Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

Het verschil tussen saneren en renoveren

Om dit verschil te onthouden, kun je denken aan S = S en VER = VER

Saneren = Slopen
RenoVERen = VERbouwen

Door storm

Timere

Timere = vrezen, bang zijn voor

Tim is bang voor iets

Door Sarah

Reactiesnelheid

Om te onthouden waar de reactiesnelheid allemaal van afhangt, kun je denken aan de zin
Snelle Scholieren Concentreren zich Veel Te Kort

S oort stof
C oncentratie
V erdelingsgraad
T emperatuur
K atalysator

Door An

Het leren van muzieknoten

Handige geheugensteuntjes bij het leren van noten

Voor de noten met een hulplijntje –> C&A
Voor de noten tussen de lijnen –> FACE
Voor de noten op de lijnen –> Eergister Bakte Dirk Frietjes –> EBDF
Voor de noten boven de lijnen –> DonkerGroen –> DG

Door Taar

Huidtumoren

Om de huidtumoren te onthouden, kun je gebruiken maken van het acroniem
BLEND AN EGG

B lue rubber bleb naevus
L eiomyoom
E ndometrioom
N eurinoom
D ermatofibroom

A ngiolipoom
N eurilemmoom

E ccrien spiradenoom
G lomus tumor
G ranular cell tumor

Door Ivo

Functies steunweefsels

De functies van steunweefsels kun je onthouden met BOOT VS

B escherming
O pslag
O ndersteuning
T ransport
V erbinding
S tevigheid

Door Justin

Pelvis

Pelvis = bot in je heup

Om te onthouden waar deze zit, kun je denken aan
Elvis de Pelvis
Elvis schudde namelijk vaak met zijn heupen

Door Caren

De volgorde van de darmen

Om de volgorde van de darmen te onthouden, kun je denken aan de zin
Maar Daar Danst Bart Met Angela

M aag

D unne darm

D ikke darm

B linde darm

A ppendix

Door Nena

De komma

Om te onthouden wat er met de komma gebeurt bij vermenigvuldigen en delen, kun je denken aan
R = R en L = L

KeeR = Komma naar Rechts
DeLen = Komma naar Links

Door Wladimir

Elementen die bestaan uit twee dezelfde atomen

Deze elementen bestaan uit twee dezelfde atomen

Have – Waterstof (H)
No – stikstof (N)
Fear – fluor (F)
Of – zuurstof (O)
Ice – Jood (I)
Cold – Chloor (Cl)
Beer – Broom (Br)

Door Floor

Organische stoffen

Deze kun je onthouden met het acroniem KaPSaLoN

K oolstofverbindingen
S achariden
L ipiden
P roteïnen
N ucleïnezuren

Door Evy

De dammen van Nederland

De dammen en stuwdammen van Nederland, kun je onthouden met de zin
Super Veel Grietjes Vinden Het Boertje Ongelofelijk

S tormvloedklering Hollandse IJssel
V eersegatdam en zandkreekdam
G revelingendam
V olkerdakdam
H arinvlietdam
B rouwersdam
O osterschelde (stormvloedkering, oesterdam en philipsdam)

Door Emmy

Tempestas

Tempestas = storm

Bij een hoge temperatuur ontstaat er een zomerstorm

Door Fenna

Het verschil tussen een spar en een den

Om het verschil tussen sparren en dennen te onthouden, kun je denken aan S = S en D = D

Spar = Solo (1 naald)
Den = Duo (2 naalden)

Door Maxime

Oorzaken van symptomen

Om verschillende mogelijke oorzaken voor symptomen te onthouden, kun je denken aan VINDICATEN

V asculair
I nflammatoir
N eoplasma
D egeneratief
I ntoxicatie
C ongenitaal
A utoimmuun/allergisch
T rauma
E ndocrinologisch
N utrioneel

Door René

Denuo

Denuo = opnieuw

De nieuwe mocht opnieuw de sushi betalen

Door Anoniem

Patient

Patiënt betekent geduldig.

Als een patient in de wachtkamer op de dokter zit te wachten moet hij heel geduldig zijn.

Door Merel

Congenitale infecties

De belangrijkste congenitale infecties 

 TORCHES

T oxoplasmose
R ubella
C MV
H IV / He patitis

S yfilis

Door margot

Proces in histologisch lab

Pas Als U Iets Snijdt Kan Controle Plaatsvinden;
Postkamer
Administratie
Uitsnijkamer
Inbedruimte
Snijruimte
Kleurruimte
Controle
Patholoog

Door Martine

Variabelen

Om het verschil tussen onafhankelijke, afhankelijke en interveniërende variabelen te onthouden, kun je denken aan O = O en IN = IN

Onafhankelijke variabele = Oorzakelijke variabele
Afhankelijke variabele = variabele die je kunt beïnvloeden
INterveniërende variabele = de variabele tussen de onafhankelijke en de afhankelijke variabele in

Door Nina

Planeten

Om de planeten, van de zon af, te onthouden, kun je denken aan de zin
Maak Voort Aardig Meisje, Jantje Spuit U Nat

M ercurius
V enus
A arde
M ars
J upiter
S aturnus
U ranus
N eptunus

Door Nina

De Nederlandse tijdperken

Om de Nederlandse tijdperken te onthouden, kun je denken aan de zin
Sam Koopt Brood In De Bakker

S teentijd
K opertijd
B ronstijd
IJ zertijd

Door Uchke

Rursus

Rursus = weer, terug

Rursus lijkt op cursus. Moet ik weer terug naar die cursus?

Door Julia

Hodie

Hodie = vandaag

Vandaag trek ik mijn hoodie aan

Door Jootje

LE PAS. COMP. AVEC ÊTRE

Om te weten welke werkwoorden met être worden vervoegd in de passé composé moet je “MAARTEN P.R.” onthouden.

Montre <-> descendre
Arriver <-> partir
Aller <-> (re)venir
Rentre
Tomber
Entre <-> sortir
Naître <-> mourir

P.asser
R.etourner

+ les verbes pronominaux

Door Clara

Het verschil tussen omnivoor, carnivoor en herbivoor

Om dit te onthouden kun je denken aan het Latijn, waar het vandaan komt

Carne = vlees –> carnivoor = vleeseter
Herba = plant –> herbivoor = planteneten
Omni = alles –> omnivoor = alleseter

Door Lindsay

Het verschil tussen een kameel en een dromedaris

Om dit verschil te onthouden, kun je naar de lettergrepen kijken

Kameel (2) –> 2 bulten
Dromedaris (4) –> 1 bult

Door Merle
Home
Alle items
Uploaden