
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Uitgangen van Duitse werkwoorden (tegenwoordige tijd)
De uitgangen van Duitse regelmatige werkwoorden in de tegenwoordige tijd vormen samen het woord (fe)esttenten:
(ich) wohn e
(du) wohn st
(er) wohn t
(wir) wohn en
(ihr) wohn t
(sie) wohn en
OLIGARCHIE
OLIEGARCHIE—> een klein groepje rijke mensen die aan de macht is
door OLIE word je rijk
Luchthavens in België
Om de zes belangrijkste luchthavens in België te onthouden, kun je denken aan GAZBOL
G ent
A ntwerpen
Z eebrugge
B russel
O ostende
L uik
Overijssel
Bij topografie vragen ze naar drie steden in de provincie Overijssel. Dat zijn Almelo Hengelo en Enschede om deze volgorde te onthouden moet je dit onthouden: AHE
A : Almelo
H : Hengelo
E : Enschede
Als je dit vaak herhaald onthoud je het.
Variabelen
Onafhankelijke variabele: Oorzakelijke variabele (beide beginnen met de O)
Afhankelijke variabele: variabele die je kan beïnvloeden.
INterveniërende variabele: zit tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabelen IN
Kenmerkend Aspecten
Leer met de link naar dit YouTube filmpje alle kenmerkend aspecten door middel van een rap. Het heeft mij echt enorm geholpen bij de toets. Lekker meezingen/rappen dus!
Congenitale infecties
De belangrijkste congenitale infecties
TORCHES
T oxoplasmose
R ubella
C MV
H IV / He patitis
S yfilis
De adductoren in de heup
Om de adductoren in de heup, van lateraal naar mediaal, te onthouden, kun je denken aan de zin
Pietje Ligt Graag Boven Op Marietje
P ectineus
L ongus
G racilis
B revis
M agnus
Teller en Noemer
Als je moeite hebt met de quotientfunctie en dan welke ook alweer de noemer was en welke de teller:
de teller t(x) staat bovenaan, de Top dus t(x) Top
en zo volgt dat de noemer n(x) de onderste is.
De niveaus van ecologie
“Ik Pak Lekker Eten” staat voor
Individu
Populatie
Levensgemeenschap
Ecosysteem
Toonladders met mollen
Om de toonladders met de hoeveelheid mollen te onthouden, kun je denken aan de zin
Finnen Beschouwen Eslanders Als Deskundige Geschiedenis Schrijvers
F –> 1 mol
Bes –> 2 mollen
Es –> 3 mollen
As –> 4 mollen
Des –> 5 mollen
Ges –> 6 mollen
Ces –> 7 mollen
Hoofdsteden Roemenië en Hongarije
De Boeddha heeft honger en gaat dus naar HONGArije (Boedapest) en door een boek krijg je roem dus Boekarest ligt in Roemenië
Wanneer mag je rechts inhalen?
FRUIT
F = File
R = Rotonde
U = Uitvoegen
I = Invoegen
T = Tram
Landschappen
Om de landschappen te onthouden, kun je deze zin gebruiken
Zonder Landschappen Zal De Rest Vergaan
Z andlandschap
L össlandschap
Z eekleilandschap
R ivierkleilandschap
V eenlandschap
Het verschil tussen sytole en diastole
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan S = S en DI = DI
Sytole = Samentrekken
DIastole = DIvers, uit elkaar –> ontspannen
Marry and bury
Om te onthouden met hoeveel r’en de woorden ‘marry’ en ‘bury’ gespeld worden, kun je denken aan
Trouwens (marry) doe je met zijn tweeën, begraven worden doe je alleen.
Hoekberekening Sos, Cas Toa
Met hoekberekening heb je 2 formules waardoor je elke hoek kan berekenen
Sinus= overstaande: schuine
Tangens = overstaande : aanliggende
Cosinus= aanliggende : schuine
Als je daarnaast
5= 10 : 2 neerzet kan je alles berekenen.
De rivier Po
Om de rivier de Po te vinden op te kaart, ga je op zoek naar de Laars. Wanneer je op de Po zit, laat je je broek zakken tot aan je laars
GANS von BAMZE
Gegenüber – tegenover
Aus – uit
Nach – naar/na/volgens
Seit – sinds
VON – van
Bei – bij
Außer – behalve
Mit – met
Zu – naar/ bij
Entgegen – tegemoet
jou of jouw?
Als je niet weet of je ‘jou’ of ‘jouw’ moet gebruiken in een zin, maak er dan in je hoofd ‘u’ of ‘uw’ van. Dan weet je of er wel of of niet een ‘w’ achter ‘jou’ moet.
Het verschil tussen loefzijde en lijzijde
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
De lijzijde –> is blij (veel zon)
De loefzijde –> is droef (veel regen)
