
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
De IJstijden
Om de volgorde van de ijstijden te onthouden, kun je denken aan het acroniem WESHP
W eichselien –> Geen ijstijd
E emien –> IJstijd
S aalien –> Geen ijStijd
H olosteinien –> IJstijd
H oloceen –> Geen ijstijd
P leistoceen –> IJstijd
Ecologische Voetafdruk
Deze kun je onthouden door de zin
Aaron Grijpt Brood Vaak Bij Eten
A kkerland
G rasland
B osland
V island
B ouwland
E nergieland
Soorten reliëf
Om te onthouden wat voor soorten reliëf er zijn, kun je denken aan het woord
LaHeMiHo
La agland
He uvelland
Mi ddelgebergte
Ho oggebergte
Slovenië, Kroatië en Bosnie-Herzegovina
Om te onthouden dat deze landen naast elkaar liggen, kun je denken aan
Super Kleine BH
S lovenië
K roatië
B osnie-Herzegovina
De oceanen
Om de 5 oceanen te onthouden, kun je deze zin gebruiken
Geen Attracties In Zoo Artis
G rote Oceaan
A tlantische Oceaan
I ndische Oceaan
Z uidelijke Oceaan
A rctische Oceaan
Basis voor kaartgebruik
Om de basis voor het gebruik van kaarten te onthouden, kun je denken aan
POLS
P erspectief
O riëntatie
L egende
S chaal
Het overdragen van cultuurelementen
Om te onthouden hoe cultuurelementen in de moderne tijd worden overgedragen, kun je denken aan het acroniem ICT
I nternationale handel
C ommunicatiemiddelen (Modern)
T oerisme
Het verschil tussen verticaal en horizontaal
Om het verschil tussen verticaal en horizontaal te onthouden, kun je denken aan V = V
Verticaal = vallen, van boven naar beneden
Horizontaal = van links naar rechts
Daarbij kun je ook bedenken dat de horizontaal zo plat is als de horizon.
ITCZ – hoge en lage luchtdruk
Hoog is droog.
In het hogedrukgebied is het droog en valt er weinig neerslag. In het lagedrukgebied valt er veel neerslag.
Tip: het ezelsbruggetje is om te onthouden. Schrijf op je toets niet: In het hogedrukgebied is het droog. Maar leg het proces uit!!
De functies van een haven
Om deze functies te onthouden, kun je denken aan HOODTI
H andel
O versla
O pslag
D iensten
T ransport
I ndustrie
Opkomst zon
Waar de zon opkomt, kun je onthouden met deze zin:
De zon komt Op in het Oosten en gaat Weg in het Westen
Etiquette
Om te onthouden waar je bestek volgens de etiquette moet liggen, kun je denken aan
E+E=E en K=K
mEs + lEpel = rEchts
vorK = linKs
De rivieren
Om te onthouden waar de rivieren de AA en de EE liggen, kun je denken aan
A=A en E=E
BrAbant = A
FriEsland = E
pull en pushfactoren
Pullfactor: de betekenis van pull is trekken. Dus je trekt mensen aan dus er komen meer mensen naar je land.
Pushfactoren: de betekenis van push is duwen. Dus je duwt mensen uit je land
IJstijd in Nederland
De lijn tot waar de ijstijd in Nederland kwam, kun je onthouden door te denken aan de
HUN-lijn
H aarlem
U trecht
N ijmegen
Oorzaken van mobiliteit
De oorzaken van mobiliteit kan je onthouden met WIVES:
Welvaart
Individualisering
Vergrijzing
Emancipatie
Schaalvergroting
Verschillende landschapstypes
Bij Wie Gaan Belgen Lopen In Toeristische Steden
Boslandschap
Woestijnlandschap
Graslandschap
Berglandschap
Landbouwlandschap
Industrielandschap
Toeristisch landschap
Stedelijk landschap
Exogene en endogene krachten
EXogene veranderen de aardkorst van BUITENaf
Je houd je EX (vaak) liever BUITEN de deur
Lagen van een berg
Om de bedekkingslagen van een berg te onthouden, kun je denken aan ERANL
E euwige sneeuw
R otsgordel
A lpeweiden
N aaldboomgordel
L oofboomgordel
Gelderland – Arnhem
Gelderland, met als hoofdstad Arnhem
Omdat in de provincie Gelderland geld zit, is de hoofdstad arm
Grote steden van Oostenrijk
De vijf grote steden van Oostenrijk kun je onthouden met de zin
In Salzburg Lijkt Water Grijs
I nnsbruck
S alzburg
L inz
W enen
G raz
Het verschil tussen loefzijde en lijzijde
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
De lijzijde –> is blij (veel zon)
De loefzijde –> is droef (veel regen)
