
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Het overdragen van cultuurelementen
Om te onthouden hoe cultuurelementen in de moderne tijd worden overgedragen, kun je denken aan het acroniem ICT
I nternationale handel
C ommunicatiemiddelen (Modern)
T oerisme
Richtingscoëfficiënt
De formule voor de r.c. is Verticaal/Horizontaal
Om dit te onthouden, kun je denken aan VerHip
V erticaal /
H orizontaal
ημεις en υμεις
ημεις betekent wij, we
υμεις betekent jullie
‘η’ spreek je hetzelfde uit als de ‘e’ in we (2e letter)
‘υ’ spreek je hetzelfde uit als de ‘u’ in jullie (2e letter)
Stikstof
Om te onthouden dat bij stikstof het symbool N hoort, kun je denken aan
Wanneer je stikt, roep je ‘Nee!’
Het verschil tussen videt en vocat
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan I = I en O = O
vIdet = zIen
vOcat = rOepen
De soorten gewrichten
Om de drie soorten gewrichten in het lichaam te onthouden, kun je denken aan
Kippen en Schapen Rapen
K ogelgewricht
S charniergewricht
R olgewricht
De onderste regel van het toetsenbord
De letters op de onderste regel van het toetsenbord kan je onthouden met de zin:
Zoek X Cent Verloren Bij Nieuwe Maan
Invloeden bij zwangerschap
Om de onthouden welke slechte invloeden bij zwangerschap een rol kunnen spelen, kun je denken aan de zin
Rex Dook Achter Mijn Zetel
R oken
D rugs
A chter
M edicijnen
Z iekten
Ontkenningen Frans
Ne plus: bij de plus betaal je NIET meer
Ne jamais: bij de jamin betaal je NOOIT
Ne rien: bij Rien betaal je NIETS
Ne pas encore= NOG NIET vergeten, pas op voor core.
Reductor en oxidator (redox)
Oxidator neemt elektron op. Denk aan oxygen (zuurstof) dat nemen wij ook op. Of denk aan het wood “redox” en zet een pijl in midden van het woord.
RED->OX
RED staat voor REDuctor
Pijl staat voor elektron doorgeven.
OX staat voor OXidator
Dus REDuctor geeft elektron aan OXidator
Á ce soir
Á ce soir betekent tot vanavond. Dit lijkt op accesoir, als je uitgaat draag je accesoires.
Planeten in de juiste volgorde
Mijlenver Van Aarde Mag Je Soms Urenlang Niet Plassen
– Mercurius
– Venus
– Aarde
– Mars
– Jupiter
– Saturnus
– Uranus
– Neptunus
– Pluto
Canarische eilanden
Alle Canarische eilanden van west naar oost:
Hamsters plassen geel, tenzij gezonde cavia’s fluitend langslopen
Hamsters: El Hierro
Plassen: La Palma
Geel: La Gomera
Tenzij: Tenerife
Gezonde Cavia’s: Gran Canaria
Fluitend: Fuerteventura
Langslopen: Lanzarote
Kleurcoderingen in electrotechniek en electronica
De kleurcoderingen in electrotechniek en electronica kun je onthouden met de zin
Zij Bracht Rozen Op Gerrits Graf Bij Vies Grauw Weer.
Z wart, waarde = 0
B ruin, waarde = 1
R ood, waarde = 2
O ranje, waarde = 3
G eel, waarde = 4
G roen, waarde = 5
B lauw, waarde = 6
V iolet, waarde = 7
G rijs, waarde = 8
W it, waarde = 9
videre audire
je moet denken aan je ziet een video, videre (zien). je hoort een audio, audire (horen).
Het verschil tussen zuur en basisch
Bij de lakmoesproef kan je zien welke kleur staat voor zuur en welke voor basisch door te denken aan
R = R en B = B
Rood is zuuR
Blauw is Basisch
De geologische afzettingen
Om de afzettingen te onthouden, kun je denken aan de zin
Flessen Eten Geen Moorkop
F luviatiele afzetting (rivier)
E ologische afzetting (wind)
G laciale afzetting (ijs)
M aritieme afzetting (zee)
Hydrofoob of hydrofiel
Hydrofiel = waterlievend
Hydrofoob = watervrezend
Je kunt dit goed onthouden als je “fiel” van hydrofiel omdraait. Je krijgt dan “lief”.
Hydrofoob is dit ongeveer ook zo maar is iets lastiger maar foob betekend angst.
De eilanden
De eilanden onthoud je met het woord TV-TAS
T Texel
V Vlieland
T terschellingen
A Ameland
S Schiermonnikoog
Professor
Om te onthouden hoe je professor schrijft, kun je denken aan
De professor heeft 1 fiets en 2 sokken
1 fiets = f
2 sokken = ss
Ordening dieren (organisatieniveau)
Die (domein)
Rijke (rijk)
Stinkerds (stam)
Kunnen (klasse)
Overal (orde)
Fijne (familie)
Gebakjes (geslacht)
Stoppen (soort)
De 7 levensverschijnselen
VUBV WAG
Voeden
Uitscheiden
Bewegen
Voortplanten
Waarnemen
Ademhalen
Groeien
De provincies
De 12 provincies van Nederland kan je onthouden met de volgende zin:
Niemand Uit NederLand Geeft Grote Feesten Omdat Dat Flauwekul Zou Zijn
N oord-Holland
U trecht
N oord-Brabant
L imburg
G roningen
G elderland
F riesland
O verijssel
D renthe
F levoland
Z uid-Holland
Z eeland
ITCZ – hoge en lage luchtdruk
Hoog is droog.
In het hogedrukgebied is het droog en valt er weinig neerslag. In het lagedrukgebied valt er veel neerslag.
Tip: het ezelsbruggetje is om te onthouden. Schrijf op je toets niet: In het hogedrukgebied is het droog. Maar leg het proces uit!!
