
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Het verschil tussen où en ou
Oú = waar
Ou = of
Je kunt hierbij denken aan de vraag; waar is het streepje?
Als het streepje erop staat, is het óu –> waar
L’entree
L’entree betekent voorgerecht.
Als je in een restaurant bent loop je binnen in de entree het begin en voorgerecht is ook altijd begin.
Present en Past Perfect
De voorzetsels die met de Present Perfect gaan, kun je onthouden door te denken aan
FYNE JAS
F or
Y et
N ever
E ver
J ust
A lready
S ince
De voorzetsels die met de Past Simple gaan, kun je onthouden door te denken aan
LADY
L ast
A go
D atum
Y esterday
Het verschil tussen zuur en basisch
Bij de lakmoesproef kan je zien welke kleur staat voor zuur en welke voor basisch door te denken aan
R = R en B = B
Rood is zuuR
Blauw is Basisch
Rekenkundige bewerkingen
Hoe Moeten We Van Die Onvoldoendes Afkomen?
H= Haakjes
M= Machtsverheffen
W= Worteltrekken
V= Vermenigvuldigen
D= Delen
O= Optellen
A= Aftrekken
Ascenseur en escallier
Ascenseur betekent lift
Escallier betekent trap
Een ascenseur heeft een deur, een escallier heeft een tree. Een lift heeft een deur en een trap heeft een tree.
Oxidator en reductor
Oxidator- elektronen Opnemen
Reductor- elektronen Afstaan
Oxidator en opnemen beginnen beide met de O.
België of Duitsland
België ligt onder Nederland, dus de strepen van de Belgische vlag staan verticaal 🇧🇪. Duitsland ligt naast Nederland, dus de strepen van de vlag staan horizontaal 🇩🇪.
Het verschil tussen kwalitatief en kwantitafief
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan
L=L en N=N
KwaLitatief –> met letters
KwaNtitatief –> met nummers
Diatomische elementen
Om de diatomische elementen te onthouden denk aan de zin Have No Fear Of Ice Cold Beer
H(waterstof)
N(stikstof)
F(fluor)
O(zuurstof)
I(jood)
Cl(chloor)
Br(broom)
Hoekberekening Sos, Cas Toa
Met hoekberekening heb je 2 formules waardoor je elke hoek kan berekenen
Sinus= overstaande: schuine
Tangens = overstaande : aanliggende
Cosinus= aanliggende : schuine
Als je daarnaast
5= 10 : 2 neerzet kan je alles berekenen.
Het verschil tussen bleu en blue
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Frans –> bleu, met EU, want Frankrijk zit nog in de EU
Engels –> blue, met UE, want Engeland zit niet meer in de EU
Ordening dieren (organisatieniveau)
Die (domein)
Rijke (rijk)
Stinkerds (stam)
Kunnen (klasse)
Overal (orde)
Fijne (familie)
Gebakjes (geslacht)
Stoppen (soort)
Volgorde naamvallen
Nooit geld doneren aan armen.
Klinkt misschien een beetje erg maar werkt wel.
Nominativus
Genitivus
Dativus
Accusativus
Ablativus
Congres van Wenen
Om te onthouden welke landen het congres van Wenen vertegenwoordigen, kun je denken aan ROEP
R usland
O ostenrijk
E ngeland
P ruisen
Volgorde meters
Mieren Checken De Mail Dagelijks, Het Kan
De volgorde van de meters dus ook: mm cm dm m dam hm km
Misceo
Misceo = mengen
Als je de s en c verwisselt krijg je micseo -> mix(eo) -> mengen. Misceo betekent mengen
Het verschil tussen oud en jong gebergte
Hierbij kun je denken aan O = O
Oud gebergte = rOnde toppen
Jong gebergte heeft spitse toppen, net als de J
Relinquit
Relinquit = achterlaten
Het is zielig om je hondje vast te binden aan de reling en hem daar achter te laten
Without
Without = zonder
Om de correcte spelling en de betekenis van het woord ‘without’ te onthouden, kun je denken aan de zin
‘zonder without’.
2-atomige moleculen
Claartje fietst nooit in haar onderbroek, Pietje soms.
Claartje= Cl2 = Chloor.
Fietst = F2 = Fluor.
Nooit = N2 = Stikstof.
In = I2 = Jood.
Haar = H2 = Waterstof.
Onder= O2 = Zuurstof.
Broek = BR2 = Broom.
Pietje = P4 = Fosfor.
Soms = S8 = Zwavel.
Leestrategieën
Kleine Vriend Zei Niet Stelen.
K: kritisch lezen
V: verkennend lezen
Z: zoekend lezen
N: nauwkeurig lezen
S: studerend lezen
Het verschil tussen genotype en fenotype
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Genotype –> verandert niet, het zijn je genen
Fenotype –> verandert wel, het is je uiterlijk
X en Y as
Y–> is lang (verticaal)
X–> is breed (horizontaal)
zo kan je onthouden welke lijn wat is in het assenstelsel
