Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen supinatie en pronantie

Supinatie –> de beweging die je maakt als je soep van een lepel eet
Pronantie –> de beweging die je maakt als je een slok neemt, proost!

Door Annemieke

Strategos

Ho strategos = legeraanvoerder

Denk aan stratego, een spel waarbij je dingen moet veroveren

Door Nikki

Het overdragen van cultuurelementen

Om te onthouden hoe cultuurelementen in de moderne tijd worden overgedragen, kun je denken aan het acroniem ICT

I nternationale handel
C ommunicatiemiddelen (Modern)
T oerisme

Door Anoniem

cogitare

cogitare = nadenken

als je een kogel door je hoofd krijgt kan je niet meer nadenken.

Door lotte

Estland, Letland, Litouwen met hoofdsteden

Om de landen Estland, Letland, Litouwen met hun hoofdsteden Tallinn, Riga en Vilnius te kunnen onthouden.: ELeLi TaRiVi

Door Caitlin

Werkwoorden met avoir

Om te onthouden welke werkwoorden met avoir vervoegd worden, kun je denken aan de zin
Een Charmante Cassière Rekende Frustrerend

Être
Changer
Commencer
Réussir
Finir

Door Anoniem

Osculum

Osculum = kus

Een os kust een koe

Door Shaimaa

Letter-bordjes Paardrijden

De juiste volgorde is ABMCHEK, te onthouden aan:
Alle Boeren Met Centen Hebben Een Koe

Door Eva

Harde en zachte klanken

De harde ‘ch’ gebruik je bij de klinkers van AUtO.

De zachte ‘ch’ gebruik je bij de klinkers van EI.

Een auto is harder dan een ei.

Door Jacco

Apostereo

Apostereo = beroven van
APO wordt beroofd van zijn STEREO

Door Marcia

Vorvahren

Vorvahren= voorouders

Diegenen die voor je waren zijn je voorouders

Door Daniil

Craniale zenuwen

Met deze ezelsbrug weet je of de 12 craniale zenuwen motorisch, sensorisch of gemixt zijn (beide)
–> M (motorisch), S (sensorisch), B (both)

Some Say Many Money, But My Brother Says Big Boobs Matter More

Craniale zenuw 1: Sensorisch
2: Sensorisch
3: motorisch …

Door Maza

Jecopa

Jecopa = oud

Je opa is oud

Door Manon

Ambulare

Ambulare = wandelen

Vroeger werd de brancard van de AMBULANCE al WANDELEND gedragen

Door Isa

12 paar hersenzenuwen

Op N. Olfactorius
Ons N. Opticus
Oude N. Occulomotorius
Tuin N. Trohlearis
Terras N. Trigeminus
At N. Abducens
Frits N. Facialis
Verse N. Vestibulo-cochlearis
Groente N Glosso-pharyngeus
Van N Vagus
Albert N Accessorius
Heijn N Hypoglossus

Door Laura

Thursday

Thursday = donderdag

Om dit te onthouden, kun je denken aan Thor’s day –> de Dondergod –> Donderdag

Door Wietse

Ballein

Ballein = werpen, treffen

Bij trefbal werp je een bal

Door Cynthia

Het verschil tussen formateurs en informateurs

Het verschil tussen informateurs en formateurs in de kabinetsformatie is te onthouden door te bedenken

Informateurs –> zoeken Informatie over politieke coalities
Formateurs –> Vormen het kabinet

Door Nina

Natation

(Faire de la) natation betekent zwemmen

Van zwemmen wordt je nat

Door Wouter

Tweede regel van het toetsenbord

Als Sien Die Fijne Gulden Haar Jongen Kon Lenen

Door Leo

Oogspieren

Om de innervatie van de oogspieren te onthouden, kun je denken aan de zin
Tot Onze Spijt Altijd Redelijk Langzaam

T rochlearis
O bliquus
S uperior
A bducens
R ectus
L ateralis

Door Wim

Alfabet

Moet je je Griekse alfabet uit je hoofd leren? Probeer het te zingen op vader Jacob.

Vader Jacob, vader jacob. Slaapt gij nog? Slaapt gij nog? Wordt dan -> alpha bèta gamma delta epsilon, epsilon. Etc.

Door Stijn

De rivier Po

Om de rivier de Po te vinden op te kaart, ga je op zoek naar de Laars. Wanneer je op de Po zit, laat je je broek zakken tot aan je laars

Door Meran

Aspro

Aspro = wit.

Denk maar aan een aspirientje, die is ook wit.

Door Junior

Woorden in de passé composé

Om de woorden die in de passé composé met être gaan, te onthouden, kun je gebruik maken van het acroniem DAMPERSVAT

D escendre
A ller
M onter
P artir
E ntrer
R ester
S ortir
V enir
R etourner
A rriver

Door Charlotte

Het verschil tussen hoge en lage luchtdruk

Om te onthouden hoe de wind draait bij een hoge of lage luchtdruk, kun je denken aan
H=H

Hoge luchtdruk = Horloge, met de klok mee
Lage luchtdruk = Tegen de klok in

Door Ivan

De route van ademhalen

Niet
Met
Kleine
Saaie
Luiaards
Biologie
Leren

N eusholte
M ondholte |
K eelholte

S trottenhoofd

L uchtpijp

B ronchiën

L ongblaasjes 

Door Lottie
Home
Alle items
Uploaden