Ezelsbruggetjes - Ezelsbruggetje Spring naar content

Alle Ezelsbruggetjes

Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.

De niet-ontleedbare stoffen

BRam Organiseert NAchtfeesten In HEt CLubhuis

Br: Broom
O: Zuirstof
Na: Natrium
I: Jood
He: Helium
Cl: Chloor

Door Moos

Lange ij, korte ei.

Als je een plank neerlegt op de puntjes van de lange ij dan blijft hij recht liggen, dus dan is het een sterk werkwoord en wordt het woord geschreven met een lange ij.

Want een sterk werkwoord is bijna altijd met een lange ij.

Door Brent

Cupere

verlangen, graag willen

cupido

Door Diethe

De buurlanden van Oostenrijk

Om de buurlanden van Oostenrijk te onthouden, kun je denken aan de zin
Daar Traint Sinterklaas Hard Studerend In Zwitserland

D uitsland
T sjechië
S interklaas
H ongarije
S lovenië
I talië
Z witserland

Door Suzanne

Tekstverbanden

Hier een ezelsbruggetje voor de Tekstverbanden. Ik hoop dat het je helpt!

cc + tt + oo = rv.
Denk aan:
Cake.
Cafe.
+
Tegenwoordige.
Tijd.
+
Oude.
Opa.
=
Rot.
Vrouw.

Door Anoniem

GANS von BAMZE

Gegenüber – tegenover
Aus – uit
Nach – naar/na/volgens
Seit – sinds

VON – van

Bei – bij
Außer – behalve
Mit – met
Zu – naar/ bij
Entgegen – tegemoet

Door Michelle

Het verschil tussen supinatie en pronantie

Supinatie –> de beweging die je maakt als je soep van een lepel eet
Pronantie –> de beweging die je maakt als je een slok neemt, proost!

Door Annemieke

Servat

Servat = hij beschermt, bewaart, behoudt

Een servet beschermt je tegen vieze kleren

Door Eva

De spieren van de Rotatorenmanchet

Deze spieren kun je onthouden met SITS

S upraspinatus muscle

I nfraspinatus muscle

T eres minor muscle

S ubscapularis muscle

Door Gian

Gewesten in de Republiek

Om de gewesten te onthouden die in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden zaten, kun je denken aan de zin
Helpende Zeeën Uit Griekenland Openen Graag Frieten

H olland
Z eeland
U trecht
G elre
O verijssel
G roningen
F riesland

Door Anoniem

Assimiliatie en Dissimiliatie

A = A
D = D

Assimiliatie = Aanbouw –> De opbouw van organische moleculen uit kleinere moleculen

Dissimiliatie = Destructie –> De afbraak van organische moleculen tot kleinere moleculen

Door Esther

Het verschil tussen biceps & triceps

Het verschil tussen biceps en triceps kun je onthouden door
B=B en TR=TR

Bicep = Buigspier
TRicep = TRekspier

Door Lotte

Grote tertsen en kleine tertsen

Deze kun je onthouden aan de hand van Tante SI-DO-MI-Fa (De zus van Tante Sidonia)

Een grote terts = 2 tonen
Een kleine terts = 1 .5 tonen

De kleine terts zit alleen tussen mi-fa en si-do

Door Karen

Rursus

Rursus = weer, terug

Rursus lijkt op cursus. Moet ik weer terug naar die cursus?

Door Julia

Permeabel membraan

Om te onthouden wat een permeabel membraan is, kun je denken aan
Per = per

Permeabel membraan = permissive membrane –> doorlaatbaar membraan

Door George

Onmiddellijk

Het woord ‘onmiddellijk’ juist schrijven kan je doen door te denken aan “Ik ga onmiDDeLLijk slapen”. Dit doe je met twee dekens en twee lakens.

Door Katja Tans

De randstad

De steden van de randstad kun je onthouden met RAUD

R otterdam
A msterdam
U trecht
D en Haag

Door maaike

Bewerkingen in techniek

Om de zes bewerkingen bij techniek te onthouden, kun je denken aan
Vroeger Vond Sanne VoetBal Enig

V ormen
V ervormen
S cheiden
V erbinden
B edekken
E eigenschappen veranderen

Door Tessa

Tectum

Tectum = dak

Een architect bouwt een huis met een dak

Door Pauwie

Ludo

Ludo = ik speel

Ik speel met Ludo

Door Sander

Orant

Orant= smeken

Ik smeek jou om een Oreo-koekje

Door Judith

De vier fasen van een experiment

Deze kun je onthouden met de zin
Bekende Vlamingen willen Centrale Verwarming

B eschrijven
V erklaren
C ontroleren
V oorspellen

Door Ria

Tafel dekken

Wanneer je de uiteinden van je wijsvinger en duim naar elkaar toe brengt, ontstaat er bij je linkerhand een ‘b’ en bij je rechterhand een ‘d’. Zo kun je bij het tafeldekken onthouden aan welke kant van het bord het brood en aan welke kant de drank hoort te staan volgens de etiquette.

Door Hanna

Volgorde grootte gesteente

Om deze volgorde te onthouden, kun je gebruik maken van BRiKGeZaKt

B erg
R otsblok
K ei
G rind
Z and
K lei

Door Renate

‘avoir’ geen gevaar / ‘etre’ oplette(n)

Als in het Frans bij de voltooide tijd het hulpwerkwoord ‘avoir’ is, verandert het voltooid deelwoord niet. Bij ‘etre’ wel.

Vb:
(avoir) Elle a mangé
(être) Elle est rentrée

Door Else

Toedieningsvormen

De verschillende toedieningsvormen kun je onthouden met SPROLTS

S ystematisch
P arentaal
R ectaal
O raal
L okaal
T ransdermaal
S ublinguaal

Door Esther

Woorden in de passé composé

Om de woorden die in de passé composé met être gaan, te onthouden, kun je gebruik maken van het acroniem DAMPERSVAT

D escendre
A ller
M onter
P artir
E ntrer
R ester
S ortir
V enir
R etourner
A rriver

Door Charlotte
Home
Alle items
Uploaden