
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Het verschil tussen convex en concaaf
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan het Franse ‘la cave’, wat kelder betekent. Een kelder is hol
Concaaf = hol
Convex = bol
Bindingen stikstofbasen in DNA
In DNA maken heb je A, C, G en T.
Om te onthouden welke stikstofbase met welke verbonden is gebruik je:
AppelTaart (A-T)
CitroenGebak (C-G)
Het verschil tussen theta, phi en psi
Om het verschil tussen deze drie te onthouden, kun je denken aan
De psi is een drietand van Poseidoen
De phi dat is een rondje met de I erin
Degene met een liggend streepje is dan de theta
Mutualisme
denk aan een (Mutu) meteoor die ze samen tegen moeten houden.
of denk aan (Mutu) meter om hun band met elkaar te meten
De Beurs
Om het verschil tussen de Bull-market en de Bear-market te onthouden, kun je denken aan de zin
De stier gooit je in de lucht en de beer trekt je naar beneden
Op de beurs gaan bij een Bull-market de koersen omhoog. Bij een Bear-market gaan ze naar beneden.
Signaalwoorden voor een redengevend verband
Deze signaalwoorden kun je onthouden aan de hand van de zin
Op Woensdag Draag Ik Nooit Handschoenen Zonder Veters
O mdat
W ant
D aarom
I mmers
N amelijk
H ierdoor
Z odoende
V anwege
Ferme
Ferme = dichtdoen, sluiten
Als je de deur dicht gooit dan doe je dat met een ferme slag
KNAP
Je kan de lading van een anode of kathode onthouden door te denken aan het woord KNAP.
Kathode = Negatief. KN
Anode = Positief. AP
Dit maakt KNAP.
Een kathode is dus negatief geladen en een anode positief.
Dativ voorzetsels
Zaagmens BV
Z= zu
a= aus
a= außer
g= gegenüber
m= mit
e= entgegen
n= nach
s= seit
B= bei
V= von
Grootheden in de Informatica
Deze kun je onthouden aan de hand van MUggeNPlaag
M –> Milli, 10 tot de macht -3
U –> Micro, 10 tot de macht -6
N –> Nano, 10 tot de macht -9
P –> Pico, 10 tot de macht -12
spijsvertering
mond=m
slokdarm=s
maag=ma
twaalfvlingerige=t
dunne darm=d
dikke darm=di
endeldarm=e
anus=a
Kijk in het woord
Denk goed na in het woord, misschien zit daar nog een ander woord in dat je kent en dan kan je er makkelijk achterkomen. Of het woord lijkt heel erg op het Nederlands.
Het verschil tussen this en that
Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan I = I en A = A
ThIs = dIchtbij
ThAt = verAf
Stopplaatsen van Aeneas
Om de stopplaatsen van Aeneas te onthouden, kun je denken aan de zin
Tegen De Kok Bedenken Sous-Chefs sous-chef-listen
T rakië
D elos
K reta
B uthrotum
S icilië
C arthago
S icilië
C umae
L avinium
Opmerking: hij begint uiteraard in Troje en eindigt in Latium
Oost-Europa
Enkele Oost-Europese landen kunnen onthouden worden met de zin
Slaan Om Te Slaan Heel Raar
S lovenië
O ostenrijk
T sjechië
S lowakije
H ongarije
R oemenië
Push- en pullfactoren
Push is in het Engels duwen dus mensen vertrekken uit dat land, denk aan mensen weg duwen. Pull is in het Engels trekken, denk aan je trekt mensen aan. Bij pullfactoren willen mensen een reden om naar dat land verhuizen.
Piscine
Piscine betekent zwembad
Kleine kinderen willen soms nog wel eens in het zwembad plassen
Ordening biologie
Rijke (1) Spanjaarden (2) Krijgen (3) Op (4) Familiefeesten (5) Grote (6) Stukken (7) Rosbief (8)
1. Rijken
2. Stammen
3.Klassen
4. Orde
5. Familie
6. Geslacht
7. Soort
8. Ras
leerjaar 1 – biologie voor jou VWO
Onderscheid economische groepen
Om het onderscheid tussen de vier groepen in de Economie te onthouden, kun je denken aan
BaBy Go
B edrijven
B uitenland
G ezinnen
O verheid
Rekenvolgorde HMWVDOA
HMWVDOA = Hare Majesteit Wenst Vandaag De Open Auto
1. Haakjes
2. Machtsverheffen
3. Worteltrekken
4. Vermenigvuldigen
5. Delen
6. Optellen
7. Aftrekken
