Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Helicasa

Om te onthouden wat Helicase doet, kun je denken aan H = H

Helicase verbeekt H-bruggen in het DNA

Door Wouter

Consistere

Consistere = blijven staan

Wil jij constant blijven staan?

Door Jootje

de klinkers

Apen zwEven Over mUren

dIkke vEtte kIppen stOppen bUssen

Door Anoniem

Het verschil tussen objectief en subjectief

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan
O = O en S = S

Objectief = Ongevoelig (feiten)
Subjectief = Sentiment (eigen mening)

Door Agnes

complere = vullen

Complere lijkt op compleet

Letterlijk is COMPLERE dus compleet maken, VULLEN

Door Jootje

Ardere

Ardere = branden

Ardeense ham wordt gebrand

Door Bab

Het verschil tussen emigratie en immigratie

Dit kun je onthouden door te denken aan
I=I en E=E

Immigratie = In Nederland
Emigratie = Eruit

Door Marieke

Ontkenningen Frans

Ne plus: bij de plus betaal je NIET meer
Ne jamais: bij de jamin betaal je NOOIT
Ne rien: bij Rien betaal je NIETS
Ne pas encore= NOG NIET vergeten, pas op voor core.

Door joey

Buddycheck

Om de volgorde van de buddycheck voor het duiken te onthouden, kun je denken aan
Vlugge Leeuwen Schieten Lekker Op

V est
L ood
S luitingen
L ucht
O k

Door Anoniem

Push- en pullfactoren

Push is in het Engels duwen dus mensen vertrekken uit dat land, denk aan mensen weg duwen. Pull is in het Engels trekken, denk aan je trekt mensen aan. Bij pullfactoren willen mensen een reden om naar dat land verhuizen.

Door Emma

Conflictgedrag

Bij overspronggedrag, spring je wat totaal niet bij de situatie past.
Bij amBIvalent gedrag, om de beurt 1 van de 2 (BI is 2)
Bij omgericht gedrag, richt je je ineens op iets anders (agressie is duidelijk te herkennen maar gericht op iets anders)

Door Jasmijn

Grootheden in de Informatica

Deze kun je onthouden aan de hand van MUggeNPlaag

M –> Milli, 10 tot de macht -3
U –> Micro, 10 tot de macht -6
N –> Nano, 10 tot de macht -9
P –> Pico, 10 tot de macht -12 

Door Martien

De bijnierschors

Om de lagen van de bijnierschors, van buiten naar binnen, te onthouden, kun je denken aan GFR

G lomerulose zona
F asciculata zona
R eticularis zona

Door Sariye

De fasen van een cel

De fasen die een celcyclus doorloopt, kun je onthouden met de zin
In Parijs Poepen Mensen Altijd Telefonerend

I nterfase
P rofase
P rometafase
M etafase
A nafase
T elofase

Door Jaap

Redox

Om te bellen of een redox reactie verloopt doe je V(ox) – V(red). Ik vergat altijd welke je min de ander deed. Daarom het ezelsbruggetje

Fox – Fred
2 dieren die makkelijk te onthouden zijn.

Door Sabine

Rijbewijs

Als je niet weet wanneer een tram stop gebruik ik altijd
Een tram is bang voor dieren
Een tram stopt alleen voor zebrapaden en haaientanden

Door Lisa

De volgorde van de ethanen

Met Een Poncho Blijft Peter Heel Hoog Ook Nog Droog

Methaan CH4
Ethaan C2H6
Propaan C3H8
Butaan C4H10
Pentaan C5H12
Hexaan C6H14
Heptaan C7H16
Octaan C8H18
Nonaan C9H20
Decaan C10H22

Door Pien

La Classe

La Classe betekent klas

Denk klas alleen dan in het engels

Door Thijs

Ierland – Dublin

Om het land Ierland en haar hoofdstad Dublin te onthouden, kun je denken aan de zin

Ier’s bier gaat er dubbel in

Door Michel

Salutare

Salutare = begroeten

Denk maar aan salut (Frans)

Door sophie

Zeeuwse wateren

Om de Zeeuwse wateren te onthouden, gebruik ik altijd het volgende: Hartelijk Gefeliciteerd Oud Wijf
HGOW = Haringvliet Grevelingen Oosterschelde Westerschelde (van boven naar beneden op de kaart)

Door Meester Paul

Bewerkingen in techniek

Om de zes bewerkingen bij techniek te onthouden, kun je denken aan
Vroeger Vond Sanne VoetBal Enig

V ormen
V ervormen
S cheiden
V erbinden
B edekken
E eigenschappen veranderen

Door Tessa

Retinēre

Retinere = tegenhouden

Als je iets retourneert, hou je het tegen

Door Hanneke

De lagen van de opperhuid

Om de lagen van de opperhuid van buiten naar binnen te onthouden, kun je denken aan de zin
Hoor Daar Komt Sint Binnen

H oornlaag
D oorschijnende laag
K orrellaag
S tekellaag
B asaalcellenlaag

Door Martine

Geologisch tijdperken

Petra’s Coole Oma Snoept Donkere Chocolade Pepernoten Terwijl Jan Kazige Tosti’s Kaant

P = Precambrium
C = Cambrium
O = Ordovicium
S =Siluur
D =Devoon
C = Carboon
P =Perm
T =Trias
J =Jura
K = Krijt
T = Tertiar
K = Kwartair

Door Naomi

De geleedpotigen

De geleedpotigen zijn de onthouden met het acroniem KIDS

K reeftachtigen 
I nsecten
D uizendpoten

S pinachtigen

Door Aya

Het verschil tussen if en when

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Als als “indien” is, dan is als “if”

als = if of when?

Vervang ‘als door ‘indien’; blijft de zin daardoor onveranderd, gebruik dan ‘if’!

Door H.
Home
Alle items
Uploaden