Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Lood

Pb = lood

De PABO is loodzwaar

Door Lonneke

Schaalvergroting rekenen

2 formules, en je weet alles:

Toename:
(nieuw : oud x 100%)-100

Afname:
100-(nieuw : oud x 100%)

Bijvoorbeeld: Een bedrijf had eerst 200 euro, later 300. Dan doe je: (300 : 200 x 100%)-100 = 50% gestegen

Door Anoniem

Mollen en Kruizen voor de Cello

Kruizen:
Finnen BESchouwen EStlanders AS DESkundige GESchiedschrijvers CESar

Mollen:
Geef De Armen Een Bord FIS CIS

Door Gitta

Gewesten in de Republiek

Om de gewesten te onthouden die in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden zaten, kun je denken aan de zin
Helpende Zeeën Uit Griekenland Openen Graag Frieten

H olland
Z eeland
U trecht
G elre
O verijssel
G roningen
F riesland

Door Anoniem

voorzetsels met de ablativus

pro, cum, sine, ab, ex, de, die gaan met de ablativus mee!

Door Marloes

Vidēre

vidēre = zien,

vidēre lijkt op video, dus een video kijken/zien

Door Senne

Oude Testament (Thora)

Een manier om de eerste vijf boeken van het Oude Testament (oftewel de Thora) te onthouden, is met het acroniem GELND

G enesis

E xodus

L eviticus

N umeri

D euteronomium

Door Jesse

De wervels

Deze kun je, van boven naar beneden, onthouden met de zin
HandBoeien Leiden Hoge Straf

H alswervels
B orstwervels
L endenwervels
H eiligbeen
S taartbeen

Door Rosalie

Tekstverbanden

ChOpTeTo & VoReOoCo

Ch = chronologisch verband
Op = opsommend verband
Te = tegenstellend verband
To = toelichtend verband
Vo = voorwaardelijk verband
Re = redengevend verband
Oo = oorzakelijk verband
Co = concluderend verband

Door Mees

zwobbels!

de koppelwerkwoorden:
– Zijn
– Worden
O
– Blijven
– Blijken
E
– Lijken
– Schijnen

Door sien

Het verschil tussen de teller en de noemer

Om te onthouden waar de teller en de noemer komen in een breuk, kun je denken aan T = T

Teller = Top

Door Maartje

Perro

Perro=hond

Bij de rr van perro, als je het zegt klinkt het een beetje als grommen, en een hond gromt.

Door Quinty

Met veel liefde

Als je tafel dekt en je dekt kopbestek in gebruik je Met Veel Liefde

Vanaf het bord gezien naar boven:

Mes, Vork, Lepel

Door Femke

Prijselasticiteit

De prijselasticiteit van een product is de procentuele verandering van de gevraagde hoeveelheid / procentuele verandering prijs. 

Prijselasticiteit = ΔQ / ΔP

Dit ku nje onthouden door te denken aan een QuarterPounder

Door Nina

4e naamval voorzetsels

Om de voorzetsels uit de 4e naamval te onthouden kun je zeggen:
Bier Uit Een Flesje Dood Geen Oudjes

Bis
Um
Entlang
Durch
Gegen
Ohne

Door Lise

Tangere

Tangere = aanraken, treffen

Bij de tango sta je dicht bij elkaar en raak je elkaar aan

Door Elisabeth

Bleu of blue

Frans betekent bleu, want Frankrijk zit nog in de EU
Engels betekent blue, want Engeland zit niet meer in de EU

Door Madelief

Griekse filosofen

Om de chronologische volgorde van drie van de bekendste Griekse filosofen te onthouden, kun je denken aan SPA

S ocrates
P lato
A ristoteles

Door Romain

Botten in handen en voeten

Deze botten kun je onthouden met de zin
Van Mijn Handen Tot Mijn Voeten, Haha

V ingerkootjes
M iddenhandsbeentjes
H andwortelbeentjes
T eenkootjes
M iddenvoetsbeentjes
V oetwortelbeentjes
H ielbeen

Door Sharon

covalenties

covalentie 1:
H(elp)
F(enna)
Cl(ub)
Br(ommer)
I(n)

covalentie 2:
O(f)
S(anne)

covalentie 3:
N(o)
P(roblem)

covalentie 4:
C(heese)

je moet er een verhaaltje van maken

Door Fenna

Rapido

Rapido=Snel.

Dit weet je door het voorste woord rap, Want een rap gaat snel en nu weet je het antwoord.

Door Fien

Sympa

Sympa betekent aardig

Denk aan iemand sympathiek vinden.

Door David

Volgorde grootte gesteente

Om deze volgorde te onthouden, kun je gebruik maken van BRiKGeZaKt

B erg
R otsblok
K ei
G rind
Z and
K lei

Door Renate

Hersenblaasjes

Om de vijf hersenblaasjes te onthouden, kun je denken aan de zin
Tel Die Messen Met Mij

T elencephalon

D iencephalon

M esencephalon

M etencephalon

M yelencephalon 

Door Michelle

Koppelwerkwoorden

De koppelwerkwoorden kunnen onthouden worden met de zin 
BoB HaD ZoVeeL WaS

B lijven
B lijken
H eten
D unken
Z ijn
V oorkomen
L ijken
W orden
S chijnen

Door Naomi

Het verschil tussen Nominativus en Accusativus

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan de zin
Als de SON schijnt, eten we OLA ijsjes

S ubject
O nderwerp
N ominativus

O bject
L ijdend Voorwerp
A ccusativus

Door Maud

Differentiëren

Bij het differentiëren gebruik je de productregel, die kun je onthouden door te denken aan DOOD

D ifferentiëren *
O verschrijven +
O verschrijven * Differentiëren

Door Max
Home
Alle items
Uploaden