
Alle Ezelsbruggetjes
Maak je moeilijke lesstof onvergetelijk met een ezelsbruggetje. Zoek ezelsbruggetjes per vak, of leer anderen leren met jouw ezelsbruggetjes.
Landen van de Sovjet-Unie
Om de landen van de Sovjet-Unie te onthouden, kun je denken aan het acroniem
WEG KRAK LOTTO MAL
W it-Rusland
E stland
K irgizië
R usland
A rmenië
K azachstan
L itouwen
O ezbekistan
T adzjikistan
T urmenistan
O ekraïne
M oldavië
A zerbeidzjan
L etland
Onze Redelijk-Verwarde Opa Drinkt Veel Te Vaak Thee met Sappige Cookies
Verbanden van signaalwoorden voor Examen
Onze: Oorzaak-gevolg
Redelijk-Verwarde: Reden/Verklaring
Drinkt: Doel-middel
Veel: Vergelijking
Te: Tegenstelling
Vaak: Voorwaarde
Thee: Toelichting
met
Sappige: Samenvatting
Cookies: Conclusie
2-atomige moleculen
Claartje fietst nooit in haar onderbroek, Pietje soms.
Claartje= Cl2 = Chloor.
Fietst = F2 = Fluor.
Nooit = N2 = Stikstof.
In = I2 = Jood.
Haar = H2 = Waterstof.
Onder= O2 = Zuurstof.
Broek = BR2 = Broom.
Pietje = P4 = Fosfor.
Soms = S8 = Zwavel.
Het verschil tussen formateurs en informateurs
Het verschil tussen informateurs en formateurs in de kabinetsformatie is te onthouden door te bedenken
Informateurs –> zoeken Informatie over politieke coalities
Formateurs –> Vormen het kabinet
Verschil tussen kruis en mol
Een kruis staat bovenop een kerk dus die verhoogt de noot waarvoor hij staat.
Een mol zit onder de grond dus die verlaagt de noot waarvoor hij staat.
Het verschil tussen meridiaan en parallel
Dit verschil kun je onthouden door te denken aan
Mollige Lange en Pestende Bolle
M eridiaan is voor
L engte
P arallel is voor
B reedte
De pest
Om te onthouden welke landen, in chronologische volgorde, getroffen werden door de Pest, kun je denken aan
FranSE DoNoR
F rankrijk
S panje
E ngeland
D uitsland
N oorwegen
R usland
Noorwegen Zweden Finland
Niet Zo Fris
Of Stinkt Het;
Volgorde landen: Noorwegen,Zweden, Finland.
Oslo Stockholm Helsinki
Zelfstandige naamwoorden
Om te onthouden wat onder zelfstandige naamwoorden valt, kun je denken aan MeDIPlaDi
Me nsen
Di ngen
Pla atsen
Di ngen
productiefactoren
de 4 productiefactoren
KANO
K: kapitaal
A: arbeid
N: natuur
O: ondernemerschap
Aliquis
Na de woorden si, nisi, num en ne verandert ‘aliquis’ in ‘quis’:
ne quis hic veniat = dat niet iemand (!) hier komt.
Dit kun je onthouden door de zin
Na ‘si’, ‘nisi’, ‘num’ en ‘ne’ gaat ‘ali-‘ niet met ‘quis’je mee!
IJstijd in Nederland
De lijn tot waar de ijstijd in Nederland kwam, kun je onthouden door te denken aan de
HUN-lijn
H aarlem
U trecht
N ijmegen
Scheidingsmethoden
De scheidingsmethoden die je voor het examen moet weten beginnen, lopen bijna gelijk met het alfabet. Alleen de G en de H worden overgeslagen.
A-adsoberen
B-bezinken
C-centrifugeren
D-destilleren
E-extraheren
F-filtreren
I-indampen
Cijfers van pi
De precieze cijfers van pi kan je onthouden met de zin ‘Yes I want a pizza, yesterday we wanted pizza, yes pizza!
De hoeveelheid letters per woord staan voor een getal van pi. En het verhaal gaat nog over pizza ook!
Pi is dus: 3,1415926535
Functie van olie in een motor
De functie van olie in een motor kun je onthouden door
KOEGRAS
K oeling
G eluidsmindering
R einiging
A fdichten
S mering
Delen door nul
Delen door nul. Kan dat nou wel of niet?
Met dit ezelsbruggetje vergeet je het nooit meer:
‘delen door nul is gelul’
Oftewel delen door nul is onzin want het kan gewoon niet.
Abonnement
Om de juiste spelling van het woord ‘abonnement’ te onthouden, kun je denken aan de zin
In de bus zaten twee nonnen met een abonnement
Bus = b
Nonnen = nn
Ascenseur en escallier
Ascenseur betekent lift
Escallier betekent trap
Een ascenseur heeft een deur, een escallier heeft een tree. Een lift heeft een deur en een trap heeft een tree.
