Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen debiteren en crediteren

Dit verschil kun je onthouden met de volgende zin
Bij de V&D naar de WC

In het boekhouden worden
V erliezen ge
D ebiteerd en

W insten ge
C rediteerd 

Door Marleen Peters

De buurlanden van Oostenrijk

Om de buurlanden van Oostenrijk te onthouden, kun je denken aan de zin
Daar Traint Sinterklaas Hard Studerend In Zwitserland

D uitsland
T sjechië
S interklaas
H ongarije
S lovenië
I talië
Z witserland

Door Suzanne

De stikstofbasen in een DNA-molecuul

AT is GeC (Ad is gek)

A denine
T hymine

G uanine
C ytosine

Door Sanne

Taxonomische indeling dierenrijk

Om de ordening van het dierenrijk in te delen, kun je denken aan de zin
Als Kleine Otters Fietsen Gaan Stelen

A fdeling
K lasse
O rde
F amilie
G eslacht
S oort

Door Maria

Argumenten

De basisregels die als grondslag kunnen liggen van gevoerde argumenten kun je onthouden met de zin
Fietsen Over Nieuwe Voetpaden Gaat Niet Goed

F eiten
O nderzoek of wetenschap
N ormen en waarden
V ermoedens
G eloof
N ut
G ezag of autoriteit

Door Danique

Luchthavens in België

Om de zes belangrijkste luchthavens in België te onthouden, kun je denken aan GAZBOL

G ent
A ntwerpen
Z eebrugge
B russel
O ostende
L uik

Door Diego

Landen Midden-Amerika

Om de landen in Midden-Amerika te onthouden, van Noord naar Zuid en van links naar rechts, kun je denken aan de zin
Moeder Ging Bijna Elke Hete Nacht Citroenen Plukken

M exico
G uatamala
B elize
E l Salvador
H onduras
N icaragua
C osta Rica
P anama

Door Eric

Some Say Money Matters

Some Say Money Matters But My Brother Said Big Boobs Matter More

Woord beginnend met S = sensorisch; woord beginnend met M = motorisch; Woord beginnend met B = Beide (Hersenzenuwen: sensorisch of motorisch).
De 12 hersenzenuwen:

n. Olfactorius – Sensorisch
n. Opticus – Sensorisch
n. Oculomotorius – Motorisch
n. Trochlearis – Motorisch
n. Trigeminus – Beide
n. Abducens – Motorisch
n. Facialis – Beide
n. Vestibulocochlearis – Sensorisch
n. Glossopharyngeus – Beide
n. Vagus – Beide
n. Accessorius – Motorisch
n. Hypoglossus – Motorisch

Door Karen

Zeeuwse wateren

Om de Zeeuwse wateren te onthouden, gebruik ik altijd het volgende: Hartelijk Gefeliciteerd Oud Wijf
HGOW = Haringvliet Grevelingen Oosterschelde Westerschelde (van boven naar beneden op de kaart)

Door Meester Paul

7 levens verschijnselen

Als Vader Uitgaat Wordt Vader Goed Bezopen.

Als= ademen
Vader= voeden
Uitgaat= uitscheiden
Wordt= Waarnemen
Vader= voortplanten
Goed= groeien
Bezopen= bewegen

Door Iris

Faire

fraire betekent in het nederlands maken
om het handig te onthouden is door:
Faire
Frambose jam maken
hier zie je de F van faire en van framboos
en jam dat maak je dus hierdoor weet je dat faire – maken is

Door marenthe

Het verschil tussen bleu en blue

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

Frans –> bleu, met EU, want Frankrijk zit nog in de EU
Engels –> blue, met UE, want Engeland zit niet meer in de EU

