
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
X en Y as
Y–> is lang (verticaal)
X–> is breed (horizontaal)
zo kan je onthouden welke lijn wat is in het assenstelsel
Ammoniak, Ammonia, Ammonium
Ammoniak = NH3 (G)
Ammonia = NH3 (AQ) – eindigt op een A en de toestand AQ begint ook met een A.
Ammonium = NH4+ (AQ) – heeft geen 2e A en is daarom ‘bijzonder’
De lagen van de atmosfeer
Trage Stieren Maken Trage Eieren
T roposfeer
S tratosfeer
M esosfeer
T hermosfeer
E xosfeer
Cirkel: omtrek of oppervlakte?
De omtrek is 2 x pi x r
De oppervlakte is pi x r²
Als er 1 r in voor komt, is het dus in meters en dus lengte. Als er r² in voor komt, is het vierkante meters, dus oppervlakte!
Landen Midden-Amerika
Om de landen in Midden-Amerika te onthouden, van Noord naar Zuid en van links naar rechts, kun je denken aan de zin
Moeder Ging Bijna Elke Hete Nacht Citroenen Plukken
M exico
G uatamala
B elize
E l Salvador
H onduras
N icaragua
C osta Rica
P anama
Necessary
Om de correcte spelling van het woord ‘necessary’ te onthouden, kun je gebruik maken van deze zin
Never Eat Cake Eat Salmon Sandwiches And Remain Young
Oorzaken van symptomen
Om verschillende mogelijke oorzaken voor symptomen te onthouden, kun je denken aan VINDICATEN
V asculair
I nflammatoir
N eoplasma
D egeneratief
I ntoxicatie
C ongenitaal
A utoimmuun/allergisch
T rauma
E ndocrinologisch
N utrioneel
Mollen en Kruizen voor de Cello
Kruizen:
Finnen BESchouwen EStlanders AS DESkundige GESchiedschrijvers CESar
Mollen:
Geef De Armen Een Bord FIS CIS
Domeinen van de geschiedenis
Om deze vier domeinen te onthouden, kun je denken aan PESC
P olitiek
E conomisch
S ociaal
C ultuur
afgeleide van een breuk
als je de afgeleide van een breuk neemt gebruik dan:
NAT-TAN
————— (gedeelddoorstreep)
N²
NAT = Noemer x Afgeleide Teller
TAN = Teller x Afgeleide Noemer
N² = Noemer²
Estland, Letland, Litouwen met hoofdsteden
Om de landen Estland, Letland, Litouwen met hun hoofdsteden Tallinn, Riga en Vilnius te kunnen onthouden.: ELeLi TaRiVi
Ontleden van een zin
Voor het ontleden van zinnen:
Piet Gaat Zeilen Op Lange Malle Boot.
Piet = persoonsvorm (eerste werkwoord)
Gaat = gezegde (alle werkwoorden in de zin)
Zeilen = zinsdelen
Op = onderwerp (wie/wat + persoonsvorm = onderwerp)
Lange = lijdend voorwerp (wat/wie + persoonsvorm + onderwerp = lijdend voorwerp)
Malle = meewerkend voorwerp (aan wie/voor wie + persoonsvorm + onderwerp + lijdend voorwerp = meewerkend voorwerp)
Boot = niks ;p gewoon om makkelijk te onthouden!
Het verschil tussen ei en ij
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
EI = EI en IJ= IJ
De ge-kipte EI = het EI van een kip
De ge-stipte IJ = met 2 stipjes IJ
ημεις en υμεις
ημεις betekent wij, we
υμεις betekent jullie
‘η’ spreek je hetzelfde uit als de ‘e’ in we (2e letter)
‘Ï…’ spreek je hetzelfde uit als de ‘u’ in jullie (2e letter)
Kijk in het woord
Denk goed na in het woord, misschien zit daar nog een ander woord in dat je kent en dan kan je er makkelijk achterkomen. Of het woord lijkt heel erg op het Nederlands.
Organische elementen
Om alle belangrijke elementen te onthouden die er in de organische elementen zitten, kun je denken aan SPONCH
S zwavel
P fosfor
O zuurstof
N stikstof
Hoofdelementen
C koolstof
H waterstof
Pelvis
Pelvis = bot in je heup
Om te onthouden waar deze zit, kun je denken aan
Elvis de Pelvis
Elvis schudde namelijk vaak met zijn heupen
Keerkringen
Om het verschil tussen de twee keerkringen te onthouden, kun je denken aan de zin
De kreeft zit op de steenbok
De kreeftskeerkring staat boven de evenaar, de steenbokskeerkrings staat onder de evenaar
Arm en hand
De botten in de arm en de hand kun je onthouden door DRUP
D uim zit aan de
R adius (spaakbeen)
U lna (ellepijp) zit vast aan de
P ink
De fasen van een cel
De fasen die een celcyclus doorloopt, kun je onthouden met de zin
In Parijs Poepen Mensen Altijd Telefonerend
I nterfase
P rofase
P rometafase
M etafase
A nafase
T elofase
Prijselasticiteit
De prijselasticiteit van een product is de procentuele verandering van de gevraagde hoeveelheid / procentuele verandering prijs.
Prijselasticiteit = ΔQ / ΔP
Dit ku nje onthouden door te denken aan een QuarterPounder
