Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

De onderdelen van het oog

De onderdelen van het oog kunnen onthouden worden met de zin

Bep Heeft Veel Inhoud ALS Greet Niet Veel Op Heeft

B eschermend vlies
H oornvlies
V oorste oogkamer
I ris
A chterste oogkamer
L ens(bandjes)
S traallichaam
G lasachtig lichaam
N etvlies
V aatvlies
O ogzenuw
H arde oogvlies

Door Anoniem

Tempestas

Tempestas = storm

Bij een hoge temperatuur ontstaat er een zomerstorm

Door Fenna

Monstrare

Monstrare = laten zien

Ik zal jullie het monster laten zien

Door Charlie

noten aflezen

als je een de noten op de lijn wilt weten doe je

Eet-Veel-Bananen-Dom-Fruit
de eerste letter is de noot

en tussen de letters

FACE

Door Timo

Abonnement

Om de juiste spelling van het woord ‘abonnement’ te onthouden, kun je denken aan de zin
In de bus zaten twee nonnen met een abonnement

Bus = b
Nonnen = nn

Door Anoniem

OMA

Laat OMA thuis. OMA staat voor Oordelen, Meningen en Adviezen.

Door Romy

Formule molariteit

Om de formule voor molariteit te onthouden, kun je denken aan
Tinus is het gemiddelde van Moeder en Vader Mol

Molariteit –> t = m/VM

t = molariteit
m = mol opgelost
VM = volume (oplossing)

Door E.J.E.

Stammen in het dierenrijk

Om de 7 stammen van het dierenrijk te onthouden, kun je deze zin gebruiken

Stoere Gerrit Gaf Willem Wortel Nooit Snoep

S ponzen
G ewervelden
W eekdieren
W ormen
N eteldieren
S tekelhuidigen

Door Anoniem

Soorten reliëf

Om te onthouden wat voor soorten reliëf er zijn, kun je denken aan het woord
LaHeMiHo

La agland
He uvelland
Mi ddelgebergte
Ho oggebergte

Door Eva

Het verschil tussen debiteren en crediteren

Dit verschil kun je onthouden met de volgende zin
Bij de V&D naar de WC

In het boekhouden worden
V erliezen ge
D ebiteerd en

W insten ge
C rediteerd 

Door Marleen Peters

Zelfstandige naamwoorden

Om te onthouden wat onder zelfstandige naamwoorden valt, kun je denken aan MeDIPlaDi

Me nsen
Di ngen
Pla atsen
Di ngen

Door Wendy

DNA wenteltrap

A Tegenover T (van Tegenover)

G Contra C ( van Contra)

Door Pien

Het verschil tussen Adesse en Abesse

Abesse = afwezig zijn

Adesse = aanwezig zijn 

Absent betekent afwezig. Zo kun je het verschil onthouden.

Door Baukje

Cogitare

Cogitare = nadenken

Bij het gitaar spelen moet je nadenken. 

Door Arenda

ezelsbruggetje voor ablativus

pro, cum, sine, ab, ex, de
die gaan met de ablativus mee

Door Anoniem

Nevenschikkende voegwoorden

Om de nevenschikkende voegwoorden te onthouden, kun je denken aan WANDMODE

W ant
A lsmede
N och
D och
M aar
O f
D us
E n

Door Pauline

Videre, audere en vocare

Om deze werkwoorden te onthouden, kun je denken aan

video –> ik zie een video
audio –> ik luister naar audio
voice –> ik roep met mijn stem

Videre = kijken, zien
Audere = horen, luisteren
Vocare = roepen

Door davey

volgorde naamvallen

N ooit (nominativus)
G een (genitivus)
D ertig (genitivus)
A chten (accusativus)
A chter elkaar (ablativus)

Door yens

Eilanden van Zeeland

De eilanden van Zeeland kun je onthouden met de zin
Geen STaat Neemt Water Zo Zerieus

G oerree Overvlakkee
S chouwe Duiveland
T holen
N oord-Beverland
W alcheren
Z uid-Beverland
Z eeuws-Vlaanderen

Door Yannick

Acheter

Acheter betekent kopen

Als je thee gaat kopen.

Door Jonneke

Cito

Cito = snel

De Cito-toets op de basisschool moet je snel maken

Door Jootje

Het verschil tussen loefzijde en lijzijde

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan

De lijzijde –> is blij (veel zon)
De loefzijde –> is droef (veel regen)

Door Claudia

Het hart

Het hart is een pomp, deze regelt de bloedsomloop in het lichaam.
Om te onthouden dat de linkerkant zuurstofrijk bloed door heel het lichaam pompt en de rechterkant zuurstofarm bloed door de longen pompt, kun je denken aan Li = Li

Li nks = Li chaam

Door Heleen

Dès que

Dès que = zodra

1. Zodra ik thuis ben, ga ik mijn tafel dekken.
Wordt:
2. Zodra ik thuis ben, ga ik mijn tafel dès que

Door Anoniem

4e naamval voorzetsels

Om de voorzetsels uit de 4e naamval te onthouden kun je zeggen:
Bier Uit Een Flesje Dood Geen Oudjes

Bis
Um
Entlang
Durch
Gegen
Ohne

Door Lise

Het verschil tussen maguis en garrigue

Maquis = zandgrond
Garrigue = kalkgrond

Dit verschil kun je onthouden door te denken aan 
Mag = Zak

Door Patrick

spijsvertering

mond=m
slokdarm=s
maag=ma
twaalfvlingerige=t
dunne darm=d
dikke darm=di
endeldarm=e
anus=a

Door Anoniem
Home
Alle items
Uploaden