
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
auto
weet je niet welke klinkers een umlaut krijgt?
alle klinkers in AUTO krijgen een umlaut(ä)
Ambulare
Ambulare = wandelen
Als mensen tijdens het wandelen vallen, moet er een ambulance komen
Slovenië – Ljubljana
Om het land Slovenië met de hoofd stad Ljubljana te onthouden, kun je denken aan
Sloof je uit voor (koningin) Juliana
Volgorde bijv. voornaamwoorden
De volgorde van 2 of meer bijvoegelijk naamwoorden zijn:
opinion – size – quality – age – shape – colour – origin – material – purpose
Alle eerste woorden vormen osqas comp, wat lijkt op Oscars compamy.
Werkwoorden
Als je moeite hebt met de ww, onthoud dan dat het helemaal niet zo moeilijk is! Bij een e komt er altijd s achter en bij een y wordt de y vervangen door ie+s.
Het verschil tussen oud en jong gebergte
Hierbij kun je denken aan O = O
Oud gebergte = rOnde toppen
Jong gebergte heeft spitse toppen, net als de J
Griekse filosofen
Om de chronologische volgorde van drie van de bekendste Griekse filosofen te onthouden, kun je denken aan SPA
S ocrates
P lato
A ristoteles
Uitgangen tegenwoordige tijd
Om de uitgangen voor de eerste 3 vormen van de tegenwoordige tijd te onthouden, kun je denken aan
SuperSnelTrein
-s (je dors)
-s (tu dors)
-t (il dort)
Naamgeving alkaan/alkeen
Tel het aantal C-Tjes in de keten
1. Mama – methaan
2. En – ethaan
3. Papa – Propaan
4. Bestellen – Butaan
5. Pizza – Propaan
6. Hawaii – Hexaan
Oorzaken voor diarree
Om de mogelijke oorzaken voor bloederige diarree te onthouden, kun je denken aan
She Cries YES
S higella
C ampylobacter
Y ersinia
E nterobacter
S almonella
De balken
Om de verschillende balken op een computer te onthouden, kun je denken aan TiM WAST
T itelbalk
M enubalk
W erkbalk
A dresbalk
S tatusbalk
T aakbalk
Begrippen om een stuk te beschrijven
Rode Tulpen Met Hele Dikke Kelk Bladeren
Ritme, Tempo, Melodie, Harmonie, Dynamiek, Klankkleur, Bezetting.
Het gebruik van shall en will
Wanneer er (enige) zekerheid is dat iets wel zal gebeuren gebruik je shall of will
Vorm: shall / will + hele werkwoord
Gebruik: voorspellingen, feiten
Bijvoorbeeld: The sun will rise at 06:45 tomorrow
Je zegt dus niet: I shall/will be Batman (want die kans is erg onwaarschijnlijk)
2-atomige moleculen
Claartje fietst nooit in haar onderbroek, Pietje soms.
Claartje= Cl2 = Chloor.
Fietst = F2 = Fluor.
Nooit = N2 = Stikstof.
In = I2 = Jood.
Haar = H2 = Waterstof.
Onder= O2 = Zuurstof.
Broek = BR2 = Broom.
Pietje = P4 = Fosfor.
Soms = S8 = Zwavel.
Het verschil tussen Bruto en Netto
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
BRUTO –> de belasting e.d. gaat op BRUTE wijze van je loon af
NETTO –> je houdt nog NET wat over
Alfabet
Moet je je Griekse alfabet uit je hoofd leren? Probeer het te zingen op vader Jacob.
Vader Jacob, vader jacob. Slaapt gij nog? Slaapt gij nog? Wordt dan -> alpha bèta gamma delta epsilon, epsilon. Etc.
Modellen voor het verklaren van werking zenuwstelsel
Deze modellen kun je onthouden aan de hand van de zin
Red Coloured Surface Is Hot So Don’t Process Now
R eflexmodel (stimulus-response)
C haosmodel
S timulus-perceptiemodel
I ntentie-actiemodel
H ierarchisch model
S ensomotorische cirkel
D rie (3) units van Luria
P lastisch zenuwstelsel
N euronale groepentheorie
Dès que
Dès que = zodra
1. Zodra ik thuis ben, ga ik mijn tafel dekken.
Wordt:
2. Zodra ik thuis ben, ga ik mijn tafel dès que
Het verschil tussen où en ou
Oú = waar
Ou = of
Je kunt hierbij denken aan de vraag; waar is het streepje?
Als het streepje erop staat, is het óu –> waar
Vulkaanuitbarsting
Om te onthouden wat er tijdens een vulkaanuitbarsting allemaal naar boven komt, kun je denken aan LAStiG
L ava
A s
S tenen
G assen
