Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

De twee-atomige niet-ontleedbare stoffen

Om deze te onthouden kun je gebruik maken van de zin
BRam Fietst In CaLantsoog Ocver Het Naaktstrand

Br oom
F luor
I Jood
CL Chloor
O Zuurstof
H Waterstof 
N Stikstof

Door Valerie

Blauwe en Witte Nijl

Het verschil tussen de witte en de blauwe Nijl kun je uit elkaar houden door de L in blauw

Dit is ook de L van Links

Door Elise

Praeter

Praeter = voorbij, behalve

Je mond voorbij praeten

Door Anoniem

Het verschil tussen Anaërobe en Aërobe Dissimilatie

Het verschil tussen anaërobe en aërobe dissimilatie kun je onthouden door deze zin

Ana (van Anaëroob) houdt van wijn, wijn moet gisten.  Anaëroob –> gisten.
Aëroob moet niet gisten. Aëroob –> verbranding.

Door Jilly en Renee

De geologische afzettingen

Om de afzettingen te onthouden, kun je denken aan de zin 
Flessen Eten Geen Moorkop

F luviatiele afzetting (rivier)
E ologische afzetting (wind)
G laciale afzetting (ijs)
M aritieme afzetting (zee)

Door Sanne

Het centrale dogma

Het centrale dogma mechanisme:
1. Replicatie
2. TransCriptie
3. TransLatie

De C komt voor de L dus transcriptie komt voor translatie in het mechanisme.

(Daarnaast is de R ook voor de T in het alfabet)

Door Thanh

Indeling dierenrijk

Ergens in September Hoort Willie Wortel Gekke, Slimme Grappen.

E = eencelligen
S = sponzen
H = holtedierne
W = wormen
W = weekdieren
G = geleedpotigen
S = stekelhuidigen
G = gewervelden

Door Anna

Toonladders met kruizen

Om de toonladders met de hoeveelheid kruizen te onthouden, kun je denken aan de zin Geef De Armen Een Bord Fis Cis (die laatste twee staan dan voor ‘visjes’).
G 1#
D 2#
A 3#
E 4#
B 5#
Fis 6#
Cis 7#

Door Anthony

Het verschil tussen de teller en de noemer

Om te onthouden waar de teller en de noemer komen in een breuk, kun je denken aan T = T

Teller = Top

Door Maartje

Het verschil tussen modus en mediaan

Om het verschil tussen modus en mediaan te onthouden, kun je denken aan ‘mode’ wat terugkomt in modus. Mode behelst de kleren die op dat moment het meest worden gedragen.

Modus = Het waarnemingsgetal dat het meest voorkomt
Mediaan = het middelste waarnemingsgetal

Door Onno

Loef en lijzijde

Loef bestaat uit 4 letters –> meer letters –> meer regen.
Lij bestaat uit 4 letters –> minder letters –> minder regen.

Door Doeke

Midden-Amerika

De landen van Midden-Amerika, van boven naar beneden:
Mijn goudvis Bas eet haast nooit chocolade pudding

Mexico – Guatemala – Belize – Equador – Honduras – Nicaragua – Costa Rica – Panama

Door René

substitutie of complementaire goederen

Denk bij substitutie goederen aan substitute teacher, een invallende docent, een vervangende docent. Substitutie goederen kun je met elkaar vervangen. Bij complementaire goederen moet je denken aan complete, volledig.
Complementaire goederen gebruik je samen, om ze volledig te kunnen gebruiken.

Door Bo

Somnus

Somnus = slaap

Als ik slaap, denk ik aan sommen

Door Jootje

Oxidator en reductor

Oxidator- elektronen Opnemen
Reductor- elektronen Afstaan
Oxidator en opnemen beginnen beide met de O.

Door joelle

Necare betekenis

Necare = nek omdraaien
Echte betekenis = doden (werkwoord)

Door Thijs

Craniale zenuwen

Met deze ezelsbrug weet je of de 12 craniale zenuwen motorisch, sensorisch of gemixt zijn (beide)
–> M (motorisch), S (sensorisch), B (both)

Some Say Many Money, But My Brother Says Big Boobs Matter More

Craniale zenuw 1: Sensorisch
2: Sensorisch
3: motorisch …

Door Maza

Vorvahren

Vorvahren= voorouders

Diegenen die voor je waren zijn je voorouders

Door Daniil

Draaien

Wanneer je iets open/los of dicht/vast moet draaien.
DROL:
D: Dicht
R: Rechts
O:Open
L: Links

Door Sanne

De snaren van een gitaar

Een gitaar heeft 6 snaren, deze kun je onthouden met de zin
Een Aap Die Geen Bananen Eet

E en
A ap

D ie

G een
B ananen

E et 

Door Annelies

Verschil tussen kruis en mol

Een kruis staat bovenop een kerk dus die verhoogt de noot waarvoor hij staat.

Een mol zit onder de grond dus die verlaagt de noot waarvoor hij staat.

Door Anthony

Volgorde grootte gesteente

Om deze volgorde te onthouden, kun je gebruik maken van BRiKGeZaKt

B erg
R otsblok
K ei
G rind
Z and
K lei

Door Renate

Post

Post = na

Het posten van een brief doe je na het schrijven van de brief

Door Magda

Some of any

Bij vragen en ontkenny (ontkenningen) gebruik je geen some maar any.

Door Levi Kraaikamp

Arm en hand

De botten in de arm en de hand kun je onthouden door DRUP

D uim zit aan de 
R adius (spaakbeen)
U lna (ellepijp) zit vast aan de
P ink

Door Laura

Schaalvergroting rekenen

2 formules, en je weet alles:

Toename:
(nieuw : oud x 100%)-100

Afname:
100-(nieuw : oud x 100%)

Bijvoorbeeld: Een bedrijf had eerst 200 euro, later 300. Dan doe je: (300 : 200 x 100%)-100 = 50% gestegen

Door Anoniem

Kruisbanden

Om de kruisbanden te onthouden, kun je denken aan LAMP

Voorste kruisband
L ateraal naar
A nterior
Achterste kruisband
M ediaal naar
P osterior

Door Martha
Home
Alle items
Uploaden