
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Midden-Amerika
De landen van Midden-Amerika, van boven naar beneden:
Mijn goudvis Bas eet haast nooit chocolade pudding
Mexico – Guatemala – Belize – Equador – Honduras – Nicaragua – Costa Rica – Panama
Zoekmiddelen in de bosatlas
De drie zoekmiddelen in de bosatlas kun je onthouden met de zin
Ben je Nu Zestig?
B ladwijzer
N amenregister
Z aakregister
Ecologische Voetafdruk
Deze kun je onthouden door de zin
Aaron Grijpt Brood Vaak Bij Eten
A kkerland
G rasland
B osland
V island
B ouwland
E nergieland
Oorzaken van mobiliteit
De oorzaken van mobiliteit kan je onthouden met WIVES:
Welvaart
Individualisering
Vergrijzing
Emancipatie
Schaalvergroting
Slovenië – Ljubljana
Om het land Slovenië met de hoofd stad Ljubljana te onthouden, kun je denken aan
Sloof je uit voor (koningin) Juliana
Apeldoorn, Arnhem en Nijmegen
AAN, op alfabetische volgorde
Van boven naar beneden op de kaart;
A peldoorn
A rnhem
N ijmegen
Belgische provincies
Met deze vraag kun je alle Belgische provincies onthouden: “Wanneer Antwoorden Leuke Limburgers Onder Waalse Huizen op hun Nare Lullige Vragen?”
West-Vlaanderen, Antwerpen, Luik, Luxeburg, Oost-Vlaanderen, Waals-Brabant, Henegouwen, Namen, Limburg, Vlaams-Brabant.
De kastenstelsels van India
De volgorde van de kastenstelsels van India kun je onthouden met de zin
Ben Kei Veel Snoep Winkels Doorgelopen
B rahmanen
K shatriaya’s
V aishya’s
S hudra’s
D alits
Push- en pullfactoren
Push is in het Engels duwen dus mensen vertrekken uit dat land, denk aan mensen weg duwen. Pull is in het Engels trekken, denk aan je trekt mensen aan. Bij pullfactoren willen mensen een reden om naar dat land verhuizen.
Steden in Drenthe
Om de steden in Drenthe te onthouden, kun je denken aan HEMA
H oogeveen
E mmen
M eppel
A ssen
Soorten reliëf
Om te onthouden wat voor soorten reliëf er zijn, kun je denken aan het woord
LaHeMiHo
La agland
He uvelland
Mi ddelgebergte
Ho oggebergte
De volgorde van de Noordelijke provincies
De volgorde van de drie Noordelijke provincie zijn te onthouden met het acroniem DOG
Van boven naar beneden
D renthe
O verijssel
G elderland
De rivieren
Om te onthouden waar de rivieren de AA en de EE liggen, kun je denken aan
A=A en E=E
BrAbant = A
FriEsland = E
Het verschil tussen maguis en garrigue
Maquis = zandgrond
Garrigue = kalkgrond
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Mag = Zak
Hogedrukgebied en lagedrukgebied
Om het verschil te onthouden denk aan een strand in bijvoorbeeld Spanje
🌤 Hogedrukgebied = hoog aantal toeristen
want veel zon, is weinig bewolking, is weinig neerslag
🌧 Lagedrukgebied = laag aantal toeristen
want weinig zon, is veel bewolking, is veel neerslag
Er zijn weinig mensen om het strand bij slecht weer.
Daarbij kun je denken aan het rijmpje
“Hoog is droog en laag is vaag”
Hoog drukgebied is droog weer, laag drukgebied is regen
Het verschil tussen verticaal en horizontaal
Om het verschil tussen verticaal en horizontaal te onthouden, kun je denken aan V = V
Verticaal = vallen, van boven naar beneden
Horizontaal = van links naar rechts
Daarbij kun je ook bedenken dat de horizontaal zo plat is als de horizon.
De steden van Japan
Om de steden van Japan, van boven naar beneden, te onthouden, kun je denken aan
ToYoNagOsHiNa
To kyo
Yo kohama
Nag oya
Os aka
Hi roshima
Na gasaki
Grote rivieren in Nederland
De grote rivieren van Nederland, van boven naar beneden, kunnen onthouden worden met de zin
Rare Weelderige Mannen
R ijn
W aal
M aas
De Eurolanden
Om de Eurolanden te onthouden, kun je deze zin gebruiken
SMS FF BONDIGE CLIPS
S lovenië
M alta
S lowakije
F rankrijk
F inland
B elgië
O ostenrijk
N ederland
D uitsland
I erland
G riekenland
E stland
C yprus
L uxemburg
I talië
P ortugal
S panje
Lagen van een berg
Om de bedekkingslagen van een berg te onthouden, kun je denken aan ERANL
E euwige sneeuw
R otsgordel
A lpeweiden
N aaldboomgordel
L oofboomgordel
De Zuidpool en de Noordpool
Om te onthouden waar de pinguins en de ijsberen leven, kun je denken aan
U = U en R = R
zUidpool = pingUins
nooRdpool = ijsbeeR
Slovenië, Kroatië en Bosnie-Herzegovina
Om te onthouden dat deze landen naast elkaar liggen, kun je denken aan
Super Kleine BH
S lovenië
K roatië
B osnie-Herzegovina
Ooster- en westerschelde
Als je met je neus naar de Noordzee staat, zie je in het Oosten de Oosterschelde en in het Westen de Westerschelde
De geologische afzettingen
Om de afzettingen te onthouden, kun je denken aan de zin
Flessen Eten Geen Moorkop
F luviatiele afzetting (rivier)
E ologische afzetting (wind)
G laciale afzetting (ijs)
M aritieme afzetting (zee)
Amsterdamse grachten
Om de volgorde van de grachten van Amsterdam te onthouden, kun je denken aan de zin
Prinsen Kopen Heren Schoenen
P rinsengracht
K eizersgracht
H erengracht
S ingel
Hongarije – Boedapest
Om het land Hongarije met de hoofdstad Boedepest te onthouden, kun je deze zin gebruiken
Boeda heeft de Pest aan Honger
Kenmerken concurrentiekracht
Om de vijf kenmerken die bij concurrentiekracht horen te onthouden, kun je denken aan POMOT
P roductiefactoren
O ndernemersgeest
M arktorganisatie
O verheid
T oevalsfactoren
Etiquette
Om te onthouden waar je bestek volgens de etiquette moet liggen, kun je denken aan
E+E=E en K=K
mEs + lEpel = rEchts
vorK = linKs
Mississippi
Om de spelling van het woord ‘Mississippi’ te onthouden, kun je het op zijn Engels spellen
Fonetisch ziet dat er zo uit: Em AI Esses Ai Esses Ai Pipi Ai
