
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Overijssel
Bij topografie vragen ze naar drie steden in de provincie Overijssel. Dat zijn Almelo Hengelo en Enschede om deze volgorde te onthouden moet je dit onthouden: AHE
A : Almelo
H : Hengelo
E : Enschede
Als je dit vaak herhaald onthoud je het.
Werkwoorden Frans
Avoir= ils, elles ont= o van avoir.
Faire= ils, elles font= f van faire
Artemis/diana
De God Artemis/ Diana met functie God van de Jacht en attribuut pijl, boog, hert: Artemis Diana de 2e is een hert en die word afgeknalt met pijl en boog. Pijl en boog —> jacht
Huidtumoren
Om de huidtumoren te onthouden, kun je gebruiken maken van het acroniem
BLEND AN EGG
B lue rubber bleb naevus
L eiomyoom
E ndometrioom
N eurinoom
D ermatofibroom
A ngiolipoom
N eurilemmoom
E ccrien spiradenoom
G lomus tumor
G ranular cell tumor
Amsterdamse grachten
Om de volgorde van de grachten van Amsterdam te onthouden, kun je denken aan de zin
Prinsen Kopen Heren Schoenen
P rinsengracht
K eizersgracht
H erengracht
S ingel
Motorrijbewijs
Om te onthouden welke controlepunten je aan je examinator dient op te noemen, kun je denken aan BROVAK
B anden en brandstof
R emmen
O lie
V ering en verlichting
A ccu
K etting en koeling
Zweden – Stockholm
Om het land Zweden met de hoofdstad Stockholm te onthouden, kun je denken aan
Van Stokhollen ga je zweten
He/she/it-regel
Om te onthouden welke persoonlijke voornaamwoorden een -S op het eind krijgen, kun je denken aan SHIT
S he
H e
IT
De lever
Om te onthouden waar de lever in de bovenbuik zit, kun je denken aan
R=R
LeveR = Rechts
Elektriciteitsvervoer
De volgorde van elektriciteitsvervoer kun je onthouden met de zin
Echt Heel Veel Troep
E lektriciteitscentrale
H oogspanningsmast
V erdeelstation
T ransformatorhuisje
Estland, Letland, Litouwen met hoofdsteden
Om de landen Estland, Letland, Litouwen met hun hoofdsteden Tallinn, Riga en Vilnius te kunnen onthouden.: ELeLi TaRiVi
De evangelisten
De vier evangelisten uit het Nieuwe Testament kun je onthouden door te denken aan
Mijn Moeder Lust Jam
M attheus
M arcus
L ucas
J ohannes
Het OSI-model
De officiële ezelsbrug voor het OSI-model (Reference Model for Open Systems Interconnection)
All People Seem To Need Data Processing
A pplication – Toepassing
P resentation – Presentatie
S ession – Sessie
T ranport – Transport
N etwork – Netwerk
D atalink – Datalink
P hysycal – Fysiek
Functies in zenuwstelsel
Deze kun je onthouden met RO CV EU
R eceptoren –> O ntvangen
C onductoren –> V oortgeleiden
E ffectoren –> U itvoeren
X en Y as
Y–> is lang (verticaal)
X–> is breed (horizontaal)
zo kan je onthouden welke lijn wat is in het assenstelsel
Het verschil tussen Anaërobe en Aërobe Dissimilatie
Het verschil tussen anaërobe en aërobe dissimilatie kun je onthouden door deze zin
Ana (van Anaëroob) houdt van wijn, wijn moet gisten. Anaëroob –> gisten.
Aëroob moet niet gisten. Aëroob –> verbranding.
Voedingstoffen biologie
“Vader en moeder willen veel kinderen staan” voor de 6 voedingstoffen:
Vetten
Eiwitten
Mineralen
Water
Vitaminen
Koolhydraten
Het verschil tussen loefzijde en lijzijde
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
De lijzijde –> is blij (veel zon)
De loefzijde –> is droef (veel regen)
Himalaya
De Himalaya is de hoogste berg ter wereld, je kunt dus de
himmel aaien [hemel aaien]!
Gebruik van eau
Bij woorden die eindigen op eau, zoals bureau, cadeau of niveau. De volgorde van de eau onthouden met Ezeltje Achter Uit.
Appropriate
Appropriate = passend/gepast
Als je dit woord niet kan onthouden, denk dan aan appel – piraat (appropriate), een appel past wel in een piraat, maar een piraat niet in een appel. Passend dus.
Het verschil tussen modus en mediaan
Om het verschil tussen modus en mediaan te onthouden, kun je denken aan ‘mode’ wat terugkomt in modus. Mode behelst de kleren die op dat moment het meest worden gedragen.
Modus = Het waarnemingsgetal dat het meest voorkomt
Mediaan = het middelste waarnemingsgetal
Formules U = volt = spanning
U = volt
(De U lijkt op de V)
U = volt = spanning
Tussen de U en de V heerst spanning.
I = stroom
Vaak wordt er een Uitroepteken geplaatst (! Lijkt op I).
