Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Compter

Compter = tellen

De computer telt de U niet mee

Door andriy

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

Reductor of oxidator?

In reductor zit het Engelse woord “reduce”=verminderen en de reductor stoot dus elektronen af
Dan neemt de oxidator de elektronen op

Door Rianne

De drie vormen van water

De drie vormen van water kun je onthouden door GaVaVlo

GA svormig
VA st 
VLO eibaar 

Door Laura

Loef en lijzijde

Loef bestaat uit 4 letters –> meer letters –> meer regen.
Lij bestaat uit 4 letters –> minder letters –> minder regen.

Door Doeke

Het verschil tussen meridiaan en parallel

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Mollige Lange en Pestende Bolle

M eridiaan is voor
L engte
P arallel is voor
B reedte

Door Ginny

Productiefactoren en bijbehorende beloningen

ANKO = LPRHW

Dit zijn de productiefactoren en welke beloningen je krijgt.
De hond ANKO krijgt een bot met Lelijke Poedel Rent Hard Weg.
Om het goed te onthouden kun je een hond tekenen met ANKO erin en daarnaast een bot met Lelijke Poedel Rent Hard Weg er in

A rbeid
N atuur
K apitaal
O ndernemerschap

L oon
P acht
R ente
H uur
W inst

Door Damini

Vestigingsfactoren

Om de verschillende vestigingsfactoren te onthouden, kun je denken aan WANGT

W erknemers
A fzetmarkt
N utsvoorzieningen
G rondstoffen
T ransport

Door sarah

Tautologie

Om te onthouden wat een tautologie is, kun je denken aan T = T

Tautologie = Twee keer dezelfde betekenis

Door Kim

Without

Without = zonder

Om de correcte spelling en de betekenis van het woord ‘without’ te onthouden, kun je denken aan de zin
‘zonder without’. 

Door Anoniem

Het verschil tussen current ratio en quick ratio

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
RR=RR

CuRRent Ratio = Incl VooRRaad
Quick Ratio = Excl voorrraad

Door J.

covalenties

covalentie 1:
H(elp)
F(enna)
Cl(ub)
Br(ommer)
I(n)

covalentie 2:
O(f)
S(anne)

covalentie 3:
N(o)
P(roblem)

covalentie 4:
C(heese)

je moet er een verhaaltje van maken

Door Fenna

Une glace

Une glace betekent een ijsje

IJs eet je uit een glas

Door Beau

Vestis

Vestis = kledingstuk

Een vest is een kledingstuk

Door Ellefien

Draaien

Wanneer je iets open/los of dicht/vast moet draaien.
DROL:
D: Dicht
R: Rechts
O:Open
L: Links

Door Sanne

Het verschil tussen cela en ceci

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
A=A en I=I

CelA = dAt
CecI = dIt

Door Jan

Astma cardiale therapie

Om te onthouden wat er moet gebeuren bij astma cardiale therapie, kun je denken aan ROLMAT

R echtop zetten
O 2 (zuurstof)
L asix
M orfine
A derlaten
T heofyline

Door Kees

De evangelisten

De vier evangelisten uit het Nieuwe Testament kun je onthouden door te denken aan
Mijn Moeder Lust Jam

M attheus
M arcus
L ucas
J ohannes

Door Marie

Taken in het klooster

Om te onthouden wat de taken in een klooster waren, kun je denken aan LOVE

L andarbeid
O verschrijven van boeken
V erplegen zieken
E n bidden

Door Jesper

Delen door nul

Delen door nul. Kan dat nou wel of niet?
Met dit ezelsbruggetje vergeet je het nooit meer:

‘delen door nul is gelul’

Oftewel delen door nul is onzin want het kan gewoon niet.

Door Mirle

Omrekenen

Om te onthouden dat 1 kilo = 2 pond = 10 ons, kun je het volgende doen

Breng je handen samen (1 kilo), maak nu twee vuisten (2 pond), laat al jouw vingers zien (10 ons)

Door Mathilda

Harde en zachte klanken

De harde ‘ch’ gebruik je bij de klinkers van AUtO.

De zachte ‘ch’ gebruik je bij de klinkers van EI.

Een auto is harder dan een ei.

Door Jacco

2-atomige moleculen

Claartje fietst nooit in haar onderbroek, Pietje soms.

Claartje= Cl2 = Chloor.
Fietst = F2 = Fluor.
Nooit = N2 = Stikstof.
In = I2 = Jood.
Haar = H2 = Waterstof.
Onder= O2 = Zuurstof.
Broek = BR2 = Broom.
Pietje = P4 = Fosfor.
Soms = S8 = Zwavel.

Door Babita

Grieks uitgangen

Voor de uitgangen van groep3 heb ik (nou eigenlijk mijn leraar) een ezelsbruggetje bedacht:

de OS die I-A zegt, is een ESel die OOk Nog SIN-AS drinkt.

(os, i, a, es, wv, sin, as)

Door Sophie

verbranding

Veel Grijze Zeehonden Eten Wekelijks Kabeljauw.

Verbranding
Glucose
Zuurstof
Energie
Water
Koolstofdioxide

Door Anoniem

Ta kaka

Ta kaka = ellende, rampen, ongeluk

Het is ellende als je moet kakken

Door Sterre

Een geldig doelpunt bij hockey

ABCD

A anvaller raakt de
B al in de 
C irkel en dan is het een 
D oelpunt

Door Sanne
Home
Alle items
Uploaden