
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Zeeuwse wateren
Om de Zeeuwse wateren te onthouden, gebruik ik altijd het volgende: Hartelijk Gefeliciteerd Oud Wijf
HGOW = Haringvliet Grevelingen Oosterschelde Westerschelde (van boven naar beneden op de kaart)
Planeten
Om de planeten, van de zon af, te onthouden, kun je denken aan de zin
Maak Voort Aardig Meisje, Jantje Spuit U Nat
M ercurius
V enus
A arde
M ars
J upiter
S aturnus
U ranus
N eptunus
Basis voor kaartgebruik
Om de basis voor het gebruik van kaarten te onthouden, kun je denken aan
POLS
P erspectief
O riëntatie
L egende
S chaal
De reine intervallen
Om de reine intervallen te onthouden, kun je denken aan POKK
P rime
O ctaaf
K wart
K wint
Occasion
Om de spelling van het woord ‘occasion’ te onthouden, kun je denken aan de zin
I learned to see it as an occasion to spell it right
To see = 2 c
As an = S 1
Present simple
De present simple komt voor bij gewoonte regelmatig en feit. Dit kun je onthouden door GiRaF en de signaal woorden kun je onthouden met SNORFEUS:
S ometimes
N ever
O ften
R egularly
E very
U sually
S eldom
De muzieknoten – Sound of Music
Do – Doe, a deer, a female deer
Re – Raiy, a drop of golden sun
Mi – Me, a name I call myself
Fa – Far, a long, long way to run
So – Sew, a needle pulling thread
La – La, a note to follow “so”
Ti – Thea, a drink with jam and bread
That will bring us back to:
do re mi fa so la ti do
Voorzetsels van Dativ
Altijd Bij Moeder Naar Sport Vereniging op Zaterdag
Aus
Bei
Mit
Nach
Seit
Von
Zu
De eigenschappen van transformaties
Deze eigenschappen kun je onthouden met het acroniem AHOE
A anpassen
H oekgrootte
O mega
E enheid
Het verschil tussen ubi en ibi
Om het verschil tussen ubi en ibi te onthouden, kun je denken aan U Weet een I Dee
U bi = W aar
I bi = D aar
Je kunt ook denken aan Waar? Daar!
In het Latijn wordt dat
Ubi? Ibi!
Het verschil tussen At en Ad
Het verschil tussen At en Ad kun je onthouden door T/M (tot en met) als (soort van) acroniem te zien.
At = maar
Ad = naar
aT = Maar.
Tekstverbanden
Om de tekstverbanden te onthouden kun je gebruik maken van het acroniem CCORVOT
C oncluderend
C hronologisch
O psommend
R edengevend
V ergelijkend
O orzakelijk
T egenstellend
Het verschil tussen this en that
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan I = I en A = A
ThIs = dIchtbij
ThAt = verAf
Verschillende soorten bedrijven
Om de verschillende soorten bedrijven te onthouden, kun je denken aan NICA
N iet-commerciële bedrijven
I ndustriële bedrijven
C ommerciële bedrijven
A grarische bedrijven
Afdalen bij scubaduiken
Om de vijf aandachtspunten bij het afdalen te onthouden, kun je denken aan TOSTI-Ka’s
T eken
O riëntatie
S norkel-automaatwissel
T ijd
I nflator
K laren
K ijken
Verba Liquida
Om de verba liquida te onthouden (m, l, n, r), kun je het woord ‘molenaar’ onthouden
Volgorde tijden geschiedenis t/m pruiken en revoluties
Jagende Griek met speer of rode peper
J= jagers en boeren
G= Grieken en Romeinen
M= monniken en ridders
S= steden en Staten
O= ontdekkers en hervormers
R= regenten en vorsten
P= pruiken en revoluties
ARMA welke is X_t of Z_t
Nou kijk, als je hem omschrijft naar operator form, staat X_t links van de = en Z_t rechts, dus AR = X_t en MA = Z_t.
Het leren van muzieknoten
Handige geheugensteuntjes bij het leren van noten
Voor de noten met een hulplijntje –> C&A
Voor de noten tussen de lijnen –> FACE
Voor de noten op de lijnen –> Eergister Bakte Dirk Frietjes –> EBDF
Voor de noten boven de lijnen –> DonkerGroen –> DG
Vitamines die in vet oplosbaar zijn
Deze vitamines kun je onthouden aan de hand van AFDEK
vitamines A/F/D/E/K
Het verschil tussen endo- of exotherm?
Het verschil tussen exo- en endotherm kun je onthouden door te denken aan
Exo –> exit, er komt energie uit
Endo –> entree, er gaat energie in
Permeabel membraan
Om te onthouden wat een permeabel membraan is, kun je denken aan
Per = per
Permeabel membraan = permissive membrane –> doorlaatbaar membraan
Klimaat systeem van Köppen
Een geheugensteuntje bij het Klimaatsysteem van Köppen
Alleen voor A-C-D klimaat:
s- sommertrocken: droge periode valt in de Sommer.
w- wintertrocken: droge periode valt in de Winter.
f- felht: er is geen droge periode. De droge periode is Foetsie.
Alleen voor B klimaat:
BW-klimaat: B Woestijnklimaat.
BS-klimaat: B Steppeklimaat.
Alleen bij E klimaat:
EF-klimaat: sneeuwklimaat zonder begroeiing. De begroeiing is Foetsie.
EH-klimaat: Hooggebergte klimaat. Zelfde als EF-klimaat, maar dan op grote Hoogte.
ET-klimaat: Toendra klimaat.
spijsvertering
mond=m
slokdarm=s
maag=ma
twaalfvlingerige=t
dunne darm=d
dikke darm=di
endeldarm=e
anus=a
