Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen als en dan

Het verschil tussen als en dan kun je onthouden aan de hand van het verschil tussen de vergelijkende trap en de verkleinende of vergrotende trap

Als –> vergelijkende trap –> evenveel ALS
Dan –> verkleinende/vergrotende trap –> meer/minder DAN

Door S!lke

Scheikundige ontleding

Hierbij kun je denken aan OPA HeNK

O xigenium (zuurstof) is
P ositief
A node

H ydrogenium (Waterstof) is
N egatief
K athode

Door Martien

Wat te doen bij een sportblessure

Om te onthouden wat je moet doen bij een sportblessure, kun je denken aan RICE

R ust
I js
C ompressie
E levatie

Door Michel

Estland Letland Litouwen

Zo leer je de topografie van Europa Estland, Letland en Litouwen (EsLeLi) zitten onder elkaar zo leer je de volgorde.

Door Fenne

traplopen na trauma

trap op
je loopt naar de hemel dus je zet je goede been eerst neer (niet- aangedane zijde)

trap af
je loopt naar de hel dus je zet je slechte been eerst neer (aangedane zijde)

Door Esmée

Regeringstaken

Deze kun je onthouden aan RUW

R echtsprekend
U itvoerend
W etgevend

Door Grietje

Pinein

Pinein = Drinken

Een pintje drinken

Door Cynthia

Mulier

Mulier = vrouw

De vrouw speelt MUziek op de LIER

Door Sam

Organismen

Om de organismen van groot naar klein te onthouden, kun je denken aan
O, o, o, wc

O rganisme
O rgaanstelsel
O rgaan
W eefsel
C el

Door Evie

Grootheden

Om het verschil te onthouden tussen de grootheden van getallen; van laag naar hoog, kun je denken aan
Mijn Bil Trilt (2x)

Miljoen = 1.000.000

Miljard = 1.000.000.000

Biljoen = 1.000.000.000.000

Biljard = 1.000.000.000.000.000

Triljoen = 1.000.000.000.000.000.000
Triljard = 1.000.000.000.000.000.000.000

Door Martijn

Mollen en kruizen

De beginletters van de eerste 3 mollen zijn BEA
B es
E s
A s

De beginletters van de eerste 3 kruizen zijn FCG (groningen)
F is
C is
G is

Door Rosanne

Warmtetransport

Voorbeelden nodig van de 3 vormen van warmtetransport? Denk aan de 3 vormen waar in een stof kan voor komen (fases)
Geleiding = door een vaste stof heen (metaal)
Stroming = vloeibare stof, zoals stromend water (douche)
Straling = gas: je ziet het niet, maar je voelt het wel.

Door Mr.koekman

Lagen epidermis

Stratum …

Come (corneum)
Lets (lucidum)
Get (granulosum)
Sun (spinosum)
Burned (basale)

Door Sterre

De kenmerken van non-verbale communicatie

Deze kun je onthouden met de zin
Als Emma Frietjes Heeft Rookt Robin Te Veel

A ccentuerende functie
E motionele functie
F eedbackfunctie
H erhalingsfunctie
R egulerende functie
R elationele functie

T egenstrijdige functie
V ervangingsfunctie

Door Willem

Vires

Vires = krachten

Een virus maakt je minder krachtig

Door Anoniem

Cosmeo

Cosmeo = ordenen/versieren 

Het blad Cosmo ordenen
In de Cosmo staan versiertips

Door Virginie

Casse-pieds

Casse-pieds = hinderlijk/lastig

Casse-pieds lijkt op kattepies, dat is ook vervelend

Door Vincent

Etiquette

Om te onthouden waar je bestek volgens de etiquette moet liggen, kun je denken aan
E+E=E en K=K

mEs + lEpel = rEchts
vorK = linKs

Door Rosa

Vaarregels (bpr)

Bij zeilen heb je vaarregels (bpr) die onthoud je zo:

Gekke Stoere Kees Moet Surfen Leren

Gekke: goed zeemanschap
stoere: stuurboord wal houden
kees: klein wijkt voor groot
moet: motor wijkt voor spier en voor zeil
surfen: stuurboord wijkt voor bakboord
leren: loef wijkt voor lij

Door Emilie

Himalaya

De Himalaya is de hoogste berg ter wereld, je kunt dus de
himmel aaien [hemel aaien]!

Door Laura

Duitse postcodes

Om de volgorde van de Duitse postcodes te onthouden kun je gebruik maken van de zin
Boer Harms Hoort De Koe Flink Stampij Maken

B erlijn – 1000
H amburg – 2000
H anover – 3000
D usseldörf – 4000
Köln – 5000
F rankfurt – 6000
S tutgart – 7000
M ünchen – 8000

Door J.

Concurreren

Om te juiste spelling van het woord ‘concurreren’ te onthouden, kun je denken aan
Concurreren doe je niet alleen

De r is niet alleen

Door Rita

Tijdvakken

Jan gaat met Simon op reis per bus:

J agers en boeren
G rieken en romeinen
M onniken en ridders
O ontdekkers en hervormers
R egenten en vorsyen
P ruiken en revoluties
B urgers en stoommachines

Door Sanne

Het verschil tussen hoge en lage luchtdruk

Om te onthouden hoe de wind draait bij een hoge of lage luchtdruk, kun je denken aan
H=H

Hoge luchtdruk = Horloge, met de klok mee
Lage luchtdruk = Tegen de klok in

Door Ivan

Convenit

Convenit = het past

Confetti past bij Carnaval

Door Alice

Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor

Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt

Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter

Door Lindsay

Signaalwoorden voor een redengevend verband

Deze signaalwoorden kun je onthouden aan de hand van de zin
Op Woensdag Draag Ik Nooit Handschoenen Zonder Veters

O mdat
W ant
D aarom
I mmers
N amelijk
H ierdoor
Z odoende
V anwege

Door Joey
Home
Alle items
Uploaden