
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Assenstelsel
Wanneer je vergeten bent of je eerst de verticale of eerst de horizontale lijn moet bekijken, kun je hieraan denken.
Eerst lopen en dan met de lift. Je bekijkt eerst de horizontale lijn en daarna de verticale lijn.
onleesbaar = illegible
Het woord illegible… Hoe kan ik dat toch onthouden? Nou ik heb hier een ezelsbruggetje voor je:
Je probeert het Nederlandse woord illegaal te lezen, maar je leest eerder “illegiebel”. Daardoor is het onleesbaar.
De vertaling is dan ook: onleesbaar.
Het verschil tussen peux en veux
Om het verschil hiertussen te onthouden, kun je denken aan
Peux = kunnen –> PK –> Paardenkracht
Veux = willen –> VW –> Volkswagen
indelen van groepen
je hoeft allen het zinnetje te onthouden
De Rijkste Stammen Komen Ook Fietsend
Geld Strooien
D omeinen
R ijken
S tammen
K lassen
O rden
F amilies
G eslachten
S oorten
Kijk in het woord
Denk goed na in het woord, misschien zit daar nog een ander woord in dat je kent en dan kan je er makkelijk achterkomen. Of het woord lijkt heel erg op het Nederlands.
De volgorde van bytes
Deze volgorde kun je onthouden door de zin
Blauwe Koekjes Maken Gek, Truus
B ytes
K ilobytes
M egabytes
G igabytes
T erabytes
Een Engels uitroepteken
Een uitroepteken (!) = Exclamation mark
Om dit te onthouden, kun je denken aan het Latijn
Ex = uit
Clamare = roepen
Mark = Teken
X en Y as
Y–> is lang (verticaal)
X–> is breed (horizontaal)
zo kan je onthouden welke lijn wat is in het assenstelsel
De kastenstelsels van India
De volgorde van de kastenstelsels van India kun je onthouden met de zin
Ben Kei Veel Snoep Winkels Doorgelopen
B rahmanen
K shatriaya’s
V aishya’s
S hudra’s
D alits
Oorzaken vergrote nieren
Deze kun je onthouden met SHAPE
S clederma
H IV nephropathy
A myloidosis
P olycystic kidney disease
E ndocrinopathy (diabetes)
Magneet
Op een magneet is het rode gedeelte de noordpool en de witte kant de zuidpool. Om dit te onthouden, kun je denken aan R=R
NooRdpool = Rood
Oude Testament (Thora)
Een manier om de eerste vijf boeken van het Oude Testament (oftewel de Thora) te onthouden, is met het acroniem GELND
G enesis
E xodus
L eviticus
N umeri
D euteronomium
Smaakpapillen
Om de verschillende smaakpapillen te onthouden, kun je denken aan ZoZoZuBi
Zo ut
Zo et
Zu ur
Bi tter
Perodiek Systeem
In het periodieke systeem zijn de periodes de rijen (horizontaal) en de groepen de kolommen (verticaal), om dit verschil te onthouden, kun je denken aan de woorden die ze representeren. Periode is een langer woord dan groep, periodes zijn dus langer dan de groepen.
De spieren van de Rotatorenmanchet
Deze spieren kun je onthouden met SITS
S upraspinatus muscle
I nfraspinatus muscle
T eres minor muscle
S ubscapularis muscle
delen door 6
Snel of een groot getal door 3 of 9 deelbaar is, tel dan alle cijfers steeds bij elkaar op totdat je een 1-cijferig getal overhoudt. Is dat getal deelbaar door of 9 dan is het grote getal dat ook.
voorbeeld:
418617 deelbaar door 9?
4+1+8+6+1+7=27
2+7=9
418617 is dus deelbaar door 9
163536 deelbaar door 9 en 3?
1+6+3+5+3+6=24
2+4=6
6 is niet deelbaar door 9, maar wel door 3, dus 163536 is wel deelbaar door 3 maar niet door 9.
Reductor of oxidator?
In reductor zit het Engelse woord “reduce”=verminderen en de reductor stoot dus elektronen af
Dan neemt de oxidator de elektronen op
Omzetberekening
Om te onthouden wat de berekening voor omzet is, kun je denken aan OPA
O mzet =
P rijs x
A fzet
Het experiment
Om de onderdelen van een experiment te onthouden, kun je denken aan de zin
Papa Hoort Eekhoorns, Bakt Reusachtige Cupcakes
P robleemstelling
H ypothese
E xperiment
B enodigdheden
R esultaten
C onclusie
Ventraal – Dorsaal
Ventraal = Van Voren
Dorsaal = Dan De Dikbil
(dus de buikzijde /rugzijde)
Hedonistische Calculus
Hoe onthoud je de zeven categorieën van genot in de hedonistische calculus?
In De Zee Naast Paal Z Rust
Intensiteit
Duur
Zekerheid
Nabijheid
Productiviteit
Zuiverheid
Reikwijdte
Argumenten
Inductie
Deductie
Autoriteit
Analogie
Voorbeeld
Statistieken
Oorzak
Gedrags
Pragmatish
