat de signalen zijn voor een beroerte, kun je denken aan
FAST

F ace (hangen van een zijde van het gezicht)

A rm (één kant van het lichaam zal minder goed kunnen meewerken, arm gaat niet meer goed omhoog)

S peech (iemand praat opvallend anders)

T ime (snel handelen is belangrijk omdat anders geen behandeling met atropine kan worden gestart na 3 uur)

Door Priscilla

Nederlandse synoniemen

Om deze Nederlandse synoniemen te onthouden, kun je naar delen van het woord kijken

DesoLAAT = verLAAT
DespeRAAT = RADeloos
DeVOOT = VrOOm

Door Suzanne

Pistos

Pistos = trouw, betrouwbaar

Pistache is betrouwbaar lekker

Door Najlae

Specto (Spectare)

Specto (spectare)= Kijken naar zien.

Hierbij kan je denken aan het Engelse woord Spectate wat ook kijken naar of zien betekent.

Door Jan alleman

Vitamines die in vet oplosbaar zijn

Deze vitamines kun je onthouden aan de hand van AFDEK

vitamines A/F/D/E/K

Door Brigitte

Sire, geef die dame ‘s een kus

De hoofdstad van Syrië is Damascus.
Vandaar “Sire heef de dame ‘s een kus”.

Door Maureen

De vier fasen van een experiment

Deze kun je onthouden met de zin
Bekende Vlamingen willen Centrale Verwarming

B eschrijven
V erklaren
C ontroleren
V oorspellen

Door Ria

Soorten argumenten

Om de zeven verschillende soorten argumenten te onthouden, kun je denken aan de zin
Veel Fietsen En Andere Voertuigen Ergeren Mensen

V oorbeeld
F eit
E motie
A utoriteit
V ergelijking
E mpirisch
M oreel

Door Marlies

Etiam

Etiam = ook

Koop jij ook bij Miss Et(i)am?

Door Julian

Grote tertsen en kleine tertsen

Deze kun je onthouden aan de hand van Tante SI-DO-MI-Fa (De zus van Tante Sidonia)

Een grote terts = 2 tonen
Een kleine terts = 1 .5 tonen

De kleine terts zit alleen tussen mi-fa en si-do

Door Karen

Dormire

Dormire = slapen

Wat doet Doornroosje? Slapen!

Door Fenna

Het verschil tussen bleu en blue

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

Frans –> bleu, met EU, want Frankrijk zit nog in de EU
Engels –> blue, met UE, want Engeland zit niet meer in de EU

Door LYCEO

Quarere

Quarere = zoeken

Alle letters staan door elkaar, je moet op zoek naar het woord

Door Fenna

obstare = in de weg staan

stare is latijn voor staan. Ob lijkt op op. Obstare kan je dus ook zien als opstaan.

Kan je opstaan? Je staat in de weg!

Door Jootje

Ambulare

Ambulare = wandelen

Als mensen tijdens het wandelen vallen, moet er een ambulance komen

Door Amee

Hout- en bastvaten

De vaten en hun functie kun je onthouden met de zin
HAnS eet je BOrD leeg

H outvaten vervoeren
An organische stoffen in de 
S tijgende sapstroom

Bastvaten vervoeren
OR ganische stoffen in de
D alende sapstroom

Door Jelle

Elektriciteitsvervoer

De volgorde van elektriciteitsvervoer kun je onthouden met de zin
Echt Heel Veel Troep

E lektriciteitscentrale
H oogspanningsmast
V erdeelstation 
T ransformatorhuisje

Door Hind

Proces in histologisch lab

Pas Als U Iets Snijdt Kan Controle Plaatsvinden;
Postkamer
Administratie
Uitsnijkamer
Inbedruimte
Snijruimte
Kleurruimte
Controle
Patholoog

Door Martine

Satelliet

Om de spelling van het woord ‘satelliet’ te onthouden, kun je denken aan
In saté zitten altijd twee stokjes

Door Kim

2-atomige moleculen

Claartje fietst nooit in haar onderbroek, Pietje soms.

Claartje= Cl2 = Chloor.
Fietst = F2 = Fluor.
Nooit = N2 = Stikstof.
In = I2 = Jood.
Haar = H2 = Waterstof.
Onder= O2 = Zuurstof.
Broek = BR2 = Broom.
Pietje = P4 = Fosfor.
Soms = S8 = Zwavel.

Door Babita

Woorden in de passé composé

Om de woorden die in de passé composé met être gaan, te onthouden, kun je gebruik maken van het acroniem DAMPERSVAT

D escendre
A ller
M onter
P artir
E ntrer
R ester
S ortir
V enir
R etourner
A rriver

Door Charlotte

Het verschil tussen lijden en leiden

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan 
IJ = IJ

Lijden = pijn lijden

Door Tim

Accusatives/ nomunativus

De accusativus is ACtief dus er komt een “m” bij

Door Emma
Home
Alle items
Uploaden