
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
De volgorde van de Noordelijke provincies
De volgorde van de drie Noordelijke provincie zijn te onthouden met het acroniem DOG
Van boven naar beneden
D renthe
O verijssel
G elderland
Elke Goede Band Drinkt Fanta
Om de volgorde van de noten te onthouden op een notenbalk gebruik je de zin ‘Elke Goede Band Drinkt Fanta’. Dit geldt dan voor de noot die afgebeeld wordt op de streep van de notenbalk.
Voorbeeld:
——————-
——————-
——————-
——————-
———•——-
Het bolletje staat op de regel en is dus de noot ‘E’.
De volgorde van de ethanen
Met Een Poncho Blijft Peter Heel Hoog Ook Nog Droog
Methaan CH4
Ethaan C2H6
Propaan C3H8
Butaan C4H10
Pentaan C5H12
Hexaan C6H14
Heptaan C7H16
Octaan C8H18
Nonaan C9H20
Decaan C10H22
An of a
Neem een engels woord bvb. home, en je ondhoud de regel; alleen als er vooraan een klinker staat mag ik er een a van maken. De eerste lettter van het woord home is geen klinker dus je kan er geen a voor zetten, het wort dus gewoon a en niet an
Windrichtingen
nooit opstaan zonder wekker
N=nooit=Noord
O=opstaan = Oost
Z=zonder = Zuid
W= wekker=Westen
Het verschil tussen zuur en basisch
Bij de lakmoesproef kan je zien welke kleur staat voor zuur en welke voor basisch door te denken aan
R = R en B = B
Rood is zuuR
Blauw is Basisch
Containerpolitiek
Zie het communisme als een container. de container mag niet groter worden dan dat t al is
Properare
Properare = zich haasten
Als een poetsvrouw het huis proper maakt, doet ze dat haastig
Tekstverbanden
Hier een ezelsbruggetje voor de Tekstverbanden. Ik hoop dat het je helpt!
cc + tt + oo = rv.
Denk aan:
Cake.
Cafe.
+
Tegenwoordige.
Tijd.
+
Oude.
Opa.
=
Rot.
Vrouw.
Een brief schrijven
Om te onthouden waar je aan moet denken bij het schrijven van een brief, kun je denken aan
HoLeKlaSaWIJN
Ho ofdletters?
Le estekens?
Kla korte/lange klinkers?
Sa menstellingen?
W erkwoordspelling juist?
IJ of ei? ou of au? v of f? s of z?
N of zonder -n?
Maanstanden
Het verschil tussen wassende maan en afnemende maan kun je zien door een denkbeeldig streepje bij de maansikkel te plaatsen.
( | streepje achter de maan = een a(fnemende maan)
|) streepje voor de maan = een b(ijkomende maan)
Het verschil tussen xyleem en floëem
Om te onthouden hoe water wordt getransporteerd door de vaten van een plant, kun je denken aan K-klank = K en F = F-klank
Xyleem (de houtvaten) = water door deze vaten moet omhoog Klimmen
Floëem (de bastvaten) = water Vloeit door deze vaten heen
Á ce soir
Á ce soir betekent tot vanavond. Dit lijkt op accesoir, als je uitgaat draag je accesoires.
Gevaccineerde ziektes
Om de gevaccineerde ziektes te onthouden, kun je denken aan het acroniem DKTP;BMR
D ifterie
K inkhoest
T etanus
P olio
B of
M azelen
R ode Hond
Duitse Getallen
Om de Duitse getallen te onthouden, kun je denken aan dit rijmpje
Ein, Zwei, Polizei
Drei, Vier, Offisier
Fünf, Zechs, Alte Heks
Sieben, Acht, Guten Nacht
Neun, Zehn, Auf Wiedersehen!
Romeinse cijfers
Een gemakkelijk ezelsbruggetje om de volgorde van Romeinse cijfers te onthouden:
Ik verving Xaviers lekkere citroenen door meloenen:
I = 1
V = 5
X = 10
L = 50
C = 100
D = 500
M = 1000
Toedieningsvormen
De verschillende toedieningsvormen kun je onthouden met SPROLTS
S ystematisch
P arentaal
R ectaal
O raal
L okaal
T ransdermaal
S ublinguaal
v=s*t of v=s/t ?
Bij veel formules kun je de eenheid gebruiken. Bij v=s/t ook, want v = snelheid en de eenheid is km/h (of m/s). Km en m zijn eenheden van s (= afstand). H en s zijn eenheden van t (=tijd).
Het is km/h en m/s, niet km*h en m*s, dus is ook de formule v=s/t en niet v=s*t.
(Met veel formules geldt dit).
Het verschil tussen voilà en voici
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan A = A en I = I
Voilà = dAAR
VoicI = hIer
Belgische vlag
Om de kleuren van de Belgische vlag te onthouden, van links naar rechts, kun je denken aan
ZWAGER
ZWA rt
GE el
R ood
De voorzetsels bij Der
De voorzetsels die met Der samengaan, kun je onthouden door het acroniem DJ WAMS
D ies –> deze
J ed –> iedere, menig
W elch –> welke
A ll –> alle(s), iedereen
M anch –> sommige, menig
S olch –> zulke
Verba Liquida
Om de verba liquida te onthouden (m, l, n, r), kun je het woord ‘molenaar’ onthouden
Soorten argumenten
Om de zeven verschillende soorten argumenten te onthouden, kun je denken aan de zin
Veel Fietsen En Andere Voertuigen Ergeren Mensen
V oorbeeld
F eit
E motie
A utoriteit
V ergelijking
E mpirisch
M oreel
De snaren van een gitaar
Een gitaar heeft 6 snaren, deze kun je onthouden met de zin
Een Aap Die Geen Bananen Eet
E en
A ap
D ie
G een
B ananen
E et
