Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Umbra

Umbra = schaduw

Een paraplu zorgt voor schaduw in de zon

Door Anoniem

Éviter

Éviter betekent vermijden
In het Engels is: ‘invite’ uitnodigen. En als je iemand wilt vermijden ga je iemand niet uitnodigen.

Door :)

Beroerte

Om te onthouden wat de signalen zijn voor een beroerte, kun je denken aan
FAST

F ace (hangen van een zijde van het gezicht)

A rm (één kant van het lichaam zal minder goed kunnen meewerken, arm gaat niet meer goed omhoog)

S peech (iemand praat opvallend anders)

T ime (snel handelen is belangrijk omdat anders geen behandeling met atropine kan worden gestart na 3 uur)

Door Priscilla

De reine intervallen

Om de reine intervallen te onthouden, kun je denken aan POKK

P rime
O ctaaf
K wart
K wint

Door Petra

Sympa

Sympa betekent aardig

Denk aan iemand sympathiek vinden.

Door David

Het verschil tussen Adesse en Abesse

Abesse = afwezig zijn

Adesse = aanwezig zijn 

Absent betekent afwezig. Zo kun je het verschil onthouden.

Door Baukje

Trappen van vergelijking

Als je een woord met twee of meer lettergrepen tegenkomt en het bevat een van de uitgangen van LE|ER|OW|Y|SOME dan zijn de uitgangen bij de vergelijkende en overtreffende trap gewoon -er, -est.

Voorbeelden:
-ow: yellow-yellower-yellowest
-le: simple-simpler-simplest
-er: clever-cleverer-cleverest
-some: handsome-handsomer-handsomest
-y: happy-happier-happiest (let op y wordt i)

Door Chantal

Het verschil tussen objectief en subjectief

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan
O = O en S = S

Objectief = Ongevoelig (feiten)
Subjectief = Sentiment (eigen mening)

Door Agnes

Basis voor kaartgebruik

Om de basis voor het gebruik van kaarten te onthouden, kun je denken aan
POLS

P erspectief
O riëntatie
L egende
S chaal

Door Paulien

Thursday

Thursday = donderdag

Om dit te onthouden, kun je denken aan Thor’s day –> de Dondergod –> Donderdag

Door Wietse

Voorzetsels ablativus

Pro, cum, sine, a(b), e(x), dé
Die gaan met de ablativus mee.

Door Naomi

ITCZ – hoge en lage luchtdruk

Hoog is droog.
In het hogedrukgebied is het droog en valt er weinig neerslag. In het lagedrukgebied valt er veel neerslag.

Tip: het ezelsbruggetje is om te onthouden. Schrijf op je toets niet: In het hogedrukgebied is het droog. Maar leg het proces uit!!

Door Annelien

Wet van Ohm

“UIER” (van een koe).
U = I . R
spanning is stroom maal weerstand.

Door Digi

Denuo

Denuo = opnieuw

De nieuwe mocht opnieuw de sushi betalen

Door Anoniem

Volgorde van berekeningen

Hoe Komen Wij Van Die Onvoldoendes Af?

Elke eerste letter telt voor een stap
H: haakjes
K: kwadrateren ( Machtsverheffen)
W: worteltrekken
V: vermenigvuldigen
D: delen
O: optellen
A: aftrekken

Door Rianne

Cultuurverspreiding

De kenmerken van cultuurverspreiding kunnen worden onthouden met de zin
Mijn Tante Maakt Hopjesvla

M igratie
T ante
M edia
H andel

Door Anoniem

Pippo

Pippo = vallen

Pippo de clown valt de hele tijd over zijn schoenen

Door rutmer

Voorzetsels Gerund

De voorzetsels van de Gerund kun je onthouden met het acroniem WAFFOTO

W ithout
A bout
F rom
F or
O n
T o
O f

Door Martijn

Tekstsoorten en tekstdoelen

Deze kun je onthouden met het acroniem DIEP

D iverterende teksten –> ontspannen of amuseren
I nformatieve teksten –> informeren
E motieve teksten –> raken
P ersuasieve teksten –> overtuigen

Door Anoniem

Hoofdconcepten maw

Vorming, binding, verhouding, verandering.

de Vorming van Bindingen Veranderen naar Verhouding snel.

Door Luna

Postquam

Postquam = daarna

Daarna kwam de post

Door Colleen

Het verschil tussen cela en ceci

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
A=A en I=I

CelA = dAt
CecI = dIt

Door Jan

Franse vervoersmiddelen

Voor vervoersmiddelen waar een dak op zit, gebruik je à –> à pied , à vélo!
Voor vervoersmiddelen waar wel een dak op zit, gebruik je en –> en voiture, en bus!

Door Joyce

Het verschil tussen voilà en voici

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan A = A en I = I

Voilà = dAAR
VoicI = hIer

Door Rianne

Voorafgaand aan EHBO

Om te onthouden wat er moet gebeuren, voordat EHBO wordt toegepast, kun je gebruik maken van ONWEL

O p gevaar letten
N agaan wat er gebeurd is
W elbevinden van het slachtoffer 
E xterne hulp waarschuwen
L aat het slachtoffer waar het is

Door Norbert

ἐθέλω

ἐθέλω = willen / bereid zijn

Ik ben bereid om voor jou door iets heets te gaan.

Door Olivier

De fasen van een cel

De fasen die een celcyclus doorloopt, kun je onthouden met de zin
In Parijs Poepen Mensen Altijd Telefonerend

I nterfase
P rofase
P rometafase
M etafase
A nafase
T elofase

Door Jaap
Home
Alle items
Uploaden