Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

De rivieren

Om te onthouden waar de rivieren de AA en de EE liggen, kun je denken aan
A=A en E=E

BrAbant = A
FriEsland = E

Door D.

Het verschil tussen een optimist en een pessimist

Om dit verschil te onthouden, kun je eraan denken wat ze zouden zeggen bij heftige mistval

Optimist –> Op die mist! (postief)
Pessimist –> Wat een pest, die mist (negatief)

Door Chantal

Trema

Alleen op de medeklinkers van Auto kunnen een trema komen. 

Door Boo

Tractus

Tractus = trekken

Een tractor trekt dingen

Door Xander

Groen Rechts aan Stuurbord

Een alternatief voor een ezelsbruggetje dat al op deze pagina staat:

GRaS geeft aan dat er een

Groene lamp zit, aan de
Rechter zijde van een schip, en dat dit
Stuurboord wordt genoemd.

Door Anoniem

Diverse Griekse woordjes

Dendron = boom > dendrologie 

Petra = rots > Petra (stad in Jordanië)

Proton = eerst > prototype
Aei = altijd > altijd fonetisch = ˈɑltɛit, oftewel ˈ A lt E I t

Bios = leven > biologie

Thèrion = dier > thèr lijkt op dier

Nun = nu > dat is nun zonder n

Dolos = bedorg > een doolhof is bedrog

Thronos = troon > thron is troon zonder o

Oun (spreek uit: oen) = dus > ik weet hem niet DUS ben ik een oen

Doru = lans > een lans gaat DOOR je heen

Mètèr = moeder > mètèr lijkt op moeder

Monon = alleen (maar) > Engels: monotonous = eentonig ALLEEN MAAR dingen van één soort

Pragma = gebeurtenis > een SPRAAKMAkende gebeurtenis
Pur = vuur > lijkt op vuur

Phòs = licht > genetivus = phòtos een vroeger was er bij een foto belichting nodig

Door Anoniem

Toa, Sos, Cas

Toa, Sos. Cas

Tangens = overstaande : aanligende
Sinus= overstaande: schuine
Cosinus= aanligende : schuine

Door rosa

neurotransmitters in Hersenen

Tel Die Mes Met My:
Telencephalon, Diencephalon, Mesencephalon, Metencephalon, Myelencephalon

Ans Heeft Die Nice String:
Telencephalon – Acetylcholine
Diencephalon – Histamine
Mesencephalon – Dopamine
Metencephalon – Noradrenaline
Myelencephalon – Serotonine

Door Jaap

Lac

Lac = melk

In melk zit lactose

Door Sam

De evangelisten

De vier evangelisten uit het Nieuwe Testament kun je onthouden door te denken aan
Mijn Moeder Lust Jam

M attheus
M arcus
L ucas
J ohannes

Door Marie

Apostereo

Apostereo = beroven van
APO wordt beroofd van zijn STEREO

Door Marcia

Sedentair

De eerste mensen werden sedentair, ze bleven op één plek wonen. Sedentair lijkt op sanitair. Sanitair heeft te maken met badkamers en wc’s. Op een wc moet je ook “even op één plek blijven”.

Door Geert

Goniometrie; SOL, CAL, TOA (Bij rechthoekige driehoeken)

SOL: sin(α) = overstaande (rechthoekszijde) ÷ langste zijde
CAL: cos(α) = aanliggende (rechthoekszijde) ÷ langste zijde
TOA: tan(α) = overstaande (rechthoekszijde) ÷ aanliggende (rechthoekszijde)

SOS/CAS zijn hetzelfde als SOL/CAL, maar een schuine zijde kan soms lastig te herkennen zijn.

Door Rens

Formule voor vermogen en weerstand

De formule voor vermogen is 
P = U*I –> R = U/I

Dit kun je onthouden met PUIst RUIkt

P = Vermogen
U = Spanning
I = Stroomsterkte
R = Weerstand

Door Sophie

Baino

Baino (Baivw) = ik ga

Het lijkt op Bye Now

Door dolores

Magisme

Magisme betekent winkel
Denk hierbij aan een magazijn, wat heeft een winkel een magazijn.

Door xapie

Variabelen

Om het verschil tussen onafhankelijke, afhankelijke en interveniërende variabelen te onthouden, kun je denken aan O = O en IN = IN

Onafhankelijke variabele = Oorzakelijke variabele
Afhankelijke variabele = variabele die je kunt beïnvloeden
INterveniërende variabele = de variabele tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabele in

Door Nina

Metriek stelsel

Km ~ kijk
Hm ~ hoe
Dm ~ dat
M ~ meisje
Dm ~ die
Cm ~ cirkel
Mm ~ maakt

Kijk hoe dat meisje die cirkel maakt!

Door Paula

bijv. naamwoorden vóór zn

Als (autre)
Ben (bon)
Jou (joli)
Niet (nouveau)
Leuk (long)
Vindt (vieux)
Gaat (gros)
Het (haute)
Met (mauvais)
Ben (beau)
Gewoon (grand)
Prima (petit)

En dan de rangtelwoorden natuurlijk!

Door Julia

Bereik en domein

Het bereik –> de hemel, omhoog, de y-as
Het domein –> de vlakte, in de lengte, de x-as

Door Dima

Dormire

Dormire = slapen

Wat doet Doornroosje? Slapen!

Door Fenna

Functies bindweefsel

De functies kun je onthouden door de zin
Stevige Trek, Bier Helpt Ook!

S teun en verbindende functie (oa organen, bot en kraakbeen)
T ransportmedium (cellen en bloed)
B eschermende functie (voorkomen van het verspreiden van micro-organismen)
H erstellende functie, na weefselschade
O pslag, chemische energie in vetcellen of Ca2+ en water in het bindweefsel.

Door Lars

Tekstverbanden

ChOpTeTo & VoReOoCo

Ch = chronologisch verband
Op = opsommend verband
Te = tegenstellend verband
To = toelichtend verband
Vo = voorwaardelijk verband
Re = redengevend verband
Oo = oorzakelijk verband
Co = concluderend verband

Door Mees

signaalwoorden present perfect

FYNE BRULJAS
For
Yet
Never
Ever
Before
Recently
Unless
Lately
Just
Already
Sice

+ so far

Door kim

Das Märchen

das Märchen = het sprookje

Das Märchen lijkt op das Mädchen (het meisje).  In (bijna) elk sprookje komt wel een meisje/vrouw voor.

Door Myrthe

Thura

Thura = deur

Denk aan het Duitse Túr en het Nederlandse deur

Door Eva

Tendere

Tendere = uitstrekken

Als je op een tandem zit, moet je je benen uitstrekken

Door Fenna
Home
Alle items
Uploaden