Door LYCEO

De oorzaken van splenomegalie

Deze kunnen onthouden worden aan de hand van SPLENO

S ekwestreren van erytrocyten bij hemolytische anemieën
P roliferatie secundair aan een acute of chronische ontsteking:
•acuut: sepsis, bacteriële endocarditis, tyfus, mononucleosis infectiosa, hepatitis;
•chronisch: brucellose, tuberculose, lues, malaria, leishmania, schistosomiasis,syndroom van Felty bij reumatoïde artritis, sle
L ipide-depositie of andere stapelingsziekten (ziekte van Gaucher, hemochromatose,amyloïdose, ziekte van Niemann-Pick)
E igenschappen sinds geboorte aanwezig (milt-hemangiomen, hamartomen, cysten)
N iNvasie door granulomen of hematologische maligniteiten.
O Ophoping van bloed:
•milttrauma;
•portale hypertensie (levercirrose, hartfalen, portale of miltvenetrombose).

Door Mas

Semper

Semper = altijd

Semper lijkt op pamper, met pampers blijf je altijd droog

Door Mireille

Umbra

Umbra = schaduw

Een paraplu zorgt voor schaduw in de zon

Door Anoniem

Apostereo

Apostereo = beroven van
APO wordt beroofd van zijn STEREO

Door Marcia

Het verschil tussen Anaërobe en Aërobe Dissimilatie

Het verschil tussen anaërobe en aërobe dissimilatie kun je onthouden door deze zin

Ana (van Anaëroob) houdt van wijn, wijn moet gisten.  Anaëroob –> gisten.
Aëroob moet niet gisten. Aëroob –> verbranding.

Door Jilly en Renee

De rivieren

Om te onthouden waar de rivieren de AA en de EE liggen, kun je denken aan
A=A en E=E

BrAbant = A
FriEsland = E

Door D.

Voorzetsels met vierde naamval

Sommige voorzetsels hebben automatisch de vierde naamval bij zich. Deze voorzetsels zijn te onthouden met het ezelsbruggetje DOFEGUB (doof visje): 

D urch 
O hne 
F Ã¼r 
E ntlang 
G egen 
U m 
B is

Deze zin werkt ook:
De Feestelijke Ober Uit Griekenland Eet Bananen.


Door amber

De lever

Om te onthouden waar de lever in de bovenbuik zit, kun je denken aan 
R=R

LeveR = Rechts

Door Lydia

Het verschil tussen spoel en capaciteit

Om het verschil tussen de spoel en de capaciteit te onthouden, kun je denken aan het acroniem
LEI CIE

L Spoel
E Spanning eerst dan
I Stroom

C apaciteiet
I Stroom eerst dan
E Spanning

Door Barry

v=s*t of v=s/t ?

Bij veel formules kun je de eenheid gebruiken. Bij v=s/t ook, want v = snelheid en de eenheid is km/h (of m/s). Km en m zijn eenheden van s (= afstand). H en s zijn eenheden van t (=tijd).

Het is km/h en m/s, niet km*h en m*s, dus is ook de formule v=s/t en niet v=s*t.

(Met veel formules geldt dit).

Door Anoniem

Het verschil tussen Nominativus en Accusativus

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan de zin
Als de SON schijnt, eten we OLA ijsjes

S ubject
O nderwerp
N ominativus

O bject
L ijdend Voorwerp
A ccusativus

Door Maud

Het verschil tussen genotype en fenotype

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

Genotype –> verandert niet, het zijn je genen
Fenotype –> verandert wel, het is je uiterlijk

Door Marijke

Cupere

verlangen, graag willen

cupido

Door Diethe

De oxidatieregels

Deze atoomsoorten leveren na volledige verbranding altijd dezelfde oxidatieproducten op.
Claire Slaat Haar Nichtje

C CO2 –> Koolstofdioxide
S SO2 –> Zwaveldioxide
H H2O –> Water
N NO2 –> Stikstofdioxide

Door Laura

Oxidator en reductor

Oxidator- elektronen Opnemen
Reductor- elektronen Afstaan
Oxidator en opnemen beginnen beide met de O.

Door joelle
Home
Alle items
Uploaden